Law and order zijn bij de VVD een farce

Thomas von der Dunk
Thomas von der Dunk
Publicist. Cultuurhistoricus.

Lees meer

Meten rechtse politieke partijen in Nederland met twee maten? Afgelopen maand hadden we de Nashville-verklaring, waarover mijn vorige column ging. Wilders en Baudet, anders altijd welbespraakt, zwegen in alle talen, dus ook in de tale Kanaäns die die dominees zo graag hanteren.

Maar stel dat het niet Van der Staaij van de SGP was geweest, maar Kuzu van Denk bij een soortgelijke verklaring van een aantal imams – dan was de wereld beslist te klein geweest. Het maakt opnieuw duidelijk hoe puur instrumenteel homo- of vrouwenemancipatie voor beide radicaal-rechtse populisten zijn: alleen een stok om de islam mee te slaan.

Daarnaast was er nog een tweede akkefietje, dat voor de eerstverantwoordelijke bestuurder, de Haagse burgemeester Pauline Krikke, nu met een sisser af lijkt te lopen: de brandstapels op Oudejaarsnacht op het Scheveningse strand. Dat het voor haar met een sisser lijkt af te lopen, komt omdat het ook op Oudejaarsnacht met een sisser is afgelopen, al was het kantje boord. Als de vuurregen toen huizen in brand had gezet, was dat vermoedelijk anders geweest.

Mevrouw Krikke is van de VVD. Dat is, als bekend, de partij die al decennia op law and order hamert en graag als verkiezingsleus hanteert: Gewoon Doen. Tegen het gedogen! In Den Haag heeft ze zich de afgelopen jaren echter vooral actief in de ondermijning van de rechtsstaat betoond, van de bonnetjesaffaire van Fred Teeven tot de nu geplande afbraak van de sociale advocatuur onder Sander Dekker, nota bene ‘minister voor rechtsbescherming’. Over het ‘gewoon doen’ van Ivo Opstelten, zoals bij de manipulatie van de rapporten van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC), zullen we dan maar zwijgen. Dat die man niet allang geroyeerd is, is verbijsterend.

Law and order – die waren die nacht in Den Haag ver te zoeken. Men wist dat de brandstapels in strijd met de afspraken veel te hoog waren, maar men greep niet in. Het stond nergens letterlijk zwart op wit – een echte smoking gun is dus niet gevonden – maar het is wel duidelijk: men heeft die schending van de afspraken gedoogd, uit vrees dat het anders uit de hand zou lopen. Daarmee wordt ook nu min of meer door de betrokken jongeren gedreigd: als ons feestje volgend jaar verboden wordt, dan zetten we weer vanouds de stad op stelten, met alle miljoenenschade van dien. Met het toestaan van die brandstapels waren immers jaren terug de steevast terugkerende wanordelijkheden teruggedrongen.

Aan deze chantage is het gemeentebestuur bezweken – en bezwijkt het, als het aan sommige partijen in de raad ligt, straks opnieuw. Voorop bij het verzet tegen het verbod loopt de groep-De Mos (een weggelopen PVV-er). Nederlandse ‘tradities’ zijn immers heilig. Zodra het daarom gaat, durven ook de ‘gewone’ rechtse partijen VVD en CDA uit angst voor de toorn van de autochtone volksonderbuik hun vingers niet aan een verbod te branden.

Mark Rutte begon in Buitenhof heel theatraal te roepen dat hij de hooligans het liefst persoonlijk in elkaar zou slaan – een dieptepunt als het gaat om het hooghouden van de waardigheid van het ambt dat hij sinds 2010 vervult – maar daar bleef het bij en dat is kenmerkend voor zijn morele lafheid. Een groeiend deel van de bevolking wil het particuliere vuurwerk aan banden leggen, maar VVD en CDA liggen dwars. De angst voor het gesundes Volksempfinden, en voor een massale overloop van kiezers naar de PVV, zit bij de eerste partij zeer diep.

Dat leidt ertoe dat door Rutte en zijn kompanen steeds vaker de onderbuik gekieteld wordt – en daarmee liberale principes worden verkracht. Niet voor niets hebben inmiddels twee VVD-burgemeesters uit afschuw over het platte populisme van de huidige partijleiding hun lidmaatschap opgezegd. Die angst om door, in het geval van Scheveningen, iets over discutabele Nederlandse tradities te zeggen, de Telegraaf-kiezer van zich te vervreemden, staat niet alleen.

Er zit langzaamaan een patroon in; denk aan de vele luchtballonnetjes van Klaas Dijkhoff, zoals een pleidooi voor een postcodegebonden strafmaat – exit gelijkheid voor de wet – of zijn voorstel om betogingen tegen Zwarte Piet te verbieden – exit demonstratierecht – omdat hij de agressieve blokkeerfriezen niet tot de orde durft te roepen. In plaats van bij een dergelijke cultuurclash in een multi-etnische samenleving tussen pijnlijke tradities en moderne normen een leidende morele rol te spelen, duikt ook de premier – ‘Zwarte Piet is nu eenmaal zwart’ – steeds weg.

Of denk aan de haatdragende aanvallen op de culturele sector, van het rancuneuze afbraakbeleid van Halbe Zijlstra in zijn tijd als staatssecretaris tot het beschimpen van het Concertgebouw door het nieuwe VVD-Kamerlid Thierry Aartsen. En tijdens een vorige parlementaire periode hadden we al diens collega René Leegte – nomen est omen – die vond dat het KNMI moest worden opgedoekt, omdat de wetenschappelijke bevindingen van de daar werkzame meteorologen inzake klimaatverandering niet met het ‘gevoel’ van Henk en Ingrid strookten.

Rutte zelf was recent zo brutaal te stellen dat ‘we allemaal soms een geel hesje’ aanhebben, terwijl het Franse verzet zich juist richt tegen het soort ultra-neoliberale politiek dat zijn partij voorstaat en veel sociaaleconomische zekerheden – vaste banen, pensioenen, huren – ondermijnt. Zijn prioriteit lag twee jaar lang bij de afschaffing van de dividendbelasting om het grote bedrijfsleven te plezieren; één telefoontje van Paul Polman naar zijn ex-werknemer in het Catshuis was ooit genoeg.

Over de afbraak van de sociaaleconomische zekerheid die de VVD al decennia voorstaat – ‘flexibiliteit is goed voor u’ – en een belangrijke oorzaak vormt van de maatschappelijke onvrede, heeft Rutte het niet. In plaats daarvan tracht de VVD de gevoelens van culturele onzekerheid te bespelen door verouderde tradities voor onaantastbaar te verklaren, waardoor indirect de xenofobie aangewakkerd wordt.

- Advertentie -

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here