Levensstijl

Foto: Reuters

Recentelijk was in het nieuws dat de Raad van State had geoordeeld dat drie vrouwen uit Afghanistan en Somalië, die stelden dat ze te ‘westers’ zijn om terug te keren naar het land van herkomst, voorlopig in Nederland mogen blijven en dat staatssecretaris Harbers van Migratie en Asiel beter zal moeten onderbouwen dat de vrouwen zich eenmaal terug weer kunnen aanpassen. De vrouwen waren eerder in beroep gegaan tegen de beslissing tot hun uitzetting van de IND en stelden daarbij dat ze te westers waren geworden om zonder gevaar terug te kunnen keren naar Afghanistan en Somalië.

De zaak genereerde veel aandacht. De westerse levensstijl van deze vrouwen – gesymboliseerd in veel make-up, relatief bloot kleden en een grote drang naar vrijheid hebben – werd namelijk gezien als een toonbeeld van integratie. Vanwege hun levensstijl werden deze vrouwen vernederlandst geacht. En op grond daarvan zouden ze ook zeker in Nederland moeten blijven, zo luidde het oordeel van velen. Want waarom zou je verwesterde vrouwen terugsturen naar Afghanistan of Somalië. Die horen toch immers in Nederland?

Het is echter maar de vraag in hoeverre een ‘westerse levensstijl’ gezien kan worden als teken van goede integratie. Over het begrip integratie en goed geïntegreerd zijn, bestaan überhaupt veel interpretaties. En er zijn talloze betekenissen van integratie. Liever zou ik in dit verband willen spreken van identificatie. Succesvolle integratie betekent voor mij identificatie. Maar wat is dat dan precies?

De term ‘identificatie’ betekent hierbij ‘vereenzelvigen met’. Want in hoeverre vereenzelvigen migranten en hun kinderen zichzelf met Nederland en de Nederlanders? In hoeverre voelen zij zichzelf Nederlander? En in hoeverre identificeren autochtone Nederlanders nieuwe Nederlanders als Nederlanders? Momenteel ligt in het debat over integratie vooral de focus op waar mensen geboren zijn en welk paspoort ze bij zich dragen. Maar een paspoort hoeft niet meer te zijn dan een papiertje. En ergens geboren zijn impliceert niet automatisch dat je jezelf ook met dat land identificeert. Dat je in het buitenland geboren bent, betekent niet dat je je geen Nederlander kunt voelen. Maar in Nederland geboren zijn is eveneens niet automatisch een garantie voor het jezelf identificeren met Nederland. Daar is immers veel meer voor nodig dan dat.

Het doet er dus niet zozeer toe waar mensen geboren zijn of welk paspoort ze hebben. Wat er wel toe doet is dat mensen zichzelf als Nederlander zien en zich primair met Nederland en de Nederlanders identificeren. In dat verband gaat het dus ook niet om levensstijl. Nederlanders kunnen hele verschillende levensstijlen hebben – van meer traditionele, provinciale levensstijlen tot en met streng-religieuze en van wilde Amsterdamse tot bourgondisch zuidelijke.

Er is dus niet zoiets als één Nederlandse levensstijl, net zoals er niet zoiets is als één westerse levensstijl. Sterker nog, wat wij zien als ‘westerse levensstijl’ is een wijze waarop mensen op talloze plekken op deze aardbol leven. Wat wij namelijk als ‘westerse levensstijl’ zien, wordt overal in Afrika en Azië gepraktiseerd door de meer kosmopolitisch ingestelde bovenlaag van de bevolking, zonder dat men zich hierbij identificeert met het Westen. Sterker nog, men kan ook gewoon een grote afkeer van dat Westen hebben. Levensstijl zegt dus vrij weinig over hoe men zich tot de westerse beschaving verhoudt en is daarmee geenszins een teken van geslaagde integratie.

Dit is ook iets wat we vandaag de dag waar kunnen nemen onder hier geboren of op jonge leeftijd hierheen gekomen jongeren met een migratieachtergrond, wanneer zij spreken over ‘wij’ en ‘ons land’ – en daarmee Turkije, Marokko, Afghanistan, Somalië of Irak en de Turken, Marokkanen, Afghanen, Somaliërs en Irakezen bedoelen – tegenover ‘zij’ en ‘hun land’ – en daarmee Nederland en de Nederlanders bedoelen. Een deel van hen identificeert zich dan ook niet of amper met Nederland en de Nederlanders, ondanks dat zij misschien wel een levensstijl hebben die anderen weer als ‘westers’ kwalificeren.

Kortom, levensstijl zegt vrij weinig over de mate van integratie, in de zin van identificatie. Het zegt ook vrij weinig over hoe je je tot Nederland en tot het Westen verhoudt. Een westerse levensstijl is een wijze waarop velen op deze wereld leven – of willen leven. Het is geenszins gebonden aan het Westen, al willen sommigen dat wel graag geloven. Het antwoord op de vraag of een dergelijke levensstijl dan vervolgens een grond zou moeten zijn waarop mensen hier asiel kunnen krijgen, laat ik dan ook in het midden.

Want enerzijds wordt deze levensstijl dus wel degelijk ook in landen van herkomst van veel asielzoekers gepraktiseerd en is het dus niet automatisch zo dat mensen hier meteen te westers zijn om niet terug te kunnen keren naar het land van herkomst. Maar anderzijds moet je dan wel toegang hebben tot de kosmopolitische, grootstedelijke bovenlaag in die landen om dat ook daadwerkelijk op ‘westerse wijze’ te kunnen doen. Het oordeel in hoeverre dat voor de asielzoekers in kwestie ook mogelijk is, ligt nu bij de staatssecretaris.

DELEN
Gert Jan Geling
Publicist. Kernlid van de denktank Liberales. Onderzoeker aan het Leids Universitair Centrum voor de Studie van Islam en Samenleving dat verbonden is aan de Universiteit Leiden.