Poetin heeft het speelveld voor Obama in Syrië fors ingeperkt

aleppo-reuters-opinie.jpg
Foto: © Reuters

Met zijn militaire interventie in Syrië heeft Poetin het Westen de afgelopen dagen verder voor het blok gezet. Rusland heeft de aarzelende houding en onduidelijke koers van Amerika, waarvan ik de onvermijdelijkheid vorige maand heb uiteengezet in deze krant (Wat dwingt VS tot terughoudendheid in Midden-Oosten?), aangegrepen door zelf een paar duidelijke piketpaaltjes te slaan, ten gunste van Assad. Het Russische regime laat er in woord geen twijfel over bestaan dat het Assad-bewind de enige legitieme regering is, terwijl ze tenminste in haar daden suggereert dat alle oppositie daartegen als “terrorisme” beschouwd moet worden.

Weliswaar verkondigt het Kremlin namelijk dat de strijd tegen IS Washington en Moskou zou moeten verbinden, maar de militaire aanval trof niet zozeer IS, maar de stellingen van andere rebellen, waarvan een deel de sympathie van Amerika bezit. Voor de versteviging van Assads positie, die ook in het Kremlin prioriteit geniet, is het behulpzaam wanneer de gematigde oppositie – zoals het Vrije Syrische Leger – het onderspit delft, zodat het Westen de keus tussen Assad en IS opgedrongen krijgt, en dan noodgedwongen voor Assad kiest.

Als gevolg van de Russische interventie valt inderdaad al een verschuiving in het tot nu toe onverbiddelijke Amerikaanse en Britse standpunt te bespeuren: Assad hoeft niet meteen te vertrekken, als dat maar wel het eindresultaat is. Alleen de Fransen doen daaraan (nog) niet mee. Maar hoe langer Poetin het initiatief behoudt én het het Westen aan een echt alternatief ontbreekt, des te groter de onvermijdelijkheid van een koers die de facto Assad van de ondergang redt.

Poetin is zeker in één belangrijk opzicht voorlopig in het voordeel: als autocraat hoeft hij minder morele scrupules te tonen vanwege het feit dat hij een massamoordenaar steunt. Voor democratieën, die officieel niet allereerst nationale soevereiniteit en interne stabiliteit (twee van Poetins pro-Assad-argumenten die buiten het Westen erg aanslaan), maar mensenrechten hoog in het vaandel voeren, is dat wat moeilijker. Wijzen op eigen inconsequent gedrag – zoals het niet openlijk bekritiseren door het Westen van de bombardementen in Jemen door Saoedi-Arabië, die straks ook grote vluchtelingenstromen gaan veroorzaken – leidt tot een ongemakkelijke vorm van wegkijken bij westerse regeringen, waar Poetin onbeschaamd persoonlijke brutaliteit met macht over de pers combineren kan.

Door bovendien het argument van de christenvervolgingen door IS ter legitimatie van zijn militaire ingrijpen in te zetten, weet hij ook de Russisch-Orthodoxe Kerk – traditioneel in Rusland een gewillig werktuig van de macht – aan zijn zijde te krijgen. De patriarch van Moskou heeft al van een “heilige oorlog” gesproken, wat, omgekeerd, bij de soennitische aanhang van de “kalief”, maar ook ver daar buiten, zal werken als een rode kruisvaarderslap op een stier.

Overigens steunt ook Assads bewind voor een deel op de angst voor IS onder belangrijke delen van de Syrische bevolking. Hij is geen tiran zonder aanzienlijke achterban. In zijn seculiere dictatuur waren sjiieten, alevieten en christenen voor religieuze vervolging veilig – zij vrezen dat de soennitische meerderheid in een democratie hun rechten zal inperken, indachtig de koers van Morsi’s Moslimbroeders in Egypte. Het optreden van de machthebbers van IS op het door hen veroverde territorium sterkt hen, zeer begrijpelijk, in die angst.

Dat zorgt ervoor dat ook de Syrische gemeenschap in Nederland zeer verdeeld is, en veel Syriërs die al langer in Nederland wonen (dus niet te verwarren met de recente vluchtelingen voor de vatbommen van Assad) uiteindelijk Assad boven zijn tegenstanders prefereren. Dat gaat zelfs zo ver dat zij soms, zoals ook een Syrische bisschop een tijdje terug op tv deed, Assads massamoorden regelrecht ontkennen: als je voor een dilemma staat is dat vaak de enige mogelijkheid om met jezelf in het reine te komen. “Wir haben es nicht gewusst”, om de beruchte uitvlucht van de Duitsers over de Holocaust te citeren: als je gruweldaden toch niet verhinderen kan, dan is niet ervan weten beter voor de eigen gemoedsrust. Dat gold nog voor Dutchbat in Srebrenica.

Wat moet het Westen nu doen? Alsnog voor Poetin en Assad kiezen en daarmee onder hun leiding de eigen morele geloofwaardigheid verliezen, het aantal vluchtelingen laten toenemen en uiteindelijk een onmenselijke tirannie redden? Zelf ingrijpen tegen Assad en IS tegelijk – met het risico van een directe militaire confrontatie met de Russen? Omdat dat laatste levensgevaarlijk is, is duidelijk dat Poetin het speelveld voor Obama voorlopig fors heeft ingeperkt.

Terecht aarzelt ook de Nederlandse regering nu weer meer dan voorheen over de inzet van eigen vliegtuigen boven Syrië: in welk mijnenveld zou Den Haag zich begeven, in dienst van welke politieke oplossing zou militair machtsvertoon inmiddels nog kunnen staan? Meer ruimte zal er pas komen indien, vele duizenden doden en verdrevenen later, Rusland evenzeer in het Syrische moeras vastloopt als de Amerikanen in zo’n geval boven het hoofd zou hangen, en evenzeer als het – net als Amerika na 2001 – in 1979 in Afghanistan vastliep.

Vrij honend heeft Moskou Washington regelmatig voorgehouden dat het zich met zijn eenzijdige interventie in Irak heeft vertild. Om die reden is Amerika onder Obama ook terughoudender geworden: in Libië hielp hij tegen Kaddafi halfslachtig van een afstand, in Syrië vermijdt hij elke militair op de grond. Maakt Poetin nu dezelfde fout als Bush indertijd? Voorlopig beperkt hij zich tot luchtaanvallen (bovendien, naar het lijkt, vooral op Assads gematigde tegenstanders), maar als hij echt IS wil verslaan, is dat niet voldoende.

Thomas von der Dunk is publicist en cultuurhistoricus. Hij promoveerde in 1994 op een proefschrift over de politieke en ideologische aspecten van de monumentencultus in het Heilige Roomse Rijk. Daarna was hij onderzoeker aan de universiteiten van Utrecht, Leiden en Amsterdam.

DELEN
Thomas von der Dunk
Publicist. Cultuurhistoricus.