Saoedi-Arabië is decadent én fundamentalistisch

Saoedi-Arabië-fundamentalistisch.jpg
Foto: © Reuters

Het imago van het Midden-Oosten in het Westen heeft in de afgelopen eeuwen een enorme verandering ondergaan. Tot in de 19e eeuw associeerde men de Arabische wereld nog met onmetelijke rijkdom, wulpsheid, verfijning en decadentie: met de sprookjes van 1000 en 1 nacht. Menig ‘oriëntaals’ schilderij in een Europees museum getuigt daar tot op heden van. Thans associeert men deze daarentegen met armoede, barbaarse strafpraktijken, godsdienstfanatisme en vergaande preutsheid – de halfnaakte haremdame heeft als symbool plaatsgemaakt voor de totale omhulling van de boerka.

In het huidige Saoedi-Arabië komen beide samen, en misschien is het juist Saoedi-Arabië dat – samen met de Golfstaten – door die combinatie de islam zo’n slechte naam bezorgt, omdat het Arabisch schiereiland tegelijk de heilige plaatsen van de islam herbergt en daarom als het hartland ervan geldt.

Tegelijk fundamentalisme en decadentie – van het laatste sprak de slotfoto van de jongste G-20-top in het Turkse Antalya boekdelen: temidden van 2 dozijn in sobere zwarte pakken geklede regeringsleiders vormde de Saoedische koning Salman bin Abdoel Aziz al-Saoed in zijn gouden gewaad letterlijk het stralende middelpunt. Hij had er meteen een vakantie aan vastgeknoopt, en daartoe voor zichzelf en zijn gevolg 546 hotelkamers afgehuurd. Daaraan konden zelfs de zonen van Muammar al-Kaddafi (1942-2011) en Saddam Hussein (1937-2006) – bij leven en welzijn geldend als de belichaming van de morele degeneratie van de Arabische elite bij uitstek – niet tippen.

Het ronduit schunnige karakter hiervan – waarin andere miljardair-sjeiks in de Golfstaten overigens amper voor de Saoedische koning onderdoen – realiseert men zich bovenal, als men de vluchtelingencrisis als gevolg van de burgeroorlog in Irak en Syrië beziet, die intussen Jordanië en Libanon maatschappelijk ontwricht.

Het aantal vluchtelingen dat op het stinkend rijke Arabische schiereiland wordt opgevangen daarentegen: nagenoeg nul. Men houdt er stug de boot af – mogelijk mede omdat veel Syriërs seculier en hoogopgeleid zijn en men ginds niet op hun kritische geest zit te wachten. Als er al financiële middelen voor het buitenland worden vrijgemaakt, dan is dat niet om berooide medemoslims te helpen, maar om er peperdure moskeeën te bouwen, waar een zeer radicale wahabitische geloofsleer wordt verkondigd die niet echt van die van IS verschilt.

Wel werken er op het Arabisch schiereiland veel gastarbeiders uit Bangladesh, Indonesië en de Filippijnen, die, rechteloos als slaven, tot op het bot worden uitgebuit – vrouwen in de huishouding, mannen in de industrie. De bouw van die voetbalstadions van Qatar, waarin straks ook Nederland feestelijk aan het WK wil meedoen, heeft inmiddels vanwege de mensonterende arbeidsomstandigheden al talloze buitenlandse bouwvakkers het leven gekost.

Westerse politici laten op gezette tijden hun afschuw blijken als in IS weer eens iemand publiekelijk wordt onthoofd. Dat dit in Saoedi-Arabië al decennia bijna dagelijkse praktijk is, voegt men daar liever niet aan toe. Nog afgelopen week kondigde het land een massa-onthoofding aan, meteen 50 mensen op 1 dag. Ook voor de meeste andere gruwelijke straffen die hij binnen zijn territorium heeft geïntroduceerd kon de zelfbenoemde ‘kalief’ bij Riyad in de leer. Denk aan die kritische blogger, die daar nog voor duizend stokslagen op de rol staat.

Het stond de benoeming van een Saoediër binnen de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties in september allemaal niet in de weg en nog vorig jaar evenmin een akkoord tussen Riyad en Londen, waarin werd afgesproken dat de Britten Saoedische cipiers zouden gaan opleiden – pas vorige maand kwam premier David Cameron daar onder zware druk van zijn nieuwe minister van Justitie op terug.

De Saoediërs en de meest basale mensenrechten: Ben Bot zei tegen De Volkskrant op 14 november dat hij als minister eens zijn Saoedische collega daarop aansprak. Diens reactie: “Nou moet je eens goed luisteren, jullie hebben mensenwetten, onze wetten komen rechtstreeks van God – wat denk je dat hier voorrang heeft? Hou op met dat gezwets.” Dat doet het Westen in zulke gevallen, niet in de laatste plaats met het oog op de goedkope olie, meestal inderdaad. Dat de sultan van Broenei inmiddels de Saoedische shariapraktijk wil kopiëren, staat een intieme verhouding met het Nederlandse koningshuis ook nog steeds niet in de weg.

Sinds het uitbreken van de opstanden tegen de Arabische dictaturen is een nieuwe fase aangebroken. Riyad heeft geholpen die in Bahrein te onderdrukken en bombardeert inmiddels Jemen kapot, dat zal straks weer nieuwe vluchtelingenstromen genereren. Bovenal is het land de ideologische hofleverancier van IS, rijke Saoedische particulieren fungeren als geldschieters.

Dit Saoedi-Arabië is sinds jaar en dag de favoriete westerse bondgenoot in de islamitische wereld. We doen er uitvoerig zaken mee, ook Nederland vaardigt, onder enthousiaste leiding van werkgeversvoorzitter Hans de Boer, regelmatig koninklijke handelsdelegaties af. Op de jaarlijkse wapenbeurs zijn naast Britse, Franse en Amerikaanse bedrijven eveneens Nederlandse bedrijven present. Die wapens belanden dan deels in handen van IS en duiken dan weer op in bijvoorbeeld Parijs of Molenbeek.

Het VVD-Kamerlid Han ten Broeke betitelde Saoedi-Arabië recent als een ”ongemakkelijke bondgenoot”. Dat is het eufemisme van de eeuw. Als de VVD zich niet tot gratuite retoriek wil beperken, maar de strijd tegen het terrorisme  serieus neemt, dan vertelt Ten Broeke morgen De Boer dat de wapenhandel aan banden gaat en zijn kiezers dat de benzine duurder wordt. Zo niet, dan had NRC-columnist Maxim Februari 24 november gelijk: de hoogste westerse waarde die op vrijdag de dertiende werd aangevallen was niet democratie, maar hypocrisie.

Thomas von der Dunk is publicist en cultuurhistoricus.

DELEN
Thomas von der Dunk
Publicist. Cultuurhistoricus.