Vluchtelingen en de ondoorgrondelijke politiek

Foto: YouTube

Als u dit leest, is de langverwachte bordesscène achter de rug en kan eindelijk het nieuwe kabinet gaan regeren. Maar wat moet het kabinet doen? Weinig onderwerpen komen in dit regeerakkoord zo uitvoerig aan de orde als de komst en de opvang van vluchtelingen. De koers die het nieuwe kabinet daarbij gaat varen is echter verre van helder.

Natuurlijk wil ook dit kabinet bijdragen aan het terugdringen van het aantal vluchtelingen in de wereld door conflicten tegen te gaan en ontwikkeling te bevorderen. Wie wil dat niet? De bijdrage die Nederland daaraan kan leveren is per definitie beperkt en het is ook nog een kwestie van lange adem. Daarom moet ook op de kortere termijn iets worden gedaan. Maar wat?

Nederland is als lid van de EU in zijn vluchtelingen- en migratiebeleid gebonden aan talloze EU-regels en afspraken. Dat sommige lidstaten die met voeten treden is voor de opstellers van het regeerakkoord – gelukkig – geen argument om hetzelfde te doen. Wel zal Nederland zich ervoor inspannen een betere naleving van de EU-regels af te dwingen, maar of dat veel effect zal hebben….. De belangen van de lidstaten zijn soms behoorlijk tegenstrijdig en het gewicht van Nederland in de Europese besluitvorming is beperkt. Eigenlijk is het verwonderlijk dat GroenLinks eerder in de formatie juist is afgehaakt wegens het door de EU te voeren migratiebeleid. De dames en heren waren toch een regering voor Nederland aan het formeren en niet voor de EU? Ik verwacht eigenlijk dat per saldo in de komende regeerperiode weinig zal veranderen rond het asielbeleid. Ups en downs in de aantallen zullen voorlopig ook blijven.

Op andere punten kan de Nederlandse regering de positie van asielzoekers en vluchtelingen echter wel wezenlijk beïnvloeden en juist daar is het regeerakkoord heel tegenstrijdig. Zo mogen asielzoekers voortaan niet meer vanaf het begin van hun asielprocedure gebruik maken van rechtsbijstand. Dat druist in tegen alle beginselen van de rechtsstaat. In de praktijk kan het betekenen dat asielzoekers, bijvoorbeeld door stress of wantrouwen jegens elke autoriteit belangrijke feiten verzwijgen of verkeerde antwoorden geven. In dat geval wordt de asielaanvraag afgewezen; punt uit.

Voor degenen die die vaak moeilijke eerste dagen in Nederland wel goed doorkomen stelt het regeerakkoord enkele verbeteringen voor. Gepoogd zal worden kansrijke asielzoekers minder vaak van hot naar her te slepen en ze te huisvesten in een stad of regio waar ze later ook zullen kunnen blijven. Ook mogen ze al meteen met lessen Nederlands beginnen; het regeerakkoord voorziet daarvoor per jaar zelfs vijfitg tot zeventig miljoen euro extra.

Verrassend is dan weer wel dat de minimale taalles voor inburgering wordt opgetrokken van A2- naar B1-niveau. Voor veel vluchtelingen blijkt A2 al een te hoge horde. Waarom dan die horde nog hoger maken met alle individuele frustraties van dien? Vreemd is ook dat de eerste verblijfstitel voor een vluchteling niet meer vijf, maar nog slechts drie jaar geldig zal zijn. Waarom die beperking, gegeven het feit dat vrijwel geen vluchteling na drie jaar alweer terug kan naar het land van herkomst?

Tenslotte zullen vluchtelingen gedurende de eerste twee jaar van hun verblijf niet meer in aanmerking komen voor bepaalde uitkeringen en toeslagen. In plaats daarvan zullen ze van de gemeente verzorging in natura ontvangen. Enerzijds worden vluchtelingen zo nog afhankelijker van de overheid, maar anderzijds kan men ook redeneren dat vluchtelingen zich nu niet meer door bergen onbegrijpelijke aanvraagformulieren hoeven worstelen en zich kunnen concentreren op andere zaken, zoals het vinden van werk.

Kortom, het regeerakkoord is behoorlijk dubbel over de vluchtelingen. Verwonderlijk is dat niet als men zich realiseert dat iedereen rond de formatietafel een beetje zijn zin moest krijgen: Wilhelmus-klanten en kosmopolieten, maar ook zij die migratie vooral als een veiligheidsrisico zien en zij die meer oog hebben voor de humanitaire aspecten.

Wonderlijk is wel dat bijna vier volle bladzijden van het regeerakkoord zijn gewijd aan de komst van asielzoekers, terwijl alle andere vormen van migratie nog geen acht regels toebedeeld krijgen. Gemiddeld maken vluchtelingen amper tien procent uit van alle niet-Nederlandse migranten die jaarlijks Nederland binnenkomen. Zelfs in het topjaar 2015 ging het nog maar om minder dan een kwart van alle nieuwkomers. Kennelijk vormen al die andere nieuwkomers – inclusief de Polen, voor wie drie jaar geleden nog een veelbesproken meldpunt bestond – nu geen probleem meer. De wegen van de politiek zijn soms ondoorgrondelijk.

DELEN
Han Entzinger
Emeritus hoogleraar Migratie- en Integratiestudies (Erasmus Universiteit Rotterdam). Voorzitter van het wetenschappelijk comité van het Bureau voor de Grondrechten van de Europese Unie in Wenen.