De operaties tegen kritische islamitische groeperingen in Turkije gaan onverminderd door. Na de arrestatie van Alihan Kuris, de leider van de Süleymanci-beweging, vorige week, zijn vandaag Alparslan Kuytul en zijn vrouw Semra Kuytul van de islamitische stichting Furkan gearresteerd. Dit bericht DeutscheWelle.
Alparslan Kuytul had zich vorige week op sociale media kritisch geuit over de operaties tegen de leider van de Süleymanci-beweging. Hij beweerde dat de acties politiek gemotiveerd zijn.
Dat heeft niet alleen hem, maar ook zijn vrouw en vele andere medewerkers van de Stichting Furkan in Adana (Zuid-Turkije) figuurlijk de kop gekost. Een adviseur van de Turkse president zou na deze uitspraken de Furkan-beweging hebben bedreigd, meldt Deutsche Welle.
De leiders en hun medewerkers zijn vandaag allemaal gearresteerd door Turkse anti-terreureenheden. Volgelingen van de Furkan-beweging lieten dat niet zonder protest gebeuren. Ze verzamelden zich rondom het huis van hun leider en maakten tevergeefs ruzie met politieagenten.
Minister van Justitie Akin Gürlek laat intussen weten dat vijf bedrijven, die gelieerd zijn aan de Furkan-beweging, onder curatele zijn gesteld. Ook zijn 349 rekeningen bevroren. Net als de Süleymanci-leider wordt de stichting Furkan verdacht van het beheren van een ‘crimineel netwerk, fraude en witwassen’. De Turkse regering heeft bovendien de seculiere oppositiepartij CHP aangepakt met vergelijkbare beschuldigingen, wat tot een splitsing van de partij heeft geleid.
De stichting Furkan (Furkan Eğitim ve Hizmet Vakfı) werd opgericht in 1994 door Alparslan Kuytul in Adana. Furkan profileert zich als een islamitische beweging die streeft naar de opbouw van een ‘islamitische beschaving’ op basis van de Koran en de Sunna. De organisatie, die in tientallen Turkse steden actief is, richt zich op religieus onderwijs en sociale hulpverlening.
De Russische politicus en vredesactivist Lev Sjlosberg is veroordeeld tot elf jaar strafkamp, vanwege zijn aanhoudende kritiek op de oorlog in Oekraïne. Dit schrijft NRC.
Sjlosberg is een prominente politicus voor de partij Jabloko, de enige (marginale) partij in Rusland – nul zetels in de Doema – die een anti-oorlogsgeluid laat horen. Vorige week werd de partij door het Russische Hooggerechtshof al uitgesloten van de parlementsverkiezingen van volgende maand. Andere partijleden zijn inmiddels beboet of vastgezet.
Sjlosberg levert al sinds het begin van de oorlog ferme kritiek. Zo deelde hij na de invasie een bericht van ‘Echo of Moscow’ met een afbeelding van een bebloede Oekraïense vrouw en de Russische president Vladimir Poetin, vergezeld van de tekst: ‘Haar bloed… Zijn handen’. Ook roept hij al jaren op tot een onmiddellijke beëindiging van de oorlog.
Maar deze oproep lijkt aan dovemansoren gericht. Het Russische regime heeft er in ieder geval geen boodschap aan, maar maakt er wel werk van om de kritiek te smoren. Zo werd Sjlosberg meerdere keren vervolgd wegens het ‘herhaaldelijk in diskrediet brengen van de Russische strijdkrachten’ en de ‘verspreiding van opzettelijk valse informatie’ over het leger. Deze wetsartikelen werden pas na de invasie ingevoerd. Volgens Sjlosberg zijn de artikelen zelfs specifiek geschreven voor de uitingen waarvoor hij nu is aangeklaagd, wat hem uiteindelijk een straf van elf jaar in een strafkamp heeft opgeleverd.
De inzet van deze strafkampen roept sterke associaties op met het beruchte Goelag-systeem uit de tijd van de Sovjet-Unie. Toentertijd werden honderdduizenden tegenstanders van het communistische regime gedeporteerd naar Siberië, waar velen omkwamen als gevolg van de harde omstandigheden.
Bij een Israëlische luchtaanval op de haven van Gaza‑stad zijn dinsdag minimaal zeven Palestijnen om het leven gekomen. Een van de slachtoffers is een kind, bericht Middle East Eye.
Volgens woordvoerders van het Gazaanse ministerie van Volksgezondheid werd een café in het havengebied getroffen door twee raketten, waarbij tientallen gewonden vielen. Meerdere slachtoffers werden naar het al‑Shifa‑ziekenhuis gebracht. Eén van hen overleed later aan zijn verwondingen.
De explosie was zo hevig dat enkele lichamen in zee terechtkwamen, waardoor het dodental mogelijk hoger ligt dan aanvankelijk gemeld. Hulpdiensten zoeken nog naar vermisten tussen het puin.
Het Israëlische leger verklaarde dat het ging om een gerichte aanval op Hamas‑commandanten, die een actie tegen Israëlische troepen zouden voorbereiden. Deze bewering staafde het leger niet met bewijzen. Hamas sprak van een “massacre” en riep internationale bemiddelaars op Israël tot naleving van de wapenstilstand te bewegen.
De aanval volgt kort na gesprekken tussen de Israëlische premier Benjamin Netanyahu en de Amerikaanse delegatie rond Jared Kushner over een nieuw vredesplan voor Gaza. Ondanks die diplomatieke inspanningen blijft het genocidale geweld tegen het Palestijnse volk voortduren. Sinds het begin van de oorlog in oktober 2023 zijn er tenminste 73.000 Palestijnen gedood en ruim 174.000 gewond geraakt.
Striptekenaar Peter de Wit, bekend van het stripje Sigmund in de Volkskrant, ligt onder vuur: hij zou een antisemitische cartoon hebben gemaakt. Hoofdredacteur Pieter Klok van de Volkskrant wijst deze beschuldiging echter krachtig van de hand. Klok spreekt van politieke kritiek op Israël, niet op Joden.
De Wits gewraakte cartoon, die op 14 augustus in de krant stond, toont vijf Israëlische Joden die op uiteenlopende manieren bijdragen aan het onderdrukken of doden van Palestijnen. Onder het beeld staat: ‘Deze week in onze serie blije mensen: Israël.’ De Wit tekent niet alleen militairen, maar ook burgers, waaronder een vrouw die op veilige afstand ziet ‘hoe Gazanen creperen’ en een orthodoxe man die zegt: ‘Ik weet dat God aan mijn kant staat, goedzo God!’
Het is de tweede keer in korte tijd dat een tekening van De Wit tot verontwaardiging leidt in pro-Israëlische hoek. Op 27 juli verscheen een Sigmund‑strip waarin Israëli’s worden aangeduid als ‘smeerlappen’ die hun eigen verdedigers in de rug zouden schieten. Die cartoon leidde tot klachten, onder meer van de Israëlische ambassadeur.
Een van de critici is hoogleraar Joodse studies Jessica Roithman (VU Amsterdam). Volgens haar gaat De Wit in beide gevallen verder dan kritiek op Israëlisch beleid. In een reactie aan de Volkskrant schrijft zij dat de nieuwe cartoon geen uitspraak doet over wat Israël doet, maar over wat voor mensen Israëliërs zijn. Vooral de orthodoxe Jood zou volgens haar aansluiten bij een lange Europese geschiedenis van antisemitische beeldtaal. Zou de krant ook een cartoon plaatsen waarin moslims op de korrel worden genomen, vroeg ze zich retorisch af. De Volkskrant plaatste haar ingezonden brief niet.
Ook de pro-Israëlische polemisten Bart Nijman (De Telegraaf) en Bart Schut (Nieuw Israëlietisch Weekblad)mengden zich in het kritische koor. Schut vergeleek de Volkskrant met nazikrant Der Stürmer van Julius Streicher. ‘Tekenaar Peter de Wit is een racistische schoft. Jodenhaat is dé verbindende factor van linkse politiek geworden.’
Hoofdredacteur Pieter Klok ziet het toch anders. Hij stelt dat De Wit binnen de ruimte van politieke satire opereert. In een reactie aan een boze Volkskrant-lezer zegt hij dat de cartoon hard is, maar dat de werkelijkheid in Israël ook hard is. Volgens Klok richt de tekening zich op Israëlisch handelen, niet op Joden als groep. Dat lezers de Nederlandse Joodse gemeenschap erbij betrekken is volgens hem eerder een vorm van antisemitisme.
De Wit krijgt ook veel bijval, uit linkse, pro-Palestijnse hoek. Op social media wordt benadrukt dat kritiek op Israël niet gelijk staat aan antisemitisme en dat deze argumentatielijn, Israëlkritiek wegzetten als Jodenhaat, een beetje sleets is geworden.
Opvallend is dat eerdere Israël‑kritische cartoons van De Wit nauwelijks tot beschuldigingen van antisemitisme leidden. In 2025 won hij zelfs de Inktspotprijs voor een prent over Gaza. Toen ging de discussie vooral over de historische aannemelijkheid van het beeld, niet over Joodse stereotypen. Sinds de ambassadeur eind juli publiekelijk kritiek uitte op De Wits werk lijkt de gevoeligheid in pro‑Israëlische kring echter toegenomen.
Sommigen van ons zijn alweer aan het werk. Anderen zijn net terug van vakantie. Het is een nieuw begin. Een nieuw schooljaar. Een nieuw werkseizoen.
In de afgelopen maanden, jaren, is er zoveel rottigheid en naars gebeurd. Trump, Palestina, Soedan. Oh, en Oekraïne natuurlijk. Er gebeurt zoveel op dit moment. En ondertussen gaan wij op vakantie, drinken we een roséetje, of twee. Het leven gaat voor velen van ons gewoon door.
We hebben nu de warmste zomer ever mogen beleven. Deze herfst en winter gaat het enorm veel regenen. De wereld is verhit. De aarde is droog, op sommige plekken staat de wereld in brand.
Waar moet ik me druk over maken? Ik sta erbij en kijk ernaar. Waar is de resetknop? Is mijn schrijven wel van belang? Heeft het gewicht?
Ik lees over gemeentecoalities die Forum voor Democratie overwegen als bestuurder. Ik zie steeds meer rechtse partijen die legitiem worden gemaakt. En ik kan er met mijn kop niet bij dat er anno 2026 partijen zijn die geen vrouwen op de lijst zetten en dat mogen. Dat er partijen zijn die vinden dat er Nederlanders zijn die meer Nederlands zijn dan anderen. Die het woord omvolking gebruiken.
Ik ben met mijn dochter op vakantie geweest. Twee weken naar Warschau. Mijn Surinaamse moeder en haar man, mijn broer en zijn Poolse verloofde waren er ook een paar dagen. Het was geweldig.
Ik was in Warschau een zwarte vrouw. Een die met haar familie op pad was. In de winkels en restaurants vroegen mensen aan mij wie ik was, waar ik heen ging en wat ik ging doen. Iedereen vond het erg bijzonder dat wij daar waren.
Ik zag berichten van Jetten binnenkomen en van Mamdani. Ik ben echt een fan van Mamdani. Als burgemeester van New York doet hij dingen waar wij als Nederland alleen maar van dromen. Hij heft regelgeving op voor kleine bedrijven, hij vult gaten in de weg op en hij geeft kinderen eten. Zij die het niet hebben, krijgen van hem eten. Hij is nu de meest geliefde Democraat.
Mamdani doet alles wat wij van Rob hadden verwacht
Rob Jetten was onze Barack Obama. Maar Mamdani doet alles wat wij van Rob hadden verwacht. En wie had dit ooit kunnen bedenken? Dat ik als Surinaamse dubbelbloed met mijn zwarte moeder en haar witte man in Warschau zou zijn? Een stad die voor mij aanvoelt als thuis? Globalisering op z’n mooist, zou ik zeggen.
Maar op wereldniveau is er niet veel moois. Trump is bezig met ICE. Hij heeft de olie van Venezuela. Wij laten Israël doen wat het doet met Palestina. En het Rode Kruis vraagt om geld, Save the Children vraagt om geld.
Ik zie een e-mail binnenkomen voor mijn dochter over een rekenmachine die nodig is voor wiskunde B op haar niveau. Tuurlijk. Dat ding kost meer dan 100 euro, maar zonder te twijfelen koop ik het.
En de wereld draait door met alle ziektes en verhitting, branden en regen. Honger en kou. Kunnen we alsjeblieft opnieuw beginnen?
Ik wil graag een Nederland waar ik gewoon Nederlands ben. Waar het niet raar is waar ik ga, waar ik ben. Een Nederland waar tractoren op het veld rijden en niet op de snelweg. Een Nederland waar ik geen gesprek hoef te voeren over of ik wel of niet Nederlands genoeg ben om minister-president te zijn.
Ik kijk naar mijn agenda, naar het nieuwe jaar en ik vraag jullie: kunnen we opnieuw beginnen?
Huizen van mensen die geen bezwaar hebben tegen een asielzoekersopvang in hun dorp Engelen, zijn beklad met gemene teksten. Deze gebeurtenis rakelde bij mij een herinnering op. Op een hete zomerdag was ik als 11-jarige met een kameraad gaan zwemmen in het Engelermeer. Na het zwemmen wilden we op mijn fiets stappen. Ik kon mijn fiets niet meer terugvinden. De fiets was foetsie. Als klein kind is je fiets je grootste privébezit. Dat mijn fiets gestolen was, was een grote shock voor mij.
Boos ging ik met mijn kameraad lopend naar het centrum van Den Bosch. Daar gingen we naar het politiebureau. Dat bureau bestaat niet meer. Dat hele gebied is samen met het oude Groot Ziekengasthuis een nieuw woon- en winkelgebied geworden. Hoe het ook zij. We stapten tegen de avond het politiebureau binnen. Mijn vertrouwen in de overheid was groot. Zodra ze de aangifte binnen hadden, zouden ze alle politieauto’s in de stad instrueren om mijn fiets op te sporen en de dieven achter slot en grendel te zetten. Bij de balie maakte iemand de aangifte op en stuurde ons weer lopend naar huis. De lange arm van de staat was een stuk korter dan ik had ingeschat.
Nu wordt in Engelen en in andere dorpen stennis geschopt over de opvang van asielzoekers. De voorstanders, eigenlijk meer mensen die geen bezwaar hebben, zullen vanuit het motief van naastenliefde en het verhaal van de barmhartige Samaritaan handelen. Tegenstanders vinden vluchtelingen eng en willen ze zeker niet in de eigen backyard hebben. Een grens is nu duidelijk overschreden. Huizen van dorpsgenoten met een eigen mening bekladden met beledigingen is beangstigend. De gemeente Den Bosch staat met deze negatieve spiraal in Engelen voor een duivels dilemma.
Alle asielzoekers kunnen makkelijk ongemerkt in de tien grootste gemeenten opgevangen worden
Het spreiden van de asielzoekers over alle gemeenten wordt als solidair gepresenteerd. Ik geloof daar niet zo in. Alle asielzoekers kunnen makkelijk ongemerkt in de tien grootste gemeenten opgevangen worden.
Er is een ander probleem. Kleine gemeenten hebben met een versterkte vergrijzing te maken. Jongeren trekken weg voor studie of werk en komen niet meer terug. De paar honderd asielzoekers zorgen voor wat leven in de brouwerij. Zonder asielzoekers kun je in veel kleine kernen geen kapper, telefoonzaak of eettent meer vinden. Dit verhaal wordt onvoldoende belicht.
Waar tegenstanders van de opvang van asielzoekers wel een punt in hebben, is dat wanneer een grote groep van honderden asielzoekers bij een dorpskern van pak hem beet duizend mensen geplaatst wordt, dit de harmonie in zo’n kleine gemeenschap kan ontregelen.
Spreiden van de opvang is goed. Maar doe het met mate.
De status quo in Jeruzalem is opnieuw door de Israëlische autoriteiten geschonden. En deze keer radicaler dan eerst. Voor het eerst zijn nu officieel joodse gebedsrituelen toegestaan in de al-Aqsa moskee, zo schrijft The Middle East Eye.
Afgelopen zondag waren joodse Israëliërs het complex binnengevallen. De politie gaf hen toestemming om ‘siddurim’, joodse gebedsboeken, naar binnen te brengen. Ook mochten ze in groepsverband bidden.
Het complex rond de al-Aqsa moskee, de Haram al-Sharif, is al decennia onderdeel van een internationaal erkende regeling. Hierbij blijft het een exclusief islamitisch heiligdom. Onderhoud en beheer van de locatie valt onder de verantwoordelijkheid van de Jordaanse stichting Waqf, tegelijkertijd wordt de toegang tot al-Aqsa gecontroleerd door de Israëlische politie.
Israël heeft deze status quo de laatste jaren, vooral sinds oktober 2023, steeds vaker geschonden. Dit heeft grote gevolgen voor (Palestijnse) moslims. Zij krijgen geen toegang meer tot het gebied of krijgen te maken met zware restricties, zoals de Kanttekening onlangs schreef.
Invallen door joodse Israëliërs, waarbij zij tegen de regels in gebedsrituelen uitvoeren, worden de laatste jaren door de Israëlische autoriteiten oogluikend toegestaan. Dit gebeurde altijd zonder officiële toestemming. Maar met deze officiële goedkeuring door de Israëlische politie is er nu sprake van een georganiseerde schending, schrijft The Middle East Eye.
Volgens de Israëlische krant Haaretz heeft de Israëlische politie al eerder toegestaan dat joodse gelovigen baden, dansten en zongen op de binnenplaats van de al-Aqsa moskee. Dit zou zijn gebeurd in opdracht van de politieke leiding, namelijk de extreemrechtse minister Itamar Ben-Gvir. Hij is vaak persoonlijk aanwezig tijdens invallen in de moskee, zoals vorige maand. De minister van nationale veiligheid vertegenwoordigt een groeiende beweging van joodse kolonisten in Israël die een ‘derde tempel’ wil bouwen op de plek van al-Aqsa.
Ben-Gvir woont in een illegale Israëlische nederzetting op de bezette Westelijke Jordaanoever. Als minister en hoofd van de politie heeft hij veel macht in de extreemrechtse coalitie van Benjamin Netanyahu. Het feit dat hij al langer een prominente rol speelde in de bestormingen was al een aanwijzing dat de door hem gewenste transformatie van al-Aqsa van hogerhand werd goedgekeurd.
Wat hebben we nodig om ons ergens thuis te voelen? Glenn Helberg en Noor Cornelissen hebben verschillende achtergronden, maar komen tot dezelfde conclusie: verbinding met anderen is essentieel.
Op 29 augustus organiseren ze in Hilversum het Rooted festival, dat in het teken staat van ‘bij elkaar horen’.
G: In 1955 word ik, Glenn, geboren als jongste van drie kinderen in Willemstad, Curaçao, bij Surinaamse ouders, beiden van gemengde bloede. In ons leven is multiculturaliteit een gegeven. Geen huidskleur is hetzelfde, met elke vertakking lijkt er een nieuwe kleurencompositie te zijn ontstaan. Al vroeg weet ik: wij zijn één in verscheidenheid. Ironisch genoeg is het ‘de beschaving’ die deze diepgewortelde waarheid in mij doet wankelen. Er werd mij geleerd om ‘beschaafd’ te zijn. Niet uit menselijkheid, maar opgelegd vanuit dominantie. Hoe meer je je kunt meten aan wat de kolonisator als ‘beschaafd’ ziet, hoe hoger je stijgt op de maatschappelijke ladder. En als bij jouw vertakking de huidskleur een tint lichter was uitgevallen, dan wellicht nog net een trede hoger. Dat hiërarchische wereldbeeld vervreemdt mensen van zichzelf én van elkaar. De sporen ervan zien we nog altijd terug in maatschappelijke discussies over raciale gelijkheid en institutioneel racisme. Het koloniale denken verdwijnt niet vanzelf wanneer een kolonie ophoudt te bestaan; het nestelt zich ook in de manier waarop mensen naar zichzelf en naar elkaar leren kijken.
‘Het koloniale denken verdwijnt niet vanzelf’
N: Een paar jaar na Glenn wordt mijn moeder ook in Willemstad geboren, als dochter van twee witte Nederlanders. Later verhuist het gezin terug naar Nederland, waar ik, Noor, een huwelijk en dertig jaar later, opgroei als jongste van drie kinderen in een homogene omgeving. Onder mijn ouders en hun vriendenkring is eigenlijk maar één tint te vinden: wit. Curaçao, daar spreken we niet over. Het was een ‘buitenlandervaring’ en geen wezenlijk onderdeel van mijn belevingswereld. Zo spreken we ook niet over het opgroeien van mijn grootmoeder in Batavia, zoals de koloniserende Nederlanders Jakarta destijds noemden, en haar verblijf in een Japans interneringskamp. Waar voor Glenn verscheidenheid vanzelfsprekend is, ontbreekt die in mijn wereld bijna volledig. Juist daardoor groeit het verlangen om uit die beklemmende vanzelfsprekendheid te breken. Ik wil begrijpen waar ik vandaan kom. Ik wil de mens ontmoeten, in al haar kleuren. Zodra ik de puberleeftijd bereik, kom ik in verzet.
Glenn Helberg
G: Op 17-jarige leeftijd vertrek ik naar Nederland om te studeren. Mijn vader geeft me de woorden mee die ik tot de dag van vandaag bij me draag: daar waar je het goed hebt, is je vaderland. Dat bracht hem ooit naar Curaçao. Het doel van mijn jonge zelf is dan ook eenduidig: het goed gaan hebben. In Nederland wordt me duidelijk dat verscheidenheid hier geen eenheid betekent. Als de slager uit nieuwsgierigheid aan mijn haar begint te trekken, besef ik: ik ben anders. Een periode van worstelen en zoeken breekt aan, waarin de kou letterlijk in mijn lijf kruipt. Ik mis warmte. Ik mis familie. Ik mis een ‘wij’. En dus blijf ik terugvallen op het advies van mijn vader en probeer ik het goede te creëren. Door het in mezelf aan te boren: mijn diepe verbinding met mijn voorouders, mijn sterke vertrouwen in wie ik ben en mijn talent om mensen te onderwijzen en te begeleiden. Ik heb het allereerst goed te hebben in mijn eigen lijf. Daar begint mijn reis.
‘Wat betekent het om ergens thuis te zijn?’
N: Op 16-jarige leeftijd voel ik het in mijn lijf: ik wil gaan. Ik verhuis in mijn eentje naar de Verenigde Staten, waar ik op school kom met leerlingen uit 80 verschillende landen. In mijn geschiedenisles behandelen we wereldoorlogen en terwijl mijn klasgenoten uit onder andere Israël, Irak, Palestina, Duitsland, de Verenigde Staten en Liberia hun kennis delen, buitelen de verschillende perspectieven over elkaar heen. Het zet mijn leven op zijn kop. De waarheid ontstaat in de blik die haar waarneemt. Jaren leef ik met mensen van over de hele wereld en groeit ook in mij die diepgewortelde waarheid: wij zijn één in verscheidenheid. Mijn werk brengt mij verder de wereld over, naar Palestina, Congo, Oeganda, Kenia en Libië. En overal kom ik mensen tegen die in beweging zijn: van het platteland naar de stad, van conflict naar vluchtelingenkamp, van hier naar daar. Hoe divers hun verhalen ook zijn, zo soortgelijk is hun zoektocht: het goed hebben, ergens onderdeel worden van het ‘wij’. Het zet me aan het denken over hoe wij in Nederland omgaan met verschil en samenleven. Wat betekent het om ergens thuis te zijn?
G: Als jonge dokter verhuis ik tijdelijk terug naar Curaçao, naar mijn ‘wij’. Ik begon in Nederland naar mezelf te kijken door de ogen van witte mensen. Ik was vervreemd van mezelf. Het was tijd om mezelf te hernemen. Daar, bewegend tussen die twee werelden, leer ik te balanceren tussen ‘ik’ en ‘wij’. Ik verken mijn stem, mijn lijf, mijn spiritualiteit. Het slavernijverleden heeft ons ‘wij’ deels kapotgemaakt. Het mechanisme om iemand tot de ander te maken is in ons gaan zitten. Tijdens mijn reis ga ik ook op zoek naar hoe ík mensen tot ‘de ander’ maak, en daarmee mezelf vereenzaam. De diepe verbintenis met mijn vader en mijn overleden moeder doet me inbedden. Ik ga op zoek naar een ervaring van autonomie, zonder alles zelf te hoeven doen. Een gevoel van intens geluk, waar ‘de ander’ onderdeel van is. Het besef dat geschiedenis en trauma ook vandaag nog verdeeldheid creëren, versterkt mijn motivatie om verbinding te zoeken.
Noor Cornelissen
N: Na meer dan 10 jaar in het buitenland te hebben gewoond, mis ik mijn ‘wij’. Ik wil niet dolen. Ik wil wortelen, juist in mijn geboortegrond. Bij terugkomst in Nederland solliciteer ik bij de overheid. Tijdens het gesprek wordt gevraagd of ik een Nederlandse taaltoets wil afleggen. ‘Je praat anders’, krijg ik te horen. Ze willen zeker weten dat ik me voldoende kan uitdrukken.
Het is een klein incident. Niet te vergelijken met de systematische uitsluiting die veel mensen in Nederland dagelijks ervaren. Toch raakt het me. Niet omdat mijn taalvaardigheid ter discussie staat, maar omdat ik plotseling hoor: misschien hoor jij hier niet helemaal meer thuis.
Ik merk hoe snel zo’n ervaring aan je identiteit raakt. Als Nederlands blijkbaar niet vanzelfsprekend mijn moedertaal is, welke taal dan wel? Wie bepaalt eigenlijk waar iemand thuis is? Vanaf dat moment reis ik opnieuw, maar deze keer niet de wereld over. Ik keer naar binnen.
Langzaam begin ik te zien hoe subtiel uitsluiting kan werken. Niet alleen in persoonlijke ontmoetingen, maar ook in instituties en systemen. Hoe gemakkelijk mensen het gevoel kunnen krijgen dat zij zich eerst moeten bewijzen voordat zij erbij mogen horen.
‘Wat mij steeds opnieuw opvalt, is hoe sterk onze cultuur de nadruk legt op het individu’
G: Mijn zoektocht brengt mij uiteindelijk naar de psychiatrie, en in het bijzonder naar de transculturele psychiatrie. Daar zie ik hoe de samenleving zich weerspiegelt in individuele levens. Psychisch lijden ontstaat natuurlijk niet alleen door maatschappelijke omstandigheden, maar de samenleving kan mensen wel helpen zich te ontwikkelen of hen juist vervreemden van zichzelf en van anderen. Wat mij steeds opnieuw opvalt, is hoe sterk onze cultuur de nadruk legt op het individu. Leren goed voor jezelf te zorgen is belangrijk. Ook mijn eigen reis begon daar. Maar het blijft niet bij het ‘ik’. Uiteindelijk vraagt een mens ernaar zich te verbinden, zich ergens in te bedden, onderdeel te worden van een groter geheel. Juist daar lopen we vandaag vast. Wanneer de politiek voortdurend spreekt over mensen die er wel of niet bij horen, raakt dat iets fundamenteels. Angst voor de ander ontstaat niet uit het niets. Zij heeft geschiedenis. Oorlogen, verlies, kolonisatie, dekolonisatie en ontwrichting hebben diepe sporen nagelaten, ook in de witte Nederlandse samenleving. Onverwerkt verlies kan zich uiten in wantrouwen tegenover het onbekende. Dat betekent niet dat angst de toekomst hoeft te bepalen. Juist wanneer we haar leren herkennen, ontstaat er ruimte om opnieuw verbinding te maken.
N: Toen er bij mijn werkgever, het ministerie van Buitenlandse Zaken, een rapport verscheen over institutioneel racisme, merkte ik hoe snel ook ik mezelf buiten het verhaal plaatste. Mijn eerste gedachte was: hier hoor ik niet bij. Na de verkiezingen van 2023 stelde ik mezelf opnieuw dezelfde vraag: wil en kan ik hier nog wel thuis zijn? Gaandeweg begon ik te begrijpen dat ik daarmee precies hetzelfde mechanisme volgde dat ik bij anderen bekritiseerde. Zodra iets me vreemd werd, nam ik er afstand van. Vanuit mijn verlangen naar verbinding plaatste ik mezelf buiten het geheel. Ik kan niet ontkennen dat er een ‘wij’ en een ‘zij’ bestaat. Tegelijkertijd besef ik dat ieder mens in beide categorieën terecht kan komen, afhankelijk van wie kijkt. Ook als je veel innerlijk werk doet, zullen anderen je soms blijven indelen zonder je werkelijk te kennen. Dat besef is pijnlijk, maar ook bevrijdend. Want als niemand volledig kan bepalen waar ik thuis hoor, dan begint thuis uiteindelijk bij de relatie die ik met mezelf heb. Vanuit die plek kan ik ophouden uitsluitend het probleem te analyseren of mij ervan te distantiëren. Dan wordt zichtbaar dat ik niet alleen onderdeel ben van de oplossing, maar ook van het systeem dat verandering nodig heeft.
‘Niemand wortelt alleen’
G: Ondanks dat politici uitstralen dat bepaalde groepen mensen niet in Nederland horen, doen de meeste mensen toch hun uiterste best om bij te dragen aan de samenleving. Om hier te wortelen. Moet je je eens voorstellen wat voor een kracht we kunnen ontketenen als mensen hier ook actief verwelkomd worden. De potentie is groot als mensen niet vanuit angst en inpassing deelnemen, maar vanuit vrijheid, autonomie en authenticiteit. Dan kunnen we samen een bloeiende en krachtige samenleving ontwikkelen. Dat brengt mij hoop.
N: Ik draag de woorden van Glenns vader inmiddels ook met me mee: daar waar je het goed hebt, is je vaderland. Maar ik merk dat onze tijd om een volgende stap vraagt. Het gaat niet alleen om de vraag waar ík het goed heb. De grotere vraag is of wij een samenleving bouwen waarin steeds meer mensen het goed kunnen hebben. Met elkaar.
Dat begint bij ieder van ons. Iedere keer dat we een ander uitsluitend benaderen als vertegenwoordiger van een groep, verliezen we iets van de mens die voor ons staat. En uiteindelijk ook iets van onszelf. Ik ben gaan begrijpen dat worteling geen individueel project is. Natuurlijk vraagt het moed om jezelf te leren kennen. Maar niemand wortelt alleen. Dat kan alleen in relatie tot anderen.
G: We denken misschien dat een samenleving begint bij wetten, beleid of instituties. Volgens mij begint zij eerder. Zij begint op het moment waarop iemand ervaart: ik mag hier bestaan. Dat is geen zachte gedachte. Het is misschien wel de belangrijkste voorwaarde voor een gezonde samenleving. Wie zich voortdurend moet verdedigen, kan moeilijk vertrouwen ontwikkelen. Wie zich niet gezien voelt, zal zich uiteindelijk terugtrekken of verharden. Maar wie zich welkom weet, krijgt ruimte om verantwoordelijkheid te nemen voor het geheel. Daarom geloof ik dat de tegenhanger van polarisatie niet in de eerste plaats verbinding is. De tegenhanger van polarisatie is een samenleving waarin mensen kunnen wortelen.
Uit onderzoek van NRC en de antifascistische onderzoeksgroep Kafka blijken duidelijke dwarsverbanden tussen politici van Forum voor Democratie, extreemrechtse activisten en neonazi’s, zo schrijft NRC.
Tijdens twee manifestaties deze zomer werd zonneklaar dat politici van Forum voor Democratie zich wel degelijk inlaten met neonazi’s. Dit terwijl de partij, bij monde van partijleider Lidewij de Vos, zegt afstand te houden van antidemocratische groeperingen.
Op 25 juli sprak de Duitse neonazi-leider Claus Cremer in Apeldoorn een groep Nederlandse en Duitse rechts-extremisten toe. Cremer, in 2005 veroordeeld voor antisemitische uitlatingen, waarschuwde daar voor de ondergang van Europa als gevolg van immigratie en ‘buitenlandse infiltratie.’ Volgens NRC werkte de activist daarbij samen met Melanie Scheurwater, FvD-gemeenteraadslid in Krimpenerwaard. Zij regelde het podium.
Hetzelfde podium stond op 1 augustus op het Jaarbeursplein in Utrecht tijdens een manifestatie van Save Europe Act, vervolgt NRC. Op die bijeenkomst spraken onder andere FvD-Tweede Kamerlid Milan Schenk en Dries van Langenhove, oprichter van de Vlaamse extreemrechtse beweging Schild & Vrienden. Van Langenhove is veroordeeld voor racisme.
Deze manifestatie bleek georganiseerd door Dara Vos, gemeenteraadslid voor FvD in Hoogeveen. Volgens NRC kwamen waren op de manifestatie zowel FVD-leden en -politici als extreemrechtse activisten en neonazi’s aanwezig. Onder hen waren ook leden van de Nederlandse Nationalistische Beweging (NNB) en de Nederlandse Volksunie (NVU).
Save Europe Act is een Europees initiatief dat eind mei werd gelanceerd op een bijeenkomst van extreemrechtse activisten in Portugal, waaronder de Nederlandse Eva Vlaardingerbroek. Met dit initiatief willen de activisten ‘remigratie’ – een eufemisme voor deportaties van mensen met een migratieachtergrond – op de Europese agenda krijgen, zo schrijft NRC.
Volgens de krant bleek uit onderzoek dat activisten van Save Europe Act ook samenwerken met Amerikaanse activisten. Een van hen, Brian Brown, heeft banden met Rusland. Zo hield hij in 2013 in de Russische doema een speech tegen homorechten.
Op 19 september wil extreemrechts weer op het Malieveld demonstreren, precies een jaar na ‘Elsfest’, een extreemrechtse manifestatie die uitliep op gewelddadige rellen. Vorig jaar besloot Forum voor Democratie geen prominente sprekers naar deze betoging te sturen, omdat de partij aanvoelde dat er misschien relletjes zouden komen. Maar het onderzoek NRC en Kafka toont aan dat FvD-leden, waaronder Dara Vos, tegenwoordig openlijk samenwerken met neonazi’s. Het aanstaande protest in Den Haag vormt volgens NRC ‘een verdere stap in de radicalisering van de partij.’
Alihan Kuris, de leider van de religieuze Süleymancibeweging, is vorige week in Turkije gearresteerd. Hij werd opgepakt samen met 31 aan hem gelieerde personen.
Kuris wordt door de Turkse staat verdacht van het witwassen van frauduleus verkregen vermogen. Velen vermoeden dat de Turkse president Recep Tayyip Erdogan uit is op het kapitaal van de Süleymancilar. De bezittingen van de religieuze Gülenbeweging werden eerder ook geconfisqueerd.
De Süleymanbeweging ontleent haar naam aan de mystieke islamist Süleyman Hilmi Tunahan, die in 1959 overleed. De Süleymancilar staan bekend om hun nadruk op traditioneel islamitisch onderwijs en het behoud van religieuze waarden binnen een seculiere staat. De beweging beschikt over een wijdverbreid netwerk van Koranscholen, studentenhuisvesting en educatieve instellingen, ook in Europa. In september 2016 nam Kuris de leiding over na het overlijden van zijn voorganger (en oom), Arif Ahmet Denizolgun.
De arrestaties vinden plaats in een klimaat waarin al tien jaar wordt gespeculeerd over het aanpakken van andere religieuze groeperingen, vergelijkbaar met de heksenjacht op Gülen-sympathisanten na de couppoging van juli 2016.
Het Turkse Openbaar Ministerie omschrijft de organisatie van Kuris als een winstgedreven crimineel netwerk. Toch stelt het OM tegelijkertijd dat de vervolging niet gericht is tegen de Süleymanci-beweging. In Erdogan-vriendelijke media klinkt echter een ander geluid. Zo trekt de krant Yeni Safak openlijk parallellen met de vervolging van de Gülen-beweging. Het dagblad beweert onder meer dat de Süleymancilar gebruikmaken van de geëncrypteerde app ‘Glopper’, vergelijkbaar met de app ‘Bylock’ die Gülen-symphatisanten zouden gebruiken.
Op nieuwssite SonHaberwordt bovendien een link gelegd tussen de seculiere politicus Özgür Özel en de Süleymanci-beweging. Özel wordt door de Turkse staat van corruptie beschuldigd en moest daarom de CHP verlaten.
Onze site gebruikt cookies en vergelijkbare technologieën onder andere om u een optimale gebruikerservaring te bieden. Ook kunnen we hierdoor het gedrag van bezoekers vastleggen en analyseren en daardoor onze website verbeteren.
Deze website gebruikt cookies om uw gebruikservaring op deze website te verbeteren. Van deze cookies worden cookies aangemerkt als "Noodzakelijk" in uw browser bewaard, deze cookies zijn essentieel voor het functioneren van de website. Bijvoorbeeld het opslaan van uw keuze of u wel of geen cookies wilt hebben. Wij maken ook gebruik van cookies van derde partijen die ons helpen met het analyseren en begrijpen van de gebruik van deze website door u. Deze cookies worden alleen gebruikt als u daar toestemming toe geeft. U heeft ook de mogelijkheid om uzelf uit te sluiten voor deze cookies. Dit zal echter effect hebben op uw gebruikerservaring.
Noodzakelijke cookies zijn absoluut nodig voor het functioneren van de website. De cookies in deze categorie zorgen alleen voor de veiligheid en het functioneren van deze website . Deze cookies bewaren geen persoonlijke gegevens
Deze cookies zijn niet strict noodzakelijk, maar ze helpen de Kanttekening een beter beeld te krijgen van de gebruikers die langskomen en ons aan te passen aan de behoeftes van onze lezers. Hiervoor gebruiken wij tracking cookies. Bij het embedden van elementen vanuit andere websites zullen er door deze sites ook cookies worden gebruikt.