Meer dan 230 oud-bewindspersonen, diplomaten en ambtenaren roepen het kabinet op om het Nederlandse beleid tegenover Israël aan te scherpen. Dit doen ze door middel van een brief aan het kabinet.
Het is niet de eerste brief, en zeker ook niet de eerste actie die de oudgedienden samen op touw zetten, maar het is wel de eerste aan deze premier, vertelt Angélique Eijpe, een van de initiatiefnemers. ‘De aanleiding is allereerst natuurlijk de situatie in Gaza. Maar we hadden voorzichtig gehoopt dat dit kabinet een andere koers zou gaan varen, omdat Jetten zich eerder ook uitsprak tegen het Nederlandse beleid. Maar we zijn nu een half jaar verder, en we constateren geen koerswijziging.’
De groep van oud-bewindslieden, ex-ambtenaren en voormalige diplomaten ontmoet elkaar elke donderdag tijdens de sit-in voor het ministerie van Buitenlandse Zaken en laat op verschillende manieren weten niet langer achter het Nederlandse beleid te staan.
In het kader van ‘niets doen is geen optie in tijden van voortdurende genocide’ staken ze wederom de koppen bij elkaar, schrijft Eijpe op LinkedIn. Dit keer is de brief gericht aan het ‘kabinet van voormalig Rode Lijn-loper Rob Jetten’, aldus de oud-diplomaat.
‘Niets doen is geen optie in tijden van voortdurende genocide’
Ook dit keer hebben de gelijkgezinden forse eisen. Ze vragen onder meer om een volledig wapenembargo tegen Israël, het opschorten van het handelsverdrag tussen de Europese Unie en Israël en onderzoek naar mogelijke betrokkenheid van Nederlanders en in Nederland verblijvende Israëliërs bij internationale misdrijven.
De Nederlandse regering heeft weliswaar een stap gezet met het weren van producten uit illegale nederzettingen, maar dit blijft ver achter bij wat je zou verwachten van een gastland van internationale hoven en tribunalen, zo staat in de brief.
Eisen zijn eerder gesteld
De eisen zijn niet nieuw. De vraag om een volledig wapenembargo is eerder ook door verschillende linkse partijen geopperd. Het zou dan niet alleen gaan om offensieve wapenexport, maar ook bijvoorbeeld om leveringen die bijdragen aan de Israëlische Iron Dome, of om de import van wapens die in Israël gebruikt zijn tegen de Palestijnse bevolking.
Het kabinet wijst een algeheel embargo echter af, omdat het vindt dat de bestaande Europese regels voor wapenexport voldoende mogelijkheden bieden om risicovolle leveringen tegen te houden. Het wil daarnaast per transactie beoordelen of het is toegestaan of niet, omdat het voor een groot deel afhankelijk is van de wapenimport uit Israël.
‘Je hoeft geen geopolitieke reus te zijn om impact te hebben’
Het opschorten van het handelsverdrag tussen de Europese Unie en Israël is een andere, langlopende discussie. Een groot aantal lidstaten heeft zich uitgesproken voor het opschorten van dit handelsverdrag, dat de Israëlische economie ondersteunt en daarmee dus ook de oorlogseconomie voedt. Toch zijn er ook lidstaten die dit verdrag in stand willen houden en voor de opschorting op Europees niveau is unanimiteit vereist.
Maar Nederland kan afzonderlijk ook stappen zetten, vinden activisten. ‘Je hoeft geen geopolitieke reus te zijn om impact te hebben’, zegt Eijpe, en haalt het voorbeeld aan van Luxemburg dat onlangs besloot de goedkeuring van het prospectus voor Israël Bonds [waarmee beleggers geld lenen aan de Israëlische staat] niet te verlengen. Hierdoor kan Israël op dit moment niet simpelweg via Luxemburg nieuwe Israël Bonds op de Europese markt aanbieden. Dit heeft dan weer impact op de mogelijkheden de oorlog te blijven financieren, legt Eijpe uit.
Nieuwe namen
Wat nieuw is aan deze brief aan het huidige kabinet, is dat ook een aantal zittende ambtenaren hem hebben ondertekent, 111 maar liefst. Dat is opvallend. Kritiek op beleid onder zittende ambtenaren is niet vanzelfsprekend, weet Eijpe. ‘Ik weet zeker dat er veel meer mensen zijn die het eens zijn met de strekking van de brief, maar mensen vinden het niet altijd even makkelijk om dit te zeggen. Ik ben daarom ook heel dankbaar voor de handtekeningen van deze mensen.
Ook onder de oud-diplomaten neemt het lijstje kritische stemmen toe. Zo stond onder deze brief de naam van René van der Linden, Wim Deetman, Ahmed Aboutaleb, Yvonne van Rooij en Bert de Vries. ‘Veel van deze mensen hadden twee jaar geleden echt niet verwacht een openbare brief aan de premier te ondertekenen. Sommigen dienden zelfs in Tel Aviv. Maar op een gegeven moment komt de druppel die de emmer doet overlopen’, zegt Eijpe.
‘Ik weet zeker dat er veel meer mensen zijn die het eens zijn met de strekking van de brief’
Zelf nam Eijpe al vrij snel na 7 oktober ontslag, om zich volledig te gaan richten op het beïnvloeden van beleid van buitenaf, gebruikmakend van het netwerk dat ze inmiddels had opgebouwd. Dit is geen makkelijke beslissing geweest, vertelt ze. ‘Ik had voor 7 oktober al eens aangekaart dat het Nederlandse beleid ten opzichte van Israël onhoudbaar was, en daarna ook. Ik wilde niet zomaar ontslag nemen.
‘De eerste weken had ik ook nog wel hoop op een draai, maar het bleef een langspeelplaat over het Israëlische recht op zelfverdediging. Toen ik de beelden zag van pasgeboren baby’s die in hun coiffeuses werden achtergelaten, was voor mij de emmer vol. Dit konden we niet laten passeren, vond ik.’
Toch weer een brief
Of de huidige brief iets teweeg zal brengen, vindt Eijpe lastig te zeggen. ‘We hebben echt niet de illusie dat er nu opeens een draai van 180-graden komt. We wilden vooral nog een keer op een rijtje zetten wat we kunnen doen. Het is misschien ook een steuntje in de rug voor D66, dat nu gewoon vastzit in de coalitie terwijl het echt wel anders wíl handelen. Het is ook ter herinnering aan onze verplichting het internationaal recht te beschermen.’
‘Nadat ik ontslag had genomen heb ik nog een tijd gedacht: wat als het kabinet nu toch een draai maakt? Dan heb ik mijn baan opgezegd. Helaas word elke dag bevestigd dat het de juiste beslissing was. Gaza gaat ook over ons. Het gaat over de internationale rechtsorde en over het recht om te demonstreren. Nu is er weer een voorstel om de AIVD meer bevoegdheden te geven om burgers te bespioneren. Dit soort maatregelen raakt ons allemaal.’


‘Oekraïne is geen linkse zaak. Het gaat over oorlog, vrijheid, Europa en over een land dat niet door Rusland opgeslokt wil worden. Dat er minder grote demonstraties zijn, betekent volgens mij niet dat er geen betrokkenheid is. Voor Oekraïne is vanaf het begin veel aandacht geweest. In de media, in de politiek, bij hulpacties, bij mensen die geld gaven, spullen inzamelden of vluchtelingen opvingen. Dat is geen stilte. Misschien zit het verschil erin dat Nederland Oekraïne officieel steunt. Demonstraties ontstaan vaak als mensen vinden dat hun eigen regering wegkijkt. Bij Oekraïne ligt dat anders. Je mag links daar best op aanspreken. Maar doe niet alsof afwezigheid op straat hetzelfde is als onverschilligheid.’
‘Ik denk wel degelijk dat links demonstreert voor Oekraïne, alleen is dat misschien wat minder zichtbaar. Ik ken heel wat linkse mensen die Oekraïne steunen. Door de grote steun die er vanuit links ook voor Gaza is, is Oekraïne misschien wat ondergesneeuwd geraakt, maar de steun voor Oekraïne is er zeker. Ik wil de twee conflicten overigens niet met elkaar vergelijken. Wat daar gebeurt, is in beide gevallen verschrikkelijk. Hopelijk komt er aan beide oorlogen snel een einde. Oorlog is nergens goed voor. Ik ben zelf ooit als vluchteling hier gekomen vanwege een burgeroorlog. De naweeën daarvan voel ik nog steeds en ik wens dat niemand toe.’
‘Dit is een heel interessante vraag. Ik zou er ook een kanttekening bij willen plaatsen. Want ‘nominaal’ links – links in naam, maar in feite liberaal: Pro, D66, CU – is wél pro-Oekraïne. Zij gingen in het begin van de oorlog ook de straat op. Maar ‘echt’ links inderdaad niet. Dit heeft meerdere oorzaken, denk ik:
