Twee jongens, een jaar of 17, waren in gesprek in de trein.
‘Nee… ik ga zeker terug naar Marokko, ik ga hier echt niet blijven.’
‘Nee bro, ik ook niet, nergens is het leuker dan Curaçao.’
‘Zijn jullie hier geboren?’, vroeg ik ze.
‘Ja’, zeiden ze tegelijk.
‘Waarom willen jullie terug? Nederland is nu toch jullie thuis?’
‘Nee!’, zeiden ze weer tegelijk.
‘Dit is mijn land niet!’
‘Maar je bent hier geboren, je gaat hier naar school, je ouders en vrienden zijn hier, waarom willen jullie dan terug naar een land dat jullie veel minder kennen dan hier?’
‘Het is hier altijd koud en de mensen ook. Nederlanders blijven zelf niet eens, iedereen vertrekt naar Spanje, Italië, Frankrijk…’
Ik begreep ze wel, en een mens is vaak op reistocht in ontdekking, maar het deed me toch verdriet dit te horen. En sommigen die denken dat Nederland te vol is, zullen misschien blij zijn te horen dat mensen vertrekken, maar het raakte mij.
Op mijn 18e kreeg ik de Nederlandse nationaliteit. Ik moest aan vele voorwaarden voldoen om een Nederlands paspoort te krijgen, zoals vijf jaar in Nederland woonachtig zijn, de taal beheersen en, het belangrijkste, geen strafblad hebben. Ik wist dat ik aan deze voorwaarden voldeed, maar ja, er waren zoveel wachtenden voor mij. Of het zou lukken, bleef een vraag.
Na drie maanden werd ik uitgenodigd om naar het stadhuis te komen. Ze wilden met mij praten om mijn Nederlands te testen. Dat was voor mij niet zo’n moeilijke test, dus ik slaagde. Na 386 dagen was mijn verzoek tot naturalisatie ingewilligd.
Ik kreeg een brief die getekend was ‘in naam der Koningin’. Met die brief moest ik naar het gemeentehuis om mijn Nederlandse paspoort op te halen. De dame achter de balie gaf mij mijn Nederlandse paspoort en zei: ‘Welkom.’ Wat voelde dit woord bijzonder. Opeens was ik niet alleen welkom in Nederland, maar overal. Een Nederlands paspoort was een rijkdom om je welkom te voelen in vele landen. Ik was dankbaar dat ik nu onder de paraplu van de koningin mocht schuilen. Ik voelde mij beschermd en gezegend.
Alles wat ik nu ben, heb ik te danken aan Nederland
Inmiddels, 35 jaar later, is dat gevoel bij mij sterker geworden, maar hoor ik van steeds meer jongeren het tegenovergestelde.
Weet een vis dat hij nat is?
Als je leeft in onbegrensde vrijheid, weet je dan wat grenzen zijn?
Neem je dan alles voor lief?
Ik ben geboren in Turkije, maar gepolderd in Nederland. Tien jaar was ik toen ik naar Nederland kwam. Hier heb ik geleerd objectief te zijn.
Het land dat lager ligt dan de zee, maar verder alles hoog houdt.
Het land dat vrijheid hoog acht.
Het land waar ironie en harmonie elkaar vasthouden en afstoten.
Het land van wantrouwen, maar waar het vertrouwen toch het hoofd boven water weet te houden.
Het land waar de interpretatie meer betekent dan bedoelingen, maar waar men toch nog altijd probeert te communiceren.
Het land van ooit in alle schoonheid.
Een sprookje van socialisme, maar waar nu de helderheid is vertroebeld. Dat is dan ook precies wat ik in dit land ervaar: het wankelen en de vastigheid. Keuzes maken heb ik hier geleerd, omdat het tussen wal en schip geen prettig leven is.
Een land dat de Nederlander zelf heeft geschapen, terwijl God de wereld schiep. Zo klein, maar zo groot in ontwikkeling.
Wel ben ik mij ervan bewust dat een Nederlands paspoort geen garantie is dat men je ook als een Nederlander ziet met je donkere krullen. Maar toch ben ik dankbaar om hier te zijn, om hier te mogen zijn. Alles wat ik nu ben, heb ik te danken aan Nederland. En daar zal ik dankbaar voor zijn tot mijn laatste adem. En dat kunnen, zullen vele gastarbeiders, buitenlanders, vreemdelingen, allochtonen, minderheden, migranten, vluchtelingen, nieuwkomers en nieuwe Nederlanders met mij beamen. (Jaaa, we hebben vele namen… wat dat betreft lijken we op ijs… Eskimo’s hebben 40 namen voor ijs… omdat ze ijs vervelend vinden en er toch mee moeten leven…).
Wat ik eigenlijk wil zeggen is hoe dankbaar ik ben om in dit stukje van de aarde te mogen wonen. Ik en velen van ons hebben ons zijn, in naam van vrijheid en ontwikkeling, aan Nederland te danken. Daarom: laten we het koesteren.
Nu u hier toch bent...
Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.
Vertel mij meer!

