Dankbaar

Foto: Reuters

Mag ik wel zeggen dat ik dankbaar ben voor het feit dat ik in Nederland woon? Ik kreeg onlangs mijn definitieve laatste cijfers binnen waaruit blijkt dat ik geslaagd ben. Dat betekent dat ik officieel een diploma in de politicologie heb. Toen ik elf jaar geleden als een vluchteling naar Nederland kwam, had ik dat niet durven voorspellen. De komende weken bezoek ik verschillende scholen in Nederland om jonge nieuwkomers te inspireren om hun weg in Nederland te vinden. Mijn boodschap is dat ze dichtbij zichzelf moeten blijven door te doen wat ze leuk vinden. Daarnaast zal ik ze aanmoedigen om dankbaar te zijn voor de kansen die zij hier hebben en dat ze die met beide handen moeten aangrijpen.

Het is niet makkelijk om als nieuwkomer je weg in Nederland te vinden. Er zijn tegenslagen te over. Maar als je geluk hebt kom je Nederlanders tegen die jou de weg wijzen. Ik heb dat geluk gehad. De afgelopen elf jaar heb ik Nederlanders ontmoet die mij een tweede, een derde en zelfs een zevende kans gaven. Vaker zegt men dat migranten twee keer harder moeten werken om dezelfde kansen te krijgen. Ik heb natuurlijk hard gewerkt. Ik moest, net als veel andere nieuwkomers in Nederland, vanuit een achterstandspositie vechten om mijn plek in de samenleving te vinden. Zo moest ik als een klein kind de taal leren en me de geschreven en de ongeschreven wetten eigen maken. Maar minstens zo belangrijk als mijn harde werken was is het feit dat ik kansen kreeg. Er waren Nederlanders die mij, ondanks mijn vele mislukkingen, weer een zevende kans gaven.

Ik kreeg de afgelopen elf jaar in Nederland in willekeurige gesprekken de vraag of ik mij wel eens in Nederland gediscrimineerd heb gevoeld. Het debat over racisme en discriminatie is springlevend en ik ben bekend met de feiten, bijvoorbeeld over werkgevers en woningeigenaren die witte Nederlanders boven de zogenaamde ‘allochtoon’ prefereren. Toch merkte ik in veel gesprekken dat ik geen antwoord klaar had voor mensen die wilden weten of ik weleens discriminatie aan den lijve ondervonden heb. Niet omdat dat niet het geval was, ik heb gekke dingen meegemaakt, maar onbewust registreer ik deze gekke dingen niet, omdat ik een sterk filter rondom mij heb gebouwd. Waar ik vandaan kom stierven mensen door kogels en messen, ik heb meer dan dommige opmerkingen en onwetendheid overleefd. Daarom heb ik me de afgelopen elf jaar dat ik in Nederland woon daar niet mee beziggehouden.

Waar ik wel elke dag bewust van ben is het feit dat wij ontzettend veel kansen in Nederland hebben. Eerder dit jaar, toen ik naar Zuid-Afrika reisde om daar Congolese migranten te interviewen, werd ik me daar nog extra bewust van. In Zuid-Afrika zag ik mensen die slimmer waren dan ik, maar die helaas geen ruimte kregen om hun talenten te ontwikkelen. Ik zag vluchtelingen die geen menswaardig opvang kregen, ik zag hoe Afrikanen andere Afrikanen als dieren behandelden, simpelweg omdat ze hun landen hadden verlaten om een beter leven te vinden.

Terug naar Nederland. Ik weet dat het vloeken in de kerk is, maar ik ben dankbaar voor de kansen die ik in dit land krijg. Toen ik mijn oma vertelde dat ik mijn diploma politicologie had behaald begon ze spontaan te bidden. In mijn hart bad ik met haar mee. Want ik weet dat dat één van de weinige dingen is die ons waarachtig zingeving geeft: bidden en dankbaar zijn. Bidden dat anderen dezelfde kansen krijgen als wij. Maar vooral dankbaar zijn voor het feit dat wij deze kansen krijgen.

DELEN
Kiza Magendane
Schrijver. Publicist. Politicoloog. Beleidsondernemer.