Wie nog steeds gelooft dat Nederland een gidsland is, kwam afgelopen week bedrogen uit. Niet één maar zelfs twee kritische rapporten lieten zien dat Nederland behoorlijk wat huiswerk te doen heeft als het om democratie en mensenrechten gaat. Eerst kwam het rapport van CEDAW, het VN-Comité inzake de uitbanning van alle vormen van discriminatie van vrouwen, dat concludeerde dat Nederland meer moet doen voor vrouwenrechten.
Het VN-Vrouwenverdrag, dat Nederland mede heeft ondertekend en geratificeerd, verplicht landen om zich in te zetten voor vrouwenrechten op allerlei terreinen, bijvoorbeeld politieke vertegenwoordiging, de uitbanning van geweld tegen vrouwen en een eerlijke verdeling van werk en zorg. Maar op een aantal belangrijke punten krijgt Nederland van de VN nu dus een onvoldoende. Zo is het beleid om geweld tegen vrouwen tegen te gaan te versnipperd, zijn er te weinig opvangplekken voor vrouwen die te maken krijgen met geweld en krijgen slachtoffers die aangifte willen doen te vaak te maken met victim blaming. Ook wijst het rapport op de ondervertegenwoordiging van vrouwen in de politiek, de ongelijke verdeling van zorgtaken en de ‘in toenemende mate vijandige omgeving’ waar vrouwenrechtenactivisten mee geconfronteerd worden. Kortom: we staan er weer goed op.
En dan was er nog het rapport van het Nederlands Helsinki Comité over de ruimte voor het maatschappelijk middenveld, met wederom een aantal alarmerende conclusies. Zo meldt maar liefst 86 procent van alle ondervraagde maatschappelijke organisaties dat de omstandigheden voor hun werk de afgelopen twee jaar zijn verslechterd. Ook zorgt een aantal wetsvoorstellen, bijvoorbeeld over inperking van het demonstratierecht, voor nog meer druk op maatschappelijke organisaties. Maar misschien wel de belangrijkste waarschuwing uit het rapport gaat over wat de auteurs ‘democratische erosie’ noemen: politici die de rechterlijke macht openlijk afvallen of zelfs aanvallen, toenemende druk op onafhankelijke journalistiek en beleidsvoorstellen die indruisen tegen de mensenrechten.
Den Haag was druk met de algemene politieke beschouwingen, direct gevolgd door de oorlog in het Midden-Oosten
Twee pittige rapporten dus, in nog geen week tijd. Code oranje voor ons zogenaamde gidsland, zou je denken. Maar nog zorgwekkender dan die alarmerende conclusies was het feit dat geen van beide rapporten veel stof deed opwaaien. Dat lag vast ook aan de timing – Den Haag was druk met de algemene politieke beschouwingen, direct gevolgd door de oorlog in het Midden-Oosten. Al vraag ik me serieus af of de rapporten in minder turbulente tijden tot enige ophef hadden geleid.
Nederland lijdt namelijk nogal eens aan morele zelfoverschatting. Want waren wij niet het land van het eerste huwelijk tussen paren van gelijk geslacht, land van gedoogbeleid en euthanasie? Het land van bakfietsmoeders en papadagen, van tolerantie, vrijheid van meningsuiting, van zijn wie je bent en zeggen wat je denkt? Dus hoezo rechtsstaat onder druk, meer aandacht nodig voor vrouwenrechten? We zijn toch al hartstikke geëmancipeerd? In andere landen, daar is het pas erg. Maar hier? Nee joh. Hier hebben we het prima voor elkaar. Gaaf land!
Als je dat maar vaak genoeg herhaalt, ga je vanzelf geloven dat het waar is. En daar wringt precies de schoen. Want als we allemaal blijven roepen dat het wel losloopt met die rechtsstaat, wie springt er dan op de bres als het nodig is?
Juist daarom zijn maatschappelijke organisaties, kritische journalistiek, mensenrechtenactivisten en al die andere wakkere waakhonden van onze rechtsstaat zo belangrijk. Zij houden ons een spiegel voor, of we het nou leuk vinden of niet. Dat nu uitgerekend hun bewegingsruimte onder druk staat, zou ons allen ernstig zorgen moeten baren.
Zozeer zelfs dat het de hoogste tijd is dat we massaal opstaan om onze rechtsstaat te beschermen. Hoe dan, vraagt u zich misschien af? Wat kan ik als bezorgde burger nou doen? Meer dan u denkt. Bijvoorbeeld door op 8 maart de straat op te gaan voor vrouwenrechten. Door lid te worden van een vereniging of partij. Door onafhankelijke journalistiek te steunen. En natuurlijk door op 18 maart te gaan stemmen tijdens de gemeenteraadsverkiezingen – en dan liefst op een vrouw, én op een partij die de rechtsstaat steunt in plaats van afbreekt. Want die rechtsstaat, dat is geen abstract gegeven, voer voor politicologen en VN-comités. Die rechtsstaat, dat zijn wij.
Nu u hier toch bent...
Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.
Vertel mij meer!

