18.5 C
Amsterdam

Kan Israël overleven?

Thomas von der Dunk
Thomas von der Dunk
Publicist. Cultuurhistoricus.

Lees meer

Kan Israël overleven? Nee – die vraag heb ik niet zelf geformuleerd. Zij vormt de leidraad van een lang artikel in het Duitse weekblad Die Zeit van 11 juli 1980, dus bijna een halve eeuw geleden, waarvan ik liefst twee fotokopieën tegenkwam in de paperassen van wijlen mijn vader bij het uitruimen van mijn ouderlijk huis afgelopen juli. Kennelijk vond mijn vader het belangwekkend genoeg om die kopieën te bewaren. Of hij die ooit voor een eigen stuk gebruikt heeft, weet ik niet.

De auteur was Nahum Goldmann (1895-1982), voormalig president van het Joods Wereldcongres, op dat moment al hoog in de tachtig. Hij zou twee jaar later overlijden. Uiteraard is het stuk na zo lange tijd gedateerd – het hoort tot de kerntaken van historici om zich met gedateerde stukken bezig te houden – maar het bevat toch een aantal waarnemingen die ook nu hoogst relevant zijn.

Het stuk is geschreven kort na het onder leiding van de Amerikaanse president Jimmy Carter gesloten akkoord van Camp David tussen de Egyptische president Anwar Sadat en de Israëlische premier Menachem Begin, de eerste regeringsleider van het rechtse Likud, die met deze machtsovername ten koste van de Arbeiderspartij een duurzame electorale trend zou blijken te zetten, die toen overigens nog niet als zodanig werd onderkend. Ook niet door Goldmann.

Wat Goldmann wel onderkende, was de, achteraf inderdaad gebleken, betrekkelijke waardeloosheid van de door Carters toedoen gesloten overeenkomst. Begin zou, in het licht van de genocidale politiek van de huidige rechts-extremistische club van Netanyahu, nu als relatief gematigd beschouwd worden. Nu.

Toen was zijn aantreden een grote schok, omdat daarmee voor het eerst openlijk de schepping van een Groot-Israël tot regeringsdoel werd verheven. Iets wat overigens, zoals Goldmann in zijn stuk benadrukt, als tendens en logische uiterste consequentie ook al besloten lag in de politiek van David Ben-Gurion, de eerste premier van Israël, en diens opvolgers. Alleen werd die tendens nu met Begin veel openlijker zichtbaar.

Vergeefs had Goldmann er bij Ben-Gurion op aangedrongen om met de proclamatie van Israël even te wachten

Het is deze politiek die Goldmann anno 1980 zeer verontrust, en hem die cruciale vraag doet stellen waarmee ik deze column begon: Kan Israël overleven?

Voor Goldmann is voor Israël het vinden van een modus vivendi met de Arabische wereld van levensbelang, waarbij hij ook (zij het slechts zeer kort en terloops) aan de positie van de Palestijnen refereert. En die stellingname maakt zijn stuk nog steeds zeer actueel.

Wat Goldmann constateert is enerzijds een toenemende interne verloedering van de Israëlische samenleving, door grootschalige corruptie en maffiose praktijken. Met een blik op de latere carrière van Bibi Netanyahu getuigt het van vooruitziende blik. En anderzijds, in samenhang daarmee, een verlies aan moreel gezag en internationale steun, met uitzondering van de Verenigde Staten, die tegen beter weten in blindelings achter Israël blijven staan en het land daarmee schaden, omdat het Israël een vals gevoel van veiligheid geeft.

Dat is fataal voor de gespannen verhouding met de Arabische buurlanden. Goldmann benadrukt, in navolging van de Amerikaanse president Roosevelt, hoe moeilijk het vanaf het begin af aan voor de Arabieren was om een compleet soevereine staat Israël, die de Arabische wereld als een wig in tweeën deelde, te accepteren; liever had hij om die reden een soort Joods-Arabische federatie op de plaats van het oude Britse mandaatsgebied Palestina gezien.

Vergeefs had Goldmann, nadat de VN in 1947 tot een tweedeling daarvan hadden besloten, er bij Ben-Gurion op aangedrongen om met de proclamatie van Israël even te wachten, om eerst met de Arabieren tot een overeenkomst te komen, waartoe zeker Egypte bereid zou zijn.

Ben-Gurion had dat advies genegeerd, en het voorspelbare gevolg was oorlog na oorlog, waardoor Israël zich steeds verder van de buren vervreemdde omdat het weigerde de andere partij te begrijpen en als gelijke te behandelen, zich daarentegen steeds sterker bewapende en puur op haar door Amerika gegarandeerde militaire macht vertrouwde. Het zijn profetische woorden, wie de verwording sinds 1980 beziet.

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!
- Advertentie -