0.4 C
Amsterdam

Er is een dichter vermoord. Haar naam is Renee Nicole Good

Lees meer

Dit is geen goed moment om in de VS te zijn. Je kunt op klaarlichte dag doodgeschoten worden. Dat was wat een dichter in Minneapolis overkwam. Ze kwam door bruut politiegeweld om het leven. De verklaring achteraf was dat het hier om een terrorist ging. Kletskoek, maar in deze nieuwe wereldorde kan iedereen terrorist genoemd worden. Je kunt terrorist genoemd worden vóórdat je wordt neergeschoten en je kunt terrorist genoemd worden nadat je bent neergeschoten. Hoe dan ook hang je.

Dat politiegeweld vrij spel krijgt, mag niet verwonderen. Het is bewust aangestuurd om mensen wereldwijd erop te wijzen dat in het Westen de mensenrechten zijn afgeschaft. Mensen van kleur wisten dat natuurlijk al veel langer; in Amerika zijn zwarte mensen oververtegenwoordigd in de gevangenissen. In Europa weten moslims hoe het is om op basis van je geloof, je naam of je uiterlijk gemonitord te worden.

De Italiaanse filosoof Giorgio Agamben noemt dit biopolitiek. Hij is een van de meest interessante filosofen die ik de afgelopen jaren heb gelezen. Zijn filosofie gaat over het politieke lichaam: het lichaam waar de staat, onze overheid, iets van vindt. Een lichaam dat kan worden opgesloten, kan worden aangetast, kan worden vermoord.

Het lichaam van de gedode vrouw behoorde een dichter toe. De officieren van ICE wisten dit waarschijnlijk niet toen ze de fatale kogels afvuurden, maar ik zie er iets in. Ik neem de vrijheid om er iets in te zien. Zoals de oude maraboets zie ik er een boodschap in. Omdat het lichaam aan een dichter toebehoorde, kunnen we de moord ook zien als een aanval op de taal. En ik meen daarin een waarschuwing te zien voor iedereen die de taal gebruikt om verhalen te vertellen, om het andere verhaal te vertellen, om de taal boven zichzelf uit te laten stijgen.

De dichter laat zien dat woorden dubbelzinnig kunnen worden gebruikt. De dichter laat zien dat taal niet vanzelfsprekend is. De dichter openbaart de oneindigheid van de taal om te inspireren grenzeloos te denken. De dichter is een verzetsstrijder, puur omdat zij de taal bevrijdt.

Ik kies ervoor om in dit geweld een metafoor te zien

De politiestaat eigent zich de taal toe, gebruikt specifieke woorden, zoals ‘terrorist’, en gebruikt een beperkt aantal woorden. Uit al die woorden wordt elke vorm van nuance gezogen, zodat mensen niet gaan denken dat er nog hoop is in de taal. De politiestaat is ook taalpolitie.

Er is een dichter vermoord. Haar naam is Renee Nicole Good. Haar achternaam kan gelezen worden als ‘Goed’. Ze was goed. Haar achternaam draagt, door de context van haar dood, bij aan poëzie. En dat laat ons zien dat poëzie niet te onderdrukken valt. Niet te doden valt.

Mensen wanhopen over wat je eigenlijk kunt doen tegen dit ongebreidelde, cynische geweld. Het zuigt werkelijk alle levenskracht uit ons. Demonstreren? Petities? Onze regering aanschrijven om actie te ondernemen?

Ik kies ervoor om in dit geweld een metafoor te zien, om een geitenpad aan te leggen dat leidt naar betekenis, om de moord uit de totale chaos te redden. Het lichaam zijn we kwijt, de taal sluimert tussen ons. We moeten de taal gebruiken om de zinloosheid waardigheid te geven. Om te laten zien dat het antwoord op geweld schoonheid is, het antwoord op de kogel de schrijvende hand, het antwoord op de kogel het zingende hoofd. De bevrijding van het lichaam begint met de bevrijding van de taal.

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!
- Advertentie -