Ik ben een pelgrim van hoop; ik zoek het dorstig, waar ik het vind, drink ik het. Om aan het oprukkende duister te ontkomen zoek ik naar het licht. Dat brengt me op donderdagavond naar het NAI in Rotterdam, een stoer gebouw waar in het restaurant jonge en gearriveerde mensen zijn samengekomen om te genieten van een mediterrane vegetarische maaltijd.
Vanavond zal fotograaf, ontwerper en visuele verhalenverteller Hassan Hajjaj vertellen over zijn werk. Hij is speciaal daarvoor uit Marrakesh gekomen, waar hij al jaren woont en werkt. Op zijn dertiende migreerde hij met zijn ouders uit de vissersstad Laarache aan de Atlantische kust van Marokko naar Londen, Engeland.
Begin jaren tachtig ontdekte hij de reggaemuziek – de ritmes van Bob Marley herinnerden hem aan de ritmes van de Gnawa-muziek uit Marokko. Hajjaj, het zou de naam van een soefi kunnen zijn, en deze soefi laafde zich aan de rijkdom van Afrika.
Gnawa en reggea zijn verre verwanten; de slaafgemaakten van West-Afrika namen hun muziek mee waar ze ook werden gebracht, of dat nou Marokko was of de Caraïben. Hajjaj zag de schoonheid van de culturen: na geregeld op en en neer te zijn gereisd naar Marrakesh besloot hij zich daar te vestigen.
Ze is van plan een reis te maken door het land van haar vader
In de rode stad maakte hij het onderscheidende werk dat hem wereldfaam bracht: hij portretteerde de mensen van de stad in hun lange gewaden en met gesluierde gezichten, alsof het filmsterren waren. De lijst van het fotowerk is bij hem niet van hout maar bestaat uit verpakkingen van levensmiddelen; het levert een opwindend, modern beeldcollage op.
Het zaaltje stroomt vol voor de lezing van Hassan Hajjaj. Hajjaj verwijst naar de hadj, de jaarlijkse bedevaart naar Mekka, waar miljoenen pelgrims samenkomen om Allah te eren. We zien Hassan Hajjaj foto’s maken van filmsterren; hij kleedt hen in de traditionele kleding van Marrakesh.
Uit het publiek komt de vraag wat zijn droom is. Hassan Hajjaj heeft daar niet meteen een antwoord op. En omdat hij niet meteen een antwoord heeft, gaan we dan maar zelf dromen.
Naast Hassan Hajjaj zit Zineb Seghrouchni, oprichter van Dar Cultural Agency, dat spannende culturele projecten organiseert. Dit jaar had ze een geweldige modetentoonstelling in het Centraal Museum in Utrecht, waar ze de kracht en hybriditeit van de Marokkaanse kleding liet zien. Koningin Máxima opende de tentoonstelling. Frisse lucht voor pelgrims van schoonheid.
Na afloop van de lezing stroomt het café vol met jonge makers. Een Iraaks-Haagse kunstenares vertelt dat ze een reis aan het voorbereiden is naar Bagdad: ‘Ik ga voor het eerst alleen om mijn ogen goed de kost te geven.’ Ze is van plan om in het spoor van de sjiitische pelgrims van Karbala een reis te maken door het land van haar vader.
Khadija die theatermaker is, komt net terug uit Marokko, waar ze drie maanden lang in de Sahara onderzoek heeft gedaan naar nieuwe vormen van verhalen vertellen. Samen met Cheb Runner, een muzikant van elektronische muziek uit Agadir, verkent ze de wereld van haar voorouders om nieuwe verhalen te vertellen in deze chaotische tijd. In een wereld waarin muren worden opgeworpen, gaan ze als reizigers van de nieuwe tijd dwars door alle barrières heen. Eigenzinnig en met een warmbloedig hart.
Opvallend is ook hoeveel spannende kunstenaars uit Marokko in Rotterdam zijn neergestreken. ‘Het is ook lekker dichtbij Brussel, met zijn geheel eigen ritme’, zegt Cheb Runner. We omhelzen elkaar. De warmte van pelgrims. Ik loop naar het Centraal Station, de kou glijdt over mijn gezicht, de lente komt eraan.
Nu u hier toch bent...
Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.
Vertel mij meer!