18.6 C
Amsterdam

Chen Quanguo: architect van de genocide in Xinjiang

Roel van Duijn
Oprichter van de Kabouterpartij. Voormalig gemeenteraadslid en wethouder in Amsterdam. Provo en GroenLinks-coryfee.

Lees meer

China pleegt een genocide tegen de Oeigoeren. Meer dan een miljoen mensen zijn opgesloten in concentratiekampen in Xinjiang, een ruw en bergachtig gebied in het westen dat tweemaal zo groot is als Duitsland en 11 miljoen inwoners rijk.


Marteling en sterilisatie van vrouwen is in Xinjiang dagelijks werk. Uitroeiing van deze minderheid is het doel. Dit huiveringwekkende feit is onlangs door de regering van de VS en de parlementen van Canada en Nederland erkend.

Wie zijn de daders? Er is één man die in het oog springt als hoofdverdachte, als de mogelijke Chinese Heinrich Himmler of Reinhard Heydrich.

Chen Quanguo (65) werd in augustus 2016 de hoogste functionaris van de Chinese Communistische partij in Xinjiang. Niet toevallig was het Chen die geroepen werd om de weerstand van de Oeigoeren te breken. Hij had al ervaring.

Chen had de vijf voorgaande jaren hetzelfde in Tibet gedaan en deze provincie in een politiestaat veranderd. De Tibetanen werden van alle mensenrechten beroofd en gedwongen om elkaar te bespioneren. Ze leven nu in een geraffineerd doolhof van versperringen en politiebureaus, vol monitors en afluisterapparatuur. Computers registreren er elke ongewenste afwijking. Alle bewegingsvrijheid werd de Tibetanen in hun eigen gebied ontnomen. Voor zover nog niet gesloopt, kwamen de kloosters onder leiding van staatsgetrouwe Han-Chinezen te staan. Tibetaanse woningen moesten de Chinese vlag laten wapperen, in huiskamers moest een portret van Mao of Xi Jinping boven de schoorsteen hangen.

Nu hoort de wereld niets meer van Tibet. Chen heeft in enkele jaren tijd alle oppositiegeluiden gesmoord. Hij was de aangewezen man om de voorgenomen behandeling van de Oeigoeren ten uitvoer te brengen.

Chen ziet eruit als elke Chinese leider. De haarscheiding links, het pak donkerblauw, de oogopslag ernstig. Onderscheidt hij zich misschien door middel van zijn uitspraken? Nee, ook daar let hij goed op.

Op een druk bezochte persconferentie van de Chinese autoriteiten van Xinjiang, eind 2019 in Beijing, liet hij gouverneur Shohrat Zakir het woord voeren, iemand die in rang onder hem staat. Toen een journalist een vraag stelde over de detentiekampen, fluisterde Chen Shohrat iets in, waarop die antwoordde dat deze strafkampen ‘kostscholen’ waren. Zelf beantwoordde Chen geen enkele vraag. Wel maakte hij een beleefd en tijdig einde aan de bijeenkomst: ‘Ik wil mijn oprechte dankbaarheid tot uitdrukking brengen aan de Chinese en buitenlandse journalisten voor hun belangstelling voor Xinjiang.’

Zoals alle Chinese leiders ontkent ook Chen de concentratiekampen voor de Oeigoeren en andere minderheden als de Kirgiezen, Kazachen, Mongolen en christenen. De autoriteiten beschrijven deze centra liever als ‘beroepsopleidingen’, waar zij Mandarijn leren en worden weggehouden van ‘religieus extremisme.’

In gelekte documenten uit 2019 laat Chen zich beter kennen. Deze kampen moeten ‘als scholen onderwijzen, militair beheerd worden en als een gevangenis verdedigd’. Daarin spoort Chen ook zijn collega’s aan ‘iedereen op te ruimen die opgeruimd moet worden’, in het voetspoor van de grote leider Xi, die na een Oeigoerse aanslag in 2014 opriep ‘absoluut geen genade’ te tonen.

Chen drukt zich duidelijk omfloerster uit dan zijn rechterhand Zhu Hailun. Toen Chen in januari 2017 concentratiekampen in de Oeigoerse hoofdstad Urumqi liet bouwen, riep Zhu onbeschroomd op tot hard optreden: ‘We moeten onze geweren laden, onze zwaarden uit de scheden trekken, harde klappen uitdelen tegen de terroristen en niet terugdeinzen om genadeloos toe te slaan’. Chen is anders, hij is een man van daden.

Zodra hij in Tibet in functie was, liet Chen nieuwe politieagenten aanrukken. Hij verdeelde de hoofdstad Lhasa in kleine stukjes, die elk een politiebureau kregen. Van uur tot uur patrouilleerde de politie om naadloos toezicht te houden. Huishoudens werden aan elkaar gekoppeld om elkaar te bewaken en over elkaar verslag uit te brengen aan de politie. Dit ‘dubbel verbonden huishoudens-beheers-systeem’ bracht hij later mee naar Xinjiang.

Nadat Chen de macht had overgenomen in Tibet steeg het aantal zelfverbrandingen door Tibetaanse monniken, nonnen en burgers explosief. Naar schatting een paar honderd mensen hebben zich op deze manier verzet tegen de onderdrukking door het Chinese regime, hopend dat hun actie de wereld zou wakker schudden. Maar Chen liet de politie erop los slaan en schieten. Zelfverbranders die hun protestactie overleefden, liet hij isoleren of verdwijnen. Hun families zijn gearresteerd of gedetineerd, wat weer nieuwe vormen van protest teweeg bracht.

Duizenden monniken en nonnen werden uit boeddhistische kloosters gehaald, hun huizen verwoest en met bussen naar heropvoedingskampen gestuurd. Die heropvoedingskampen schoten tijdens Chens bewind als paddenstoelen uit de grond. Op een video is te zien hoe nonnen worden gedwongen op een podium Chinese liedjes te zingen en te dansen. Terug naar de kloosters was er voor hen niet bij, dwangarbeid wel.


Chen beschreef zijn Tibet-politiek als een ‘campagne voor handhaving van stabiliteit’. In een rapport uit 2016 van Human Rights Watch valt een citaat te lezen, waarin hij zich tevreden toont over zijn werk in Tibet. In ondoordringbare woorden: ‘Wij hebben de wet gevolgd door toe te slaan en genadeloos op te treden tegen illegale organisaties en sleutelfiguren die de kliek van de veertiende Dalai Lama volgen en uit separatisme infiltratie- en sabotageactiviteiten ten uitvoer brengen, doordat wij verborgen gevaren en de voedingsbodem voor het ondermijnen van de stabiliteit van Tibet neersloegen en effectief de hoogste belangen van de staat en de algemene belangen van de maatschappij beveiligden.’

Beijing was gelukkig met Chen. Grote leider Xi Jinping zorgde ervoor dat zijn favoriet Chen werd overgeplaatst naar Xinjiang, om daar op eenzelfde manier huis te houden. Chen liet een kapot Tibet achter. Het nomadische karakter van de samenleving was vernietigd, marteling was er nu dagelijkse praktijk geworden.

Xinjiang was zijn nieuwe prooi. Weer regelde Chen direct een massieve politiemacht en huurde hij ‘politieassistenten’ en ‘beveiligingsgardisten’ in. Het ging direct om een politiemacht van 30.000 man politie. Net als in Tibet verschenen er in Xinjiang overal politiebureaus, 7.300 checkpoints, monitors. Mensen werden strak onder zijn regime gebracht. De al bestaande concentratiekampen breidde hij op grote schaal uit. Chen voerde preventieve internering in en liet de meerderheid van de minderheden heropvoeden.

Verder werden de paspoorten van Oeigoeren en andere minderheden in Xinjiang in beslag genomen. Het was afgelopen met vrij reizen, ook in China zelf. Oeigoeren werden, met honderdtallen tegelijk én met politiebewaking, uitgehuurd aan firma’s om in het hartland van China dwangarbeid te verrichten. ‘Studenten’ heten deze dwangarbeiders, ongeacht hun leeftijd, want ook ouderen worden zonder pardon als pakketten op de trein gezet. Ze zijn via internet bestelbaar.

Zoals hij ook in Tibet deed, bevordert Chen een sterke instroom van Han-Chinezen naar Xinjiang om het bevolkingsoverwicht van de Oeigoeren te verminderen. In de kampen verliezen Oeigoeren hun haren. Die worden als pruiken en haarstukken in de wereld verhandeld. Een vondst bij de Amerikaanse douane van zulk haar heeft bijgedragen aan het Amerikaanse genocide-onderzoek, wat Chen pijn schijnt te hebben gedaan.

Chen doet al zijn werk met grote persoonlijke energie. Op vrije dagen zit hij achter zijn bureau en ontbiedt hij zijn collega’s. ‘Wat hij ook doet, hij doet het met extreme en ongeëvenaarde spoed, urgentie, middelen en vooruitziendheid’, zegt de Duitse antropoloog Adrian Zenz, een van de eerste onderzoekers die de terreur in Xinjiang heeft blootgelegd.

Zelf gebruikt Chen bloemrijke woorden voor het werk dat hij doet. ‘Wij brengen mensen van alle etnische groepen ertoe de eenheid net zo lief te hebben als hun eigen ogen, die eenheid te koesteren net zoveel als hun eigen levens, en dicht bij elkaar te staan als de zaden van een granaatappel.’

China claimde een paar jaar terug dat Chen 1.588 ‘terroristische groepen’ vernietigd heeft en duizenden ‘terroristen’ gearresteerd. Sindsdien zijn de getallen ongetwijfeld nog opgelopen. Geen wonder dat een man met zoveel verdiensten in 2017 tot lid van het 25 man sterke politbureau van de Communistische partij van China is benoemd. Zijn ster is rijzende.

Gaat de vergelijking van Chen met nazi’s als Himmler of Heydrich op, de belangrijkste organisatoren van de Holocaust, werelds bekendste genocide? De foltermeester van Tibet en Xinjiang is meer een anoniem type. Het is daarom ook geen toeval dat bijna niemand in de wereld hem kent, in tegenstelling tot de beruchte nazi-kopstukken.

Een verschil met de SS-opperhoofden: als de wereld niet snel ingrijpt, zal Chen Quanguo veel langer de tijd krijgen om zijn werk af te maken

Chen stelt zich bewust onopvallend op, in een merkwaardig contrast met zijn prominente rol. Dit lijkt bij het systeem te horen waarin persoonlijke gegevens over politieke functionarissen in China buiten het oog van het publiek worden gehouden. Hij heeft een vrouw, maar daar blijft het bij. Wonen ze samen, en waar? Hebben ze kinderen? Hij is oppermachtig, maar privé is hij een spook. Ook zijn daden worden versluierd. Dat het hier om genocide gaat, wordt zorgvuldig verborgen gehouden, net zoals ook de nazi’s dat deden.

Er is wel een verschil tussen de genocide op de Joden en die tegen de Chinese minderheden. De eerste ging gepaard met massale, geconcentreerde moordpartijen, de tweede voor zover bekend niet. In Xinjiang en Tibet gaat het om systematische en gewelddadige onderdrukking van mensen, gepaard met gecamoufleerde en verspreide moorden. Geen Auschwitz, maar het resultaat lijkt er wel op. Het gaat hier om geforceerde etnische verdamping en culturele genocide voor miljoenen.

Maar er is nog een verschil met de beruchte SS-opperhoofden. Als de wereld niet snel ingrijpt, zal Chen Quanguo veel langer de tijd krijgen om zijn werk af te maken.

Dit, voordat hij zal verschijnen waar hij hoort: het Internationaal Straf Gerechtshof in Den Haag. Maar dat zal voorlopig niet gebeuren, want China erkent het hof niet.

Wat de EU kan doen, is zich aansluiten bij de Amerikaanse sancties tegen Chen. Sinds juli 2020 mag hij dat land niet meer in en zijn diens tegoeden er bevroren. Ook moeten we niet deelnemen aan de Olympische Winterspelen in Beijing.

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!

- Advertentie -