8.7 C
Amsterdam

Israëlische kolonisten steken Palestijnse wijk in brand

Lees meer

Israëlische kolonisten staken gisteravond tientallen huizen, winkels, auto’s en landbouwvelden op de bezette Westelijke Jordaanoever in brand. De verwoesting is een vergeldingsactie voor de dood van twee Israëliërs. Ondertussen heeft het Israëlische parlement een wet goedgekeurd, die voorziet in de doodstraf voor veroordeelde Palestijnse terroristen.

Er is tenminste een Palestijn overleden bij deze terreuractie, en er vielen bijna vierhonderd gewonden. De dode is de 37-jarige Sameh Hamdullah Aktech, die werd doodgeschoten in de stad Za’tara bij Nablus. Volgens de Palestijnse Rode Halve Maan is er ook een Palestijn gewond geraakt door steekwonden, en hebben tenminste twee anderen een hoofdletsel opgelopen.

De Palestijnse Rode Halve Maan meldde verder de vernieling van huizen – ten minste 35 huizen zijn volledig afgebrand, 40 anderen zijn gedeeltelijk beschadigd – en meer dan 100 auto’s. Het Israëlische Channel 12-News meldde dat negen Palestijnse families uit hun brandende huizen moesten worden gered.

De pogroms zijn een reactie op de dood van twee Israëlische kolonisten die eerder gisteren op klaarlichte dag werden gedood tijdens een schietpartij. Mogelijk is de schutter een Palestijn.

De Palestijnse mensenrechtenactivist Ghassan Daghlas vertelde Middle East Eye dat de Israëlische kolonisten zich schuldig maken aan ‘oorlogsmisdaden, vergelijkbaar met de gebeurtenissen van de Nakba’. Daghlas doelt op de etnische zuiveringen van 1948, toen zo’n 750.000 Palestijnen gedwongen werden om huis en haard te verlaten als gevolg van het Israëlische geweld.

Ziyad Dmaidi, een inwoner van Huwwara, vertelde Middle East Eye dat hij zijn gezin in veiligheid kon brengen, voordat Israëlische kolonisten zijn huis in brand staken. Nadat hij terug kwam van zijn werk zag hij een groep kolonisten naar zijn huis komen. Hij raakte in paniek, en snelde naar binnen om zijn gezin te evacueren. Niet veel later sloegen tientallen kolonisten de ramen stuk en drongen ze het huis binnen. Dmaidi en zijn gezin waren net buiten, toen de kolonisten brandende rubberen banden naar binnen gooiden. De woning werd volledig verwoest. ‘Ik dacht nooit aan het huis of al onze spullen, ik dacht alleen aan mijn kinderen en hoe ik ze uit deze nachtmerrie kon redden’, zei hij tegen Middle East Eye.

De Palestijnse premier  Mohammad Shtayyeh beschuldigde de Israëlische regering van de volledige verantwoordelijkheid voor de aanslagen in Huwwara. Hij drong er bij de internationale gemeenschap op aan de Palestijnse burgers te beschermen.

Volgens Aida Touma-Suleiman, een Palestijns lid van het Israëlische parlement, handelden de Israëlische kolonisten ‘in de geest van de fascistische regering.’ De parlementariër twitterde dat ze verschillende ambassadeurs heeft gesproken, en hen gevraagd heeft om in te grijpen.

De Israëlische president Benjamin Netanyahu, die leiding geeft aan een ultrarechts kabinet, kondigde aan dat het parlement wetgeving heeft aangenomen die de doodstraf goedkeurt voor Palestijnen die veroordeeld zijn voor terroristische misdrijven tegen Israëliërs.  ‘Op deze moeilijke dag, waarop twee Israëlische burgers werden vermoord bij een Palestijnse terroristische aanslag, is er niets symbolischer dan het aannemen van een wet op de doodstraf voor terroristen’, aldus de regeringsverklaring.

Israël kent formeel de doodstraf, maar heeft deze slechts één keer uitgevoerd, in 1962 op nazioorlogsmisdadiger Adolf Eichmann. Het doodschieten van Palestijnen door het Israëlische leger kan beschouwd worden als buitengerechtelijke executies.

- Advertentie -