Het was gisteren groot feest in de Schilderswijk in Den Haag. Nederlanders van Turkse komaf juichten en toeterden voor Turkije, dat Kosovo met 1-0 versloeg in de Kosovaarse hoofdstad Pristina, meldt Regio15.
De Turkse vreugde was groot, mede omdat het land na 24 jaar weer op het hoogste podium van het wereldvoetbal staat. Tegelijk is ook dit WK, net als dat in Qatar in 2022, omstreden. Het toernooi wordt gespeeld in de Verenigde Staten, dat oorlog voert tegen Iran. Iran laat weten dat het gewoon meedoet met het WK. ‘We boycotten de Verenigde Staten, niet het WK’, aldus de Iraanse bondsvoorzitter Mehdi Taj tegen NOS.
De uitzinnige Turken in de Schilderswijk hadden daar geen boodschap aan. De laatste keer dat Turkije op een WK speelde, was in 2002. Toen waren de meeste feestvierders nog niet eens geboren. Turkije werd destijds derde. Hakan Sükür scoorde toen het snelste doelpunt ooit op een WK, na 11 seconden. Dat record staat nog steeds.
Gisteren was het overigens niet alleen feest voor Turken. Ook Bosniërs, die een groot voetballand als Italië na strafschoppen versloegen, en Irakezen en Congolezen plaatsten zich voor het grootste WK ooit, met 48 deelnemende landen.


