8.1 C
Amsterdam

Een minderheidskabinet legt de gevolgen bij burgers neer

Yunus Kaplan
Yunus Kaplan
Docent maatschappijleer en publicist

Lees meer

Het minderheidskabinet dat D66, CDA en VVD willen vormen, lijkt een praktische oplossing, maar zorgt voor onzekerheid. Omdat er geen vaste meerderheid is, kunnen besluiten sneller veranderen of worden uitgesteld. Die onzekerheid merken vooral burgers, stelt Yunus Kaplan.

Het komende minderheidskabinet wordt gepresenteerd als een logische oplossing in een versnipperd politiek landschap. Niet als ideologisch project, maar als werkvorm: een manier om het land bestuurbaar te houden zonder grote beloftes. Instabiliteit wordt daarbij voorgesteld als iets technisch, iets wat je kunt organiseren zolang iedereen bereid is mee te bewegen.

Maar een minderheidskabinet is geen neutrale bestuursvorm. Het is geen abstracte constructie, maar een politieke keuze. Een keuze die onzekerheid accepteert als uitgangspunt en de gevolgen daarvan doorschuift naar burgers. Instabiliteit wordt zo geen probleem dat opgelost moet worden, maar een vast onderdeel van het bestuur.

Voor wie al weinig vertrouwen had in de overheid, kan dat voelen als bevestiging: besluiten zijn voorlopig, bescherming hangt af van wisselende meerderheden en beleid geldt zolang het geen grote weerstand oproept. De vraag is niet of regels kunnen veranderen, maar of ze er morgen nog zijn. Dat wordt concreet wanneer je dit moet uitleggen aan leerlingen die al weinig verwachten van de politiek.

Tijdelijke bemiddelaar

In die zin zegt een minderheidskabinet iets over hoe de overheid zichzelf positioneert. Niet langer als stabiele factor die richting geeft, maar als tijdelijke bemiddelaar tussen belangen. In een situatie waarin beleid steeds opnieuw moet worden heronderhandeld, krijgt politiek geen vaste uitkomst maar een tijdelijk karakter. Dat klinkt flexibel, maar heeft een prijs. Juist omdat een minderheidskabinet zelden voorkomt, wordt die betekenis gemakkelijk onderschat.

Die prijs wordt niet door iedereen in gelijke mate betaald. Voor mensen die leven met onzekerheid is dit geen theoretisch debat. Wie afhankelijk is van overheidsbescherming, onderwijs, zorg of sociale voorzieningen weet dat stabiliteit geen luxe is, maar een voorwaarde om te kunnen plannen en vertrouwen. Instabiliteit betekent hier geen vrijheid, maar voortdurende alertheid: aanpassen, uitstellen, leven met onzekerheid.

Een minderheidskabinet belooft overleg en afweging. Wat het ook normaliseert, is bestuurlijke terughoudendheid. Besluiten worden uitgesteld omdat ze gevoelig liggen. Dossiers blijven liggen omdat er geen meerderheid te vinden is. Verantwoordelijkheid wordt gedeeld omdat niemand haar volledig kan dragen. Zo ontstaat een politiek die formeel aanwezig is, maar inhoudelijk voorzichtig blijft om geen steun te verliezen.

Dossiers blijven liggen omdat er geen meerderheid te vinden is

Opvallend is hoe weinig politieke partijen deze instabiliteit problematiseren. Integendeel, ze presenteren haar als compromis. Maar een minderheidskabinet is ook comfortabel: het maakt invloed mogelijk zonder volledig eigenaarschap. Standpunten kunnen worden ingebracht zonder dat ze hoeven te worden waargemaakt. Wie vandaag instemt, kan zich morgen terugtrekken.

Wat gebeurt er met politieke verantwoordelijkheid wanneer partijen wel meebeslissen, maar niet volledig aanspreekbaar zijn op de gevolgen? Dat is geen onmacht, maar een keuze. Instabiliteit wordt niet alleen geaccepteerd, maar actief genormaliseerd.

Die voorzichtigheid wordt vaak gepresenteerd als zorgvuldigheid, maar zorgvuldig is niet hetzelfde als afwezig. Wanneer instabiliteit structureel wordt, verschuift ook de norm van bestuur. Tijdelijkheid wordt acceptabel. Onzekerheid wordt een bestuursstijl. Wat vandaag niet lukt, kan morgen opnieuw worden besproken. Wat nu geen meerderheid vindt, verdwijnt uit beeld — zonder consequenties voor partijen, maar wel voor burgers.

Dat heeft gevolgen voor hoe burgers de overheid ervaren en voor wat zij nog durven verwachten. Niet alleen in grote dossiers, maar in het dagelijkse contact met instituties. Wanneer beleid voortdurend voorlopig is, wordt ook bescherming voorwaardelijk. De overheid is er, maar onder voorbehoud. Ze luistert, maar belooft weinig. Ze handelt, maar pas wanneer het niet anders kan.

Politieke standaard

Een minderheidskabinet hoeft niet per definitie te mislukken. Het kan zelfs leiden tot bredere samenwerking en meer debat. Het risico zit in wat we normaal gaan vinden. Als instabiliteit de standaard wordt, verschuift ook onze verwachting van wat politiek hoort te zijn: niet langer een plek waar verantwoordelijkheid wordt genomen, maar een ruimte waar verantwoordelijkheid circuleert.

Het minderheidskabinet wordt gepresenteerd als bestuurlijke noodzaak, maar het is ook een politieke keuze. Besturen is niet eindeloos overleg of permanente voorzichtigheid, maar verantwoordelijkheid nemen — ook wanneer dat ongemakkelijk is en de meerderheid ontbreekt.

Zolang partijen instabiliteit blijven framen als onvermijdelijk, zonder te erkennen wie daar structureel de prijs voor betaalt, verschuift politiek van bescherming naar beheer. Dan wordt onzekerheid geen tijdelijk risico, maar een geaccepteerde bestuursvorm.

Dat is geen neutrale ontwikkeling. Het is een politieke keuze. En zoals bij elke keuze geldt: wie haar maakt, draagt verantwoordelijkheid voor wie ermee moet leven.

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!
- Advertentie -