De Verenigde Naties hebben de trans-Atlantische slavenhandel bestempeld als ‘de ernstigste misdaad tegen de menselijkheid ooit’ De door Ghana ingediende resolutie werd met ruime meerderheid aangenomen, maar stuitte op weerstand van westerse landen.
De Verenigde Staten en Israël stemden tegen, onder meer vanwege bezwaren rond de Holocaust, terwijl Nederland en andere Europese landen zich onthielden. Hun belangrijkste argument: het gebruik van superlatieven zou een ‘hiërarchie van historische wreedheden’ impliceren.
Kritiek
Die redenering stuit op scherpe kritiek, onder meer van het Nationaal Instituut Nederlands Slavernijverleden en Erfenis (NiNsee). In een persverklaring laat het instituut weten de resolutie ‘met grote dankbaarheid’ te hebben ontvangen en spreekt het van een belangrijke stap in de erkenning van het slavernijverleden als misdaad tegen de menselijkheid. Tegelijkertijd is er teleurstelling over de Nederlandse opstelling.
NiNsee-voorzitter Dave Ensberg-Kleijkers is daar uitgesproken over: ‘Wat zijn de eerder gemaakte excuses van zowel premier als koning waard als deze mondiale erkenning door Nederland niet wordt gesteund?’ In het persbericht noemt hij de Europese bezwaren zelfs een ‘drogreden’.
Volgens Ensberg-Kleijkers gaat het niet om het maken van ranglijstjes van historisch leed, maar om erkenning van een fundamentele misdaad en het belang van herstel en heling, zo vertelt hij aan de Kanttekening. De discussie over ‘een vermeende hiërarchie van misdaden’ vindt hij een gelegenheidsargument. ‘Dat is niet de essentie van deze resolutie’, zegt hij. ‘De essentie is dat de trans-Atlantische slavernij wordt erkend als misdaad tegen de menselijkheid. We moeten geen ranglijstjes maken. Dat is ook helemaal niet zinvol. Maar deze resolutie geeft wel een belangrijk signaal over de omvang en betekenis van dit verleden.’
Ook vanuit andere hoeken klinkt kritiek op de westerse terughoudendheid. De Indonesisch-Nederlandse activist Jeffry Pondaag reageert fel. Hij wijst erop dat opnieuw vooral ‘witte landen’ zich afzijdig hielden. ‘Ik maak mij boos’, zegt hij, verwijzend naar het Amerikaanse argument dat slavernij destijds niet in strijd zou zijn geweest met het internationale recht. ‘Dat is een rare redenering. Moraal is universeel. Slavernij is fout, punt.’
Volgens Pondaag kan de slavernij bovendien niet los worden gezien van het kolonialisme. ‘Slavernij is het gevolg van kolonialisme’, stelt hij. ‘Witte landen zeiden dat ze beschaving brachten, maar ze brachten slavernij, uitbuiting en dood.’ Dat diezelfde landen nu moeite hebben met herstelbetalingen, vindt hij onbegrijpelijk. ‘Ze zijn rijk geworden van slavernij en kolonialisme. En nu willen ze geen schadevergoeding betalen.’
Begrip
Tegelijkertijd is er ook begrip voor de gevoeligheden die in het Westen spelen. Historicus en schrijver David Wertheim, auteur van Waar gaat het over als het over Joden gaat?, wijst op de bijzondere plaats van de Holocaust in de westerse morele orde. Hij kan zich niet aan de indruk onttrekken dat de formulering van de resolutie, met terminologie als ‘de ergste misdaad ooit’, impliciet daartegen is gericht, ook al drukt die formulering natuurlijk ook andere historische misdaden naar de achtergrond, zoals de Armeense Genocide of de Holodomor.
Volgens Wertheim was het voor deze landen lastiger geweest om de resolutie niet te steunen als de formulering minder absoluut was geweest. ‘De Holocaust speelt een grote rol in de westerse ethiek’, zegt hij. ‘De trans-Atlantische slavernij mag die rol zeker ook spelen, dat zou goed zijn. Maar om die als dé belangrijkste te bestempelen en de Holocaust of een andere genocide niet, brengt niemand verder.’
Is er ooit zo over de Holocaust gesproken, als de ernstigste misdaad ooit? Wertheim verwijst naar de zogeheten Stockholmverklaring, waarin de Holocaust wordt omschreven als een ‘misdaad zonder precedent’. ‘Maar dat is toch lichter dan ‘ernstigste misdaad ooit’’, zegt hij. ‘Juist dat soort verschillen in formulering maken duidelijk hoe beladen en politiek gevoelig de internationale erkenning van historisch leed nog altijd is.’
Nu u hier toch bent...
Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.
Vertel mij meer!

