5.7 C
Amsterdam

De spreidingswet straft rechts egoïsme af

Thomas von der Dunk
Publicist. Cultuurhistoricus.

Lees meer

Met hangen en wurgen, en met maanden vertraging, heeft de VVD-fractie zich vorige week achter de spreidingswet van de eigen staatssecretaris Eric van der Burg geschaard. Mark Rutte moest er persoonlijk aan te pas komen om de opstand in eigen gelederen te bezweren. Dit deed hij met vage beloftes die, zoals wel vaker bij hem, onhoudbaar zullen blijken.


Bij langere obstructie dreigde namelijk een opstand van de zijde van D66 en (vooral) de ChristenUnie, die de lijntrekkerij van de VVD terecht meer dan zat zijn. Voor beide partijen gingen al de drempels die de coalitie voor gezinshereniging opwierp te ver.

Ruttes bezwering ten overstaan van zijn Kamerfractie, dat hij er in Europa alles aan doen zou om de instroom te beperken, zal tot weinig concreet resultaat leiden. Brussel ziet hem al komen: Nederland staat er, waar het de internationale solidariteit in dit dossier betreft, toch al niet best op. Een beroep op het Dublin-akkoord zal weinig helpen. Dat bevestigt in de ogen van de Zuid-Europese landen het – dankzij Wopke Hoekstra’s botheid in het corona-dossier – bestaande beeld van Haagse arrogantie.

In dat opzicht kan men ook de nieuwe ultrarechtse Italiaanse premier Giorgia Meloni niet helemaal ongelijk geven in haar recente ruzie met de Franse president Emmanuel Macron. Want het is wel erg gemakkelijk om onder het mom van Dublin alle opvangproblemen op het bordje van Rome te schuiven, omdat Italië (met Spanje) toevallig het dichtst bij Afrika ligt.

‘Geografische pech’, waarmee die landen gewoon maar moeten zien te dealen. Zo betitelde Rutte deze scheve situatie ooit eens, in zijn zoveelste vertoon van onuitstaanbare zelfgenoegzaamheid. In Nederland is rechts bang voor stemmenverlies aan extreemrechts. Die houding van rechts heeft in Italië extreemrechts de verkiezingsoverwinning bezorgd.

Wel de lusten, niet de lasten: dat is de kern van deze mentaliteit


Tot de binnenlandse nevenschade van het getouwtrek de afgelopen weken behoort het nu geheel tot nul teruggebrachte gezag van VVD-fractieleider Sophie Hermans. Ooit geïnstalleerd als slippendrager van Rutte, heeft zij echter ditmaal als zodanig volledig gefaald. En of ook de VVD-achterban zich bij het inpakken van de VVD-fractie zal neerleggen, is maar de vraag. Binnenkort komt er al weer een partijcongres aan.

De officiële reden van de VVD-fractie om zich tegen de spreidingswet te verzetten, was dat het Rijk daarmee teveel ingrijpt in de gemeentelijke autonomie. Dat is een doorzichtige rotsmoes. Waar het om gaat, is dat een behoorlijk aantal gemeentes stelselmatig weigert om ook maar iets aan opvang voor vluchtelingen bij te dragen en die het liefste blijft doorschuiven naar de verre uithoek Ter Apel. En niet toevallig bevinden zich onder die weigergemeentes nogal wat welvarende, waarin de VVD politiek de toon zet.

De VVD is bij uitstek de partij van de strontverwende hogere middenklasse – vanaf tweemaal modaal en meer – die er jarenlang een gewoonte van heeft gemaakt om alle maatschappelijke ellende bij anderen over de heg te kieperen, zodat zijzelf nergens last van heeft en ongestoord haar luxeleventje voortzetten kan. Ideologisch wordt dit afgedekt door Ruttes axioma dat alle politieke vraagstukken feitelijk op persoonlijke aanpassingsproblemen zijn terug te voeren, en de pechhebbers zich gewoon maar harder invechten moeten.

Wel de lusten, niet de lasten: dat is de kern van deze mentaliteit. Neem het Westland. Zoals de Leidse hoogleraar Leo Lucassen recentelijk in NRC betoogde: zonder (al dan niet tijdelijke) arbeidsmigranten stort een deel van de Nederlandse economie ineen. Zie de zorg, de bouw, de landbouw. Ook de NS heeft nu ontdekt dat het gezien het tekort aan monteurs handig is om van statushouders gebruik te maken, voordat het spoor letterlijk helemaal vastloopt.

De tuinbouw in het Westland zou, gezien het schamele loon, zonder buitenlandse arbeidskrachten niet kunnen functioneren. Maar bij hun huisvesting geeft de door rechtse partijen gedomineerde gemeenteraad niet thuis. Dat achten de volksvertegenwoordigers van de profiterende werkgevers niet hún taak. Dat wordt afgeschoven naar de stad Den Haag. In het Westland verkeert men namelijk vooral graag onder elkaar.

Wel de lusten, niet de lasten. Het doet enigszins denken aan de plantages van twee eeuwen terug. Die konden zonder slavenarbeid evenmin renderen. Maar de slaven moesten natuurlijk wel, in schamele hutten ondergebracht, uit het zicht van de eigen villa blijven. Want ook de profiterende plantage-eigenaren verkeerden bij voorkeur onder elkaar.

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!

- Advertentie -