‘Natuurlijk lezen mensen Rumi’

Foto: Lotte van Elp
Journalist en antropoloog Lotte van Elp werd tijdens haar jarenlange verblijf niet alleen gegrepen door de filosoof en dichter Jalal ad-Din Rumi (1207-1273), maar ook vooral door de manier waarop hij ervaren werd door de jongeren. Ze verzamelde hun verhalen in het digitale plakboek Rumi Remedy.

Na dertien jaar in het buitenland heeft Lotte van Elp (31) zich weer in Nederland gevestigd. ‘Ja, je kunt het wel settelen noemen’, zegt ze na kort nadenken. ‘Het buitenland’ is een groot gebied in dit geval; Van Elp heeft in veel verschillende landen in het Midden-Oosten en Afrika gewoond. Daar werkte ze als journalist en ontwikkelingsmedewerker, waaronder jarenlang in Afghanistan. In december keerde ze terug naar Nederland, waar ze nu in Amsterdam werkt om jeugdgevangenen een betere toekomst te geven.

Tijdens het gesprek neemt Van Elp vaak de tijd om na te denken over haar antwoorden. Het maakt dat haar verzoenende woorden, die andermans mond toch vaak klinken als oppervlakkige clichés, voelen als een blijk van fundamentele naastenliefde. Gecombineerd met een zachte stem en regelmatige lach is het niet moeilijk om aan te nemen dat deze jongeren in goede handen zijn. Slechts één keer in het gesprek klinkt ze verbitterd – en nog wel over de opstelling van mensen in Nederland.

‘In Afghanistan mag je het niet leuk hebben, blijkbaar. Dan moet je ‘interessant’ zeggen – maar ik had het daar wel degelijk heel erg naar mijn zin, ik was heel erg blij. Ik had een soort Afghanistan-fascinatie. Alles wat ik mooi en spannend vond, gebeurde daar: ik was gefascineerd door de geschiedenis in de eerste plaats, door de militaire interventie, door de cultuur en literatuur.’ Resoluut: ‘Werkelijk álles wat ik zag, vond ik interessant. Natuurlijk beleefde ik maar een strohalm van wat er allemaal te zien en te ontdekken is’, verzucht ze vervolgens, ‘en hoe meer je weet, hoe minder je weet – maar ik heb wel een mooi inkijkje gehad.’

Vredesjournalistiek

‘Toen ik voor het eerst naar Afghanistan ging in 2010, moest ik een project managen in een ziekenhuis. Maar voor het managen stelde ik eigenlijk steeds de verkeerde vragen. Ze gingen veel meer over: wat gebeurt hier eigenlijk? Hoe zit dit nou, hoe is het voor de mensen? Toen besefte ik dat ik wat anders moest doen en ben ik vredesjournalistiek gaan doen.’

Zo begon ze met een jonge opleiding in Engeland, legt Van Elp uit. ‘Vredesjournalistiek is een nieuwere school van journalistiek. Heel veel journalisten vinden het stom, voor hen is er is maar één journalistiek: journalistiek van de feiten en objectiviteit. Vredesjournalistiek is zich echter bewust dat je altijd een impact hebt wanneer je iets schrijft – en dan kun je maar beter je best doen om de impact positief te laten zijn. Je hebt positief conflict en negatief conflict. Veel journalistiek doet verslag van een conflict als van een voetbalwedstrijd – twee destructieve teams zijn aan het strijden met veel sensatie. Natuurlijk, zonder conflict verandert er nooit iets, dus soms moet het schuren – maar het moet wel constructief conflict zijn. Vredesjournalistiek vraagt zich af: welke mensen zijn bezig het beter te maken? Welke mensen hebben een stem die nog niet gehoord is? Hoe komen we hier beter uit? De spanningsboog gaat dan niet over sensatie, maar over hoe moeilijk het is om vrede te stichten. Rumi Remedy laat ook een ander verhaal zien, dat geeft een beeld buiten dat kader van oorlog.’

Rumi Remedy

Rumi Remedy is een project van Van Elp dat ze afgelopen december lanceerde: een webpagina waarin ze verslag doet van de manieren waarop jongeren in Afghanistan en Turkije de beroemde islamitische mysticus Rumi beleven. ‘Het is een soort plakboek’, zegt ze – een collage van allerlei jongeren die verschillende verhoudingen tot Rumi onderhouden.

‘Het lukte me toch nooit echt om uit te leggen aan bekenden in Nederland waarom ik genoot van Afghanistan – je hoort natuurlijk ook alleen maar nare verhalen over Afghanistan. De gesprekken die ik had over Rumi kwamen eigenlijk het dichtste bij van mijn ervaring van Afghanistan. Via hem kan ik uitleggen dat het allemaal niet zo naar is en we meer met elkaar delen dan je denkt. Het klinkt heel cheesy en dat is het ook. Het is het idee dat we meer delen met elkaar dan je zou denken. Toen ik voor de eerste keer filmpjes van Afghanistan aan mijn vriendinnen liet zien, zeiden ze verbaasd: ‘Huh, hebben die vrouwen daar oogschaduw op?’ Dat besef van hetzelfde delen – dat is al winst, toch?

Het is geen verhaal over de oorlog – de oorlog is er, natuurlijk, maar het is niet ‘ondanks de oorlog lezen mensen Rumi’. Het is: natúúrlijk lezen mensen Rumi. Wat dacht je dan?’

Van Elps eigen band met Rumi begon toen ze weer terugkwam in Afghanistan na haar opleiding in vredesjournalistiek. ‘In het begin vond ik het best wel moeilijk om contact te maken met mensen – hoewel ik niet in een gepantserde VN-auto rondreed zoals veel expats, bleek het toch moeilijk om échte, diepgaande gesprekken te hebben met de mensen. Wat delen we met elkaar, waar gaan we het over hebben? Door Rumi ging dat beter. Voor hen was het ook een bewijs dat ik oprecht geïnteresseerd was. Anderen komen misschien ook naar Afghanistan om andere redenen – veel geld verdienen of vluchten voor een leven elders – dus voor de Afghanen was Rumi een bewijs dat hun land me echt wat kon schelen.’

Tegelijkertijd stuit het woord ‘pragmatisch’ haar tegen de borst. ‘Toen ik Rumi ontdekte, dacht ik niet: vet handig, hier kan ik vrienden mee maken. Rumi is langzaam gegroeid – het begon als iets waar ik geïnteresseerd in was en langzaam groeide het in iets groters en belangrijkers.’

Foto: Lotte van Elp

Balkh

‘Ik woonde ook in de stad waar Rumi geboren is, Balkh, dus er is geen ontsnappen aan. Hij is er echt deel van het dagelijks leven, van gesprekken, spreekwoorden en grapjes. In Balkh voel je de hele epische geschiedenis. De gebouwen zijn er nog steeds, meteen al wanneer je de stad binnenkomt ga je door een grote stadsmuur en rijd je langs het graf van de belangrijke soefi Rabia Balkhi. Je hebt natuurlijk Rumi’s huis – het is slecht onderhouden, maar het ís er nog wel. In de mensen leeft nog enorme trots. Het idee wat Balkh ooit was, is nog steeds onderdeel van wat het nu is voor de mensen daar. Dat komt ook doordat het heel lang een van de veiligste plekken was in Afghanistan.

De gouverneur was heel beroemd en sluw. Hij was een krijgsheer en doet een heleboel dingen die wij niet zo oké zouden vinden in het Westen, maar de provincie is wel heel erg lang een safe haven gebleven. In Afghanistan denk je steeds dat het niet slechter kan worden, maar gaat het toch steeds slechter. Ik weet nog toen verhalen over IS opdoken – de Taliban was al heel erg, maar het kon dus nóg erger. Balkh gaat mee in de trend, al is het nog steeds een van de betere plekken.’

Zandbak

Op de vraag welke indruk Afghanistan op haar heeft achtergelaten, noemt Van Elp het woord ‘hoogspanning’. ‘Het is een plek waar je absoluut het beste in mensen kunt vinden. De meest dappere, moedige en liefdevolle kant. Maar je ziet ook de meest… ‘ – ze denkt even na – ‘aangedane kant van mensen. Niet slecht, dat bedoel ik niet. Wat het doet met mensen als je onder hoogspanning staat, dát vergeet ik niet zo snel. Je voelt daar heel erg dat de mooie kant uiteindelijk zal overwinnen, maar ook de verdrietige kant – wat er gebeurt als je niet de luxe hebt om na te denken over dingen waar je over na wil denken. Natuurlijk, als je daar als cynicus heen gaat, zul je alleen maar denken: ‘Wat een rotland, wat een puinzooi. Wat een zandbak’, zoals veel expats zeggen. Maar als je beter je best doet, een beetje rond gaat kijken en met mensen gaat praten, dan kun je niet om de mooie kant heen.’

Passer-by

‘Ook vriendschappen heb ik er absoluut opgebouwd. Toch zijn de vriendschappen daar ook oppervlakkiger, omdat tijd je altijd op de hielen zit. Niet oppervlakkig in het moment zelf, maar uiteindelijk ga je altijd weer weg. Ik zal daar niet mijn leven opbouwen, altijd met hen hun verjaardag vieren, belangrijke momenten delen. Uiteindelijk ben ik een passer-by, een voorbijganger. Niet iets wat zich kan ontwikkelen over tijd. Het drukte ook op me, elke keer als ik weer in het vliegtuig zat, dat ik bevoorrecht was en ik zelf kon beslissen wanneer ik kwam en ging. Heel veel mensen kunnen daar niet weg. Die kunnen geen visum krijgen, hun paspoort betekent niks. Ik heb heel vaak naar mijn paspoort gekeken en gedacht: wat een voorrecht, wat een treurig contrast.’

‘Er zijn veel universele waarheden tussen ons – we worden allemaal verliefd, kunnen allemaal genieten van mooie muziek – maar je kunt niet ontkennen dat onze levens niet hetzelfde zijn. Die willekeur, dat is pijnlijk.’ Hoe ga je daarmee om? Nadenkend staart ze uit het raam en frutselt aan een haarelastiekje. ‘Dat weet ik eigenlijk niet, hoe je daarmee omgaat. Niet door het te negeren, in elk geval. Niet door te doen alsof je hetzelfde bent.’

Is het wel gelukt om die grote kloof te overbruggen? ‘Ik heb het gevoel dat ik écht contact heb kunnen leggen. Verhalen van Rumi Remedy heb ik daardoor kunnen verzamelen – dat is ook een testament aan de intimiteit van zulke verhalen. Is dat een teken dat de kloof overbrugd is? Ik weet het niet.’

De Masnavi

Rumi toont niet alleen gelijkenissen, maar legt ook verschillen bloot. ‘Een tijdje verzamelde ik citaten van Rumi die ik op de Nederlandse Facebook tegenkwam – een heel bekende is bijvoorbeeld ‘What you seek, is seeking you.’ In Nederland dacht men: ‘Ik moet me geen zorgen maken over de juiste baan en man, want wat ik zoek, zoekt mij.’ Toen ik dat aan Afghaanse mensen vertelden, lagen ze in een scheur. Niet op een afkeurende manier – dat heb ik alleen soefi’s die ik hier ken zien doen. Ze maken je niet belachelijk. Als iemand in Nederland dat erin wil zien, is dat hilarisch, maar iedereen moet erin zien wat ze zelf willen en dat is mooi.’

‘Maar in ‘What you seek, is seeking you‘ zien jongeren in Afghanistan een oproep om verantwoordelijkheid te nemen, een thema dat zij heel interessant vinden. Soefi’s geloven dat je Rumi op allerlei verschillende niveaus kan lezen – ook als grapje of voor het slapengaan. Maar je kunt ook nog al die andere lagen doorgaan – er zijn mensen afgestudeerd op de eerste twee regels van Rumi’s meesterwerk, de Masnavi. Rumi’s remedie houdt in dat de woorden van Rumi een houvast kunnen zijn in de alledaagse wereld. Voor de ouderen is Rumi vooral een religieuze tekst, maar voor de jongeren gaat het over alledag. Over verliefd zijn en je eenzaam voelen – de aardse liefde en onzekerheden.’

Uniek

‘Rumi is uniek op verschillende manieren. Het is een extreem vrijzinnige tekst, gaat over lust en vrouwen, vrijheid. Maar in Afghanistan wordt het ook door conservatieven en je ouders gelezen. Amerikaanse boeken worden door sommige mensen met argwaan bekeken, maar Rumi is van hun: het is hun taal, hij is geboren in hun stad. Er is niets anders wat zo inspeelt op de situatie van jongeren in Afghanistan.’

‘Waarom Rumi ook in het Westen zo geliefd is, waar hij geen deel is van de traditie, weet ik niet precies. Hij is daar ook gestript van zijn religieuze context. Als er een zoekende generatie is in Europa en Amerika – alles kan, maar waar ga ik naartoe? – dan is Rumi iemand die je rustig kan maken. Heel veel van zijn stukken gaan over vertrouwen op jezelf. Als self-love het verhaal is van onze generatie, past Rumi daar heel goed bij.’

‘De magie van Rumi schuilt in het feit dat het verhaaltjes zijn, opgeschreven voor Jan en alleman. Ik denk dat bijvoorbeeld Boeddha en de Bijbel wat meer interpretatie of geloofsovertuiging vergen om je daarin thuis te voelen. Maar iedereen kan Rumi lezen en roepen ‘dat gaat over mijn leven!’’

Rumi als een machtswellusteling

Het derde hoofdstuk van Rumi Remedy gaat over Turkse jongeren die zich afkeren van Rumi. Ze ontmoeten professor Bayram, die de donkere kanten van Rumi benadrukt. ‘De bottom line van Bayram: Rumi was een machtswellustig persoon die geweld gebruikte voor zijn eigen gewin. ‘Maar maak je geen illusies’, meent Bayram, ‘zo ging dat nu eenmaal in de dertiende eeuw.’’

Van Elp: ‘Ik heb niet het idee dat ze bewust de donkere kant van Rumi opzoeken, maar wel naar een manier om de huidige gebeurtenissen in Turkije te begrijpen. Niet Rumi, maar de manier waarop Rumi nu wordt gebruikt, hoort volgens hen bij dat verhaal. Ze kennen Rumi vooral als extreem toeristisch en dus leeg en oppervlakkig – of als een politiek instrument. Die jongeren wijzen ook op hoe wíj het beeld van Rumi hebben geschapen dat we zelf willen – een geweldloze, liefhebbende man. Maar in zijn leven deed hij dingen waarvan we nu zouden zeggen dat het niet liefdevol is. Professor Bayram zegt niet dat dat persé erg is. Nogal wiedes, want dat was acht eeuwen geleden.’

Ook Van Elp ziet daarin niet een reden om Rumi minder te loven. ‘Misschien is het ontnuchterend, of zoiets. Het doet helemaal geen afbreuk aan hem. Ik denk dat dat het grapje van Rumi is: je hebt de ene versie van het verhaal en de andere – en nu is het aan jou.’ Het vierde hoofdstuk gaat voor mij hand in hand ermee; in het derde gaat het over jongeren die gedesillusioneerd raken. In de vierde over jongeren die dat ook raken, maar dan niet verbitterd achterblijven – ze vinden het helemaal niet prettig, maar gaan er vervolgens hun eigen Rumi van maken.’

Ook voor Van Elp is het hoofdstuk-Rumi niet afgelopen. Na publicatie van Rumi Remedy hoopt ze dat de filosoof nog even in haar leven blijft. ‘Het levert altijd mooie gesprekken op.’ Ook met de vredesverhalen gaat ze door: in haar nieuwe werk helpt Van Elp benadeelde jongeren in detentie om hun eigen verhaal te vinden en hun dossier te verrijken, los van hun delicten. ‘Ik ben nu bezig met filosofielessen en ben op zoek naar denkers. Er zijn daar veel jongeren die bezig zijn met de Koran en het zou heel mooi zijn om met hen over Rumi te praten – want Rumi is uiteindelijk een uitleg van de Koran.

DELEN
Loïc Michels
Journalist gespecialiseerd in Europa en 'nieuwe' Nederlanders.