Mensenrechtenorganisaties waarschuwen voor de toegenomen inzet van de doodstraf om afwijkende meningen te onderdrukken en angst te zaaien in Iran, schrijven verschillende media.
De 23-jarige Najmeh Amini werd vorige week ter dood veroordeeld voor het beledigen van de profeet Mohammed in een post op sociale media. Hoewel nog in beroep kan worden gegaan tegen de veroordeling, is het feit dat zij de doodstraf krijgt voor het uiten van haar mening op sociale media ‘alarmerend’, stelt de in Oslo gevestigde organisatie Iran Human Rights.
Artikel 262 van het Iraanse wetboek van strafrecht legt de doodstraf op voor het beledigen van de profeet of sjiitische leiders. Artikel 263 maakt echter een uitzondering voor uitingen die onder invloed of zonder opzet zijn gedaan. Hoewel Amini een poging deed om zich hierop te beroepen, wees de rechter dit beroep af.
Amini werd in januari gearresteerd tijdens demonstraties die door de autoriteiten met geweld de kop in werden gedrukt. Tijdens die demonstraties werden volgens het Britse medium LBC meer dan vijftigduizend mensen gearresteerd en kwamen duizend om.
In februari werd Amini opnieuw gearresteerd nadat zij online in de gaten was gehouden door de politie. Vorige maand riep zij vanuit de gevangenis mensenrechtenorganisaties, de Verenigde Naties en advocaten op om haar te helpen, schrijft The Guardian.
Volgens Iran Human Rights vormt het ter dood veroordelen van een jonge vrouw om haar uitingen op sociale media een risico dat het inzetten van de doodstraf wordt genormaliseerd. De organisatie roept de internationale gemeenschap op om in te grijpen.
Het aantal executies in Iran is de afgelopen jaren sterk gestegen, schrijft The Guardian. Volgens Iran Human Rights hebben de Iraanse autoriteiten dit jaar al meer dan zeshonderd executies uitgevoerd.


