NiNsee-voorzitter kiest bewust voor Afrikaanse term ‘maafa’

Lees meer

Niet alleen het voor ons bekende woord trans-Atlantische slavernijverleden, maar ook de Afrikaanse term maafa beschrijft volgens Dave Ensberg goed wat er tijdens de slavernij en het kolonialisme is gebeurd.

De voorzitter van het NiNsee koos er daarom bewust voor om deze term te gebruiken tijdens zijn Keti Koti-lezing in Breda. ‘Ik gebruik bewust een Afrikaanse term, omdat die recht doet aan de omvang van het onbeschrijfelijke leed van onze Afrikaanse voorouders’, aldus Ensberg in een LinkedIn-post.

Maafa is Swahili voor ‘grote tragedie’ of ‘ramp’. Volgens het NiNsee verwijst de term naar de verschrikkingen van de eeuwenlange systematische onderdrukking, uitbuiting en genocide van Afrikaanse volkeren tijdens de slavernij en het kolonialisme, én naar de doorwerking van die perioden tot op de dag van vandaag. De denker Marimba Ani introduceerde de term in 1988 in haar zoektocht naar een Afrikaans idioom voor de trans-Atlantische slavernij.

Waarom Ensberg voor een Oost-Afrikaanse term kiest om het slavernijverleden te beschrijven, wilde een gebruiker op sociale media weten. Een terechte vraag, vindt Ensberg. Het waren immers vooral West-Afrikaanse gebieden van waaruit mensen naar Zuid-Amerika werden vervoerd om daar tot slaaf te worden gemaakt.

Volgens de NiNsee-voorzitter is maafa echter geen geografische term. ‘Het was een Pan-Afrikaanse keuze. Swahili is een Afrikaanse taal die in de twintigste eeuw juist een belangrijke verbindende rol heeft gekregen binnen het Pan-Afrikanisme. Door een Afrikaans begrip te kiezen in plaats van een Europees begrip, plaatste zij deze geschiedenis nadrukkelijk binnen een Afrikaans referentiekader.’

- Advertentie -