20.2 C
Amsterdam

Subsidie overheid voor noodlijdend Indisch festival was onrechtmatig

Lees meer

Ondanks waarschuwingen bleef het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) een noodlijdend Indisch festival in Den Haag financieel ondersteunen. Subsidies verdwenen daardoor in een bodemloze put, bericht het AD.

In 2023 vond voor de laatste keer de Tong Tong Fair plaats, een Indisch festival dat 63 keer in Den Haag werd georganiseerd. De organisatie ging dit jaar officieel failliet, toen Pasar Malam Besar BV de vooruitbetaling van 85.000 euro niet kon realiseren.

Uit de jaarrekeningen blijkt echter dat de Tong Tong Fair al jaren forse verliezen leed en torenhoge schulden had, met leveranciers en de Belastingdienst als de belangrijkste schuldeisers.

Het ging sinds 2014 bergafwaarts met de fair. In dat jaar trok het festival nog bijna 100.000 bezoekers, de laatste keer waren het er 55.000, bijna een halvering. In 2020 en 2021 was er bovendien geen Tong Tong Fair, vanwege de coronapandemie. Nu blijkt dat er in de tussentijd tonnen aan subsidies werden geschonken, subsidies die er in sommige gevallen niet mochten zijn.

Subsidies
De Tong Tong Fair werd allereerst rijkelijk gesubsidieerd door de gemeente Den Haag. Die stak de afgelopen vijftien jaar ruim 1,5 miljoen euro in het Indisch festival. Maar ook het ministerie van VWS subsidieerde het festival met 800.000 euro in 2020, ontdekte het AD.

Directeur Siem Boon van het festival klopte bij het ministerie aan, omdat het voortbestaan van het festival ‘ernstig en acuut bedreigd’ werd. Toenmalig staatssecretaris Paul Blokhuis besloot de fair een eenmalige subsidie te schenken, omdat de Tong Tong Fair ‘een belangrijk onderdeel van Indisch erfgoed met een landelijke functie’ was. Dit geld kwam uit een potje dat bestemd was ‘voor de collectieve erkenning van de Indische en Molukse gemeenschap’.

Aan de Tweede Kamer vertelde Blokhuis echter niet hoe hoog de subsidie was. Ook wist de Kamer niet dat er achter de schermen een constructie was bedacht voor de subsidie, die het festival eigenlijk niet mocht ontvangen volgens de Algemene Groepsvrijstellingsverordening (AGVV). Juristen waarschuwden hiervoor, maar deze waarschuwing werd genegeerd. Ook tekende Pasar Malam Besar BV een verklaring waarin de organisatie beweerde de afgelopen drie jaar geen overheidssteun te hebben gekregen. Dat was een leugen, want het Indisch festival werd rijkelijk gesubsidieerd door de gemeente Den Haag.

Volgens het AD probeerde het ministerie de subsidies aan de fair geheim te houden. Andere Indische organisaties mochten er vooral geen lucht van krijgen. Belangenorganisatie Indisch Platform 2.0, dat strijdt voor rechtsherstel van militairen en ambtenaren uit voormalig Nederlands-Indië die geen salarissen kregen, is boos dat er wel geld was voor een noodlijdend festival, maar dat de oorlogsweduwen en nabestaanden in de kou bleven staan. De terugbetalingskwestie is volgens Stein niet opgelost. Ze noemt de handelwijze van de overheid ‘zeer kwalijk’.

Het ministerie ziet dit echter anders. De eenmalige subsidie voor de Tong Tong Fair staat helemaal los van andere subsidies. ‘Die extra middelen waren bedoeld voor collectieve doeleinden en niet voor de inmiddels afgeronde backpay-regeling’, zegt een woordvoerder van VWS. ‘De steun was bedoeld als overbrugging om in een veranderende situatie een aangepaste Tong Tong Fair neer te zetten. Helaas heeft dit niet tot het gewenste resultaat geleid.’ Het subsidiebedrag zou bovendien te klein zijn om mee te nemen in het jaarverslag van VWS en het is niet gebruikelijk om de Kamer hierover te informeren, aldus de woordvoerder.
De gemeente Den Haag ten slotte wil niet inhoudelijk reageren op vragen van het AD. ‘De afgelopen maanden is er veel contact geweest met de organisatie over de financiële positie. We kunnen daar verder niet op ingaan.’
- Advertentie -