15.1 C
Amsterdam

Wageningen University houdt met drogredenen academische boycot af

Joost Jongerden
Joost Jongerden
Universitair hoofdocent aan de vakgroep Rurale Sociologie, Wageningen Universiteit.

Lees meer

In Wageningen hebben pro-Palestijnse studenten een protestkamp opgezet. De universiteit reageert met gemeenplaatsen en drogredenen, schrijft Joost Jongerden.

Op 15 mei hebben studenten van Wageningen University hun tenten opgezet op de campus om hun eis te onderstrepen voor het verbreken van de banden met onderwijs- en onderzoeksinstellingen in Israël. Het college van bestuur heeft hierop gereageerd met de gemeenplaats van ‘dialoog’ en ‘veilige ruimte’. Onder verwijzing naar academische vrijheid zegt de universiteit een veilige omgeving te willen creëren waar deze tegengestelde opvattingen samen kunnen komen.

Deze reactie van de universiteit is gebaseerd op drie drogredenen.

De eerste drogreden is dat de aard van de academische boycot gaat over het beëindigen van gesprekken. Dat is niet zo. Integendeel, degenen die actief zijn in de campagne voor een boycot van academische instellingen in Israël openen juist ruimte voor discussie en debat — met name over de machtsstructuren die leiden tot het geweld, de onteigening en de verdrijving die we vandaag de dag zien. Dit is een dialoog die zich niet beperkt tot de grenzen van de kolonisator-gekoloniseerde relatie, de beide kanten, maar deze juist ter discussie stelt ten behoeve van een hoger doel: sociale rechtvaardigheid.

De tweede drogreden is dat een dialoog en boycot elkaar uitsluiten. Dat doen ze niet. Het faciliteren van verkenningen van de achtergronden en oorzaken van het geweld, de onteigening en verdrijving die we vandaag de dag zien, kan en moet hand in hand gaan met het nemen van de institutionele verantwoordelijkheid. Dit betekent de organisatorische banden te verbreken met instellingen die betrokken zijn bij illegale bezetting en, binnen de muren van hun instituut, apartheid.

De derde drogreden is het idee dat academische vrijheid een soort vrije keuze is om te doen wat je maar wilt. Dat is het niet. Academische vrijheid is de vrijheid van wetenschappers en studenten om kennis na te streven en kritisch te zijn op dominante perspectieven, zonder inmenging van autoriteiten. Dit is niet het geval in Israël.

´Academische vrijheid is de vrijheid  om kennis na te streven en kritisch te zijn op dominante perspectieven´

In haar boek, Towers of Ivory and Steel, toont de Joods-Israëlische auteur Maya Wind overtuigend aan hoe academische instellingen kritiek op de dominante ideologie onderdrukken. Ze laat ook zien hoe kennisinstellingen zijn veranderd in voertuigen van bezetting. Daarbij is de Hebrew University van Jeruzalem een duidelijk voorbeeld. Delen van de campus zijn gebouwd op illegaal bezet land, wat de universiteit verandert in een buitenpost voor de onteigening en verdrijving van Palestijnen.

Het Wageningse college van bestuur blijft relaties onderhouden met Israëlische instellingen in het algemeen, en de Hebrew University van Jeruzalem in het bijzonder, met een beroep op de ‘dialoog’. Daarmee creëert het bestuur een tegenstelling tussen boycot en dialoog die niet bestaat. Het continueren van de relatie dient de academische vrijheid niet, maar draagt het bij aan de schending ervan.

Het argument rond het creëren van een ‘veilige ruimte’ voor iedereen is even problematisch. Natuurlijk, we hebben een ruimte nodig voor kritiek, een veilige ruimte waar mensen zichzelf kunnen uiten, een ruimte waar we veilig uit onze comfortzones kunnen worden gehaald. Maar dat kan ook een ruimte zijn die ideeën uitsluit, ideeën waarin het bestaan van de andere als existentiële bedreiging wordt gedefinieerd. De ruimte wordt veilig, door deze ideeën geen ruimte te geven. Die kijk op de ander als existentiële bedreiging is namelijk een basis waarop ontmenselijking gedijt – de resultaten daarvan zien we vandaag in Palestina.

Edward Said, in een interview met de Israëlische krant Haaretz in 2000, trachtte op gepassioneerde wijze voorbij te gaan aan deze uitsluitende identiteitspolitiek door zichzelf te definiëren als een ‘ware volgeling van Adorno’ en een ‘Joodse Palestijn’. ‘Ik kan geen houding accepteren van jij zult sterven opdat wij kunnen opstaan,’ zei hij.

Het studentenkamp in Wageningen, dat nu zijn derde week ingaat, staat daar in de geest van Edward Said. De protesterende studenten roepen het college van bestuur op om de banden met Israëlische instituten te verbreken om daarmee het leven te omarmen. Niet voor enkelen, maar voor iedereen.

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!
- Advertentie -