Van GroenLinks tot de VVD: dit zeggen hun programma’s over vluchtelingen

José Boon
José Boon
Journalist.

Lees meer

De coronacrisis ligt als een deken over de wereld, terwijl de vluchtelingencrisis voortduurt. Hoewel migratie van alle tijden is, ligt er geen overzichtelijk antwoord klaar op de beweging van mensen die nu naar veiligheid zoeken. Politieke partijen schipperen tussen het VN-Vluchtelingenverdrag, quota en begrippen als ‘grip’ en ‘draagvlak’. De Kanttekening dook in de verkiezingsprogramma’s van vijf potentiële regeringspartijen met de vraag: welke oplossingen geeft de partij voor de huidige vluchtelingencrisis?


VVD: Opvang in Nederland is geen recht maar een gunst

De VVD is een fervent pleitbezorger van opvang in de regio, bij voorkeur als deze opvang op een ander continent is. Het verkiezingsprogramma uit 2017 zegt asielaanvragen in Europa daarmee zelfs overbodig te maken. Twee vliegen in één klap, want zo voorkomt opvang in de regio dat mensen dagelijks verdrinken op de Middellandse Zee, aldus de VVD.

Die theorie kwam de afgelopen jaren niet uit. Een foto van een uitpuilende rubberboot vol vluchtelingen in het VVD-programma van 2021 herinnert de lezer eraan dat vluchtelingen het risico nog steeds nemen. Maar de zoektocht van de liberalen naar oplossingen is verschoven van de veiligheid van de bootvluchteling naar de grensbewaking van Nederland.

De afkeurende toon van de VVD jegens vluchtelingen is een constante. In 2017 klonk de kritiek in het verkiezingsprogramma: ‘Grote groepen migranten die hier tegelijkertijd komen, integreren over het algemeen niet. Zij zonderen zich juist af van onze maatschappij. (…) Zitten er tussen al die mensen (…) mogelijk terroristen die hier aanslagen gaan plegen? Hoelang duurt het nog voordat de intolerantie en haat uit het Midden-Oosten zich ook in onze samenleving nestelt?’

Vier jaar later stelt de partij: ‘Geboden opvang in Nederland is geen recht maar een gunst. In ruil daarvoor verwachten we dat nieuwkomers meedoen aan een vrije samenleving. Anders ben je beter af op een ander continent.’

In Europa wil de VVD een mini-Schengenzone met strikte grenscontroles, voor het geval dat de ‘migratiedeals’ of opvangcentra aan de Europese buitengrenzen te wensen overlaten. Als deze afzonderlijke grenscontroles onmogelijk blijken, wil de partij de mogelijkheid hebben om Nederlandse grenzen te sluiten voor migranten en hun recht op asielaanvragen op te schorten.

Hoe verhoudt dat zich tot het VN-Vluchtelingenverdrag? In 1956 sloot Nederland zich hierbij aan, een verdrag dat deelnemende landen verbiedt om vluchtelingen terug te sturen naar een land waar ze gevaar lopen. In de Europese Unie gaan deelstaten hier verschillend mee om: die ruimte nemen landen momenteel.

Mocht het idee van de mini-Schengenzone toch botsen met het VN-verdrag, dan wil de VVD het internationale verdrag aanpassen. Het doel? De verplichte opvang van mensen in nood begrenzen tot het continent waar de vluchteling vandaan komt. Nederlands geld kan besteed worden aan regionale opvang met speciale voorzieningen voor de allerkwetsbaarsten zoals minderjarigen. De VVD zegt hen te willen helpen ‘zoals Nederland dit nu ook met vluchtelingenkinderen in Griekenland doet’.

Betekent dit verkiezingsprogramma dat de VVD een manier zoekt om nul vluchtelingen op te hoeven nemen in Nederland, zoals ze ook in het programma uit 2017 noemden? De partij draait het om en wil zelf mensen uitnodigen uit de regionale opvangkampen. Mensen die wij zelf ‘willen’, ‘bijvoorbeeld op basis van taal- en opleidingsniveau en affiniteit met een vrije samenleving.’

CDA: Draagvlak en spankracht in Nederland eerst

De christendemocraten willen de migratiestromen naar Nederland afstemmen op draagvlak en ‘spankracht’ in onze samenleving. Net als de VVD zoekt het CDA naar ‘grip’ op migratie, in plaats van migratie te beschouwen als een fenomeen dat ons ‘overkomt’. De partij kijkt net als de VVD kritisch naar internationale afspraken zoals het VN-vluchtelingenverdrag om hedendaagse migratiestromen in te dammen.

Dat draagvlak prevaleert boven andere waarden, blijkt uit de omgang met vluchtelingenkinderen in nood, een groep die volgens de CDA-verkiezingsprogramma’s – in 2017 en in 2021 weer – altijd hulp en bescherming verdient. De Moria-deal ligt nog vers in het geheugen. Ook de laatste Kamermotie uit februari om meer kinderen uit de kampen te halen verwierp het CDA unaniem met een hoofdelijke stemming.

Syrische vluchtelingenkinderen krijgen les in een tent van UNICEF, in het noorden van Libanon (Beeld: Wikimedia Commons / Russel Watkins)

In het programma van 2017 licht de partij nog toe: ‘Veel mensen in ons land schipperden tussen de behoefte aan barmhartigheid aan de ene kant en begrijpelijke zorgen over de aantallen, de opvang en integratie aan de andere kant.’

Was er een gebrek aan draagkracht dan wel aan spankracht in de Nederlandse maatschappij? Volgens een onderzoek uit januari van het Kieskompas is 44 procent van de Nederlanders het er (helemaal) mee eens dat Nederland meer asielzoekers moet overnemen als Griekenland daar om vraagt. 39 procent is het (helemaal) oneens. 17 procent is neutraal.

Om soortgelijke dilemma’s te voorkomen heeft het CDA een aantal plannen voor de toekomst opgesteld. Het hier en nu – zoals de toestand in Griekse vluchtelingenkampen – blijft buiten beschouwing. In plaats daarvan wil de partij een internationaal verdrag dat herkomstlanden verplicht om vluchtelingen terug te nemen wanneer het asielrecht hier vervalt. In 2017 keek het CDA ook al over grenzen heen voor oplossingen en stond er in het programma dat het VN-Vluchtelingenverdrag niet geschreven is op de hedendaagse vluchtelingenstromen.

Voor Nederland ziet het CDA een rol weggelegd om een nieuw Europees vluchtelingenbeleid neer te zetten. Daarbij wil de partij strenge Europese buitengrenzen met humane opvangmogelijkheden. In plaats van uitzichtloze kampen in de regio pleit het CDA voor ‘asielsteden’ met goed onderwijs en economische activiteiten.


Ten slotte pleit het programma uit 2021 voor financiële beloningen en straffen voor EU-lidstaten die wel of niet meewerken aan een Europees vluchtelingenbeleid.

PvdA: Haal migratie uit de taboesfeer

Net als vier jaar geleden draagt PvdA solidariteit uit met de internationale vluchtelingencrisis. Humane opvang weegt zelfs zwaarder dan de banden met Europese landen die geen opvang willen bieden. De afgelopen jaren leerden dat afspraken binnen de EU geen garantie bieden voor een goed werkend opvangsysteem. Daarom gaat de PvdA in het huidige verkiezingsprogramma een stapje verder.

In 2017 klonk het verkiezingsprogramma nog gematigd: ‘Het vluchtelingenvraagstuk is een Europees vraagstuk dat een gezamenlijke Europese oplossing vereist.’ Landen die niet zouden meewerken zouden minder subsidie ontvangen uit de EU-gelden. Hier doet de PvdA inmiddels een schepje bovenop: inwoners van de landen die afspraken verzaken omtrent vluchtelingenopvang, verliezen het recht om door het Schengen-gebied te reizen. Bovenop de gekorte subsidies. Solidair? Alleen binnen een aparte Europese coalitie van landen die wél openstaan om vluchtelingen op te vangen.

Maar de PvdA kijkt niet alleen over eigen grenzen heen. In Nederland wil de partij ruimhartig bescherming bieden aan ‘vluchtelingen die om humanitaire of politieke redenen hun land moesten verlaten’. Concreet betekent dit dat vijfhonderd vluchtelingen uit Griekenland welkom zijn in Nederland. Verder wil de PvdA een grotere groep kwetsbare vluchtelingen opnemen zoals vrouwen, kinderen en LHBTI’ers, door meer geld bij te dragen aan de UNCHR. Deze VN-vluchtelingenorganisatie komt geld tekort om handen en voeten te geven aan voldoende vluchtelingenopvang, stelt Amnesty International. 

Het verkiezingsprogramma uit 2021 is praktischer van toon dan het stuk uit 2017, toen de nadruk lag op oorzaken van vluchten zoals oorlog, honger en extreme ongelijkheid. Inmiddels is de boodschap dat migratie erbij hoort als een fenomeen van alle tijden. ‘Haal migratie uit de taboesfeer’, luidt de partij. We kunnen er toch niet omheen. Zeker niet wanneer we het VN-Vluchtelingenverdrag respecteren, een afspraak die ‘recht overeind staat’, aldus de PvdA anno nu.

Opvallend ten opzichte van de andere partijen is dat de PvdA geen koehandel wil tussen Nederland en herkomstlanden. Handelsafspraken, subsidieregelingen en ontwikkelingshulp mogen geen reden zijn om vluchtelingen te beschermen of terug te sturen, maar moeten op zichzelf staande hulpstromen zijn. De markt mag hierin geen rol spelen, humaniteit wel.

D66: Van 500 naar 5000 vluchtelingen per jaar

D66 verschuift van de vraag waarom we vluchtelingen moeten opnemen, naar de vraag hoe Nederland dat gaat doen. Het verkiezingsprogramma heeft zich in de afgelopen vier jaar ontwikkeld van een morele wijsvinger naar knip en klare oplossingen.

Voordat D66 in 2017 van wal stak over mogelijkheden voor vluchtelingenopvang, besteedde het eerst aandacht aan het vluchtelingendebat. De toon was ‘heftig, soms te heftig’. In één A4 oreerde de partij dat onze samenleving meer nieuwkomers aan kan dan sommigen denken. Bovendien zouden wij dezelfde migratiebewegingen maken als zij, als wij in een land leefden met uitzichtloze armoede, voedselgebrek of corrupte overheden. D66 sprak van een ‘dure medemenselijke plicht’ om de deur open te houden voor deze mensen en pleitte voor een verhoging van het UNHCR-quotum, de norm van 500 vluchtelingen die Nederland per jaar opneemt.

Vier jaar later spreekt D66 zich preciezer uit in haar wensen. In plaats van 500 wil D66 het quotum ophogen naar 5000 per jaar, tien keer zoveel dus. Daarmee geeft de partij concreet invulling aan de breed gedragen wens op links om het VN-Vluchtelingenverdrag na te leven. Dit is de D66-manier om grip te krijgen op vluchtelingen. Door zelf vluchtelingen door te laten stromen met behulp van de UNHCR wil de partij illegale vluchtroutes voorkomen en veilige migratie ondersteunen.

Een andere manier om mensen op te vangen is volgens D66 ‘private hervestiging’. Daarbij organiseren en betalen particulieren en organisaties de integratie van vluchtelingen. D66 wil dit door middel van pilots verder onderzoeken.

Op korte termijn wil de partij de situatie op de Griekse eilanden verlichten door kwetsbare asielzoekers uit Griekse kampen op te nemen en hen in Nederland de asielprocedure te laten doorlopen. We moeten ons als Nederland inzetten voor ‘nieuwe relocatieafspraken op Europees niveau’.

Tot slot uit ook D66 zich kritischer op Europese samenwerking dan een regeringsperiode terug. Sprak de partij vier jaar geleden nog van financiële beloningen voor Europese landen die méér mensen opnemen dan afgesproken, inmiddels noemt het verkiezingsprogramma dat Europese vervolgafspraken ook mogelijk zijn zonder Hongarije, Polen, Slowakije en Tsjechië. Wederom een praktische houding ten opzichte van het Europese gemodder van de afgelopen jaren.

GroenLinks: Griekse kampen zijn een schandvlek

Wie de vluchtelingencrisis als volgt omschrijft – ‘Vanuit verschrikkelijke omstandigheden hebben ze [mensen op de vlucht, red.] geen andere keuze dan huis, familie, vrienden, carrière en dromen achter te laten en op een andere plek bescherming te zoeken’ – kan niet anders dan zelf de handschoen op te pakken. GroenLinks wil dan ook een voortrekkersrol in de vluchtelingenopvang.

Het quotum van 500 vluchtelingen per jaar moet omhoog, al hangt de partij er geen nieuw getal aan zoals D66. Andere maatregelen leunen meer op de procedures: Er moet één minister komen die verantwoordelijk wordt voor ‘alles wat samenhangt met migratie’, die bij wijze van uitzondering verblijfsvergunningen mag verlenen aan schrijnende gevallen.

Verder wil GroenLinks investeren in de IND zodat asielzoekers binnen zes maanden uitsluitsel krijgen. Kinderen krijgen voorrang en er komt meer aandacht voor kwetsbare groepen die asiel aanvragen. Voor LHBTI’ers geldt dat hun ‘zelfidentificatie’ voortaan leidend moet zijn in hun beoordeling, in plaats van de IND die iemand beoordeelt op sekse en geaardheid. Duidelijk is dat Nederland zijn luisterend oor moet inzetten naar vluchtelingen toe, in plaats van vice versa.

Over de Griekse opvangkampen is GroenLinks helder: het is een ‘schandvlek’ die zo snel mogelijk moet verdwijnen door zelf mensen op te vangen. GroenLinks stelt zich autonoom op en wil zich niet verschuilen achter Europese landen die verzaken, maar zoekt welwillende landen op om een eerlijke verdeling mee op poten te zetten. De partij wil dat Nederland een voortrekkersrol op zich neemt, waarbij het programma ook vermeldt dat we nieuwe Griekse toestanden moeten voorkomen.

De vraag ‘Hoe dan?’ blijft staan, maar al met al is het beknopte verkiezingsstuk concreter dan in 2017. Eén boodschap blijft constant overeind: ‘We sturen niemand terug naar een land waar het niet veilig is.’ Daarmee zijn we eigenlijk weer terug in 1951, toen de Verenigde Naties exact deze afspraak opstelden in het VN-Vluchtelingenverdrag.

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!

- Advertentie -