7.3 C
Amsterdam

Waarom is de hoofddoek bij ambtenaren een discussiepunt?

Ewout Klei
Ewout Klei
Journalist gespecialiseerd in politiek en geschiedenis.

Lees meer

In navolging van Arnhem, Den Haag, Tilburg en Utrecht staat de gemeente Amsterdam nu  toe dat boa’s een hoofddoek dragen. Het onderwerp is een heet hangijzer dat raakt aan discussies over secularisme, neutraliteit en islamofobie.  

Met het besluit om de hoofddoek bij buitengewone opsporingsambtenaren (boa’s) toe te staan geeft het Amsterdamse College van B&W – na tweeënhalf jaar – uitvoering van een motie van Denk, die door de gemeenteraad van Amsterdam werd gesteund. 

Sheher Khan, de fractievoorzitter van Denk in Amsterdam, zei tegen de Kanttekening dat hij hoopte dat de politie in de toekomst ook religieuze symbolen toestaat. Een besluit waar de gemeente niet over gaat, maar de minister van Justitie. ‘Ik hoop dat de publieke opinie gaat schuiven.’ Maar ondanks het succes van DENK in Amsterdam zijn de meningen in Nederland hierover verdeeld. 

Socioloog Hans de Vries is voor een neutrale publieke ruimte als principiële secularist, en daarom tegen de hoofddoek bij boa’s. Hij was van 2012 tot 2022 voorzitter van de Atheïstisch Seculiere Partij (ASP), een politieke partij die een strikt seculiere samenleving voorstond en enkele keren – tevergeefs – geprobeerd heeft om in de gemeenteraad van Deventer verkozen te worden. ‘Wij waren als ASP heel duidelijk’, vertelt De Vries hierover. ‘We stonden voor het seculiere, verlichte standpunt. Hiermee zijn we de politiek ingegaan. Onze standpunten werden door andere seculiere partijen wel verdedigd, maar niet zo expliciet en vaak ook niet zo consequent.’ 

‘Ik leg mijn opvattingen niet aan anderen op, dat doe je wel als je statements maakt’

Maar waarom is De Vries tegen de hoofddoek bij boa’s? ‘In Nederland zijn staat en kerk gescheiden’, legt hij uit. ‘Als je werkt bij de politie, de brandweer of de rechtbank dan behoor je religieus neutraal te zijn. Het begrip ‘uniform’ zegt het eigenlijk al. Dat is uniform, geldt voor iedereen. Religieuze uitingen – zoals een hoofddoek, een tulband, een keppeltje of een kruisje – brengen deze neutraliteit in gevaar. Het is religieuze propaganda, religieuze colportage.’ 

De Vries ziet geen principieel verschil tussen religie en ideologie. ‘Voor mij is dat eigenlijk hetzelfde’, legt hij uit. ‘Ik mag als ambtenaar in functie ook geen reclame maken voor Extinction Rebellion of de boerenprotesten. En dat is volkomen terecht.’ Hij illustreert zijn punt met een persoonlijke anekdote. ‘In de jaren zeventig was ik gemeenteambtenaar. Ik was en ben pacifist. Mijn handtekening bevatte vroeger het vredessymbool, daar ondertekende ik ook officiële documenten mee. Totdat een leidinggevende hier iets over zei, dat ambtenaren in functie neutraal moeten zijn. Toen heb ik mijn handtekening aangepast. Want ik begreep dat hij gelijk had. Je moet je eigen overtuigingen thuislaten als je voor de overheid werkt.’ 

De Vries benadrukt dat hij niet tegen religie is. ‘Geloof is een individuele keuze. Ik ben een atheïst en een pacifist. Maar ik leg mijn opvattingen niet aan anderen op. Dat doe je wel als je statements maakt, zoals het dragen van een kruisje of een tulband, het verwerken van het vredesymbool in je handtekening of het dragen van een hoofddoek. Dit mag je doen trouwens, maar niet namens de overheid.’    

Waarom is religie een probleem? 

Jurist en arabist Maurits Berger, hoogleraar Islam en het Westen aan de Universiteit Leiden, ziet dit toch anders. ‘We fixeren ons, als het over neutraliteit gaat, heel erg op religie, niet op gender of andere vormen van identiteit’, zegt hij. ‘We willen juist meer gekleurde en vrouwelijke rechters. Maar als ze een hoofddoek dragen is dat een probleem.’

Het argument dat religie een keuze is, in tegenstelling tot je huidskleur of gender, vindt Berger niet valide. ‘Als religie inderdaad een keuze is, dan begrijp ik de achterliggende argumentatie nog steeds niet. Waarom moet alleen religie geproblematiseerd worden? Als ik een witte man ben en voor de rechter sta, en alle rechters zijn van kleur, is dat dan een probleem? Of een man die beschuldigd wordt van verkrachting die voor moet komen bij vrouwelijke rechters? Rechters hebben hun opvattingen en emoties, maar zij zijn professionals, zij zijn getraind om daarmee om te gaan. En als rechters zelf het gevoel hebben dat ze een zaak niet kunnen doen omdat ze te emotioneel betrokken zijn, dan kunnen ze vragen of iemand anders het wil doen.’

‘Kun je professioneel zijn als je gelovig bent? Natuurlijk’

Het principe van neutraliteit is ‘een abstractie, een politiek-juridische constructie’ aldus de hoogleraar. ‘Ik wil weten wat mensen bedoelen als ze beginnen over de scheiding tussen kerk en staat. Dit principe staat niet eens in de wet.’ Waar het volgens Berger om gaat is dat je neutraal bent in je professionaliteit, hoe je mensen behandelt. ‘Neutraliteit als leuze is betekenisloos. Het moet gaan om ons vertrouwen in geüniformeerde dienst. Kun je professioneel zijn als je gelovig bent? Natuurlijk. Een officier van justitie, een diepgelovig christen, kreeg een keer een dossier over abortus en euthanasie in handen, zaken waar hij principieel moeite mee heeft. Zijn collega’s vroegen hem of hij dit wel aankon. Hij antwoordde bevestigend. Hij maakte een scheiding tussen zijn persoonlijke overtuiging en zijn professie. En hij schijnt dat uitstekend gedaan te hebben.’ 

Volgens islamofobie-onderzoeker Ineke van der Valk, tot haar pensionering verbonden aan de Universiteit Leiden, moeten we het debat over de hoofddoek niet los zien van twintig jaar hetze tegen de islam. ‘In Media als GeenStijl en PowNews bijvoorbeeld werd de islam jarenlang aangevallen, zo liet mijn onderzoek uit 2018 zien. De islam als politieke bedreiging en de islam als culturele bedreiging waren twee frames waarin dit gebeurde. Voor het laatste is de hoofddoek een belangrijk symbool. Op GeenStijl heetten hoofddoeken onder meer ‘SS uniformen van de moslim meisjes’. 

Van der Valk spreekt over een ‘krankzinnig discours’,  waarmee de lezers van GeenStijl jarenlang zijn bestookt. ‘Bewust of onbewust heeft het moslimvijandige discours waar dit een voorbeeld van is, veel invloed gehad op de meningsvorming over de hoofddoek.’ De onderzoeker wijst in dit verband op het feit dat VVD-minister van Justitie Dilan Yesilgöz, die het toestaan van de hoofddoek bij de politie nu tegenhoudt, vroeger een graag geziene gast was bij PowNews.  

‘Het tijdperk van de witte mannen is voorbij’

Veranderde samenleving

De samenleving is veel meer divers geworden, vervolgt Berger. ‘Het tijdperk van de witte mannen is voorbij. Zij bepalen niet meer hoe de geüniformeerde diensten eruitzien. Vroeger waren agenten allemaal man en wit. Nu zijn de hoofden boven het uniform allemaal anders. Die diversiteit aan uiterlijkheden is uniek. Maar dan zou je ook een hoofddoek moeten toestaan of een tulband. Dat is trouwens wel zo praktisch, want je kunt veel nieuwe mensen aannemen die anders geen agent worden.’ 

De politie en andere werkgevers mogen van Berger wel voorschrijven dat werknemers bijvoorbeeld geen piercings dragen, zichtbare tatoeages of blauw haar. ‘Dat heeft met decorum te maken. Ik kan dat begrijpen, al vind ik dat soort uiterlijkheden persoonlijk geen probleem. Ook agenten met piercings of tatoeages kunnen professioneel hun werk doen.’ 

Van der Valk: ‘Het is heel treurig dat het onderwerp zo gepolitiseerd is. De link die tegenstanders van de hoofddoek leggen met partijdigheid is onzin. Neutraliteit gaat over gedrag, niet over hoe je eruitziet. Want hoe neutraal waren die agenten eigenlijk, die op de vingers werden getikt vanwege racisme?’ 

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!
- Advertentie -