Brute moord leidde tot heroverwegen relatie met Saoedi’s

Foto: Ap
De moord op Jamal Khashoggi leidde bij enkele landen tot de bereidheid om de decennia oude banden met Saoedi-Arabië te heroverwegen. ‘Je moet wel proberen zo lang mogelijk in gesprek te blijven, want anders heb je geen gesprekspartner meer.’

De dood van de Saoedische journalist en columnist Jamal Khashoggi (1958-2018) van The Washington Post schokte de wereld. Op 2 oktober betrad Khashoggi het Saoedische consulaat in Istanbul om trouwpapieren te regelen, maar hij kwam niet meer terug. Khashoggi was niet geliefd bij het Saoedische regime, omdat hij kritiek had op dat regime en de machtsstructuren in het koninkrijk. Het regime ontkende in eerste instantie de dood van de journalist, daarna beweerde ze niet betrokken te zijn bij zijn dood. Uiteindelijk werd verklaard dat Khashoggi in het consulaat was overleden na een gevecht. De commotie ging vooral om de manier waarop de moord gepleegd bleek te zijn. Volgens verschillende bronnen is Khashoggi gemarteld en in stukken gezaagd. Na de moord kreeg de Saoedische staat en specifiek prins Mohammed bin Salman flinke kritiek te verduren van vooral westerse landen. Diverse landen zegden hun staatsbezoek aan de Golfstaat af en een aantal investeringen werd teruggetrokken. Maar er kwam bijvoorbeeld ook kritiek op de Amerikaanse president Donald Trump voor zijn onduidelijke houding tegenover de Saoediërs. Trump zei dat hij wat er in Istanbul was gebeurd ‘helemaal niet leuk vindt, maar om nu een deal van 1,1 miljard dollar (ca. negenhonderdzestig miljoen euro, red.) te moeten schrappen, lijkt me niet zo handig. De deal levert de VS vierhonderdduizend banen op’, voegde hij toe, zo is te zien in een videoclip van 16 oktober door Mehdi Hasan, columnist voor The Intercept en Al Jazeera English, waarin hij Trumps visie richting de Saoediërs uiteenzet.

 

De BBC kopte na de dood van Khashoggi: ‘Vijf redenen waarom de Golfstaat belangrijk is voor het Westen’. De belangrijkste reden is aardolie. Saoedi-Arabië heeft ongeveer een vijfde van de wereldwijde aardoliereserves en is de grootste exporteur van olie, volgens OPEC, de organisatie van olie-exporterende landen. Het land speelt zo een belangrijke rol op het wereldtoneel; wanneer een land sancties invoert, kunnen de Saoediërs reageren door de ‘kraan dicht te draaien’, waardoor de wereldwijde prijs van olie omhoog gaat.

De Kanttekening bracht niet alleen de economische, maar ook de diplomatieke en militaire banden van de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en Nederland met Saoedi-Arabië in kaart. Ook sprak ze met politicoloog Paul Aarts over onder meer de zaak-Khashoggi en of het Westen sancties moet invoeren tegen Saoedi-Arabië.

Trouw meldde in 2016: ‘Veel landen hebben grote economische belangen in Saoedi-Arabië. Jaarlijks exporteren de Saoedi’s zo’n tachtig procent van hun ruwe olie naar andere landen. Veel Europese landen en de Verenigde Staten zijn voor een deel afhankelijk van de olie die uit Saoedi-Arabië komt. Maar ook strategische belangen spelen mee in het bondgenootschap met Saoedi-Arabië. De VS en Europa zien het land als een belangrijke factor om controle te houden in het Midden-Oosten en om IS te bestrijden.’ Saoedi-Arabië maakte vanaf 2014 deel uit van een coalitie onder leiding van de VS die de strijd met IS aanging. Het goed uitgeruste leger maakte Saoedi-Arabië een gewilde bondgenoot en het land had in 2017 wereldwijd het tweede grootste defensiebudget. Tussen 2013 en 2017 gaven de Saoedi’s bijna vijftien miljard dollar uit aan onder meer gevechtsvliegtuigen en tanks. Circa zestig procent van de wapens komt uit de VS en twintig procent uit het Verenigd Koninkrijk. Frankrijk staat op de derde plaats, aldus het Stockholm International Peace Research Institute (Sipri). Daarnaast spelen Amerikaans-Saoedische banden een rol in regionale allianties, zoals in de strijd in Syrië. De VS steunt daar, net als de Saoediërs, rebellen tegen president Bashar al-Assad, omdat hij een bondgenoot is van Iran, aartsvijand van de Saoedi’s en Amerikanen.

De Amerikaans-Saoedische diplomatieke betrekkingen begonnen in 1933. Beide landen verzetten zich na de Tweede Wereldoorlog onder meer tegen de Sovjet-invloed in Afghanistan en tegen de opmars van Irak in Koeweit tijdens de Eerste Golfoorlog (1990-1991). Onenigheid is er (geweest) op het vlak van Israël – waar de VS goede banden mee heeft, maar de Saoedi’s van oudsher niet –, de oliecrisis in de jaren zeventig, de door Amerika geleide invasie in Irak in 2003 en de war on terror waar die invasie deel van uitmaakte.

De VS en Saoedi-Arabië zijn in 1933 de initieerders geweest van Aramco (Arabian-American Oil Company, tegenwoordig Saudi Aramco), de grootste aardoliemaatschappij ter wereld met in 2017 omgerekend een omzet van bijna dertig miljard euro. De handel tussen de VS en Saoedi-Arabië bedroeg in 2017 zo’n veertig miljard euro en was goed voor zo’n honderdzestigduizend banen in de VS. In 2017 sloten de VS en Saoedi-Arabië hun nieuwste wapendeal ter waarde van bijna honderd miljard euro, volgens het Witte Huis ‘de grootste deal in de Amerikaanse geschiedenis’.

De kritiek op de VS is dat het land zich vooral richt op de oliehandel en de controverse betreffende Saoedi-Arabië – op het vlak van bijvoorbeeld mensenrechten – over het hoofd ziet. Er is weinig reden tot spanningen zolang de Arabieren olie leveren en Amerikaans defensiebeleid steunen en zolang de Amerikanen wapens leveren. Een ander kritiekpunt is de burgeroorlog in Jemen, die sinds 2015 woedt. Daar strijdt een coalitie, gesteund door de VS met onder meer wapens en gevechtsvliegtuigen, tegen de Houthi-minderheid. Tijdens de regering van de vorige president Barack Obama (2009-2017) zijn de betrekkingen wat gespannen geweest, maar sinds Trump is aangetreden, spreekt de Amerikaanse regering weinig kritisch over haar bondgenoot. Opmerkelijk is ook dat het eerste buitenlandse staatsbezoek van Trump aan Saoedi-Arabië was.

De Brits-Saoedische betrekkingen zijn een stuk ouder dan die met de VS. In 1915 tekenden beide partijen het Verdrag van Darin, waarmee akkoord werd gegaan met een Brits protectoraat c.q. mandaat in het Midden-Oosten (dit omvatte het huidige Irak, Jordanië en Israël/Palestina). De Britten waren in 1926 één van de eerste landen die Saoedi-Arabië erkenden. Vandaag de dag zijn er ruim tweehonderd joint ventures tussen Britse en Saoedische bedrijven, ter waarde van circa vijftien miljard euro. Het land is de belangrijkste handelspartner van de Britten in het Midden-Oosten. De kritiek op de Britten is ook rondom het conflict in Jemen, waar de Britten sinds het begin van dat conflict, ondanks hevig verzet en protesten, voor enkele miljarden euro’s aan wapens hebben geleverd aan de Saoedische coalitie. Deze steun bevat lucht- en landvoertuigen en wapens.

Wanneer we kijken naar Nederland, gaat het vooral om economische banden. Opmerkelijk is dat de eerste bank op Saoedisch grondgebied de Saudi Hollandi Bank was, opgericht in 1926 in Djedda en bedoeld voor hajj-pelgrims uit Nederlands-Indië. Er zijn in Saoedi-Arabië meerdere Nederlandse bedrijven actief op verschillende terreinen, zoals Shell en Unilever. Nederlandse organisaties exporteerden in 2017 voor 2,6 miljard euro aan goederen naar Saoedi-Arabië. Daarmee is ze negenentwintigste op de lijst met de grootste exportlanden voor Nederlandse goederen. Het gaat vooral om chemische producten en machinemateriaal. Nederland importeerde in 2017 voor ruim een miljard euro uit Saoedi-Arabië, vooral olie- en gasgerelateerde en chemische producten. Wel is de import van olie de laatste jaren flink gedaald. In 2014 was die bijvoorbeeld nog drie miljard euro. Nederland leverde tussen 2013 en 2017 één procent van de totale Saoedische wapenleveranties, maar heeft intussen zijn beleid aangescherpt. Wanneer de wapens kunnen worden gebruikt tegen de burgerbevolking in Jemen en tot schendingen van het internationaal oorlogsrecht kunnen leiden, verleent Nederland geen vergunning.

De Kanttekening sprak met Paul Aarts, politicoloog gespecialiseerd in het Midden-Oosten en Noord-Afrika en docent internationale betrekkingen aan de UvA over de zaak-Khashoggi en over betrekkingen met Saoedi-Arabië. Samen met Carolien Roelants, columnist en voormalig Midden-Oostenredacteur voor de NRC, schreef Aarts het boek Saoedi-Arabië, de revolutie die nog moet komen (2013, tweede druk 2016).

Foto: Reuters

De Amerikaanse ministers van Defensie (James Mattis) en Buitenlandse Zaken (Mike Pompeo) zeiden in november, net als president Trump, dat de CIA geen direct bewijs heeft dat Mohammed bin Salman achter de dood op Jamal Khashoggi zit. Is Bin Salman volgens u direct betrokken, was hij opdrachtgever tot de moord?
‘Het is zeer onwaarschijnlijk dat Bin Salman er niets van geweten heeft, gezien zijn positie en gezien de hiërarchie en machtsstructuur in het koninkrijk Saoedi-Arabië sinds een aantal jaren – sinds Bin Salman de facto de machthebber is. Maar of hij letterlijk de opdracht gegeven heeft om Khashoggi te vermoorden, dat weet ik niet en er is niemand die dat voorlopig weet. Mattis en Pompeo verwijzen naar het CIA-rapport, waarover heel veel te doen is en Gina Haspel (directeur van de CIA, red.) trad ook niet meteen in de openbaarheid. In het CIA-rapport wordt gezegd: with middle to high confidence is vast te stellen dat de kroonprins medeplichtig is. Dat betekent dat er een grote mate van waarschijnlijkheid is wat betreft de betrokkenheid van de prins, maar je leest dus niet ‘het is zeker dat hij betrokken is’. Er wordt een slag om de arm gehouden en dat wordt door veel mensen niet zo gelezen, ook niet door de media. Zij zeggen vaak ‘kijk, de CIA zegt dat ‘MbS’ de opdracht heeft gegeven tot de moord’. Wat mijns inziens voor de hand ligt – maar dit is puur speculatie – is dat MbS de opdracht heeft gegeven aan anderen in termen van ‘deze Jamal Khashoggi is zo’n irritante vent, doe er eens wat aan’. Het lijkt mij niet waarschijnlijk dat hij de opdracht heeft gegeven om Khashoggi in stukken te zagen. Het is de vraag of we dat ooit te weten zullen komen. De Turkse regering heeft al heel wat dingen vrijgegeven, maar ook nog steeds niet die finale smoking gun, dus we blijven ernaar gissen. Deze zaak is overigens niet uniek hè. We hebben in de afgelopen decennia zo veel liquidaties meegemaakt van dissidenten en politieke tegenstanders. Het gebeurt bijna dagelijks; door Iran, door Rusland, door Israël. Deze zaak is zo in het nieuws gekomen, omdat het om zo’n prominente journalist gaat en vanwege de erg klungelige en brute manier waarop de moord gepleegd is. Misschien is het in die zin wel een bijzonder geval, maar het feit dat een dissident wordt uitgeschakeld is aan de orde van de dag en niet alleen in het Midden-Oosten.’

Kon Turkije rekening houden met een incident? Of houdt Turkije misschien nog informatie achterwege?
‘Dat is mogelijk. Ik heb bij president Erdogan vanaf het allereerste moment gedacht ‘hij speelt hier een heel slim spelletje’ – stukje bij beetje informatie vrijgeven en proberen om Bin Salman in diskrediet te brengen door de druk steeds verder op te voeren. MbS heeft zich meerdere malen negatief uitgelaten over Turkije en Erdogan reageert door op zijn eigen manier terug te slaan. Uiteraard in een poging om de koning van Saoedi-Arabië (Salman bin Abdul Aziz al-Saoed, de vader van MbS, red.), die de jure de machthebber is, ertoe te bewegen MbS opzij te zetten. Want de relatie tussen Erdogan en de koning is niet zo slecht, maar die tussen Erdogan en MbS is ronduit beroerd. Dus dat Erdogan dit spelletje zo gespeeld heeft is tactisch gezien niet slecht. Hij probeert een belangrijke rol voor Turkije en zichzelf op te eisen in de wereld van de islam. Dat is in concurrentie met Saoedi-Arabië, maar Saoedi-Arabië zal die rol nog wel even blijven houden, simpelweg vanwege de twee heilige steden Mekka en Medina.’

Had Khashoggi kunnen vermoeden dat er iets vervelends kon plaatsvinden wanneer hij het consulaat zou betreden? Hij was tenslotte niet erg geliefd bij het Saoedische regime.
‘Toen het incident gebeurde en het kwam in het nieuws, was mijn eerste gedachte ‘hoe dom kun je zijn?’ Er werd niet persé jacht op hem gemaakt, maar hij had wel vermoedens dat er iets gaande was. En wat ook nog niet helemaal zeker is: het contact van Khashoggi met de Saoedische ambassadeur in Washington, Khalid bin Salman, de jongere broer van Mohammed. Hij schijnt tegen Khashoggi te hebben gezegd ‘je kunt beter naar het consulaat in Istanbul gaan’. Khalid ontkent dit. Mocht dit gebeurd zijn, is het natuurlijk des te gekker dat Khashoggi naar het consulaat is gegaan, want dan had hij toch wel kunnen vermoeden dat er iets kon gebeuren. Ik denk dat hij enigszins naïef is geweest om daar binnen te stappen. Aan de andere kant, er waren legio momenten waarop zo’n liquidatie had kunnen plaatsvinden. Waarom hebben de Saoediërs dit gedaan in een Saoedisch consulaat op Turkse bodem? De slechtste plek die je je kunt bedenken voor een moord.’

Waarom is dat de slechtste plek?
‘De relaties tussen Turkije en Saoedi-Arabië zijn om diverse redenen niet goed, dus dan weet je dat je dingen op je hals haalt, mocht het bekend worden. Khashoggi – ik heb hem trouwens een keer ontmoet – was het hele jaar op reis, over de hele wereld, van conferentie naar workshop naar congres. Legio momenten en plekken om hem om zeep te helpen; in een hotel of met een auto-ongeluk. Er zijn zo veel momenten om iemand uit te schakelen, waarom doe je dat op die plek, met alle risico’s van dien? Waarom ze zo klunzig geopereerd hebben is dus een vraag die nog niet beantwoord is en waarschijnlijk ook nooit zal worden.’

Wat is uw mening: actieve sancties of een einde aan de betrekkingen?
‘Op zijn minst had je kunnen verwachten dat de Saoedische ambassadeur in Den Haag op het matje zou worden geroepen, dat er een serieus gesprek plaats zou vinden waarin een aantal harde vragen op tafel wordt gelegd. Niet dat dat veel effect heeft, want de ambassadeur draait gewoon een riedeltje af dat hem vanuit Riyad is ingefluisterd. Het gesprek zal niet veel indruk op hem maken. Op het matje roepen is niet zonder betekenis, maar het wordt veel serieuzer wanneer je de ambassadeur uitwijst. Daar ben ik echter geen voorstander van. Je moet proberen zo lang mogelijk in gesprek te blijven, want anders heb je geen gesprekspartner meer. Wat betreft sancties; Nederland heeft zich al eerder uitgesproken voor het stoppen van wapenleveranties aan Saoedi-Arabië. Met name in het kader van Jemen heeft Nederland geen slechte stappen gezet om tot een serieus onderzoek te komen naar het plegen van oorlogsmisdaden. Dus Nederland doet in dat kader al het een en ander.’

De rol van Nederland is überhaupt niet zo groot, toch?
‘We hebben serieuze handelsrelaties, maar die moeten niet overdreven worden. Ik zou niet zeggen dat je meteen een boycot moet afkondigen, dat lijkt me overdreven. Het zijn vooral de VS en het Verenigd Koninkrijk, die gigantische wapenleveranties doen. De druk wordt vanuit die landen ook opgevoerd, vooral vanuit het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden en de Senaat, misschien dat daar nog iets uitrolt. Maar dit gaat met name over de betrokkenheid van Saoedi-Arabië in Jemen, het heeft niet direct te maken met de zaak-Khashoggi. Ik denk dat Nederland en ook deze landen moeten aandringen op een rechtszaak. Erdogan heeft wel een punt wanneer hij zegt ‘de mensen die deze moord gepleegd hebben, moeten berecht worden op Turkse bodem’. Want de misdaad is gepleegd op Turkse bodem, dan ligt het voor de hand dat zo’n rechtszaak in Turkije plaatsvindt, ook internationaal juridisch gesproken. Daar mag wel meer op gehamerd worden. Niet omdat het dan persé een correcte rechtsgang zal krijgen, maar het principe is wel belangrijk. Want nu worden die mensen, als ze al berecht worden, in Saoedi-Arabië berecht, op een heel ondoorzichtige manier en waarschijnlijk gaan de hoofdverantwoordelijken vrijuit, nog los van de kroonprins. Waarschijnlijk wordt er een aantal zondebokken gezocht die misschien een symbolische gevangenisstraf krijgen en that’s it. Er moet toch wel een serieus proces met aan het einde serieuze straffen volgen, maar dat gaat natuurlijk niet gebeuren. Saoedi-Arabië gaat beslist geen burgers uitleveren aan Turkije, maar dat mag wel geëist worden. En soms moet je een punt gemaakt hebben, ook al weet je van tevoren dat het tot weinig concreets lijdt.’

Wat zijn op het gebied van sancties punten die als staatshoofd of regering goed afgewogen moeten worden en waarbij niet zomaar een beslissing genomen kan worden? Er spelen immers veel belangen, vooral economisch. Je kunt niet zomaar zeggen ‘we stoppen ermee, je zoekt het maar uit’. Landen zijn vaak wederzijds afhankelijk en hebben op het ene vlak misschien ruzie, maar op andere vlakken nog altijd betrekkingen.
‘Wat je kunt doen is de prins als ‘politiek radioactief’ beschouwen – iemand die je uit de buurt moet houden, moet negeren, isoleren. Je zag op de G20-top van dit jaar (30 november en 1 december in Buenos Aires, red.) al dat Bin Salman enigszins werd genegeerd. Je kunt dus de banden met hem minimaliseren. Daarnaast hebben onder meer de VS, Duitsland en Canada een zwarte lijst opgemaakt van een aantal Saoedische staatsburgers van wie we weten dat ze betrokken zijn bij de moordbrigade. Je kunt deze mensen bijvoorbeeld afknijpen als ze buitenlandse tegoeden hebben of besluiten ze nooit een visum te geven wanneer ze je land willen bezoeken.’

Stel dat de Saoediërs zich op de tenen getrapt voelen en tegenmaatregelen nemen, wat zijn dan voor Nederland risico’s van een verslechtering van de relaties?
‘De relatie met Saoedi-Arabië is van vitaal belang in het kader van de strijd tegen terrorisme, zo wordt gezegd door westerse inlichtingendiensten. De Saoedische overheid heeft een inlichtingendienst die goed op orde is. Ze lopen daar al wat langer mee en hebben uitstekende lijntjes naar inlichtingendiensten in de westerse landen. Met name in de VS, het Verenigd Koninkrijk, maar ook met Nederland zijn de banden goed. Dus in geval van een crisis met bijvoorbeeld Nederland kun je verwachten dat de Saoediërs zeggen ‘we delen geen informatie meer’. Dat kan een dreigement zijn, maar dat lijkt me niet heel reëel. Een ander punt is te illustreren met een voorbeeld uit het verleden, toen Geert Wilders in 2014 anti-islamstickers had gemaakt. Toen is in Saoedi-Arabië heel even gedreigd met de boycot van Nederlandse producten en dat dreigde ook uit de hand te lopen. Met heel veel diplomatieke inspanningen heeft men de situatie weten te sussen. Er is altijd wel iets wat als dreigement gebruikt kan worden. Dat wil zeker niet zeggen dat Nederland dan failliet gaat of de economie onderuit gaat, maar een aantal Nederlandse bedrijven doet heel goede zaken in Saoedi-Arabië. Zij zouden er dan een prijs voor betalen. De Nederlandse overheid zegt bovendien altijd op te willen komen voor het bedrijfsleven, dan is dat iets wat pijn zal doen.’

Foto: NRC
Foto: NRC

Zitten politici echt met een dilemma? Ze zijn misschien heel lang geneigd om hun menselijke kant te laten zien door, bijvoorbeeld in het geval van Jemen, alle samenwerking stop te zetten en kiezen dan uiteindelijk toch voor de belangen. Zwichten politici voor het geld?
‘Dat is niet zo zwart-wit. Tot mijn prettige verbazing zien we nu in de VS al heel lang dat – ook Republikeinse – senatoren dingen zeggen en ook concrete acties willen, zoals het stopzetten van elke wapenleverantie en medewerking aan Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten in de oorlog in Jemen. Dat is heel opmerkelijk en is aangezwengeld door de zaak-Khashoggi. Dezelfde geluiden over het stopzetten van leveranties hoor je uit Duitsland. Dat is een stap die wel waardering verdient. Er zijn dus zeker politici die op een gegeven moment zeggen ‘het mensenrecht moet z’n loop hebben en als dat dan centjes kost, dan moet dat maar’. Dat wisselt nogal; grosso modo kiezen politici niet voor de mensenrechten, maar in sommige gevallen dus wel. Wat betreft Jemen zitten we op een kantelpunt. Ik kan me voorstellen dat meer politici gaan zeggen ‘die oorlog moet echt stoppen’ – en die kan eigenlijk alleen maar stoppen op twee manieren: besprekingen en (vooral) het stoppen van de wapenleveranties.’

Zijn er nog meer ontwikkelingen die u toejuicht betreffende de betrekkingen met de Saoediërs of specifiek het land zelf, op het gebied van bijvoorbeeld mensenrechten?
‘Deels wees ik hier al op: het feit dat er al heel snel heel duidelijke stemmen zijn opgegaan in het Amerikaanse Congres dat het niet meer business as usual kan zijn met Saoedi-Arabië. Want ‘hier is iets verschrikkelijks gebeurd, we willen daar helderheid over hebben en de schuldigen moeten gestraft worden’. Dat is niet niks. De kritiek in Europa is wat milder geweest. Nederland heeft niet echt een ferm standpunt ingenomen, maar ik kijk vooral naar de VS. Ook andere landen zeggen ‘onze relatie met het land is aan een heroverweging toe’. Dat is een lichtpuntje. Zonder dat je de illusie moet hebben dat wij enige serieuze invloed kunnen hebben op ontwikkelingen binnen Saoedi-Arabië. Dat is ingewikkeld. We moeten dat wel monitoren en wanneer er schendingen plaatsvinden moeten we het daarover hebben en het aankaarten bij de Saoedische overheid. De Saoedi’s kennende, denk ik dat ze wel willen luisteren naar de kritiek, maar er niet veel mee zullen doen. Dat betekent niet dat je het niet ter sprake moet brengen. Wel dat je er steeds op hamert dat, bijvoorbeeld, vrouwen net zo veel rechten hebben als mannen. En als vrouwen worden gediscrimineerd of gevangengezet omdat ze campagne voeren voor het recht om auto te rijden, moet ook de Nederlandse overheid daartegen protesteren.’

DELEN
Burhan Cetin
Journalist gespecialiseerd in geschiedenis, Midden-Oosten, mens en samenleving.