De afstand tussen Rabat en de Rif is lang, heel lang!

Foto: Reuters

GASTCOLUMN

De vis in de Noord-Marokkaanse havenstad al-Hoceima is overvloedig, maar wordt niettemin duur betaald. Dat ondervinden de jonge Chahid en zijn broertje elke dag aan den lijve. Anders dan vroegere generaties beseft Chahid dat hij dit niet hoeft te pikken. Daarom gaan hij en zijn leeftijdsgenoten al zeven maanden de straat op om actie te voeren tegen het onrecht dat hen dagelijks overkomt.

Als Chahid ‘s ochtends in Beni Bouayach in de auto stapt om samen met zijn nog schoolgaande broertje naar al-Hoceima te rijden, worden ze elke keer na tweehonderd meter door een agent op de rotonde aan de kant gezet. Hij vraagt naar het rijbewijs, de verzekering, het kentekenbewijs en of zijn broertje zich ook kan identificeren. Hij vraagt waar ze vandaan komen, waar ze heen gaan en wat ze daar gaan doen. Daarna krijgt hij zijn autopapieren terug. Zo gaat dat elke dag. Drie kilometer verderop staan de dienstdoende verkeersagenten van Imzouren hen op te wachten. Ook zij vragen om de autopapieren, één voor één natuurlijk, nooit alle documenten in één keer geven. Vervolgens moet Chahid dezelfde serie vragen beantwoorden, waarna de agent hem Gods zegen toewenst en hij opnieuw door mag rijden. Tegen de tijd dat hij achttien kilometer later in de stad al-Hoceima aankomt, waar hij als elektromonteur werkt en zijn broertje voor verpleegkundige leert, hebben ze vier of vijf van deze checkpoints gepasseerd. Maar dan is hij er nog niet. In de middag moet hij op de terugweg nogmaals langs alle checkpoints. Soms is Chahid moe of noem het moedeloos, waardoor hij zachtjes praat. Dan wordt hij daar streng op aangesproken. Chahid moet natuurlijk wel weten wie de baas is.

Zo liggen de verhoudingen tussen overheid en burger nu eenmaal in de Rif. Het is zoals het is, eigenlijk al sinds de onafhankelijkheid in 1956. Hele generaties voor hem zijn met deze angstcultuur opgegroeid en krijgen knikkende knieën, een droge mond, beginnen te stotteren of grijpen spontaan naar hun portemonnee bij het zien van een agent, gendarme of douanebeambte. De vreugde is groot wanneer je de checkpoints of douane bent gepasseerd, elke keer weer. In de overheidscentra waar het verkrijgen van informatie en verschillende documenten evidente rechten zijn, maakt de burger zich ook al geen illusies. Daar gaat het er niet veel beter aan toe.

Het verschil tussen de generatie van Chahid en die voor hen, is dat de generatie van Chahid opgegroeid is in een tijd van hoop, een tijd van het kan wel, maar ook een tijd van genoeg is genoeg. Een beetje overheid haalt het toch niet in haar hoofd om mensen voor hun mening op te pakken. Daarom gaat juist deze generatie, net als in 2013, nu al ruim zeven maanden de straat op om dat duidelijk te maken. Ze hebben genoeg loze beloftes, ronkende speeches en goedbedoelde adviezen gehoord. Intussen krijgt de roep om respect en waardigheid (niet meer dan dat!) weerklank in heel Marokko en ver daarbuiten. En de autoriteiten? Die reageren geheel in de geest van de oude stempel met massieve troepenversterkingen, arrestatie en mishandeling van vreedzame demonstranten en massale schendingen van mensenrechten. Of, om het met de woorden van zanger Farid el-Atrache te zeggen: de afstand tussen Rabat en de Rif is lang, heel lang!

Het is misschien wat kort door de bocht, maar het heeft eigenlijk nooit geboterd tussen Rabat en de Rif. In 2004 werd de Rif door een zware aardbeving getroffen. Als de ernst van deze aardbeving niet snel door buitenlandse media wereldkundig was gemaakt, hadden de autoriteiten in Rabat er het zwijgen toegedaan en waren zij tot de orde van de dag overgegaan. De koning beloofde kort na de aardbeving drieduizend woningen in de wijk Bades te bouwen. In werkelijkheid is er een handjevol woningen gebouwd, niet meer dan twintig. De rest is aan corruptie opgegaan.

Is er dan helemaal niets in deze schone stad achter de rotsen? Zeker wel. Er is een hogere technische school in Boukidarn gekomen. Deze draait op halve kracht, omdat er geen docenten zijn. Er is een oncologisch centrum gebouwd, maar dat wordt uitgeknepen door Rabat, waardoor in werkelijkheid veel patiënten in Rabat of Fes moeten worden behandeld. Ook Chahids vorig jaar overleden oom uit al-Hoceima, verzekerd en wel, moest voor zijn pijnlijke prostaatkanker elke keer naar Fes, zo’n driehonderd kilometer verderop, over een verschrikkelijke weg waar al meer dan zeven jaar aan wordt gewerkt. Het schijnt dat die nu voor de helft is aangelegd. Er is verder een nieuwe passagiershaven zonder schepen, een vliegveld zonder vliegtuigen en een vissershaven zonder visboeren. Die laatsten zijn hun leven, na de dood van Mohsin Fikri, immers ook niet zeker.

DELEN
Fouad el-Haji
Publicist. Schrijver. Onderwijsmanager.