Iraanse homo’s kiezen noodgedwongen voor geslachtsoperatie

Foto: Reuters
In Iran is het verboden om homoseksueel te zijn. Transseksualiteit is wel toegestaan, met als gevolg dat veel homo’s zich laten ombouwen naar het andere geslacht. Een uitwijkroute die niet zonder gevolgen is. De Kanttekening sprak erover met filosoof en theoloog Mehrdad Alipour en genderexpert Geertje Mak.

Het aantal geslachtsoperaties is in Iran drie keer zo groot als in de westerse wereld. Dat is het gevolg van het feit dat homoseksualiteit verboden is, terwijl transseksualiteit is toegestaan. Veel homoseksuelen ondergaan om die reden geslachtsoperaties om zo een geaccepteerde relatie te kunnen hebben met hun geliefde. Waarom is transseksualiteit niet verboden in Iran en homoseksualiteit wel? Volgens de Iraanse filosoof en theoloog Mehrdad Alipour is de keuze van het Iraanse regime om het ene te verbieden en het andere toe te staan uit te leggen aan de hand van de islamitische regelgeving. ‘De overtuiging dat geslachtsoperaties niet verboden worden door de islam vloeit voort uit het feit dat daarover in de fiqh (jurisprudentie van de islam) niets wordt geschreven, wat logisch is aangezien deze in die tijd nog niet mogelijk waren’, vertelt Alipour. ‘Er is in de fiqhboeken echter wel geschreven over het vaststellen van het geslacht bij hermafrodieten (mensen waarbij vanaf de geboorte niet duidelijk is of zij man of vrouw zijn, red.), aangezien geslacht belangrijk was voor elementen als erfrecht.’ Om die reden staan er in de fiqhboeken verschillende manieren beschreven om erachter te komen of iemand mannelijk of vrouwelijk is. Het regime van Iran heeft daaruit afgeleid dat het belangrijk is om één duidelijk geslacht te hebben, waardoor geslachtsoperaties toegestaan zijn.

Transseksualiteit in Iran werd wereldwijd nieuws toen de transseksuele vrouw Maryam Khatoon Molkara (1950-2012) in 1987 naar de leider van de Iraanse Revolutie (1978-1979), Ruhollah Musavi Khomeini (1902-1989), stapte om toestemming te vragen om als vrouw door het leven te gaan. ‘Maryam was zelf religieus en wilde weten wat er in de sharia over transseksualiteit werd gezegd. Ze droeg voor de revolutie al vrouwenkleren, maar werd tijdens de revolutie gedwongen om mannelijke hormonen te slikken, wat verschrikkelijk voor haar was’, legt Alipour uit. Nadat zij meerdere onbeantwoorde brieven naar Khomeini had geschreven en mishandeld was door zijn bewakers, vond Khomeini dat zij een gesprek verdiend had. Hij gaf haar als gift een chador (islamitische sluier.) Naar aanleiding van het gesprek schreef Khomeini een fatwa (islamitisch juridisch advies) waarin toestemming werd gegeven voor transseksuelen om een geslachtsoperatie te ondergaan en in de tussentijd als hun ware sekse door het leven te gaan. Daarnaast konden transseksuelen geld krijgen voor de operatie, werden hun paspoorten en geboortecertificaten aangepast en mochten ze trouwen met iemand van de andere sekse. Alipour: ‘Wat veel mensen niet weten is dat Khomeini in 1964 ook al een fatwa had uitgeschreven over geslachtsoperaties, waarin hij stelt dat naast de hermafrodieten ook voor iedereen die in zichzelf of haarzelf een sensueel verlangen voelt tot hetzelfde geslacht, gelijk zoals dat zou zijn tot het andere geslacht, een geslachtsveranderende operatie is toegestaan. Dat was heel progressief voor die tijd. Om die reden mocht Maryam ook tien jaar lang als vrouw in een mannenlichaam leven, terwijl ze een relatie met een man had. Volgens de fatwa wordt dat namelijk niet als homoseksualiteit gezien, omdat één persoon zich identificeert als de andere sekse, ondanks het feit dat het twee mannenlichamen zijn die een intieme relatie hebben.’ De fatwa richt zich alleen op transseksuelen die een geslachtsoperatie willen ondergaan, over degenen die graag in hun eigen lichaam blijven, wordt met geen woord gerept.

Een geslachtsoperatie wordt gezien als de juridisch verantwoorde oplossing voor de heteronormalisering van mensen met ‘abnormale’ en homoseksuele verlangens. Het verbod op homoseksualiteit wordt door het Iraanse regime ook vanuit de sharia (islamitische wet) verantwoord. In de Koran staat namelijk het verhaal van het volk van Lot beschreven, een volk dat verderfelijk was en waar mannen lust voor andere mannen voelden. God heeft dit volk bestraft en daaruit blijkt volgens orthodox-islamitische rechtsgeleerden dat de homoseksuele daad tussen mannen bestraft moet worden. De homoseksuele daad wordt gezien als zina (onwettige seks) en volgens strikte interpretaties van de sharia staat daar honderd geselslagen voor en wanneer er vier ooggetuigen van de specifieke daad zijn of de verdachte vier keer heeft bekend, kan het zo zijn dat de schuldige wordt gestenigd. Hoewel er in de sharia alleen gesproken wordt over mannen, wordt deze straf in Iran ook doorgetrokken naar homoseksuele vrouwen. Ondanks het feit dat de doodstraf zelden wordt uitgevoerd kan de zedenpolitie homoseksuelen wel oppakken en bestraffen voor kleinere overtredingen, wanneer er niet te bewijzen is dat de twee mannen zich schuldig hebben gemaakt aan anale penetratie.

Een geslachtsoperatie ondergaan is een heftige stap, want het heeft niet alleen een lange medische herstelperiode, maar kan ook grote psychische problemen veroorzaken. Voor een transseksueel voelt zo’n operatie als thuiskomen in het juiste lichaam, maar zou het voor een homoseksueel dan precies andersom zijn? Geertje Mak van het Instituut voor Genderstudies in Nijmegen legt uit dat transseksualiteit en homoseksualiteit dynamische begrippen zijn die tot stand komen in relatie met een bepaalde context. ‘Vanuit ons hedendaagse westerse perspectief gaan we ervan uit dat een persoon of transseksueel of homoseksueel is, maar deze hokjes zijn culturele constructies die niet altijd nauw aansluiten bij de beleving van de persoon zelf. Daarnaast wordt iemands seksuele voorkeur en geslacht pas sinds korte tijd gezien als identiteitsvormende elementen’, aldus Mak. ‘De westerse geschiedenis laat een ingewikkelde verknoping zien van gender-overschrijdingen en gelijkgeslachtelijke praktijken, die langzaam is uitgemond in het idee dat het hier om vrijwel aangeboren, onveranderlijke en duidelijk gedefinieerde identiteiten gaat. Een meer dynamische benadering stelt dat de wijze waarop mensen zichzelf benoemen en dus een identiteit toemeten, sterk afhangt van de aangeboden verklaringen, verhalen en behandelingen.’ Het identificeren als transseksueel of homoseksueel kan dus te maken hebben met wat er in de omgeving wordt aangeboden, wat inspeelt op het idee dat de begrippen in relatie met de context tot stand komen. Het zou zo kunnen zijn dat een persoon zich in een homofobe situatie gaat identificeren als transseksueel en om die reden gelukkig kan zijn met een geslachtsoperatie.

Het interpreteren van de begrippen homoseksualiteit en transseksualiteit worden nog lastiger wanneer gekeken wordt naar de partner van iemand die een geslachtsoperatie ondergaat. Heeft diegene dan geen homoseksuele gevoelens of juist wel en betekent het dat slechts één persoon in de relatie homoseksueel is? Valt de partner dan op het lichaam of op de persoonlijkheid? Wanneer diegene op het karakter van zijn geliefde valt, zou dat betekenen dat hij eerst de stempel homoseksueel en daarna de stempel heteroseksueel zou krijgen. Volgens Mak laten deze vraagstukken zien dat de menselijke aard te complex is om in hokjes opgedeeld te kunnen worden en het feit dat in Iran het ene hokje is toegestaan en het andere niet, voor grote psychische verwarring kan zorgen bij homoseksuelen.

DELEN
Amaranta Sterkman
Journalist gespecialiseerd in genderissues en kunst & cultuur.