De val van het Assad-regime in december 2024 gaf Syriërs nieuwe hoop op vrijheid. Maar dat betekent niet dat journalisten nu zomaar kunnen schrijven wat ze willen. Tijdens een bijeenkomst over persvrijheid riepen Syrische journalisten daarom op tot meer steun voor de opbouw van onafhankelijke media in het land.
Woensdagavond kwamen Syrische en Nederlandse journalisten, activisten en beleidsmakers bij elkaar in Pakhuis De Zwijger in Amsterdam om de balans op te maken van de huidige staat van de journalistiek in Syrië. De avond werd georganiseerd door Het Grote Midden Oosten Platform, de Nederlandse Vereniging van Journalisten, Free Press Unlimited en het Syndicaat voor Onafhankelijke Journalisten in Syrië.
Onder het regime van Bashar al-Assad en diens vader Hafez al-Assad werden journalisten gevolgd en massaal gevangengenomen, zoals te zien is in de documentaire Syria, the Forbidden Witnesses of the Assad Regime, die Reporters Without Borders (RSF) dit jaar uitbracht.
Volgens Jan Keulen, journalist en activist voor persvrijheid, hebben journalisten in Syrië een ‘enorme prijs’ betaald. ‘Sinds 2011 werden meer dan zevenhonderd journalisten en mediawerkers gedood’, zegt hij.
Na de val van een autoritair regime als dat van Assad lijkt het logisch om de situatie van nu te vergelijken met die van toen. Maar wat betreft de journalistiek in Syrië gaat dat niet op, vertellen de journalisten. Journalisten die onder Assad werkten, vertelden dat journalistiek toen eigenlijk niet bestond.
Mediawetten van Assad
Mutasim Khalaf, journalist en medeoprichter van het Syndicaat voor Onafhankelijke Journalisten, legt uit dat we de situatie van de journalistiek onder Assad niet kunnen vergelijken met die van nu.
‘Voor de val van Assad had je als journalist twee keuzes: blijf je stil en leef je je leven, of kies je ervoor vragen te stellen en die te beantwoorden? Zal ik worden gearresteerd of zelfs worden gedood als ik hierover schrijf? Nadat Assad het land was ontvlucht, moesten we vanaf nul beginnen. We hadden helemaal geen ervaring met schrijven over politiek. We vroegen ons af of we nu wel de mogelijkheid kregen om in vrijheid te schrijven en hoe we onafhankelijke platforms moesten oprichten.’
‘Als je ook maar iets onwelgevalligs deelt op Facebook, dan kun je al worden gearresteerd’
De huidige regering van president Ahmad al-Sharaa heeft de mediawetten van Assad overgenomen en gebruikt die tegen journalisten, vertelt Khalaf. ‘De nieuwe regering geeft ons niet de hoop dat wij in vrijheid kunnen werken. Onlangs werden twee journalisten van ons syndicaat gearresteerd op basis van de cybercrimewet van Assad. Als je ook maar iets onwelgevalligs deelt op Facebook, dan kun je al worden gearresteerd.’
Syrië steeg flink op de ranglijst van RSF, van plek 179 in 2024 naar 141 in 2026. Maar de vrijheid van journalisten wordt nog steeds ingeperkt door instabiliteit en een zwakke economie, schrijft de organisatie. Volgens cijfers van SJA Center for Press Freedoms werden er in 2025 negenenveertig schendingen van de persvrijheid gesignaleerd. Zeventien journalisten werden gearresteerd, vier kwamen om en tien raakten gewond.
Ahmad Haj Hamdo, onderzoeksjournalist en medeoprichter van SIRAJ, zegt dat de situatie ‘nu beter’ is, maar ‘dit is een tijdelijke situatie’. ‘We moeten de persvrijheid op langere termijn kunnen garanderen en dat is een gedeelde verantwoordelijkheid.’

Volgens Kamiran Sadoun, journalist en onderzoeker van Koerdische afkomst, is de journalistiek in Syrië, wanneer je die vergelijkt met die in andere landen, ‘non-existent’. ‘Journalisten kunnen niet aan de echte verhalen, de gevoelige onderwerpen, werken, want dan komen ze in de problemen.’ Volgens Sadoun is het nog onduidelijk hoe journalisten moeten omgaan met dit soort onderwerpen.
Influencers
Een zorgelijke ontwikkeling op dit moment is volgens Sadoun dat het huidige ministerie van Informatie opnieuw probeert de controle te houden over het narratief. Het maakt hierbij steeds meer gebruik van influencers. ‘Influencers hebben toegang tot iedereen in de regering, zelfs de president. Journalisten kunnen dit echter niet. Influencers gaan mee in de lijn van de regering en roepen de autoriteiten niet ter verantwoording. Het gaat bij hen niet om de waarheid. Echte vragen stellen kunnen ze niet. Zij zijn dan ook geen journalisten.’
In plaats van influencers moeten journalisten meer ruimte krijgen om te werken, zegt Khalaf. Hij begon het Syndicaat voor Onafhankelijke Journalisten in Syrië om samen met anderen een nieuwe start te maken, vertelt hij. ‘Het gaat er dan niet om vóór of tegen de regering van al-Sharaa te zijn, maar om hoe wij ruimte kunnen creëren waarin wij ons vrij kunnen uiten en kunnen vechten voor onze rechten. Maar wij kunnen nog altijd niet legaal opereren vanwege de oude wet die onafhankelijke syndicaten verbood. Zo mogen we bijvoorbeeld geen kantoren hebben of grote bijeenkomsten houden.’
‘Influencers gaan mee in de lijn van de regering en roepen de autoriteiten niet ter verantwoording’
Om weer een betrouwbare bron voor Syriërs te worden, zullen journalisten weer in contact moeten treden met de bevolking, zegt Haj Hamdo. ‘Journalisten moeten de ogen van de bevolking zijn en kwesties uitpluizen die mensen belangrijk vinden, zoals de wederopbouw en mensenrechten. Helaas komt daar nu geen antwoord op.’
Hiertoe zal de regering moeten worden gedwongen informatie prijs te geven aan journalisten, zegt Haj Hamdo. ‘Alleen dan kunnen wij de regering controleren, bijvoorbeeld hoe zij omgaat met publiek geld.’
Khalaf voegt eraan toe dat journalisten ook het vertrouwen van Syriërs moeten zien te winnen. ‘Wanneer ik iemand wil interviewen, word ik geweigerd omdat men bang is dat ik informatie doorgeef aan het regime. Net als in de tijd van Assad. Dat zit nog steeds in het hoofd van mensen.’
Haj Hamdo: ‘Wij moeten uitleggen dat wij feiten brengen en de waarheid willen achterhalen, in plaats van een [door de autoriteiten] opgelegd verhaal. Tegelijkertijd moeten we de geschiedenis niet vergeten. We moeten de mensen eren die een hoge prijs hebben betaald tijdens de revolutie. En degenen die onder Assad verantwoordelijk waren voor de misdaden tegen journalisten, moeten ter verantwoording worden geroepen.’
Diversiteit in Syrië
Een van de doelen van de bijeenkomst was om te bespreken hoe journalisten in Syrië geholpen kunnen worden in hun werk.
Volgens Khalaf moeten buitenlandse regeringen niet blindelings meegaan in het narratief van de regering-Sharaa en doen alsof alles goed gaat. ‘Door de situatie onder Assad hebben journalisten onvoldoende ervaring. Om te kunnen professionaliseren, moeten we een infrastructuur van vrijheid bouwen. Aan iedereen die journalisten wil helpen, hen wil beschermen: laten we samenwerken.’
Haj Hamdo wil graag dat ngo’s journalisten gaan trainen, zodat zij meer ervaring krijgen. Ook zullen onafhankelijke media op lange termijn financieel gesteund moeten worden, zodat journalisten een leefbaar inkomen krijgen. Hij voegt eraan toe dat de regering-Sharaa moet worden bewogen om de oude mediawet van Assad te vervangen door een nieuwe.
Sadoun sluit zich hierbij aan. Als Koerd die veel ervaring heeft met journalisten in de regio’s, roept hij op om media in alle regio’s van Syrië te ondersteunen en niet alleen in Damascus. ‘Nu probeert de nieuwe regering opnieuw alle media in Damascus te concentreren. Donateurs uit het buitenland lijken daarin mee te gaan. Maar de overige regio’s mogen niet worden vergeten: Deir al-Zor, Hasaka, Idlib, enzovoort. Daar zijn nu ook veel media die steun nodig hebben.’
Ministerie van Informatie
Volgens Iris de Leede, beleidsadviseur bij Free Press Unlimited, is dit erg belangrijk. ‘In ons werk in Syrië leggen we de nadruk op pluralisme en hebben we oog voor de enorme diversiteit van het land. Het is essentieel om in alle regio’s media te hebben die op lokaal niveau alle doelgroepen kunnen bereiken.’
‘Na de val van een autoritair regime is de nieuwe regering er vaak erg op gebrand om de controle te krijgen en weer erkend te worden door de internationale gemeenschap. Wij zijn bezorgd over het feit dat het ministerie van Informatie de controle probeert te krijgen over de media. Denk aan eisen om licenties te kunnen krijgen en het bepalen hoeveel advertentie-inkomsten media mogen binnenhalen. Zo maakt zij media afhankelijk van de regering, zowel politiek als economisch. De geschiedenis heeft ons geleerd dat hoe meer restricties er worden opgelegd, hoe minder inclusiviteit er is. Dat kan op langere termijn tot instabiliteit leiden.’
‘Kijk ook of er daadwerkelijke verbeteringen worden doorgevoerd’
Volgens De Leede zou de Nederlandse regering er bij het versterken van de band met Syrië voor moeten waken dat zij niet overgaat op ‘business as usual’. ‘Natuurlijk biedt het de kans om nieuwe zakenrelaties aan te gaan en vluchtelingen te laten terugkeren. Maar kijk ook of er daadwerkelijke verbeteringen worden doorgevoerd. Nu is een uitgelezen kans om vrije, onafhankelijke media te steunen die de regering ter verantwoording kunnen roepen, maar er ook voor kunnen zorgen dat de bevolking weer vertrouwen krijgt in de overheid.’
Activist Keulen wijst erop dat Syrische journalisten zich ook kunnen wenden tot hun collega’s in de regio. ‘Terwijl de Syrische journalisten zich opnieuw moeten uitvinden, is er zoveel expertise te vinden, zoals de Unie van Onafhankelijke Journalisten in Libanon en andere organisaties. Ik denk dat het heel belangrijk is om ook van hen te leren. Gebruik dit in combinatie met fondsen uit het Westen.’
Als eerbetoon aan de Syrische journalisten die tijdens hun werk omkwamen en aan degenen die de journalistiek weer willen opbouwen, zegt Keulen: ‘Na vijftig jaar te hebben gewerkt onder een dictatuur en onderdrukking, is het werken aan een vrije journalistiek in Syrië een werk van helden.’
Nu u hier toch bent...
Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.
Vertel mij meer!

