‘In Nederland voel je de sfeer van ramadan niet’

Foto's: AP, de Kanttekening
Hoe ervaren vluchtelingen de ramadan in Nederland? Wat zijn de belangrijkste verschillen met het herkomstland? Drie vluchtelingen delen hun ervaringen met de Kanttekening.

Deze maand stond voor veel moslims in het teken van het vasten. Ook voor de vluchtelingen Zaher Shaar (23, uit Syrië), Emad Ahmed Hamadi (27, uit Irak) en Ahmed Abdulrahman (20, Palestina). Voor de tweede keer maakten zij de ramadan mee in Nederland.

Emad en Zaher zijn samen naar het asielzoekerscentrum in Tilburg gekomen, waar hun vriend Ahmed nog woont. Het is rustig als we doorlopen naar zijn kamer. Van de ruim zeshonderd mensen die hier in het begin zaten, zitten er nu nog ongeveer honderd. ‘Vorig jaar was het veel gezelliger tijdens de ramadan’, zegt Emad. ‘Er waren toen veel meer mensen hier die meededen.’

De kamer van Ahmed is niet groot. Twee bedden en een keukenblokje, meer stelt het niet voor. Het is er erg warm en dat maakt het vasten niet makkelijker. Hoewel het de tweede keer is dat ze de ramadan meemaken in Nederland, is het nog steeds zwaar. Je mag in Nederland ruim achttien uur niet eten, in Syrië en Irak is dat circa veertien uur.


Zaher.

‘Ik ben nog steeds niet gewend geraakt aan het vasten hier’, zegt Zaher. ‘Het aantal uur dat je niet mag eten is lang.’ Emad en Ahmed zijn het daarmee eens, al went het wel langzaam. ‘In het begin heb je echt honger en dorst, maar je moet toch volhouden.’ Ze kennen mensen die door de lange tijden zijn gestopt. ‘Iedereen is verantwoordelijk voor zijn of haar gedrag. Iedereen mag zelf weten wat hij of zij doet’, zegt Emad.

De lange dag komen de jongens door met slapen en bezigheden. ‘We proberen ’s nachts zo lang mogelijk wakker te blijven. Als we niet slapen dan duurt de dag wel erg lang.’ Van kwart over tien ’s avonds tot vier uur s’ nachts mogen ze eten. ‘Een uur van te voren beginnen we met koken.’ Het eten klaarmaken gebeurt gezamenlijk. ‘Normaal kookt iedereen voor zichzelf, maar tijdens de ramadan doen we dat samen.’

Het menu is heel divers; van soep en frietjes tot macaroni en bami. Eten dat dorst veroorzaakt proberen ze te vermijden. De boodschappen worden gehaald bij een Nederlandse of Turkse supermarkt. ‘Bij de Turk halen we vlees, omdat we weten dat het halal geslacht wordt. Ook halen we er brood en producten uit ons eigen land.’ Een verschil met vorig jaar is volgens Ahmed dat ze nu beter voorbereid zijn. ‘We weten nu waar we boodschappen kunnen doen. Vorig jaar was dat nog even zoeken.’ Eten doen ze gezamenlijk. ‘We zitten soms met vijf of tien man. Dat past niet altijd op een kamer. Vaak gooien we daarom de deuren open en lopen we van de ene naar de andere kamer om te eten’, zegt Emad.

Het grote verschil met vasten in Nederland en het herkomstland is volgens Emad de sfeer. ‘In het land van herkomst is iedereen aan het vasten. Iedereen heeft daar begrip voor elkaar. Hier in het azc zetten we de deuren voor elkaar open, maar daar openen mensen hun hele huis. Na het eten wordt er ook veel meer georganiseerd. Mensen verzamelen zich in cafés en buiten op straat worden er spelletjes gedaan. Er zijn veel activiteiten. Het is de sfeer, hier in Nederland voel je dat niet.’


Emad (rechts).

Ze voelen zich hier wel geaccepteerd. ‘Ik had niet verwacht dat we zo geaccepteerd zouden worden. We krijgen veel vragen, maar ook steunbetuigingen. Nederlanders vinden het knap dat we vasten. Van het contact met hen krijg ik echt het gevoel dat ze het accepteren’, zegt Emad. Zaher heeft zelfs een Nederlandse vriend die een dag meedeed met het vasten. ‘Hij wil het nooit meer doen’, zegt hij lachend.

Voor het Suikerfeest hebben de jongens niet echt plannen. ‘We gaan zelf zoete hapjes maken en zoeken elkaar op. De moskeeën in Tilburg organiseren wat voor de kinderen uit het azc. Die krijgen dan cadeautjes. Voor de volwassenen is er een speciaal gebed’, aldus Zaher. Ahmed ziet grote verschillen met Palestina. ‘Hier in Nederland is het een gewone dag. Het is heel anders dan in eigen land. Daar tellen we heel het jaar de dagen af voor het Suikerfeest. Het is een groot feest en iedereen doet mee.’

Zolang het onveilig is in het herkomstland willen de mannen graag in Nederland blijven. Ze willen blijven meedoen aan de ramadan. Het is volgens hen een traditie die hoort bij het geloof. Daarnaast is het volgens Emad ook nog goed voor je gezondheid. ‘De maag werkt elf maanden voor ons, dus die geven we tijdens de ramadan rust.’

DELEN
Melissa Zevenbergen
Journalist gespecialiseerd in integratievraagstukken en entertainment. Verslaggever. Vlogger. Redacteur van de Kanttekening.