Beelden tonen aan dat Israëlische soldaat baby Sam doodschoot in een stilstaande auto

Lees meer

De Israëlische mensenrechtenorganisatie Btselem heeft nieuwe beelden vrijgegeven van een Palestijnse familie die in hun auto in Hebron onder vuur werd genomen door een Israëlische soldaat. De zeven maanden oude baby Sam Abu Haikal kwam daarbij om het leven en zijn moeder raakte ernstig gewond. De nieuwe beelden tonen aan dat de auto daarbij stil stond, in tegenstelling tot een eerdere verklaring door het leger,  schrijft de Gelderlander.

Volgens het Israëlische leger schoot een soldaat afgelopen vrijdag op hun auto om dat deze op hem afkwam. Maar nieuwe beelden en de verklaring van de vader van Sam spreken die lijn tegen.

Het gezin uit Bethlehem op de door Israël bezette Westelijke Jordaanoever was onderweg naar Hebron (al-Khalil) toen ze moesten stoppen voor Israëlische soldaten die op de weg stonden. De vader verklaarde dat hij de auto meteen stilzette en zijn handen op het stuur legde, waarna de soldaat op hen schoot. Dat wordt bevestigd door camerabeelden van de auto

Volgens de vader had het voor de soldaat overduidelijk moeten zijn dat het om een gezin ging. Baby Sam werd dodelijk getroffen in zijn hoofd. Zijn moeder werd in haar gezicht geraakt en moest naar het ziekenhuis.

Op een tweede video die op de site van Btselem is gepubliceerd, is te zien dat de soldaten het gezin, met de ernstig gewonde baby en moeder, niet te hulp schoten. Volgens Btselem gingen de soldaat die het vuur had geopend en een andere soldaat ervandoor, terwijl omstanders probeerden de zwaargewonde baby en de bloedende ouders te helpen.

Volgens de directeur van Btselem, Yuli Novak, heeft ‘de immuniteit die Israël van de internationale gemeenschap geniet geleid tot een realiteit waar, onder Israëlisch gezag, Palestijnse levens niets waard zijn, zelfs dat van een zeven maanden oude baby.’

De Gelderlander schrijft op basis van cijfers van de Verenigde Naties dat sinds het begin van de genocide in oktober 2023 al ruim duizend Palestijnen zijn gedood op de bezette Westelijke Jordaanoever en in Oost-Jeruzalem. Volgens cijfers van de Israëlische organisatie Yesh Din werd in minder dan één procent van de gevallen waarbij een Israëlische militair werd beschuldigd van geweld tegen Palestijnen, daadwerkelijk een aanklacht ingediend.

- Advertentie -