Het Centrum Informatie en Documentatie Israël (CIDI) neemt aanstoot aan een rode lijn die op het stadhuis is geplakt, waarmee de gemeente Arnhem zich solidair verklaart met de Rode Lijn-demonstratie aanstaande zondag in Amsterdam. De pro-Israëlische lobbyclub plaatst bovendien in een bericht het woord ‘genocide’ tussen haakjes, waarmee zij volgens critici bijdraagt aan de ontkenning van de genocide in Gaza.
De tekst is geplaatst bij een artikel van Jonet, eveneens een pro-Israëlische nieuwssite, waarin de stap van de gemeente Arnhem en burgemeester Ahmed Marcouch wordt bekritiseerd. ‘Door stelling te nemen en kleur te bekennen, gaat het Arnhemse college van burgemeester en wethouders in tegen de neutraliteit waar gemeenten voor horen te staan’, schrijft Jonet.
Jonet stelt dat er begrip moet zijn voor de minderheid die anders over de situatie denkt en de genocide ontkent: ‘Arnhem heeft volgens Marcouch veel inwoners die stellen dat er ‘genocide’ in Gaza zou plaatsvinden – hijzelf neemt dat woord ook in de mond. Als dat zo is, dan is er ook een minderheid van bewoners die er anders over denkt. Deze minderheid wordt genegeerd.’
Of de site daarmee specifiek de Joodse gemeenschap van Arnhem en Israëlische Arnhemmers bedoelt, is niet geheel duidelijk. Wel wordt de link met die twee groepen duidelijk gelegd door te stellen dat Joden zich door de rode lijn ‘in de steek gelaten’ en ‘onveiliger’ voelen. Marcouch wordt ‘profileringsdrang’ verweten. ‘Met name richting Amsterdam met progressieve thema’s’, aldus Jonet.
Binnen de Joodse gemeenschap in Nederland wordt verschillend over de genocide gedacht. Aan de ene kant heb je luide stemmen als CIDI, Jonet en het Nieuw Israëlietisch Weekblad, die de term ‘genocide’ resoluut verwerpen en wijzen op ‘het recht op zelfverdediging van Israël’. Tegelijkertijd zijn er ook andere Joodse stemmen, die de massaslachtingen in Gaza ‘genocide’ noemen en de Israëlische staat een ‘apartheidsregime.


