Home Blog Pagina 105

Hitlergroet, racisme en seksisme tijdens ‘anti-immigratieprotest’ in Amsterdam

0

Tijdens het zogenoemde anti-immigratieprotest in Amsterdam van afgelopen zondag werden veel discriminerende uitlatingen en uitingen gedaan. Zo werd GroenLinks-PvdA-leider Frans Timmermans uitgemaakt voor ‘kankerjood’ en maakte een demonstrant de Hitlergroet.

Op het Museumplein vallen de koloniale en racistische symbolen op. Bijvoorbeeld de Prinsenvlag, die geassocieerd wordt met de NSB, en het logo van de Verenigde Oostindische Compagnie. Ook zijn er teksten als ‘Send them Home’, in Gotische letters, gericht tegen asielzoekers.

Een van de organisatoren, Martijn Tinus Koops, doet provocerende uitlatingen. Zo zouden de rellen van 20 september door de media zijn geframed. Toch meent hij vandaag een statement te maken dat ‘rechts’ is en ‘duidelijk vreedzaam’.

In werkelijkheid klinkt uit zijn mond het tegenovergestelde van vreedzaam. Zo rijgt hij homofobe en seksistische uitlatingen over de driehoek (politie, OM en de gemeente) in Den Haag en Amsterdam aaneen, door hen uit te schelden voor ‘flikkers’ en ‘hoeren’.

Volgens hem staat de Nederlander niet langer op één. ‘Wij zijn een gastvrij land geweest, maar gastvrijheid mag geen zelfvernietiging worden. We hebben onze grenzen opengezet zonder na te denken over veiligheid,’ aldus Koops op het Museumplein, die even later ook keihard ‘eigen volk eerst’ zou scanderen.

Wanneer de extremistische groepering Defend Netherlands zich rond 14.00 uur aansluit bij het nationalistische protest en de groep in beweging komt, krijgt het gezelschap een gewelddadiger karakter. Omstanders krijgen een middelvinger of worden bekogeld met eieren.

Frans Timmermans wordt antisemitisch en gewelddadig toegezongen. Bij Pownews is te zien dat organisator Koops deze uitingen goedpraat.

PVV-Kamerleden achter FB-account waar blonde vrouwen belaagd worden door migranten

0

Twee PVV-Kamerleden blijken achter een racistisch account te zitten waarop AI-plaatjes worden gedeeld van blonde vrouwen die worden bedreigd door migranten.

De Groene Amsterdammer heeft dat blootgelegd in een onderzoek naar het beheer van de Facebookpagina ‘Wij doen GEEN aangifte tegen Geert Wilders’.

Het racistische PVV-narratief wordt via online posts versterkt door deze ogenschijnlijke fanpage. Maar het bleek dus niet te gaan om een overijverige PVV-fan maar om de PVV zelf, namelijk de Kamerleden Maikel Boon en Patrick Crijns. Zij maakten afbeeldingen met behulp van AI, waarmee ze de extreemrechtse boodschap van de PVV probeerden te versterken.

De Groene achterhaalde via het watermerk van de AI-video’s dat Boon onder de gebruikersnaam ‘wolftour’ honderden beelden heeft gegenereerd. Een van de prompts — ‘Maak een hyperrealistische foto van een knappe, onschuldige blonde vrouw die op het strand loopt. Achter haar aan loopt een groepje getinte jongeren’ — verbeeldt precies het opgeklopte gevaar waarmee de PVV witte Nederlanders angst wil aanjagen en bewegen PVV te stemmen.

Volgens de BNNVARA-opiniewebsite Joop.nl is de pagina inmiddels uitgegroeid tot een van de vijf populairste Facebookpagina’s van Nederland, met een bereik van een half miljoen mensen.

Waarom doet JA21 het zo goed in de peilingen?

0

JA21 groeit onverwacht uit tot een serieuze speler in het rechtse kamp. Met een bestuurlijk imago en harde rechtse standpunten is de partij interessant geworden voor teleurgestelde kiezers van VVD, NSC en PVV.

In de laatste peilingen staat JA21 tussen de negen en dertien zetels. Een opmerkelijke opmars voor een partij die twee jaar geleden nog geplaagd werd door interne conflicten en waarvan het bestaansrecht door velen in twijfel werd getrokken. Volgens politicoloog Matthijs Rooduijn (Universiteit van Amsterdam) profiteert de partij op dit moment van een unieke samenloop van omstandigheden. Maar of dit succes blijvend is, valt echter lastig te voorspellen.

Spons voor ontevreden kiezers

JA21 splitste zich eind 2021 van Forum voor Democratie af, vanwege een ruzie over de slechte muzieksmaak van Joost Eerdmans en controversiële uitlatingen van Thierry Baudet over Joden, die als antisemitisch werden opgevat. Maar waar Forum voor Democratie steeds radicaler is geworden, profileert JA21 zich als een ‘realistisch’ alternatief, dat ook ontgoochelde PVV-kiezers moet aantrekken.

Allerlei kiezers die zijn teleurgesteld belanden nu bij JA21

‘De partij fungeert nu als een spons’, zegt Rooduijn. ‘Allerlei kiezers die zijn teleurgesteld belanden nu bij JA21. Gedesillusioneerde PVV-stemmers die boos zijn omdat Geert Wilders de stekker trok uit het kabinet, mensen die NSC te vaag of te onbetrouwbaar vinden en VVD-stemmers die vinden dat hun partij te slap is geworden op migratie. Voor hen is JA21 een aantrekkelijk alternatief.’

De politieke context werkt in het voordeel van de partij van Joost Eerdmans en Annabel Nanninga, observeert Rooduijn. De VVD verkeert in een diepe crisis, vanwege de strategische en tactische blunders van Dilan Yesilgöz. De VVD daalt hard in de peilingen en staat nu tussen de dertien en zestien zetels. Met NSC is het nog erger gesteld. De partij van Pieter Omtzigt, die in 2023 vanuit het niets met twintig zetels debuteerde, komt op nul zetels uit.

De PVV ten slotte verloor steun omdat Wilders in de regering nauwelijks resultaten wist te boeken en vervolgens de stekker uit het kabinet heeft getrokken. Toch heeft Wilders minder verloren dan je op het eerste gezicht misschien zou denken, zegt Rooduijn. ‘Veel PVV-kiezers gaan nu in Wilders’ narratief mee, dat hij zou zijn tegengewerkt door de andere partijen. De PVV is in de opiniepeilingen nog steeds de grootste partij, met meer dan 30 zetels.’

Radicaal rechts, maar niet extreem

Tot zover het succes van JA21. Hoe moeten we deze partij plaatsen in het partijlandschap? Politicologisch gezien behoort de partij tot de familie van radicaal rechtse partijen, zegt Rooduijn. ‘Ze vissen in dezelfde electorale vijver als PVV, FvD en BBB. Wel zijn er grote verschillen tussen deze vier partijen. FvD is ideologisch extremer, de PVV is vooral gefixeerd op de islam en de BBB legt de nadruk op boerenbelangen. JA21 ten slotte positioneert zich als de redelijke variant van radicaal rechts, die graag wil besturen.’

Maar waarom noemen we deze vier partijen niet gewoon extreemrechts? ‘Ze vallen allebei onder de noemer far right, dat je zou kunnen vertalen als uiterst rechts’, zegt Rooduijn. ‘Wel moet je beide vormen van uiterst rechts goed van elkaar onderscheiden. Radicaal rechts is nationalistisch, anti-immigratie en kritisch over de instituties van de liberale democratie, zoals de pers, de universiteiten en de rechterlijke macht. Ook is radicaal rechts autoritair ingesteld: law and order, hiërarchisch denken en het hard aanpakken van migranten.’

Extreemrechts gaat een stap verder en wil de democratische orde omverwerpen, desnoods met geweld. ‘Denk hierbij aan het fascisme, het nazisme of de Griekse beweging Gouden Dageraad.’ Dat is volgens Rooduijn een fundamenteel verschil, ook al is de grens in de praktijk niet altijd scherp. ‘FvD flirt bijvoorbeeld met tribunalen en aanhangers van Donald Trump bestormden in 2021 het Capitool.’

JA21 balanceert dus op de lijn van radicaal rechts: stevig anti-immigratie, autoritair in toon, maar binnen de kaders van de parlementaire democratie. ‘Ze presenteren zich als conservatief-liberaal’, zegt Rooduijn, ‘maar inhoudelijk zijn hun standpunten radicaal rechts.’

Realisme als retoriek

Opvallend is verder dat JA21 zich graag afficheert als de partij van de redelijkheid en bestuurbaarheid. Ze willen het realistische alternatief zijn voor FvD en PVV. Maar dat realisme is vooral retoriek, meent Rooduijn. ‘Neem hun voorstel voor enkelbanden voor illegalen. Dat is nauwelijks uitvoerbaar en bovendien in strijd met de rechtsstaat. Hun programma bevat veel punten die juridisch of praktisch simpelweg niet te realiseren zijn.’

Door zich conservatief-liberaal te noemen probeert JA21 een brug te slaan naar gefrustreerde kiezers van VVD en NSC, die minder migratie willen maar de retoriek van Wilders te ver vinden gaan. ‘Het is een strategie die op korte termijn lijkt te werken, maar op de lange termijn problemen kan opleveren zodra de partij moet laten zien of ze werkelijk kan regeren.’

Veel van hun standpunten staan op gespannen voet met de liberale democratie

Regeringsgeschikt of besmet?

De vraag of JA21 regierungsfähig is, hangt volgens Rooduijn niet alleen af van de toon en retoriek, maar ook van de inhoud. ‘Veel van hun standpunten staan op gespannen voet met de liberale democratie en maken het lastig om compromissen te sluiten. Dat kan coalitievorming bemoeilijken met partijen als GroenLinks-PvdA en D66, zelfs als deze partijen de deur formeel niet dichtgooien.’

Toch speelt imago ook een rol. Het is voor JA21 van belang om zich te onderscheiden van radicalere partijen als PVV en FvD, die wel formeel worden uitgesloten door de andere partijen. Het aantrekken van kandidaten zoals Ingrid Coenradie (ex-PVV) en Diederik Boomsma (overgestapt van NSC) draagt bij aan dat beeld. JA21 wil ervaring aantrekken, maar ook politici die uitgesproken kritisch zijn over migratie, aldus Rooduijn.

Volatiel landschap

Hoe stabiel is het succes van JA21? Dat is onzeker, benadrukt de politicoloog. ‘De partij profiteert van de huidige politieke situatie, waarin VVD en NSC het niet zo goed doen. Maar als we iets hebben geleerd van de vorige verkiezingen is dat alles snel kan omslaan. Wilders kan tijdens de debatten weer momentum krijgen en weggelopen kiezers terughalen. Ook kunnen interne conflicten – tussen Annabel Nanninga en Ingrid Coenradie bijvoorbeeld die heeft gezegd dat de islam voor haar geen prioriteit heeft – roet in het eten gooien. ‘Als die twee ruzie maken, dan verdwijnt de virtuele winst van JA21 in de peilingen als sneeuw voor de zon’, zegt Rooduijn.

Het bredere radicaal rechtse landschap blijft volatiel, benadrukt de UvA-wetenschapper. ‘Bij de vorige verkiezingen schoot de PVV in korte tijd omhoog in de peilingen. Zoiets kan opnieuw gebeuren. Kiezers die nu naar JA21 neigen kunnen in de campagne alsnog terugkeren naar de PVV of thuisblijven.’

Zeynep Dulger schreef met Mr. & Mrs. Aslan een film voor de hele familie

0

De eerste Turks-Nederlandse familiefilm Mr. and Mrs. Aslan is een onverwacht bioscoopsucces. Scenarist Zeynep Dulger vertelt hoe haar missie, timing en een flinke dosis lef leidden tot een film die culturele herkenning combineert met humor, actie en emotie.

Afgelopen maand ging de eerste Turks-Nederlandse bioscoopfilm, Mr and Mrs Aslan, in première. De actioncomedy met een sterrencast — waaronder Yolanthe Cabau, Sinan Eroglu, Nesim El Ahmadi, Thijs Boermans en Önder Doğan (Murda) — slaat ook aan bij het publiek en concurreert met grote Hollywoodfilms als een van de meest bezochte films van de afgelopen weken. Voor scenarist Zeynep Dulgur is dit haar debuut in de bioscoopwereld: ‘Ik ben pas een jaar afgestudeerd en kan nu aan veel projecten werken.’

Hoe komt het dat je zo snel aan zulke grote projecten bent gekomen?

‘Een combinatie van timing, een duidelijke missie en… veel geluk. Na mijn afstudeerfilm, die volledig in het Turks was, had ik als doel om meer Turks-Nederlandse films te maken. Ik kwam in contact met Turks-Nederlandse makers die verhalen naar het grote scherm wilden brengen. Zo ontmoette ik Sinan Eroglu. We hadden afgesproken om even koffie te drinken, maar we hebben uiteindelijk zes uur gepingpongd met ideeën en besloten meteen een team te vormen. Vanaf toen belden we dagelijks: ik schreef pitches, hij stuurde ze door naar producenten, en zo rolden we tegelijk meerdere projecten in. Blijkbaar was er echt een gat in de markt voor Turks-Nederlandse films, en precies daar doken we in.’

Hoe kwam dat gat in de markt? Waren de verhalen er niet, of de makers niet?

‘Een beetje van allebei. Jarenlang zagen we in de bioscoop vooral de successen van Marokkaans-Nederlandse producties. Turks-Nederlandse verhalen bleven achter, op een paar documentaires na. Tegelijkertijd groeide in de sector het besef dat je niet zomaar twee Nederlandse makers een Turks verhaal moet laten vertellen, maar makers met een directe culturele affiniteit. Daar waren er weinig van in het veld, maar dat is inmiddels aan het veranderen.’

‘In mijn eerste drie jaar was ik koppig en wilde niks Turks maken’

Jij bent afgestudeerd aan de Nederlandse Filmacademie. Hoe zat het daar met biculturaliteit en biculturele verhalen?

‘De school zelf was behoorlijk bicultureel en actief bezig biculturaliteit toe te juichen. Toch merkte ik dat veel makers niet per se verhalen wilden maken over hun eigen cultuur. Ik in het begin ook niet. In mijn eerste drie jaar was ik koppig en wilde niks Turks maken. Mijn passie lag toen bij sci-fi, thrillers en Spielberg-achtige cinema. Tot ik een theaterstuk in het Turks had gedaan: een denkbeeldig gesprek met mijn afwezige vader. De hele zaal huilde. Vanaf dat moment ben ik mijn culturele kant gaan omarmen.’

Is je liefde voor sciencefiction nog steeds je einddoel?

‘Absoluut! Een echte Turks-Nederlandse sci-fi blijft de droom, maar sci-fi is duur en in Nederland liggen grote budgetten nog niet voor het oprapen. Dat maakt mijn droom niet minder: een groots, emotioneel genre-epos. Tot die tijd geniet ik van deze fase waarin ik Turks-Nederlandse verhalen voor een breed publiek mag maken.’

Wat bleek de grootste uitdaging bij je overstap van korte films naar een grote speelfilm als Aslan?

‘De sprong in schaal. Op de academie neigde ik al naar ‘te lang’, maar een volledig gefinancierde speelfilm met echte releaseverwachtingen voelt als gewicht op je schouders. Gelukkig stond ik er niet alleen voor. Door dagelijks samen te werken met Sinan en een goed team hebben ze me door mijn eerste speelfilm heen getrokken.’

Over dat team gesproken: Aslan kent bekende namen en gezichten. Hoe was dat voor jou?

‘Casting loopt altijd parallel aan een film, maar je weet pas echt wie het worden als het script ‘op slot’ is. Ik vond het dan ook spannend toen ik hoorde dat onder anderen Yolanthe Cabau en Murda in de film zaten. Grote namen die de dialogen gingen uitspreken die ik in mijn zolderkamertje had getikt. Toen het eenmaal gebeurde, lag iedereen in een deuk. Na twee uur vol gelach wist ik: ‘Dit komt goed!’’

Aan humor zitten veel verschillen, ook tussen twee talen. Hoe schrijf je grappen die zowel in het Nederlands als in het Turks landen?

‘Comedy is moeilijk te schrijven. Je moet vooral veel gezien hebben. Mijn humor is een mix van Amerikaanse komedie, zoals Jim Carrey, Eddie Murphy, Nederlandse cult, denk aan Flodder, en Kemal Sunal. Het schrijven van comedy is ook meer structureel dan je denkt: ‘Elke pagina moet een grap hebben en elke scène eindigt met een punchline.’ Zo kan ik afwisselen,hier een Turkse grap, daar een Nederlandse.’

Je noemt het zelf ‘slim stelen’. Waar zit dan de originaliteit?

‘In de lens waardoor je steelt. Quentin Tarantino steelt ook heel veel, maar omdat híj het steelt, wordt het origineel. Ik kijk graag naar wat werkte in een film en hoe ik dat kan vertalen naar het verhaal dat ik wil vertellen. Mr and Mrs Aslan haalt bijvoorbeeld veel inspiratie uit Mr. & Mrs. Smith, maar door het te vervormen naar Turks-Nederlandse dynamieken, familiecodes en taalspel wordt het iets nieuws. Originaliteit is voor mij geen ongereptheid, maar een herkenbare signatuur die je over je invloeden legt.’

‘Ik stop veel uit mijn eigen leven in mijn script’

Zijn er grappen die op papier werkten, maar tijdens het filmen niet?

‘Zeker. Ik stop veel uit mijn eigen leven in mijn script. Het personage Ferhat is bijvoorbeeld een emulsie van mijn zes neven, maar een grap die in mijn familie hysterisch is, kan bij iemand anders stilvallen. Daarom test ik continu bij producenten, de regisseur, Sinan en acteurs. Daarnaast is er op de set ook ruimte voor improvisatie. Het script is een routekaart: als acteurs een bocht scherper of juist wijder willen nemen om een grap te laten landen, dan hebben ze die vrijheid.’

Je gaf aan dat dit de eerste Turks-Nederlandse bioscoopfilm is. Wat betekent dat voor jou?

‘Het is voor mij een persoonlijke missie. Als kind had ik graag zo’n film in de bioscoop willen zien, iets waarin ik me als Turks-Nederlander kon herkennen. Ik ben niet Turks, ik ben niet Nederlands. Ik ben altijd ertussenin. Ik leef tussen twee werelden. Ik hoop dat dit een film is waar de nieuwe generatie, mijn generatie en de oudere zich in kunnen herkennen en ook kunnen zien dat de Turks-Nederlandse gemeenschap positief kan worden neergezet door een Turkse maker.’

Verwacht je dat Aslan een keerpunt kan zijn voor representatie in de Nederlandse film?

‘Dat hangt af van twee harde meetlatten in Nederland: kaartverkoop en prijzen. Als Aslan laat zien dat er publiek voor is, kunnen er diverse deuren opengaan. Dat geldt niet alleen voor mij, maar ook voor andere makers die vanuit verschillende achtergronden met commerciële ambitie willen werken. Het zou geweldig zijn als dit momentum leidt tot een groei van het aantal Turks-Nederlandse verhalen, maar net zo goed Iraans-Nederlandse, Surinaams-Nederlandse, et cetera.’

‘Ik ben niet Turks, ik ben niet Nederlands. Ik ben altijd ertussenin’

Hoe gaat het met de Nederlandse film en de diversiteit daarin?

‘Er is veel in beweging. Diversiteit is beter dan een paar jaar geleden, maar er valt nog te winnen. Voor mij begint dat bij wie er aan de knoppen zit en wie ideeën in het leven mag roepen, niet alleen uitvoeren. De filmmarkt is wankel. Er werden lang veel romantische komedies gemaakt, en je ziet dat die een stuk minder succesvol zijn. Spannende films doen het nu opvallend goed. Iedereen is eigenlijk op zoek naar wat werkt. Ik hoop dat Aslan laat zien dat bi-culturele verhalen ook commercieel kunnen slagen.’

Welke projecten heb je nu lopen?

‘Er komt veel aan. Binnenkort verschijnt een persoonlijke dramaserie bij de NPO, gebaseerd op het verhaal van mijn familie. De serie is voor mij een poging om een verscheurd gezin weer met elkaar te laten praten na een affaire. Daarnaast Blathers, opnieuw een comedy met onder anderen Nesim en Sinan. Ik werk aan mijn derde speelfilm, Police (actiecomedy), en nog aan twee series.’

Wat is je droomproject?

Hayat (het leven), een epische familiefilm over mijn grootouders, gastarbeiders die naar Nederland kwamen. De film moet zo’n drie uur duren en deels in Turkije en deels hier spelen. Ik noem het weleens de Turks-Nederlandse Godfather. Ik wil hem zelf schrijven én regisseren. Ik heb het in ieder geval heel druk de komende tijd, maar ergens daarachter hoop ik nog steeds op die grote Turks-Nederlandse sci-fi.’

Tot slot: wat wil je dat kijkers meenemen als ze Aslan uit de zaal stappen?

‘Dat ze samen met familie en vrienden, meerdere generaties naast elkaar, gelachen hebben. Dat ze herkenning voelden zonder dat het zwaar werd, met de trots dat dit óns verhaal is. In alledaagse grappen en grote gebaren. Het is een film die je moeiteloos met je oma en je neefjes kunt kijken. Precies daarom nodig ik iedereen uit: ga naar Mr and Mrs Aslan, want dit is een familiefilm voor iedereen.’

Syrië: gevechten tussen interimregering en Koerdische SDF

0

De Syrische stad Aleppo was deze week het epicentrum van de strijd tussen de nieuwe regering van Al-Sharaa en de voornamelijk Koerdische SDF. Een staakt-het-vuren zorgde voor een gevechtspauze, maar daarmee was de rust nog niet wedergekeerd.

Bewoners van de Koerdische wijken Sheikh Maqsoud en Ashrafiyeh konden gisteren eindelijk weer naar huis, na een belegering van een week. Niets mocht de wijken in of uit en voedselvoorraden begonnen op te raken. Mensen mochten er wel uit, maar niet in, waardoor sommigen dagenlang niet terug konden naar hun eigen huis, zeggen ooggetuigen tegen The National.

De Britse krant in de Verenigde Arabische Emiraten volgde de strijd deze week op de voet en noemt het de eerste grote stedelijke oorlog tussen de twee partijen sinds de machtswisseling eind 2024. De SDF, die een groot gedeelte van noordoost-Syrië onder controle heeft, wordt het maar niet eens met de nieuwe machthebbers over de toekomst van de Koerden. Al maanden waren er schermutselingen. Deze bereikten een hoogtepunt in Aleppo deze week.

In Aleppo wonen ongeveer een miljoen Koerden. Hoewel het grootste gedeelte van de stad onder controle staat van het regeringsleger, vallen Sheikh Maqsoud en Ashrafiyeh, waar de meeste Koerden wonen, onder het gezag van de SDF. Vooral in de nacht van maandag op dinsdag werd hard gevochten om de controle over de wijken. Dinsdag bereikten de partijen een staakt-het-vuren; op woensdag zette het regeringsleger de belegering in.

Ondertussen wordt er druk onderhandeld over de positie van de Koerden, onder andere met de Verenigde Staten, dat de SDF al sinds de opkomst van ISIS ondersteunt. De Amerikaanse speciale gezant voor Syrië, Tom Barrack, sprak dinsdag met Al-Sharaa en de dag ervoor met SDF-leider Mazloum Abdi. Het doel van het gesprek is om de overeenkomst die beide partijen maakten op 10 maart van dit jaar nieuw leven in te blazen.

Hoewel de gevechten in Aleppo zijn gepauzeerd, raakten de twee partijen vannacht opnieuw slaags in Deir al-Zor, in het oosten van Syrië.

María Corina Machado, niet Trump, wint Nobelprijs

0

Niet Donald Trump, maar de Venezolaanse María Corina Machado heeft de Nobelprijs voor de Vrede gewonnen. Dat heeft het Noorse Nobelprijscomité vandaag bekendgemaakt.

Ze wordt geprezen om haar onvermoeibare inzet voor de bevordering van democratische rechten in Venezuela en haar streven naar een vreedzame overgang van dictatuur naar democratie. Machado is een belangrijke oppositieleider in Venezuela. Ze wordt gezien als een van de belangrijkste voorvechters van een democratisch bestel in een land dat al jaren een autoritair en door en door corrupt bestuur heeft.

Machado is de oprichter en nationale coördinator van de politieke partij Vente Venezuela. In 2011 werd ze gekozen als lid van de Nationale Assemblée, met een recordaantal stemmen in de verkiezingen van 2010. Maar haar mandaat werd stopgezet in 2014, omdat het regime haar ervan beschuldigde de grondwet te overtreden.

Ze liet zich niet wegjagen. Terwijl ze zich moest onttrekken uit het publieke leven, bleef ze in haar land. Tijdens de presidentsverkiezingen van 2024 wilde ze het opnemen tegen president Nicolás Maduro, maar ze werd uitgesloten van deelname.

Volgens het Noorse Nobelprijscomité is het belangrijk om erkenning te geven aan mensen die de moed hebben om autoritaire leiders uit te dagen, juist in een tijd dat autoritaire regimes weer toenemen. Dit zou een herinnering moeten zijn aan het feit dat vrijheid niet vanzelfsprekend is, aldus het comité tijdens de bekendmaking. Het was uitgesproken kritisch over leiders die media sluiten, tegenstanders de mond snoeren en democratie onder druk zetten.

Het leek een impliciete uithaal naar de Amerikaanse president Donald Trump, die graag had gewild dat de prijs naar hem ging. Hier maakte hij geen geheim van, hij benadrukte zelfs meerdere malen dat hij genomineerd was, onder andere door Benjamin Netanyahu. Trump stelt dat hij inmiddels zeven oorlogen heeft beëindigd, hoewel niet duidelijk is welke dat zijn. Hij is vooral trots op de deal tussen Israël en Hamas, een deal waarvan nog moet blijken of het ook tot vrede zal leiden.

President Trump zette bovendien de Noren flink onder druk. Achter de schermen zou hij hebben gelobbyd bij Jens Stoltenberg, oud-NAVO-baas en de huidige Noorse minister van Financiën. De verwachting is dat Trump zijn verlies zal beantwoorden met bijvoorbeeld hogere importtarieven voor Noorwegen.

Er waren dit jaar 338 kandidaten voor de Nobelprijs voor de Vrede: 244 personen en 94 organisaties. Wie dit zijn, blijft geheim. Soms melden kandidaten zelf dat ze zijn voorgedragen. Dit deden bijvoorbeeld Donald Trump, Paus Franciscus, Jens Stoltenberg, en enkele organisaties, zoals de Campaign for Uyghurs en Teacher Li.

Vorig jaar won Nihon Hidankyo de Nobelprijs voor de Vrede. Deze Japanse organisatie van overlevenden van de atoombommen op Hiroshima en Nagasaki werd beloond voor de inzet om een wereld zonder kernwapens te bereiken.

Weer een nieuwe stemwijzer: de MoslimStemhulp

0

Op 29 oktober zijn er Tweede Kamerverkiezingen. Naast de traditionele Stemwijzer en het Kieskompas is er nu ook MoslimStemhulp, bedoeld voor ‘hen die zich vanuit een islamitisch perspectief willen oriënteren op de komende parlementsverkiezingen’.

‘Hoe denken de partijen bijvoorbeeld over de vrijheid van onderwijs, islamitisch bankieren of islamofobie?’, vraagt de organisatie – de samenwerkende regionale moskeekoepels (K9) – zich af.

De eerste stelling waar Nederlandse kiezers zich over kunnen buigen is of er een Nationaal Coördinator tegen Islamofobie moet komen, zoals er ook een speciaal coördinator tegen antisemitisme is.

Verder worden stellingen geponeerd over de stopzetting van wapenhandel met Israël, ouderinstemming bij seksuele vorming op scholen, de hoofddoek bij de politie, een verbod op vernieling van heilige boeken (lees: de Koran), maar er zijn ook stellingen over gratis kinderopvang, de beperking van immigratie of het al dan niet toestaan van kernenergie als energiebron.

Wie nog niet uitgekeken is op alle stemhulp, kan zich verder melden bij The Rights Forum. Ook zij hebben dit jaar weer een kieswijzer gelanceerd. Dat is een overzicht van welke Nederlandse partijen bijdragen aan de genocide in Gaza. Daaruit komen de PVV, JA21 en SGP het slechtst uit de bus, terwijl Denk, SP, PvdD en Bij1 het internationale recht – inzake Gaza – het meest respecteren.

Ten slotte is er de mensenrechtenwijzer van Amnesty International. Daar is onder meer te zien welke partijen het eens of oneens zijn met de strafbaarstelling van illegaliteit en welke partijen vreedzame demonstraties willen verbieden onder het mom van ‘verstoring van de openbare orde’.

Bijna 70 procent praktisch opgeleiden ziet migratie als bedreiging

0

Uit een peiling van The Hague Centre for Strategic Studies (HCSS) blijkt dat ruim twee op de drie praktisch opgeleiden immigratie als een bedreiging ziet.

Er is geen expliciete uitsplitsing van praktisch opgeleiden met of zonder migratieachtergrond gemaakt, maar uit de politieke voorkeur en de stemming over immigratie onder Nederlanders met of zonder migratieachtergrond (in geheel) wordt duidelijk dat vooral (extreem)rechtse kiezers zonder migratieachtergrond zich hierover zorgen maken, zo meldt NRC.

Het sentiment tegen immigratie lijkt toe te nemen. Volgens een peiling van HCSS ziet bijna 70 procent van de praktisch opgeleide Nederlanders immigratie als een probleem en bedreiging. Voor de gehele bevolking geldt dat voor ruim de helft.

Uitgesplitst naar Nederlanders met en zonder migratieachtergrond blijkt dat de zorgen om immigratie bij Nederlanders zonder migratieachtergrond (57 procent) 12 procentpunt hoger is dan bij Nederlanders met migratieachtergrond (45 procent).

Uit eerder kwartaalonderzoek van HCSS kwam naar voren dat er ook brede steun is voor autocratisch leiderschap en voor een voorkeursbehandeling van mensen die in Nederland zijn geboren.

‘Praktisch geschoolden ervaren meer competitie met migranten die in dezelfde buurt wonen of in dezelfde sector werkzaam zijn’, legt Marcel Lubbers uit in NRC. Volgens de Utrechtse hoogleraar Interdisciplinaire sociale wetenschap hebben theoretisch opgeleide mensen juist een internationaler wereldbeeld. ‘Zij hechten minder aan wat een land betekent en voelen zich daardoor ook minder bedreigd door migratie.’

Bij de uitsplitsing van de data naar politieke voorkeur is te zien dat mensen die op de PvdD, GroenLinks-PvdA, Volt en Denk stemmen zich het minst zorgen maken om immigratie. Het dreigingsbeeld heerst vooral in de (extreem)rechtse hoek van Nederland.

Peiling: weinig biculturele Nederlanders van plan om te stemmen

0

Onder biculturele Nederlanders is de stembereidheid nog altijd laag. Veel mensen twijfelen of stemmen niet, vooral omdat ze weinig vertrouwen hebben in de politiek en zich niet goed vertegenwoordigd voelen. Wie wél wil stemmen, kiest meestal voor Denk, GroenLinks-PvdA of de Partij voor de Dieren.

Dat blijkt uit onderzoek van het Opiniehuis, in samenwerking met de Kanttekening, onder 1.736 respondenten. De deelnemers zijn van Marokkaanse, Turkse, Surinaamse en Caribische herkomst, aangevuld met een vijfde groep van vooral voormalige asielzoekers. Per groep deden ongeveer 350 personen mee.

Het doel van het onderzoek was inzicht te krijgen in hun stemgedrag. Het onderzoek werd online uitgevoerd tussen 26 september en 5 oktober. Daarnaast heeft het Opiniehuis in de vier grote steden (Rotterdam, Amsterdam, Utrecht en Den Haag) persoonlijke interviews afgenomen.

Stemmen

De bereidheid om te gaan stemmen is relatief laag. Van de respondenten zegt 39 procent (vrijwel) zeker te gaan stemmen. 19 procent zegt waarschijnlijk wel te stemmen, 15 procent waarschijnlijk niet en 28 procent helemaal niet.

Respondenten die aangeven (waarschijnlijk) niet te gaan stemmen, hebben daar duidelijke redenen voor. De meest genoemde reden is gebrek aan vertrouwen in de politiek. Daarnaast zegt een kwart dat zij zich niet herkennen in bestaande partijen of kandidaten. 22 procent noemt praktische of persoonlijke factoren, zoals geen zin of tijd (11 procent), gebrek aan kennis (6 procent) of geloofsovertuiging (5 procent). Tot slot geeft 18 procent andere redenen, variërend van persoonlijke ervaringen tot teleurstelling in beleid.

‘Denk heeft een sterke positie, vooral onder Turkse en Marokkaanse Nederlanders’

De resultaten laten zien dat de respondenten een uitgesproken voorkeur hebben voor bepaalde politieke partijen. ‘Denk heeft een sterke positie, vooral onder Turkse en Marokkaanse Nederlanders’, zegt Aziz el Kaddouri, directeur van het Opiniehuis. ‘GroenLinks-PvdA en de Partij voor de Dieren trekken daarentegen vooral Surinaamse en Caribische Nederlanders aan.’

Traditionele middenpartijen als D66 en CDA weten deze kiezers nauwelijks te bereiken. ‘GroenLinks-PvdA-leider Frans Timmermans sluit beter aan bij thema’s die voor deze groepen belangrijk zijn, zoals Gaza, discriminatie en racisme, het slavernijverleden en Zwarte Piet. Middenpartijen, zoals D66, besteden te weinig aandacht aan deze onderwerpen’, zegt El Kaddouri.

Wat meespeelt bij de stemkeuze

Of biculturele Nederlanders wel of niet gaan stemmen – en op welke partij – hangt vooral af van de inhoud en persoonlijke betrokkenheid. Zes op de tien kiezers letten vooral op partijstandpunten over onderwerpen die hen direct raken, zoals wonen, onderwijs, migratie en klimaat. Ook het verkiezingsprogramma (47 procent), de partijleiders (38 procent) en herkenning in achtergrond of ervaringen (33 procent) zijn belangrijk. Invloed van media of advies van anderen weegt minder zwaar, net als wat partijen in het verleden hebben gedaan.

Uit het onderzoek blijkt dat bijna alle onderwerpen een rol spelen bij hun politieke keuze, maar sommige springen eruit. Betaalbare woningen (95 procent) en veiligheid en de aanpak van discriminatie (94 procent) worden het vaakst genoemd als zeer belangrijk. Ook onderwijs en kansen voor jongeren (91 procent) en integratie en gelijke kansen (92 procent) vinden veel mensen belangrijk. Daarnaast krijgen werkgelegenheid en inkomensgelijkheid (86 procent) en polarisatie en sociale samenhang (82 procent) brede steun. Klimaat en milieu (78 procent) en asiel- en migratiebeleid (80 procent) scoren iets lager, maar blijven voor de meeste respondenten relevante thema’s.

Religie en respect

Vrijheid van meningsuiting wordt breed gesteund, maar veel mensen trekken een grens als het gaat om respect en religieuze spot. Respondenten met een Turkse en Marokkaanse achtergrond zijn hier het meest gevoelig voor, terwijl Surinaamse en Caribische Nederlanders vaker vinden dat kritiek gewoon moet kunnen. ‘Zij zijn daar over het algemeen stelliger in’, zegt El Kaddouri.

Palestijnse kwestie als sleutelthema

De oorlog in Gaza heeft een zeer grote invloed op de politieke keuzes van biculturele Nederlanders en kan verkiezingsuitslagen mede bepalen. Voor een ruime meerderheid – twee derde van de respondenten – is de Nederlandse houding ten aanzien van Palestina een doorslaggevende factor bij hun stemgedrag. Dit laat zien dat het Palestijnse vraagstuk niet alleen een moreel of geopolitiek onderwerp is, maar ook direct invloed heeft op politieke voorkeur en bereidheid om te stemmen binnen deze groep. De kritiek op Israël en de steun voor erkenning van Palestina zijn breed gedeeld, maar het sterkst onder Turkse en Marokkaanse Nederlanders, vooral onder vrouwen.

De vraag of Israël vanwege mensenrechtenschendingen moet worden uitgesloten van internationale sport- en culturele evenementen levert een duidelijke uitkomst op. Van de respondenten vindt 85 procent dat Israël moet worden uitgesloten.

Populisme en polarisatie

Populistische politiek wordt ervaren als negatief en draagt bij aan polarisatie en wantrouwen. Het thema ligt vooral gevoelig bij Turkse en Marokkaanse Nederlanders, en bij vrouwen. ‘Het gaat vaak om uitspraken over de hoofddoek die bijdragen aan een gevoel van onveiligheid, zoals het verzonnen verhaal over een vuilnisvrouw die zou zijn mishandeld door een vrouw met een hoofddoek’, zegt El Kaddouri. ‘Ook Surinamers ervaren dit, bijvoorbeeld bij uitspraken van populisten over Zwarte Piet en het slavernijverleden.’

Integratie en kansenongelijkheid

Ongelijke kansen, discriminatie en negatieve beeldvorming blijven belangrijke obstakels. Bijna acht op de tien respondenten vinden dat mensen met een migratieachtergrond nog steeds te weinig gelijke kansen krijgen in het onderwijs en op de arbeidsmarkt. Ook vindt driekwart dat politieke partijen te weinig doen om deze groepen te betrekken en te vertegenwoordigen. De overgrote meerderheid (88 procent) ziet negatieve beeldvorming in politiek en media als een belangrijke oorzaak van polarisatie. Evenveel respondenten pleiten voor meer investeringen in mentale gezondheidszorg, vooral voor jongeren met een migratieachtergrond.

Turkse en Marokkaanse Nederlanders zijn het meest uitgesproken over het gebrek aan gelijke kansen en de invloed van negatieve beeldvorming.

Wonen

Op het gebied van wonen zijn er duidelijke verschillen naar migratieachtergrond. Turkse en Marokkaanse Nederlanders benadrukken sterker hoe moeilijk het is om een betaalbare woning te vinden en zien stabiele huisvesting als essentieel voor integratie. Surinaamse en Antilliaanse Nederlanders zijn vaker neutraal over de woningmarkt, maar hechten juist veel waarde aan een veilige en prettige buurt. Onder mensen met andere migratieachtergronden lopen de meningen uiteen, van neutraal tot (helemaal) mee eens.

Ook tussen mannen en vrouwen zijn er verschillen. Vrouwen ervaren vaker problemen met betaalbare woningen en zien duidelijker het verband tussen huisvesting en integratie. Mannen zijn iets vaker neutraal, maar benadrukken eveneens het belang van een veilige leefomgeving.

Andere opvallende uitkomsten

Uit het onderzoek blijkt dat meer mensen van plan zijn te stemmen dan in 2023. Dat heeft deels te maken met organisaties zoals het Samenwerkingsverband van Marokkaanse Nederlanders (SMN), die actief kiezers oproepen om naar de stembus te gaan. Ook jongere generaties zijn vaker van plan te stemmen dan de eerste generatie. Daarnaast zorgt het steeds hardere politieke debat ervoor dat meer mensen hun stem willen laten horen.

Het beeld dat biculturele Nederlanders altijd voor ‘open grenzen’ zijn, klopt niet

Opvallend is verder dat het opleidingsniveau onder biculturele Nederlanders blijft stijgen maar dat zij niet kiezen voor partijen die traditioneel de belangen van hoger opgeleiden en ondernemers vertegenwoordigen, zoals de VVD. Turkse en Marokkaanse Nederlanders vermijden juist deze partij vanwege de verrechtsing en de anti-Palestinastandpunten.

Ook op het gebied van migratie en asielopvang zijn de opvattingen genuanceerder dan vaak wordt gedacht. Het beeld dat biculturele Nederlanders altijd voor ‘open grenzen’ zijn, klopt niet. Steeds meer mensen steunen gecontroleerde migratie, omdat zij vinden dat nieuwkomers soms zorgen voor verdringing, bijvoorbeeld op de woningmarkt. Opvallend is dat extreemrechtse partijen hier niet van profiteren: Turkse en Marokkaanse Nederlanders nemen juist duidelijk afstand van xenofobe en islamofobe standpunten.

Mark Rutte zit nog in de ontkenningsfase

0

Als u eens in de politiek het stockholmsyndroom — een gegijzelde identificeert zich volkomen met degene die hem gijzelt — in volle werking wilt zien, dan moet u de uitzending van Nieuwsuur van afgelopen zaterdag terugkijken. Het interview met NAVO-baasje Mark Rutte vormt er een verbluffend perfecte illustratie van.

Uiteraard werd hij stevig aan de tand gevoeld over zijn onderdanige houding jegens de Amerikaanse dictator Donald Trump. Zoals over dat, indertijd met hoon overladen, byzantinistische appje waarin Rutte Trump aan de vooravond van de NAVO-top ongeveer als grootste Amerikaanse staatshoofd aller tijden de hemel in prees, omdat hij geregeld had wat niemand eerder gelukt was: een defensiebudgetnorm van 5 procent.

Of deze vorm van hielenlikkerij niet een beetje overdreven was, wilde de interviewer weten. En onoprecht. O nee, geenszins, repliceerde Rutte, hij voelde dat op dat moment echt zo. Het was echt geweldig, wat Trump gedaan had weten te krijgen, reden tot veel dankbaarheid. Het valt niet uit te sluiten dat Rutte het meent. Hielenlikkers zien zichzelf zelden als zodanig. Zij beschouwen hun kunstje als een grote kunst, die alleen zíj tot in de puntjes beheersen. Dat is het stockholmsyndroom.

Ik moest denken aan het gedicht Der Tanzbär van de Duitse toneelschrijver Gotthold Ephraim Lessing (1729–1781) uit 1751, over een circusbeer als metafoor voor de gedrilde hoveling, waarin hij dergelijk onderdanig drilgedrag hekelde:

Ein Tanzbär war der Kett’ entrissen,
Kam wieder in den Wald zurück,
Und tanzte seiner Schar ein Meisterstück
Auf den gewohnten Hinterfüßen.

‘Seht!’, schrie er, ‘das ist Kunst; das lernt man in der Welt.
Tut mir es nach, wenn’s euch gefällt
Und wenn ihr könnt.’ – ‘Geh’, brummt ein alter Bär,
‘Dergleichen Kunst, sie sei so schwer,
Sie sei so rar, sie sei,
Zeigt deinen niedern Geist und deine Sklaverei.’

Rutte bleek na een jaartje NAVO een uitstekend gedrilde dansbeer te zijn. Op elke vraag gaf hij het door Washington gewenste antwoord.

Zolang het over Poetin en de Russen ging, was wat hij in Nieuwsuur zei best verstandig

Hiermee vormt Rutte de overtreffende trap van zijn voorganger Jaap de Hoop Scheffer. Die steunde als minister van Buitenlandse Zaken ooit blindelings Bush’ op leugens gebouwde inval in Irak. Beloond met een bezoek aan Washington stond hij daar naast zijn Amerikaanse collega te glimmen als een kostschoolleerling die een pluim krijgt van de rector. Rechtop lopen ging hij pas weer toen hij met pensioen ging.

Maar Bush was heilig vergeleken bij Trump, en daarmee was Jaaps gedrag dat ook vergeleken bij dat van Mark. Zolang het over Poetin en de Russen ging, was wat hij in Nieuwsuur zei best verstandig. Maar dat werd anders zodra Poetins Amerikaanse geestverwant ter sprake kwam.

Vraag: Toen Trump in uw bijzijn zei dat hij desnoods met geweld Groenland zou annexeren, en dat u daarin een nuttige rol kon vervullen, liet u die mogelijkheid open.
Rutte: ‘Onderlinge spanningen tussen NAVO-landen, daar bemoei ik mij niet mee. Hooguit discreet achter de schermen.’
Wedervraag: Heeft u dat gedaan?
Antwoord: ‘Daarover kan ik hier niet praten, want dat is achter de schermen.’
— Jaja, gelooft u echt dat Rutte dat bij een bullebak als Trump heeft aangedurfd?

Vraag: Is Amerika nog een toonbeeld van democratie, gezien Trumps omgang met demonstranten, de vrije pers en de scheiding der machten?
Antwoord: ‘Ja, absoluut. De scheiding der machten werkt. De president is pushing, dat mag hij doen. Tegelijk zie je rechterlijke uitspraken die hem soms gelijk geven, soms niet. Alle instanties werken. Trump is zeer ambitieus, dat mag hij ook zijn, hij heeft een ruim mandaat.’

Niet gek dat zo’n Yesilgöz dan denkt: dat soort democratie, dat kan ik in Den Haag met onwettige voorstellen en een eigen antifa-hetze ook.

Dan Rutte over Trumps voortdurende gejojo inzake Oekraïne, diens aanpappen met Poetin: Trump deed de goede dingen, want alleen hij kon Poetin uittesten, en trok de juiste conclusies. Over Trumps kersverse Gaza-vredesvoorstel: veelbelovend, maar oppassen met… Hamas.

Tja. Geen woord over de totale onbetrouwbaarheid van Netanyahu.

Het was Israël, niet Hamas, dat het vorige akkoord doelbewust opblies. Dat hadden die kwart miljoen demonstranten een dag later beter door.