Poetin en Assad zijn grootste winnaars van val IS

Foto: Reuters

‘De grens tussen Irak en Syrië bestaat alleen nog in onze Bosatlas.’ VVD-buitenlandwoordvoerder in de Tweede Kamer Han ten Broeke werd er in de zomer van 2015 niet moe van om dat te herhalen, toen het ‘kalifaat’ van IS zich nog als een olievlek over het Midden-Oosten uitbreidde. Het is verstandig dat u uw Bosatlas niet heeft weggegooid, zoals het toen ook verstandig was van Noordhoff niet overhaast een nieuwe druk uit te brengen. Dat heeft ze zelfs tijdens de Tweede Wereldoorlog niet gedaan, ondanks de sterke aandrang van de bezetter, toen Hitler eveneens op zeer gewelddadige wijze de kaart had hertekend.

De jongste druk van de Bosatlas lijkt wat de grens tussen Irak en Syrië betreft met de ineenstorting van IS weer aan geldigheid te winnen. Althans, als het alleen aan Bagdad en Damascus ligt, want naast IS zijn er nog andere spelbrekers, waar het de na de Eerste Wereldoorlog getekende kaart van het Midden-Oosten betreft. De Iraakse Koerden hebben zich immers weinig van de adviezen van Washington aangetrokken en recent gewoon ook een eigen staat uitgeroepen, ook al gaat het daarmee dankzij gewapend ingrijpen van Bagdad territoriaal momenteel wat minder florissant dan door henzelf beoogd. En de Syrische Koerden hebben voor zichzelf tegen de zuidgrens van Turkije een zone van zelfbestuur gecreëerd, waarvan niet alleen Damascus, maar ook Ankara niet erg gediend is, vanwege een gevreesd uitzaai-effect naar de Koerden in Turkije zelf.

Kortom, wie meent dat met de val van Raqqa en de militaire verpulvering van IS ginds vrede en orde en rust zijn teruggekeerd en het business as usual is, heeft te vroeg gejuicht. Het idee van een kalifaat zal blijven leven en daarmee de hoop erop van sommigen en de vrees ervoor van anderen. De aantrekkingskracht die het op radicaliserende Europese moslimjongeren uitoefende is zeker niet voorbij. Of de overlevende buitenlandse gewelddadige jihadisten nu in het Midden-Oosten blijven of heimelijk naar Europa terugkeren om er terroristische aanslagen te plegen, we zullen nog zeker van hen horen. De IS-top zal voorlopig ondergronds gaan, zoals de soennieten die aan de basis van IS lagen dat na de implosie van het bewind van Saddam ook hebben gedaan.

In Bagdad en Damascus zal men beducht blijven op hun terugkeer, waarbij de cruciale vraag is hoe de nu zegevierende sjiieten respectievelijk alevieten daar hun terugkeer denken te verhinderen. Door middel van concessies om hen de wind uit de zeilen te nemen of repressie om hen vooral angst aan te jagen? Het succes van IS viel zowel in Irak als in Syrië immers niet los te zien van de behandeling van de soennieten door het zittende regime.

Na de val van Saddam waren de sjiitische politici niet uit op verzoening, maar vergelding, onder het motto ‘nu is het onze beurt’. Zullen zij nu, nu de voornaamste soennitische tegenkracht is uitgeschakeld, verstandiger opereren en daardoor de voedingsbodem voor een nieuw IS wegnemen? Ook Assad ontleende zijn macht deels aan het feit dat hij de soennieten in zijn land geen ruimte gaf.

Assad is natuurlijk voor dit moment de grootste winnaar in de regio. Hoewel hij nog niet heel Syrië heroverd heeft, zit hij weer vast in het zadel. Het commentaar van westerse tv-commentatoren van een paar jaar terug dat, net als bij Moebarak, ‘zijn dagen geteld zijn’, is inmiddels verstomd. Zowel de Amerikanen als de Europeanen – voor zover die laatsten niet sowieso door afwezigheid opvallen – hebben de eis dat Assad in het kader van een interne vredesregeling moet vertrekken, stilzwijgend ingeslikt.

Dat betekent dat de vanuit het Westen halfslachtig gesteunde opstand tegen de tirannie van Assad uiteindelijk, honderdduizenden doden verder, geen vrijheid, maar voortgezette onderdrukking heeft gebracht. De seculiere democratische oppositie is de grote verliezer, mede omdat de opstand tegen Assad door IS kon worden gekaapt. Daarna kon Assad, die nog altijd veel meer slachtoffers op zijn geweten heeft dan die zelfbenoemde kalief van IS, het conflict succesvol framen als een strijd tussen seculiere beschaving en fundamentalistische barbarij. Zeker de nieuwe Amerikaanse president Trump, met zijn sympathie voor sterke mannen, zoals Poetin, Erdogan, Duterte en Sisi, is daarvoor niet ongevoelig gebleken.

Terwijl Assad de grootste winnaar is in de regio, is Poetin dat mondiaal. Rusland is weer helemaal terug in het Midden-Oosten. Militaire steun van Moskou heeft op het cruciale moment Assad van de ondergang gered en daarmee is tegelijk ook de afhankelijkheid van Assad van het buitenland duidelijk geworden. Zijn bewind bestaat nog slechts bij de gratie van Rusland én Iran. Dat is, in geopolitieke zin, namelijk de ironische uitkomst van alle Amerikaanse bemoeienis sinds het begin van de eeuw. Terwijl Iran als de baarlijke duivel werd afgeschilderd, zijn door eigen toedoen Irak en Syrië meer dan ooit cliëntstaten van Teheran geworden. Daaraan zal ook een woedend opzeggen door Trump van het nucleaire akkoord dat zijn voorganger sloot, voorlopig echt niets kunnen veranderen.

DELEN
Thomas von der Dunk
Publicist. Cultuurhistoricus.