AIVD: kampioen politieke correctheid

Thijl Sunier
Thijl Sunier
Antropoloog. Hoogleraar Islam in Europese Samenlevingen aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Voorzitter van de Netherlands Interuniversity School for Islamic Studies.

Lees meer

Politici kijken de andere kant op als Baudet zijn racistische gedachtengoed en zijn boreale fantasieën verspreidt. Hij is immers democratisch gekozen. Op Europees niveau bundelen anti-Europese groeperingen hun krachten, geleid door politici die in sommige landen al regeringsmacht hebben. Veiligheidsdiensten komen met analyses over groeiende extreemrechtse bewegingen, maar vergeten daarbij de wegbereiders van deze uiterst gevaarlijke ontwikkeling te vermelden. In het jaarverslag 2018 van de AIVD zijn vijf pagina’s gewijd aan islamitische groeperingen en maar één aan extreemrechts. Daarin worden met name ‘Identitair Verzet’ en ‘Erkenbrand’ genoemd, met als enige mededeling dat deze groepen menen dat de Nederlandse cultuur wordt uitverkocht. Maar er blijkt een regelrechte lijn te lopen van de terrorist Brenton Tarrant, die in Nieuw-Zeeland vijftig moslims vermoordde, naar het gedachtengoed van extreemrechtse bewegingen en websites in Europa. Lees zijn manifest.

Het idee van de zogenoemde ‘omvolking’ is in deze kringen zeer populair, een complottheorie die ervan uit gaat dat het ‘westen’ en het ‘blanke ras’ door immigratie vanuit het Midden-Oosten en Afrika bedreigd worden. Dat beweren de PVV en FvD ook. Door deze politieke bewegingen systematisch buiten de veiligheidsanalyses te houden worden hun bestaan en hun politieke boodschap genormaliseerd en worden deze wegbereiders salonfähig. De acties van exotische straatvechters die migranten, vluchtelingen, moslims en mensen met een donkere huidskleur regelmatig bedreigen noemt de AIVD hoogstens ‘in strijd met de democratische rechtsorde’. Politici van PVV en FvD blijven buiten schot. Zij kunnen ongehinderd door gaan met hun ideologische oorlogsvoering.

Aan de andere kant wordt moord en brand geschreeuwd over de ‘toename van incidenten met een jihadistische, terroristische of radicaalislamitische achtergrond’. Hier gaat het volgens de AIVD om ‘bedreigingen van de democratische rechtsorde’. In dit geval betrof het geen daadwerkelijke geweldsincidenten – zoals die van de gestoorde geest die in Utrecht vier mensen overhoopschoot – of zelfs maar om verbale bedreigingen. Nee, het gaat over ‘toegenomen radicale invloed binnen het onderwijs’, en met name over predikers die buiten schooltijd islamitische lessen geven. Het zijn volgens de AIVD ‘radicaalislamitische aanjagers’ die met hun lessen de ‘voedingsbodem voor jihadistisch-terroristisch geweld’ leggen. Aanwijzingen over de inhoud van deze lessen, om hoeveel bijeenkomsten het gaat en wie een en ander organiseert, wordt niet gegeven. Het zou gaan om predikers ‘in het salafistisch spectrum’.

Het jaarverslag kwam op een moment dat de mediastorm over het Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam net weer een beetje was geluwd. Daar ging het om geruchten dat bestuurders van de school contacten zouden hebben (gehad) met terroristische organisaties. Over deze school had de AIVD al eerder gemeld dat er sprake was van ‘salafistische beïnvloeding’. Er bleek in de dagen daarna dat het vooral om een geruchtenstroom ging, waarbij concurrerende islamitische organisaties die ook een school willen oprichten mede een rol hebben gespeeld. Er ontstond zowel in de media als bij politici en in onderwijskringen grote verwarring over wat de AIVD nu eigenlijk bedoelde. En ging het bij het Cornelius Haga Lyceum nu ook om ‘radicaalislamitische aanjagers in het salafistisch spectrum’? En hoe was dat op andere scholen?

En dan was er het bericht van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) dat er een inzamelingsactie voor een Marokkaans weeshuis was gehouden onder moslims in Nederland. De hoogte van het bedrag zou volgens de NCTV erop wijzen dat hier geld van buiten is gekomen en dat we hier andermaal te maken hebben met een poging van salafisten om meer invloed te krijgen.

Natuurlijk, geheime diensten kunnen geen details noemen over hun werkwijze en de resultaten van hun speurwerk, maar de aantijgingen – zowel in het rapport als die van de gewichtigdoenerige baas van de AIVD Dick Schoof – creëren een sfeer van grote dreiging en verdachtmaking. De gemeenschappelijke noemer, de olifant in de kamer, daarbij is ‘salafisme’. En het probleem bij al deze berichtgeving is dat nergens een poging wordt gedaan om dat begrip uit te leggen. Waarop baseert de AIVD de stelling dat er een rechtstreeks verband is tussen ‘salafistisch gedachtengoed’ en jihadisme? Waarop baseert de AIVD de stelling dat ‘het salafisme de bekendste variant van de radicale islam is’? Het is best mogelijk dat de dienst bepaalde activiteiten, zoals die buitenschoolse islamlessen, op het spoor is. Daarnaast is het wellicht ook mogelijk dat sommige predikers dingen beweren die ‘in strijd zijn met de democratische rechtsorde’. Maar wanneer gaan de onderzoekers van de AIVD eindelijk hun huiswerk doen en zich verdiepen in het groeiende aantal grondige studies over salafisme? En is het niet hoog tijd dat over die kant van de verklaring openheid van zaken wordt gegeven?

Als met politieke correctheid in het islamdebat bedoeld wordt het onder het tapijt vegen van onwelgevallige feiten en het weigeren om ‘gewoon’ te zeggen waar het op staat, dan is de AIVD de kampioen van de politieke correctheid.

- Advertentie -

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here