Maandagnacht, drie uur

Lees meer

Geen beter tijdstip voor de aanstaande zestiende finale tussen Marokko en Nederland dan drie uur ’s nachts. Het tijdstip dat nergens bij hoort. Niet bij de nacht. Het heeft de dag achter zich gelaten, maar heeft zich de volgende dag nog niet toegeëigend. Het is het tijdstip waarop de biologische klok zelf eventjes stilstaat om daarna langzaam weer in beweging te komen.

Drie uur ’s nachts hoort nergens bij. Alleen de slapeloze is om drie uur ’s nachts wakker. Maar ook de buitenstaander. De vreemdeling. De schoonmaker. De muzikant die thuiskomt van een concert. Het is ook het tijdstip van schrijvers. De Joods-Tsjechische schrijver Franz Kafka schreef zijn onheilspellende verhalen in de nacht, rond dit tijdstip: verhalen vol eenzaamheid, verwarring en ontregeling.

Om drie uur ’s nachts voelt de mensheid ver weg. Om drie uur ’s nachts opstaan doe je alleen als het moet. De migrant, de vluchteling, de outsider: drie uur ’s nachts is hun uur. Het is het tijdstip waarop het rustig is op de weg. Die ene wagen die toch rijdt, moet wel heel veel haast hebben, een dringende reden, een onwaarschijnlijk motief. Om drie uur ’s nachts breken de weeën door, het is het tijdstip van een nakende geboorte. Om drie uur ’s nachts liggen de slapozen wakker, het is hun uur.

Ik kan erover meepraten. Jarenlang lag ik met de ogen wijd open te kijken naar het plafond. En als schaapjes tellen niet helpt, dan ga je denken aan geliefden, gedichten en voetbalwedstrijden.

In 1986 speelde Marokko vier wedstrijden in de Mexicaanse stad Monterrey. Het waren historische wedstrijden; Marokko bereikte als eerste Afrikaanse land de tweede ronde. In de poulfase speelde het gelijk tegen Polen en Engeland en het won met 3-1 van Portugal. Vooral die laatste wedstrijd maakte veel indruk. Op YouTube kun je de samenvatting met commentaar van Kees Jansma terugkijken. Prachtige dribbels, heerlijke doelpunten, geweldige ontlading. Marokko schreef geschiedenis.

De migrant, de vluchteling, de outsider: drie uur ’s nachts is hun uur

In de achtste finale nam Marokko het op tegen West-Duitsland. Ook dat was toen een nachtwedstrijd. Aan de Berkelselaan 102b stonden we daarom vroeg op, de televisie ging aan. Marokko weerde zich kranig. In de 86e minuut kreeg Duitsland een vrije trap. Lothar Matthäus schoot hem binnen. Het sprookje spatte uit elkaar, mijn vader zette de televisie uit en we trokken ons terug in de nacht, waar slaap en troost op ons lagen te wachten.

Het zijn andere tijden. Marokko is een voetbalgrootmacht geworden, Nederland wordt steeds beter en in de nacht van maandag op dinsdag staat er een afspraak gepland.

Ik denk aan Nederland-Marokko in 1999, een vriendschappelijke wedstrijd in Arnhem. Die avond trad ik op in Nijmegen. Op de weg terug vulde de trein zich met Marokkaanse supporters. De sfeer was niet goed. Later zag ik hoe de Marokkaans-Nederlandse supporters het veld bestormden. Ze floten Driss Boussatta, die voor Nederland uitkwam – de eerste Marokkaan die dat deed – uit. Het was onaangenaam, het lelijke gezicht van voetbal: geen verbroedering maar verwijdering. De Marokkaanse jongens gaven een statement af, politici en stemmingmakers spraken er schande van. De multiculturele samenleving was kapot.

Jaren later sprak ik met een Marokkaanse Amsterdammer die bij die wedstrijd was geweest. Hij vertelde dat hij zomaar voor de lol was meegegaan. De ongeregeldheden waren aan hem voorbijgegaan; een storm in een glas water.

Nu is het anders. Het Marokkaanse elftal kent veel Nederlanders, Oranje heeft spelers die met een Marokkaans accent spreken; de straat is wat hen samenbindt. Ze hebben zin in de wedstrijd. Ik eigenlijk ook wel. Wel wakker zien te blijven. Ik groet de nacht.

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!
- Advertentie -