Moslims zijn beter in partijen bouwen dan rechts-populisten

Chris Aalberts
Chris Aalberts
Journalist en auteur van o.a. ‘De puinhopen van rechts’. Doceert Media & Journalistiek aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Lees meer

Het is een kort berichtje waar velen hun schouders over op zullen halen, terwijl het zo veelzeggend is voor de ontwikkeling van het Nederlandse politieke landschap. De op de islam geïnspireerde politieke partij Nida gaat in 2022 meedoen aan de gemeenteraadsverkiezingen in Almere.

Dit bericht lijkt niet zo interessant: de lokale verkiezingen zijn nog ver weg, de meeste mensen wonen in niet in Almere en veel mensen zullen er niet over piekeren om op een op de islam geïnspireerde beweging te stemmen. Toch gebeurt hier iets interessants.

Om de relevantie van dit nieuwtje te kunnen begrijpen moeten we naar de andere kant van het politieke spectrum kijken. Hoe bouwen rechts-populisten van FvD en PVV hun partijen op en hoe doen de moslims van Nida dat? De verschillen kunnen nauwelijks groter zijn. Het suggereert dat Nida weleens een langer politiek leven beschoren kan zijn dan haar grootste politieke tegenstanders.

Waarom bestaat de PVV eigenlijk? Geert Wilders liep in 2004 weg bij de VVD en de enige manier om herkozen te worden was een eigen partij op te richten. Wilders bouwde een club vertrouwelingen die vooral uitblonken in loyaliteit: veel Kamerleden die in 2006 voor de PVV in de Tweede Kamer kwamen zitten er nog steeds.

Een democratische ledenpartij werd de PVV nooit: de organisatie bleef altijd top-down, waarbij Wilders de lakens uitdeelde. Actief worden voor de PVV zit er alleen in voor mensen die door de ballotage van de leider komen.

Tegenwoordig hebben we nog zo’n partij: Forum voor Democratie. Sympathisanten kunnen er wel lid van worden en er zijn ook allerlei activiteiten in het land, maar die zijn nooit bedoeld om te horen wat de aanhang van allerlei kwesties vindt. Sympathisanten mogen naar praatjes van de leiding komen luisteren – zonder er één kritische vraag over te mogen stellen.

Ook FvD heeft een strikte hiërarchie met een partijtop van vrienden van Baudet die loyaal aan hem zijn. Als je te lastig bent, zoals oud-bestuurder Henk Otten, sta je binnen de kortste keren buiten.

Partijen als Nida werken wél aan een serieuze partijstructuur, waardoor ze veel grotere overlevingskansen hebben

PVV en FvD zijn beide georganiseerd rond de leider en niet in staat een verbinding te leggen met de achterban in het land, op lokaal niveau netwerken te vormen en van daaruit kandidaten te rekruteren of ideeën op te doen over wat er onder de sympathisanten leeft. Deze partijen draaien alleen om de landelijke politiek in Den Haag en zijn via de media op zoek naar stemmers.

Dit wordt vooral pijnlijk duidelijk bij de Eerste Kamer, die door de Provinciale Staten wordt gekozen. PVV en FvD moeten om in de Eerste Kamer zetels binnen te halen een provinciale structuur opzetten, terwijl ze daar geen kandidaten en geen programma voor hebben.

Een hiërarchische structuur is een voorbode voor ruzie. Er zijn geen netwerken van leden die elkaar kennen en waar kandidaten met een gezamenlijke visie uit geselecteerd kunnen worden om fracties met een consistente visie te vormen. Kandidaten kennen elkaar niet, komen op de visie van de landelijke leider af en die blijkt regionaal of lokaal niet zo relevant te zijn.

De PVV is binnen anderhalf jaar in Emmen, Purmerend en Nissewaard al uit elkaar gevallen, binnen een half jaar in Zeeland en de eerste afsplitsers van FvD hebben zich al binnen enkele maanden in vier provincies gemeld. Een landelijk leider met stevige standpunten bindt een partij simpelweg onvoldoende.

Rechts-populistische partijen doen niet of nauwelijks aan serieuze partijopbouw om deze problemen op te lossen. De leider staat centraal en wil de Tweede Kamer en wellicht het kabinet in. Contact houden met de achterban en de beste mensen uit de achterban selecteren om de politieke ideeën op landelijk, regionaal en lokaal niveau vorm te geven zit er helemaal niet in.

Hoe lang deze partijen zullen bestaan is dan ook gemakkelijk te zeggen: zonder Geert Wilders geen PVV, zonder Thierry Baudet geen FvD. Net zoals er zonder Rita Verdonk geen Trots op Nederland was.

PVV en FvD vinden op de islam geïnspireerde partijen als Nida vaak een bedreiging en dat is eigenlijk best begrijpelijk: partijen als Nida werken wél aan een serieuze partijstructuur, waardoor ze veel grotere overlevingskansen hebben. Ze hebben geen haast en werken stapje voor stapje naar meer invloed.

Nida had in 2014 alleen een fractie in Rotterdam en kreeg er in 2018 eentje in Den Haag bij. Niet alles lukt: de provinciale campagnes van dit jaar voor Zuid-Holland en Noord-Holland waren een totale mislukking. Maar de partij gaat rustig verder: in 2022 in Almere.

Eenmanspartijen als PVV en FvD gaan voor snelle landelijke invloed en zijn bij het minste of geringste weer van het politieke toneel verdwenen. Partijen als Nida nemen rustig de tijd maar ploffen ook niet bij de eerste de beste tegenwind uit elkaar. Rara, wie pakt dit op de lange termijn het slimst aan?

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berchtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!

- Advertentie -