Komen gediscrimineerde groepen wel genoeg voor elkaar op?

Jaime Donata
Jaime Donata
Journalist gespecialiseerd in kunst & cultuur en politiek.

Lees meer

Gediscrimineerd worden kan op allerlei manieren. Vanwege je ras, leeftijd, geloof, opleidingsniveau, geaardheid, of omdat je een handicap hebt. De vraag aan het dK-panel: komen gediscrimineerde groepen wel genoeg voor andere gediscrimineerde groepen op?

Salma Karim (25), CEO, Graphic designer

‘Ik ben zelf tegen alle vormen van discriminatie. Ik heb veel gay vrienden en ook vrienden die gehandicapt zijn. Ik ben vrouw. Ik heb een lichamelijke beperking en ik ben allochtoon. Vanwege mijn geloof word ik ook wel eens gediscrimineerd. In Amsterdam, waar ik woon, heb ik er geen last van. Maar op mijn oude school, het Mediacollege, een vrij witte school, was het wel heel heftig.

In het laatste jaar werden we als donkere en buitenlandse leerlingen zelfs allemaal in dezelfde klas gestopt, ongeacht onze studierichting: Surinamers, Aziaten, Fransen. Raar, toch?

Salma Karim

‘We moeten van elkaar leren, in plaats van elkaar veroordelen’

Op het Islamitisch College Amsterdam werd ik ook gediscrimineerd trouwens, omdat ik creatief  ben en van metal en rock and roll houdt. Dat werd heel raar gevonden. En toen ik in de eerste klas jeugdreuma gingen leerlingen, maar ook docenten stomme opmerkingen maken. Door mijn docent wiskunde, werd ik zelfs voor de klas geroepen omdat ze meende dat ik een aanstelster was… Absurd.

Ik heb ook een vriendin die in transitie is, van man naar vrouw. Ik ken haar al jaren en ik merk dat ze vaak wordt lastiggevallen. Niet eens in de Baarsjes door Marokkaanse hangjongeren, maar in de stad door dronken Engelse toeristen die haar eerst willen versieren – want ze is een mooie vrouw – en er dan achter komen dat ze in transitie is. Dan kom ik voor haar op. Maar dan krijg ik zelf ook op mijn kop – en  uiteraard komt er weer gedoe over mijn eigen hoofddoek.

Ik zie trouwens ook vaak dat mensen die worden gediscrimineerd elkaar onderling discrimineren. Zwarte mensen, Aziaten, homo’s. Ook mensen van mijn eigen afkomst doen er ook aan mee. Dan denk ik: joh, jullie moeten meer samenwerken in plaats van meedoen aan het buitensluiten van minderheden. We moeten van elkaar leren, in plaats van elkaar veroordelen.’

Lourdes Boasman (69), gepensioneerd, taalvrijwilliger

‘Als ik denk aan voorbeelden van dubbel gediscrimineerd worden, denk ik meteen aan Alice Walker, de schrijfster van The Color Purple. Zij was een zwarte vrouw, lesbisch en getrouwd met een Jood. Discriminatie komt iedere dag voor. Een paar jaar geleden ben ik heel erg geschrokken van het verhaal dat een lesbisch Arubaans-Nederlands echtpaar op Aruba is weggepest. Niet alleen werd hun huwelijk niet erkend, ze werden zo getreiterd dat ze uiteindelijk zelfs terug moesten vluchten naar Nederland. Ik had echt gedacht dat er meer tolerantie zou zijn.

Zelf ben ik op Aruba geboren, maar mijn vader kwam van Sint Maarten en mijn moeder van de Dominicaanse Republiek. In San Nicolas, de regio waar we woonden, was dat geen enkel probleem. Veel inwoners daar kwamen uit de omringde eilanden om te werken bij de Lago olieraffinaderij. Maar discriminatie op kleur was er wel op Aruba, ook binnen de negroïde bevolkingsgroep. Een schoolvriendinnetje van mij had zelf een vrij lichte tint. Zij mocht niet met zwarte meisjes spelen. Haar moeder kwam zelfs in de schoolpauze kijken of ze het stiekem toch deed. Dit was 60 jaar geleden. Verder kan ik me ook goed herinneren dat je op Aruba twee homoseksuele mannen had –  Stroopie en Stella. Tijdens carnaval hadden zij altijd de mooiste uitdossingen aan. Iedereen keer daar naar uit. Ze waren ieder jaar de grootste attractie. Heel San Nicolas wist dat ze homoseksuelen waren, maar daar werd door niemand moeilijk over gedaan. Zij maakten zich ook op. Men vond dat geinig.

Lourdes Boasman

‘Ik had echt gedacht dat er meer tolerantie zou zijn’

Nu zijn we 50 jaar verder en wordt een lesbisch stel weggepest, dat in Nederland is getrouwd en daarna is verhuisd naar Aruba. Gelukkig geldt nu ook op Aruba en de Antillen, na jarenlang procederen, het geregistreerd partnerschap voor homoseksuelen.

Als jong meisje kwam ik naar Nederland voor een verpleegstersopleiding. Uiteindelijk heb ik gekozen voor een administratieve loopbaan, waar mijn talenkennis goed van pas kwam. Ik heb altijd allerlei vrienden gehad: mannen, vrouwen in alle kleuren. We leven in een multiculturele wereld. Nu ben ik gepensioneerd en taalvrijwilliger voor vluchtelingen en anderstaligen.

Vluchtelingen worden zelf gediscrimineerd, maar je hoort ook verhalen over discriminatie onderling, van homoseksuele vluchtelingen bijvoorbeeld. In veel culturen mag homoseksualiteit niet bestaan. Een Syrisch taalmaatje verwondert zich vaak over de tolerantie in Nederland. Natuurlijk heb je hier genoeg mensen die niet-tolerant zijn, maar in zijn eigen land kun je echt niet jezelf zijn. Zijn Koerdische zoon kon hij niet aangeven met een Koerdische naam. Hier in Nederland kan dat wel. Daar mogen we best wel trots op zijn. Deze verworvenheid moeten we verdedigen. Laat iedereen elkaar respecteren.’

Ibrahim Özgül (35), finance- en project professional

‘Zelf zie ik de overeenkomsten wel tussen verschillende soorten discriminatie. Antisemitisme is voor mij in principe hetzelfde als islamofobie, maar in de praktijk zie je dat mensen vaak alleen maar strijden tegen een van beide vormen van uitsluiting. Ik denk dat je als minderheden onderling solidair zou moeten zijn. Een gemeenschappelijke vijand – mensen die discrimineren – zou een goede basis zou kunnen zijn voor vriendschap. Maar mensen zijn vaak te druk met hun eigen strijd en hebben te weinig tijd om te kijken naar de struggle van de ander. Sowieso is het heel lastig om mensen op de been te krijgen voor de goede zaak. Heel jammer.

Ibrahim Özgül

‘Antisemitisme is voor mij in principe hetzelfde als islamofobie’

Ik zie weinig mensen op de barricades staan voor de rechten van andere groepen. Op Facebook gebeurt dit ook niet. Homorechten liggen bijvoorbeeld heel gevoelig binnen de moslimgemeenschap. Toch zijn er wel moslims die opkomen voor homorechten. Of moslims die homoseksualiteit afwijzen omdat dit niet mag van de islam, maar homo’s als mens wel accepteren. Zelf ben ik nooit in de situatie gekomen waarin ik zag dat iemand werd gediscrimineerd. Toen ik zelf een bedrijf had liepen er allerlei soorten mensen rond: Turkse en Marokkaanse Nederlanders en ook Surinaamse stagiairs. Maar daar hebben we niet bewust op gekozen. Die waren gewoon goed.’

Nenita La Rose (61), adviseur, coach, voorzitter Nederlandse Vrouwenraad

‘In de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw voelde ik mij, als jonge studente, erg betrokken bij het zwarte feminisme van Angela Davis en Philomena Essed. Ik was mij ook toen ook al bewust van het feit dat antidiscriminatiewetgeving altijd ging over seksisme of racisme, maar nooit over allebei tegelijkertijd. Als vrouw heb je sowieso te maken met marginalisatie, maar als je bovendien een kleurtje hebt, dan moet je daar ook aandacht aan geven. Dat wordt vaak vergeten, die intersecties, die kruispunten van discriminatie. De jongere generatie zwarte vrouwen houdt zich daar gelukkig wél meer mee bezig. We zijn van ver gekomen – maar we zijn er nog lang niet.

Vorige maand was ik dagvoorzitter van een expertmeeting van het kennisinstituut Atria over gender-stereotypering van vrouwelijke politici. Daar vertelde Marjolein Moorman, PvdA-wethouder in Amsterdam, hoe ze tijdens een politiek debat in De Balie als eerste vraag kreeg hoeveel rode jurken ze in de kast had hangen…

Nenita La Rose

‘We zijn van ver gekomen – maar we zijn er nog lang niet’

Dat je ook rekening houdt met vormen van achterstelling die geen betrekking hebben op jezelf vind ik belangrijk. Ik ben vrouw en zwart en toevallig ben ik hoogopgeleid. Maar dat laatste had ik ook niet kunnen zijn – ik had bovendien een handicap kunnen hebben. Toen ik voorzitter werd van de Nederlandse Vrouwenraad besefte ik dat ik de eerste zwarte voorzitter was in 120 jaar. Ik dacht toen: het is 2018, dit heeft eigenlijk best wel lang geduurd. We mogen onszelf best wat meer bewust worden van de verschillen die er zijn tussen witte vrouwen en migrantenvrouwen, wat betreft hun positie. We zijn inderdaad allemaal vrouwen, maar migrantenvrouwen hebben extra problemen qua economische zelfstandigheid en de extra druk vanuit hun cultuur om aan mantelzorg te doen. Dat geldt trouwens ook voor laagopgeleide vrouwen.

Ik ben enkele jaren geleden persoonlijk adviseur geweest van de burgemeester van Amsterdam, wijlen Eberhard van der Laan. Op bijeenkomsten werd ik steevast aangezien voor zijn secretaresse. De laatste jaren ben ik mij ook meer bewust geworden van de manier waarop ik zelf onbewust naar andere mensen keek. Dat gaat soms vanzelf. Als iemand een handicap heeft, is dat bijvoorbeeld vaak het eerste wat aan iemand opvalt. Gewoon omdat het minder vaak voorkomt bij de mensen. Het is soms lastig om direct door zo’n deel-identiteit heen te kijken. Daarom is het zo belangrijk om daar over te praten en om intersectionaliteit op de agenda te zetten.’

- Advertentie -

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here