Wat is typisch Nederlands om te doen? Dit vindt ons panel

Jaime Donata
Jaime Donata
Journalist gespecialiseerd in kunst & cultuur en politiek.

Lees meer

Dat ‘oer-Hollandse tradities’ en gebruiken als Zwarte Piet en vuurwerk ter discussie staan is geen nieuws meer. Maar wat vinden onze panelleden nu eigenlijk typisch Nederlandse gebruiken?

Salma Karim (25), CEO en graphic designer

‘Nederlanders staan wel een klein beetje bekend als gierig. ‘Ga je weer tata doen?’, zeg ik als ik met Nederlandse vrienden uit eten ben geweest en mensen tikkies beginnen te sturen. Daar kunnen ze wel om lachen, hoor. Het is ook niet erg. Als ik met vrienden uit eten ga en iemand heeft weinig geld, dan hoeft diegene echt niet voor mij te betalen.

Iets anders Nederlands: schoenen aan in huis, zelfs op bed. Dat was voor mij een culture shock. Iedereen feliciteren op een verjaardagsfeestje, van je broer en neef tot vrienden. Dat vond ik echt het allergrappigste. Bij ons feliciteer je de jarige – en de rest groet je gewoon, of geef je een kus.

‘Kinderen kunnen hier alles flikken’

En één koekje aanbieden bij de thee – ook typisch. Maar ik heb zelf niet zulke Nederlandse vrienden, hoor. Dus ik zou het niet eens hebben geweten als ik niet al die verhalen zou horen.

Nederlanders zijn ook heel erg direct. Maar dat heb ik zelf ook overgenomen, want daar houd ik van. In de opvoeding vind ik Nederlanders heel zacht. Kinderen kunnen hier alles zeggen en flikken zonder dat het een probleem is. Soms zie ik kinderen zelfs over ouders heen lopen. Bij ons wordt respect echt afgedwongen: een beetje bang zijn voor je ouders hoort er wel een beetje bij. Mijn broertje van 21 mag niet zomaar wegblijven in de avond.’

Lourdes Boasman (69), gepensioneerd en taalvrijwilliger

‘Wat mij het eerste opviel toen ik jaren geleden in Nederland kwam, was dat men het altijd maar over het weer had. ‘Lekker weertje vandaag’, of ‘Wat een pokkenweer’ – en alle mogelijke varianten op dit thema. En op zonneschijn volgen volle terrassen in de binnenstad, want daar moest van worden genoten. Logischerwijs was dat voor mij een onbekend fenomeen: op mijn geboorte-eiland Aruba had je iedere dag zon. Lang duurde het overigens niet voordat ik begreep waarom het weer in Nederland zo’n belangrijk gespreksthema is.

In het prille begin van mijn verblijf in Nederland werd ik niet alleen verrast door de gewoonte van het op tijd komen op afspraken, maar ook het nakomen van afspraken. Iets wat ik sindsdien heel erg ben gaan waarderen. Je wordt geacht op tijd bij een afspraak te zijn, dat geldt voor zowel jezelf als voor de ander. En netjes melden als er vertraging is!

‘Altijd en overal koffie’

Aan de andere kant was er dan wel weer het fenomeen dat mensen in verlegenheid werden gebracht als je onverwacht op de stoep stond, vooral tijdens etenstijd. Alhoewel het nog maar de vraag was wie er in verlegenheid werd gebracht, want de gemiddelde Nederlander is recht voor zijn raap. Men wringt zich niet in allerlei bochten, maar zegt waar het op staat en gaat meteen over tot de orde van de dag. En binnenvallen rond etenstijd – bloemetje mee: ‘Meidje, dat had je toch niet hoeven doen!’ – betekende doodgewoon wachten tot na afloop van de maaltijd. En in de tussentijd kon je een kop koffie krijgen.

Het eerste wat men vraagt is: ‘Wil je een kopje koffie?’ Altijd en overal koffie. Samen met collega’s in de koffiecorner over sport, over politiek, bij verjaardagen, op vakanties. Lief en leed onder het genot van een kopje koffie. En als je geluk had, kon je er een koekje bij krijgen. Want Nederlanders waren zuinig.

In de tijd dat ik in Nederland kwam vierde de moppenoorlog tussen Belgen en Nederlanders hoogtij, waarbij de Belgen hamerden op de gierigheid van de Nederlanders: één cola met zes rietjes. Dat mag zo zijn, maar ik heb in de loop van de jaren wel gemerkt dat Nederlanders weliswaar zuinig – kunnen – zijn maar een groot hart hebben. Bij calamiteiten of rampen wordt er meteen collecten georganiseerd en steun toegezegd. Ook goede doelen worden massaal gesteund.

Het Nederlandse eten vond ik niet echt fantasierijk. Bij het ontbijt en voor de lunch was het vaak een boterham met kaas of hagelslag. Vooral de hagelslag wekte toch wel enige verbazing op. Maar echte walging heb ik voor het eten van zoute haring… Haring, de meeste buitenlanders verafschuwen deze rauwe, gepekelde vis die je bij de staart vastpakt, soms door gesnipperde uitjes haalt en met je hoofd achterover zo naar binnen werkt. Zelf vond ik het stinken en ik vond het onbegrijpelijk dat dit gegeten werd.

Na langdurig aandringen van mijn omgeving heb ik toch ooit voorzichtig mijn eerste hapje genomen. Inmiddels vind ik haring heel smakelijk. Zonder franje, geen gedoe met uitjes of op brood of in stukjes gesneden. Hoofd achterover en happen maar. Lekkerrr!

Zelf ben ik dusdanig geïntegreerd dat ik de ‘typische Nederlandse gewoontes’ eigenlijk heel gewoon ben gaan vinden. Alleen hou ik nog steeds niet van tulpen in een vaas, want die gaan zo snel hangen.’

Stephano Stoffel (57), ZZP’er, bestuurder en columnist

‘De manier waarop wij in Suriname onze kinderen opvoeden verschilt heel erg met die van hier. Respect voor ouderen is bij ons heel sterk. Als Surinaamse kinderen iets ongepast doen, dan hoeft een Surinaamse moeder vaak alleen maar te kijken en het kind is koest. Nederlanders laten een kind veel meer doen wat ze willen.

Beleefdheidsvormen zijn hier ook anders bij Nederlanders. Er is hier ook een soort lompheid ingeslopen. Mensen in de winkel die je passeert, douwen zich langs je heen. Dat voelt niet echt fijn. Het groeten op straat gebeurt ook niet meer. Dat was ik van Nederlanders in Suriname wel anders gewend. Alsof de beleefdheid is achtergebleven in de voormalige koloniën. Maar misschien zijn die oude omgangsvormen er nog wel in de hogere echelons.

‘Nederlanders douchen zich minder’

Voor mij was het niet zo erg wennen toen ik in Nederland kwam eigenlijk. Nederlanders hebben wel een andere manier rond hygiëne. Nederlanders douchen zich minder, Surinamers minstens twee keer per dag. En wij wassen ons vlees in azijn. Daarna spoelen wij het nog eens af. In Nederland gooien jullie het meteen in de pan.

De Nederlandse gastvrijheid is ook een dingetje. Je hebt van die verhalen over vriendjes die niet mogen mee-eten als ze op bezoek zijn. Dat is in Suriname onbestaanbaar. Als je daar langkomt, dan krijg je altijd eten. En op een feestje is er altijd twee keer zoveel voedsel dan nodig voor de gasten – en je krijgt een cadeautje mee naar huis.

Eigenlijk noem ik alleen maar dingen die Nederlanders niet doen, haha. Maar dát is misschien wel typisch Nederlands voor mij.’

Ibrahim Özgül (35), finance- en project professional

‘Wat mij zelf dagelijks opvalt bij Nederlanders: kleine succesjes vieren. Ik zie dat met voetbal. Iedere wedstrijd gewonnen is er één. En om in voetbalsferen te blijven: zonder onderbroek douchen, haha…

Ik vind Nederlanders ook lekker direct – soms te direct. Als je het over een prijs hebt, dan is er meestal weinig ruimte tot onderhandelen. In zaken kom ik dat ook tegen: vaak slaat men hier de social talks ook over, of men doet het heel beperkt en komt snel tot zaken. En op tijd komen. Nederlanders komen op tijd.

‘Zonder onderbroek douchen, haha…’

Geboortekaartjes sturen vind ik ook iets typisch Nederlands. Dat doet men in Turkije in ieder geval niet. En dan het eten: beschuit met muisjes, rauwe haring. Dat laatste heb ik nog nooit geprobeerd en ik zal het ook nooit doen. Het ruikt niet lekker en ik heb sowieso niks met rauwe dingen, behalve komkommers.

Planmatig werken, daar zijn Nederlanders ook goed in. Maanden aan een plan werken voordat je begint. Ik vind dat echt een kracht. In Turkije begin je veel sneller aan iets, soms zonder alle consequenties te hebben overdacht.

Iets wat je natuurlijk ook vaak hoort: dat je bij Nederlanders niet zomaar kan blijven eten, ‘want we hebben maar voor drie man gekookt’. Bij Turken krijg je hoe dan ook eten als je er toevallig bent – zelfs al eet de gastheer zelf niet. En uiteraard, de klassieker…. de rekening delen, the dutch way. Wie een tijdje in Nederland heeft gewoond, die begrijpt meteen dat de tikkie wel een Nederlands product is.’

Pritam Soekhradj, (18), scholier havo 5

‘Het eerste waar ik aan denk bij ‘typisch Nederlands’ is gezelligheid. Hollanders houden erg van gezelligheid. En dan denk je misschien: wie niet? Maar ik bedoel gezelligheid in de zin van ‘iedereen erbij, hoe meer zielen, hoe meer vreugd’. Dat zie ik minder bij Fransen, Duitsers, of Spanjaarden.

Of dit ook iets te maken heeft met een andere manier van kijken naar hygiëne weet ik niet. Maar zaken als uit elkaars glazen drinken, pissen tegen een boom met een broodje in hand, dat zie ik Nederlanders gemakkelijker doen dan bijvoorbeeld Hindoestanen. Maar het kan ook zijn dat dit ligt aan de Nederlanders waarmee ik mij omring.

‘De ikke-ikke-mentaliteit’

Nederlanders zijn ook echt nuchter. Dat merk je goed bij het ruzie maken. Als buitenlanders ruzie maken is het vaak heel fel – bij Nederlanders vaak een veredelde discussie. We kunnen hier vrij simpel nadenken over emoties.

Op een andere manier komt dit ook terug in de relatief bescheiden manieren die men hier heeft. Spreken met twee woorden, op openbare plekken minder lawaai maken in groepen. Nu hangt dit natuurlijk ook af bij wat voor Nederlanders je gaat kijken.

Nederlanders nemen volgens mij wel vaak het zekere voor het onzekere. Misschien dat ik mijzelf daarom ook wel zo veilig voel hier. Als ik in een ander Europees land ben, heb ik het gevoel dat daar meer kan gebeuren: geweld of aanslagen. Ik vind Nederlanders wel vaak minder denken aan hun medemens: de ikke-ikke-mentaliteit.

Ook typisch Nederlands vind ik het in het gezicht wrijven van dingen die geaccepteerd moeten worden: een gaypride, gaybrapaden en de ‘Gay Month’ – ik vind het allemaal prima, maar op school moest ik verplicht met paarse armbanden lopen om ‘Purple Friday’ te vieren. Dat vond ik wel ver gaan.’

- Advertentie -

1 REACTIE

  1. Mevrouw Karim is niet echt geïntegreerd “..Maar ik heb zelf niet zulke Nederlandse vrienden, hoor.
    Dus ik zou het niet eens hebben geweten als ik niet al die verhalen zou horen…”.

    Mevrouw Boasman iets beter “..Lief en leed onder het genot van een kopje koffie. En als je geluk had,
    kon je er een koekje bij krijgen. Want Nederlanders waren zuinig…” . Koffie heet niet voor niets “troost”.

    Mijnheer Stoffel “..Nederlanders douchen zich minder, Surinamers minstens twee keer per dag…” ,
    Geen wonder in die hitte ! “..En wij wassen ons vlees in azijn. Daarna spoelen wij het nog eens af.
    In Nederland gooien jullie het meteen in de pan…” . Hier is het vlees vers en schoon, dan hoeft
    dan niet. In de VS spoelen ze kip met chloor, weken het er zelfs in. Kun je bedorven kip nog eten.

    Mijnheer Özgüll heeft het over cultuur verschillen. Er zijn echter ook -oudere- Nederlanders die
    de hele week teveel koken ( “in de oorlog was er te weinig”), maar eten op vrijdag de restjes op…

    Mijnheer Soekhradj . U blijft mij verbazen met uw inzichten. Intergratie zoal weinig vertoond !
    Mijn complimenten !

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here