‘In opstand komen tegen onderdrukking is een mensenrecht’

Foto: Füsun Erdogan. Füsun Erdogan is mensenrechtenactivist en journalist voor de Turkse nieuws- en opiniewebsite Bianet. Ze is in 1960 geboren in Erzincan, in het noordoosten van Turkije. In 1982 verhuisde ze naar Nederland. Ze studeerde politicologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. In 1992 keerde ze terug naar Turkije om te werken als journalist. In 1995 richtte ze de radiozender Özgür Radyo op. In 2006 werd ze opgepakt in Izmir en gevangengezet. In 2014 werd ze vrijgelaten, waarna ze weer terugkeerde naar Nederland. Sindsdien woont ze in Rotterdam.
‘Voor kinderen in steden als Cizre is broederschap niet meer dan een woord, een valse belofte, het tegenovergestelde van de realiteit waar zij dagelijks mee geconfronteerd worden’, constateert journalist en activist Füsun Erdogan.

Na bijna acht jaar in een gevangenis in Turkije doorgebracht te hebben werd de Turks-Nederlandse journalist en mensenrechtenactivist Füsun Erdogan twee jaar geleden plotseling vrijgelaten. Dat gebeurde na een wetswijziging twee maanden eerder, die vaststelde dat verdachten nog maar maximaal vijf jaar in voorarrest gevangen gehouden mogen worden. Eerder gold een maximaal voorarrest van tien jaar. Ondanks dat Erdogan een reisverbod was opgelegd, vluchtte ze naar Nederland. Hoewel ze naar eigen zeggen nooit bij een gewelddadige actie betrokken was, werd ze tot levenslang veroordeeld voor onder meer poging tot het gewelddadig omverwerpen van de constitutionele orde. Dat zou ze hebben gedaan als één van de kopstukken van de MLKP (Marxistisch-Leninistische Communistische Partij), die op de Turkse terreurlijst staat. De Kanttekening sprak Erdogan naar aanleiding van de recente escalatie van het geweld in het zuidoosten van Turkije, één van de onderwerpen waarover zij schrijft voor de Turkse nieuws- en opiniewebsite Bianet.

De zaak tegen jou is nog niet afgesloten. Heb je er vertrouwen in dat na al die jaren gerechtigheid zal geschieden?
‘Onder normale omstandigheden, in een degelijk functionerende rechtsstaat, was ik überhaupt nooit gevangengezet, aangezien de zaak tegen mij nergens op is gebaseerd. Turkije is geen rechtsstaat, maar als er zelfs nog maar een klein beetje rechtvaardigheid is in het land, dan wordt de zaak tegen mij nietig verklaard en krijg ik schadevergoeding voor al die jaren die ik onterecht heb doorgebracht in de gevangenis. Zelf doe ik in ieder geval alles voor gerechtigheid, alles wat in mijn macht ligt, dat ik heb ik me voorgenomen, want als ik later terugkijk wil ik zonder vraagtekens kunnen zeggen dat ik mijn best heb gedaan. Daarom blijf ik strijden. Als mensen niet strijden voor gerechtigheid, voor verandering, verandert er niets in Turkije.’

Waarom zitten zo veel journalisten in de gevangenis in Turkije?
‘De machthebbers in het land zijn zo anti-democratisch dat ze geen enkele kritiek dulden. Ze kennen geen democratische traditie. Ze tolereren alleen gelijkdenkenden. Andersdenkenden zetten ze buitenspel. Er is geen vrijheid, geen vrijheid van gedachte en geen vrijheid van meningsuiting. Er zitten momenteel meer dan dertig journalisten in de gevangenis. Toch claimen Turkse bewindslieden dat er persvrijheid is in het land. Triest. Als reactie op de dubbele zelfmoordaanslag in Ankara, die aan meer dan honderd mensen het leven kostte, deed Ahmet Davutoglu (Turkse premier, red.) een knettergekke uitspraak. Hij zei dat potentiële zelfmoordterroristen alleen opgepakt kunnen worden nadat zij zichzelf hebben opgeblazen, omdat zij dan pas strafbaar zouden zijn. Zulke abnormale uitspraken doen mensen van de AKP (President Recep Tayyip Erdogans Partij voor Rechtvaardigheid en Ontwikkeling, red.) wel vaker. Ze houden het volk voor de gek. Journalisten worden gevangengezet, om niets, maar terroristen oppakken, ho maar, nee, zij mogen vrij rondlopen. Waarom? Omdat terroristen nuttig zijn voor de huidige machthebbers. Ze gebruiken hen om de eigen machtspositie te versterken, terwijl journalisten, zoals Can Dündar, met hun berichtgeving die positie kunnen doen wankelen. Het gaat dus om eigenbelang. Zowel het niet laten oppakken van terroristen als het laten oppakken van journalisten, is politiek gemotiveerd.’

In het zuidoosten van Turkije woedt een hevige strijd de PKK en het leger, die een hoge tol eist onder de burgerbevolking. Hoe ernstig is de situatie in het gebied?
‘Erdogan haalt regelmatig uit naar Assad, zijn oude maatje. Hij houdt hem verantwoordelijk voor de oorlog in Syrië en daarmee de dood van honderdduizenden mensen. De pot verwijt de ketel dat hij zwart ziet. Erdogan zou in de spiegel moeten kijken. Hij heeft veel gemeen met Assad. Hij heeft Zuidoost-Turkije veranderd in een oorlogsgebied, waar inmiddels honderden burgers zijn gedood. In negentien gebieden geldt een uitgaansverbod. Mensen kunnen niet eens hun doden begraven. In steden als Cizre liggen lijken te rotten op straat, net als in Syrië. Je kan niet verwachten dat kinderen die in zulke omstandigheden opgroeien de staat vertrouwen. En dan durft Erdogan het nog te hebben over ‘broederschap’. ‘Mijn Koerdische broeders’, zegt hij om de zoveel tijd. Welk broederschap? Voor kinderen in steden als Cizre is broederschap niet meer dan een woord, een valse belofte, het tegenovergestelde van de realiteit waar zij dagelijks mee geconfronteerd worden. Feit is dat alleen de ‘AKP-Koerden’, de Koerden die naar de pijpen van Erdogan dansen, zijn ‘broeders’ zijn.’

Foto: Hakan Büyük

Voor veel Turken in het westen van het land is het leed van de burgerbevolking in het zuidoosten een-ver-van-mijn-bed-show. Weinig ‘westerlingen’ lijken er zich om te bekommeren. Waar heeft dat mee te maken?
‘Het probleem is dat mensen in het westen niet op de hoogte zijn van het drama dat zich afspeelt in het zuidoosten. Het gros van de media bericht er niet over, aangezien vrijwel alle grote mediabronnen beheerst worden door Erdogan en zijn kliek. De media die dat wel doen, zoals de linkse kranten Cumhuriyet, Evrensel en BirGün, hebben maar een beperkt bereik.’

Wat vind je van Zamans berichtgeving hierover?
‘Zaman is onderdeel van de pro-Gülen-media en voert nu oppositie tegen Erdogan, omdat Erdogan jacht maakt op de Gülen-beweging. Maar als het om de Koerden gaat, schaart ook Zaman zich bij de mainstream media, want ook Zaman is pro-uniformiteit ofwel verdediger van de visie die gebaseerd is op de drie pijlers ‘één volk, één land, één vlag’. Dat geldt ook voor bijna alle oppositiepartijen, inclusief de CHP (Republikeinse Volkspartij; kemalistische oppositiepartij, red.). Ook de CHP kiest de kant van het pro-uniformiteit-kamp als het om het ‘Koerdische probleem’ gaat. De enige partij die dat niet doet, is de HDP (Democratische Partij van de Volkeren; pro-Koerdische oppositiepartij, red.), die zich hard maakt voor de Koerdische zaak. Nog niet zo heel lang geleden, tot het corruptieschandaal dat in december 2013 aan het licht kwam, stond Zaman aan de kant van de AKP. En in de pre-AKP-periode steunde ze de hetze tegen de revolutionaire socialistische beweging. Als Zaman écht oppositie wil voeren, moet ze haar eigen fouten en gebreken onder ogen zien, haar huidige redactionele lijn kritisch evalueren en een ferm standpunt innemen in de Koerdische zaak.’

Hoe kan het ‘Koerdische probleem’ opgelost worden?
‘Verzoening is de remedie. Maar voordat dat kan plaatsvinden moet het één en ander gebeuren. Zo moeten de Koerden meer bestuurlijke en volledige culturele autonomie krijgen en moeten zij erkend worden als volledig gelijkwaardige burgers. De staat moet accepteren dat de Koerden net als elk ander volk het recht hebben om hun eigen lot te bepalen. Dat repressiepolitiek geen oplossing zal brengen, is zeker. De staat gebruikt al ruim dertig jaar geweld, het enige wat dat heeft opgeleverd is meer haat. Verwachten dat een volk een toekomst zonder vrijheid accepteert, is onrealistisch. In opstand komen tegen onderdrukking is een mensenrecht.’

Er zijn meldingen van ‘verdwenen’ Koerdische activisten in steden als Cizre en Sur. Waarnemers stellen dat de JITEM* weer op actief is gesteld.
‘Erdogan heeft geleerd van zijn voorgangers, van de duistere perioden in de geschiedenis van Turkije, zoals de tumultueuze periode in de jaren negentig waarin de beruchte ‘onopgeloste moorden’ werden gepleegd. De tactieken die toentertijd werden gebruikt heeft hij zich eigen gemaakt en past hij nu toe, maar hij heeft er een schepje bovenop gedaan, want hij heeft zijn eigen JITEM opgericht. Volgens verschillende bronnen is er momenteel een IS-achtig islamistisch doodseskader, met zo’n vijfhonderd leden, actief in het zuidoosten van het land. Deze dood en verderf zaaiende ‘elite-eenheid’, die zich Esedullah [‘leeuw van Allah’ in het Arabisch, red.] noemt, zou rechtstreeks verbonden zijn aan Erdogan. Op muren van huizen in wijken in de regio waar een uitgaansverbod geldt zijn teksten als Esedullah burda (Esedullah is hier, red.) gekladderd. Mensen zijn doodsbang.’

Hoe zie jij de toekomst van Erdogan?
‘Met zijn hebzucht en egoïsme maakt hij Turkije kapot. Met hem ‘achter het stuur’, is Turkije net een vrachtwagen met gebroken remmen, die met maximumsnelheid een helling afrijdt. Plank gas, de afgrond in. De geschiedenis leert ons dat dictators vaak op een gruwelijke manier aan hun eind komen. Ik heb geen reden om te denken dat het Erdogan anders zal vergaan. Hij is een last op de rug van de volkeren van Turkije, die hij veel schade heeft berokkend. Hij heeft veel pijn en leed veroorzaakt. Hoe vroeger hij gaat, hoe beter.’

*De JITEM (Gendarmerie-inlichtingen en Terreurbestrijding) is de gevreesde contra-terrorisme-organisatie van de Turkse gendarmerie, die eind jaren tachtig werd opgericht. De organisatie wordt verantwoordelijk gehouden voor een groot aantal onopgeloste moorden, op vooral Koerden, gepleegd in de jaren negentig. Het bestaan van de organisatie werd lange tijd ontkend door de Turkse staat.

DELEN
Hakan Büyük
Journalist gespecialiseerd in integratievraagstukken, moslimextremisme, internationale betrekkingen en Turkije. Eindredacteur van de Kanttekening.