18 C
Amsterdam

Comité Nederlandse Ereschulden: spreek over oorlogsmisdaden in Indonesië

Lees meer

Nederland heeft zich tijdens de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog (1945-1949) wel degelijk schuldig gemaakt aan oorlogsmisdaden, vindt Stichting Comité Nederlandse Ereschulden (Stichting KUKB) van de Indonesische mensenrechtenactivist Jeffry Pondaag. Hij wil dat de Tweede Kamer het kabinet daarop aanspreekt.


Vandaag debatteert de Tweede Kamer over de uitkomsten van het onderzoeksprogramma ‘Onafhankelijkheid, dekolonisatie, geweld en oorlog in Indonesië 1945-1950’. Pondaag heeft kritiek op dit onderzoek, omdat daarin niet gesproken wordt over oorlogsmisdaden. Het kabinet spreekt in navolging van de historici die het onderzoek hebben uitgevoerd liever over ‘structureel extreem geweld’, omdat pas na de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog het verdrag van Genève werd gesloten, waarin dergelijk gedrag voor het eerst als oorlogsmisdaad werd geclassificeerd.

Pondaag noemt dit ‘selectief winkelen binnen het internationaal recht’ en vindt dat Nederland het wel oorlogsmisdaden moet noemen. Ook vindt Pondaag het verkeerd dat Nederland slechts 5.000 euro schadevergoeding uit wil keren aan de weduwen en nabestaanden van geëxecuteerde Indonesiërs, en dat het kabinet nergens in zijn reactie de dodenlijsten van geëxecuteerde Indonesiërs noemt. Deze lijsten bestaan, hun bestaan werd eerst ontkend, maar later gaf de Nederlandse staat toe over zulke lijsten te beschikken.


Ten slotte vergelijkt Pondaag in de Nederlandse oorlog tegen Indonesië met de Russische invasie van Oekraïne. Indonesië heeft zich op 17 augustus 1945 onafhankelijk verklaard. De oorlog in Indonesië was daarom geen koloniale oorlog, maar een invasie van een soeverein land. Nederland moet daar ook excuses voor aanbieden, vindt Pondaag.

- Advertentie -