De Verenigde Naties namen afgelopen maart een resolutie aan die slavernij als ‘de grootste misdaad tegen de menselijkheid’ omschreef. De Verenigde Staten stemden tegen en Europese landen, waaronder Nederland en het Verenigd Koninkrijk, onthielden zich van stem.
Het Verenigd Koninkrijk en Portugal, die de trans-Atlantische slavenhandel domineerden, hebben het idee van herstelbetalingen stelselmatig afgewezen. Volgens de BBC is dat niet verwonderlijk, aangezien het bedrag dat het VK schuldig is aan getroffen naties is geschat op 18 biljoen pond.
Ghana was initiatiefnemer van de VN-resolutie. Zo’n tien tot vijftien procent van de naar schatting twaalf miljoen Afrikanen die werden ontheemd en ontmenselijkt, kwam uit het gebied dat nu Ghana is. Vele anderen werden vanaf de Ghanese kust naar andere landen vervoerd.
Ghana wil dat er een systeem wordt opgezet waarmee studiebeurzen en groeikapitaal voor jonge Afrikaanse ondernemers worden gefinancierd. Ook wil het land dat terugkerende gezondheidsproblemen worden onderzocht. Volgens sommigen werden deze problemen veroorzaakt door de ernstige ondervoeding en onmenselijke omstandigheden van de slavernij van destijds.
Eén van de instituten die Ghana ter verantwoording wil roepen, is de Anglicaanse Kerk, de Church of England. In de achttiende eeuw runde de missionaire tak van de kerk plantages en bezat honderden slaven. Hiermee kon zij haar werk in het buitenland financieren. Een rapport van de kerk vond dat de organisatie grote investeringen had gedaan in de slavenhandel en er goed aan had verdiend.
De kerk heeft inmiddels een fonds opgericht waarmee gemeenschappen kunnen worden geholpen die nog steeds kampen met de gevolgen van de slavenhandel. Dit heeft binnen de kerk ook weerstand opgeroepen, mede omdat sommige Afrikanen zelf zouden hebben meegewerkt aan het gevangenzetten en het verkopen van hun landgenoten.
Binnen Ghana zelf wordt de discussie rond Afrikaanse medeplichtigheid ook gevoerd, schrijft de BBC. Koning Tackie Teiko Tsuru II, leider van het Ga-volk, bood onlangs excuses aan voor het aandeel van zijn voorouders in de slavenhandel. Hij omschreef de transatlantische slavenhandel, in lijn met de VN-resolutie, als ‘de grootste misdaad tegen de menselijkheid.’


