Meer dan 500 Rohingya-vluchtelingen uit Myanmar zijn vermoedelijk verdronken nadat twee boten voor de kust van de westelijke deelstaat Rakhine waren gezonken. Waarschijnlijk zijn de twee overvolle vaartuigen omgeslagen en gezonken door harde wind en hoge golven als gevolg van de moesson, zo meldt de BBC.
De Rohingya, een overwegend islamitische minderheid, worden al jaren vervolgd in Myanmar. De militaire junta wordt beschuldigd van genocide op de Rohingya. Die zaak wordt momenteel behandeld door het Internationaal Gerechtshof.
In buurlanden en grensgebieden leven overlevenden en nabestaanden in mensonterende vluchtelingenkampen, zonder enig perspectief. Velen wagen de overtocht in oude vissersboten die niet bestand zijn tegen de hoge golven tijdens de moesson. De opvarenden van de twee boten bestonden voornamelijk uit vrouwen en kinderen.
De autoriteiten in Bangladesh hebben bekendgemaakt dat het lichaam van één vrouw is gevonden. Vissers zeggen echter dat zij op zee meer lichamen hebben gezien. De systematische vervolging van de Rohingya escaleerde in augustus 2017, toen het Myanmarese leger een grootschalig offensief begon in de deelstaat Rakhine. De Verenigde Naties noemen de vervolging van de Rohingya een ‘schoolvoorbeeld’ van etnische zuivering en genocide. Honderdduizenden Rohingya sloegen destijds op de vlucht naar Bangladesh, waar zij nog altijd in overvolle vluchtelingenkampen verblijven.


