17.3 C
Amsterdam

Onderzoek naar mogelijke discriminatie bij kinderbescherming

Lees meer

De Raad voor de Kinderbescherming laat het Verwey-Jonker Instituut onderzoeken of discriminatie een factor is bij de disproportionele uithuisplaatsingen onder Nederlanders met een migratieachtergrond. ‘Bijna een kwart van de gezinnen waar wij mee werken heeft een migratieachtergrond. Dat is een stuk meer dan in de samenleving als geheel’, zegt Iwan Bean, interim-directeur bij de Raad voor de Kinderbescherming. Zo meldt NOS.


‘Dit soort maatregelen grijpen diep in in het familieleven’, vervolgt Bean. ‘Daarom is het cruciaal dat we niet discrimineren. We moeten zeker weten dat we een Nederlands gezin in een gelijke situatie eenzelfde advies geven als een gezin met een andere culturele achtergrond.’


De taak van de Raad voor de Kinderbescherming is om te onderzoeken of kinderen veilig thuis kunnen opgroeien. Als dat niet het geval is, adviseert de Raad een rechter om maatregelen te nemen, zoals een uithuisplaatsing of ondertoezichtstelling. Adviezen worden vaak grotendeels overgenomen door de rechter. Ook bij jeugdcriminaliteit adviseert de Raad voor de Kinderbescherming de rechter.

Het onderzoek van het Verwey-Jonker Instituut duurt negen maanden en zal de raad voor de Kinderbescherming inlichten of er onderscheid wordt gemaakt tussen groepen. Dat gebeurt aan de hand van gegevens waarover de Raad beschikt en gesprekken die worden gevoerd met gezinnen.

‘We hebben geen aanwijzingen dat er op dit moment sprake is van discriminatie binnen de Raad’, aldus Bean. ‘Ik geloof ook echt dat we onbevooroordeeld te werk gaan. Maar er zijn incidenten geweest bij andere overheidsinstanties, zoals met de toeslagenaffaire.’

- Advertentie -