‘De tijd dat we een Vogelaar-wijk waren is voorbij’

Foto's: Freek de Swart. Bep Slebus & Tyrone Eiflaar.
Tien jaar geleden werd de Arnhemse wijk Presikhaaf bestempeld als probleemwijk. Sindsdien zijn er nog steeds problemen, maar er is ook veel veranderd. Onze reporter Freek de Swart praatte met mensen uit de wijk over de huidige stand van zaken.

Eind september arresteerde de politie maar liefst zeven mannen op verdenking van het beramen van een terroristische aanslag. Drie van deze aanhoudingen, net als meerdere huiszoekingen, vonden plaats in Arnhem. Het politieoptreden is niet de eerste keer dat deze stad in verband wordt gebracht met jihadisten. Vooral de wijken Het Broek en Presikhaaf zouden broeinesten zijn van islamitisch extremisme. Klopt het beeld dat Arnhem geliefd is bij geradicaliseerde salafisten en wat vinden de bewoners hier zelf van?

Een maand na de spectaculaire arrestaties is de rust wel wedergekeerd in Presikhaaf. Het winkelcentrum in het hart van de wijk oogt nog wel als een oorlogsgebied, maar dat komt meer vanwege een grootscheepse renovatie. Op een van de bankjes naast de bouwplaats zitten Willem, Jan, Dick en Bennie wat te ouwehoeren. De mannen zijn duidelijk een onderdeel van het meubilair en bekend met de buurt en haar bewoners. Om de paar minuten wordt er wel een hand opgestoken naar een bekende of minder bekende voorbijganger. ‘Kijk, dat is Theo Slijkhuis, oud-aanvaller van Vitesse’, zegt een van hen wenkend naar een bejaarde man. Ook met de bouwvakkers blijken de mannen inmiddels een goede band te hebben opgebouwd. Zo plagen ze een opzichter om zijn ‘onverstaanbare’ Rotterdamse accent en vanwege het feit dat de verbouwing wel erg lang duurt. ‘Hoe lang zijn jullie nu al bezig, twee jaar?’ Dat hun wijk de laatste tijd zo slecht in het nieuws is, is volgens het kwartet vooral te danken aan de media. De afgelopen jaren zou Presikhaaf juist enorm zijn opgeknapt.

‘De tijd dat we nog een Vogelaar-wijk waren (de ‘veertig wijken van Vogelaar’ was een lijst van Nederlandse probleemwijken die in 2007 door toenmalig minister Ella Vogelaar van Wonen, Wijken en Integratie bekend werd gemaakt, red.) is voorbij, de sfeer is beter’, vindt Dick. Hij vermoedt dan ook dat de opgepakte jihadisten geen echte Arnhemmers zijn, maar uit andere landen komen. ‘Die jihadgasten zitten overal. Moet je eens op YouTube kijken wat er allemaal in Den Haag gebeurt’, valt Willem hem bij. De wijk is volgens de mannen naast gezellig ook erg multicultureel, iets dat ook in het winkelcentrum is terug te zien. ‘Er zit hier van alles wat: Marokkanen, Turken, Irakezen. Die bij mij in de flat zitten, daar kan ik het allemaal goed mee vinden’, verklaart Jan. Ook Willem heeft alleen maar goede woorden over voor zijn woonplaats. ‘Als je problemen zoekt kun je die overal krijgen, dat ligt aan jezelf.’ Toch is de politieactie van een maand geleden niet helemaal aan de Arnhemmers voorbij gegaan. Een familielid van Willem zag bijvoorbeeld met eigen ogen hoe het arrestatieteam een huis binnenviel in de Van der Goesstraat. Over het optreden van burgemeester Ahmed Marcouch tijdens deze gebeurtenis zijn de mannen overigens meer dan tevreden. ‘Dat is een goede kerel, die staat iedereen netjes te woord. Niks mis mee.’

Iets verderop in park Presikhaaf geniet Sevilhan Boziyik van alweer een warme oktoberdag. Ook zij maakte in de wijk Het Broek van dichtbij mee hoe het arrestatieteam te werk ging. ‘Je schrikt er wel van, de straten waren de hele dag afgezet en er kwam constant politie langs.’ Net als de mannen in het winkelcentrum heeft Boziyik het idee dat het de laatste tijd juist beter ging met Presikhaaf. Naast veel nieuwbouw zijn er volgens haar een hoop voorzieningen bijgekomen. Alleen een speeltuin voor peuters mist ze nog wel. Volgens Boziyik moeten de opgepakte verdachten ook geweten hebben dat de buurt veiliger is geworden. ‘Ik denk ook dat ze juist in Presikhaaf zijn gaan zitten omdat die niet gezien wordt als probleemwijk.’ Een bankje verderop zit Tyrone Eiflaar te kijken naar zijn spelende kinderen op een glijbaan. Presikhaaf omschrijft hij als zowel sociaal als asociaal tegelijk. ‘Iedereen is vriendelijk en je hebt makkelijk aanspraak, al ligt dat ook aan jezelf.’ Eiflaar wijst naar de vrouw naast hem, Bep Slebus, die hij net heeft leren kennen. ‘Asociaal is dat sommige mensen ‘s nachts keiharde muziek draaien en geen rekening houden met kleine kinderen.’ Zowel Eiflaar als Slebus zeggen niet op te kijken van de arrestaties in hun wijk. Slebus noemt het een trend van de moderne tijd die haar verder niet bang maakt. Tegelijkertijd kan ze zich wel voorstellen dat dit angst oproept bij oudere mensen. Eiflaar vindt angst verder vooral ook iets is dat je over jezelf afroept. Slebus knikt. ‘Het ligt er ook aan hoe je opgevoed bent. Ik heb gewoond in het Broek en daar word je vanzelf hard van.’

Ook op het stadskantoor van Arnhem is het nieuws van de opgepakte jihadisten niet onopgemerkt gebleven. Sprake van een wake-up call is er volgens veiligheidsadviseur Niels Emeis daarentegen niet. ‘Het is een bevestiging van de zorgen die we al hadden.’ Arnhem krijgt dan ook, net als tien andere gemeenten, extra financiële steun van het Rijk om radicalisering tegen te gaan. Met dit budget van ongeveer vierhonderdduizend euro worden onder andere diverse preventie- en repressieactiviteiten en projecten in de stad en de regio gefinancierd. Ook wordt dit geld gebruikt om meer bewustwording te creëren in de stad om signalen van radicalisering zo vroeg mogelijk binnen te krijgen. Zo is er het educatieve empowerment-programma Oumnia Works dat door en voor islamitische moeders is ontwikkeld. De gemeente probeert volgens Emeis signalen van radicalisering zo vroeg mogelijk in kaart te brengen. Een voorbeeld van zo’n signaal is wanneer iemand bovengemiddelde interesse toont voor onthoofdingsvideo’s van IS of zich aansluit bij een groep die al in beeld was. ‘Het kan van alles zijn. Soms krijg je signalen van iemand die ineens in gewaden loopt of zich vreemd gedraagt. Heel vaak is het niks, maar het kost wel tijd om dat uit te zoeken.’ Momenteel houdt de gemeente Arnhem zo’n drieëntwintig personen in de gaten.

Hoewel het nieuws soms anders doet vermoeden is het volgens Emeis tegenwoordig makkelijker om geradicaliseerde mensen in beeld te krijgen. Dit komt onder andere door een grotere bewustwording omtrent dit probleem binnen de islamitische gemeenschap. ‘Vier jaar geleden had je bijvoorbeeld heel erg de discussie of mensen die tegen Assad vechten niet moesten worden gezien als vrijheidsstrijder, dat is nu niet meer.’ Lastig punt blijft het bereiken van familieleden van geradicaliseerde personen. Schaamte speelt hierbij soms een rol, ook vinden ouders het vaak moeilijk om afstand te nemen van hun kind. Toch ziet Emeis ook op dit punt een verandering in denken. ‘In het begin was die bewustwording er veel minder, nu komen er bezorgde familieleden of direct betrokkenen rechtstreeks naar ons met vragen en zorgen over de ontwikkeling van een zoon of dochter.’

Waarom Presikhaaf er vaak wordt uitgelicht wanneer het over islamitische terroristen gaat weet Emeis niet. Volgens hem zit het netwerk verspreid over meerdere wijken en tonen jihadisten zich over het algemeen niet honkvast. Ook qua samenstelling bestaan deze groepen volgens hem niet enkel uit mensen met een achterstandspositie. ‘Ze komen van alle hoeken en culturen. Ook qua opleiding zit er veel verschil in.’ De veiligheidsadviseur wijst er verder op dat de gemeente Arnhem geen moskeeën kent die gefinancierd worden met geld uit de Golfstaten. ‘Er zijn wel in het verleden lokale pogingen gedaan van radicale moslims om daar invloed in te krijgen. Gelukkig hebben we goed contact met de moskeeën, dus dat komt niet van de grond.’

Fractievoorzitter van de SP in Arnhem, Gerrie Elfrink, laat zich minder positief uit over de situatie in zijn stad. ‘Vergeleken met andere landen zitten we er wel bovenop, maar dat wil niet zeggen dat het allemaal koek en ei is.’ Volgens hem is er bovendien wel degelijk een oorzaak aan te wijzen waarom Arnhem bovengemiddeld veel Syrië-gangers en jihadisten kent. ‘Ik heb met verschillende mensen gesproken en de enige verklaring is dat er hier een ronselaar actief moet zijn geweest.’ Volgens Elfrink hebben Presikhaaf en de nabijgelegen wijk Het Broek bovendien te maken met een opeenstapeling van problemen. Zo zou er in deze buurten een enorme toename zijn van mensen met psychische problemen. Deels omdat in dit gedeelte van Arnhem nog betaalbare woningen worden verhuurd, maar ook vanwege het beleid van de gemeente zelf. ‘Bij verwarde mensen wordt niet gekeken welke huisvesting bij hen past, dat wordt gewoon overgelaten aan zorgbedrijfjes. Deze bedrijfjes sluiten deals met malafide huisjesmelkers.’ Als voorbeeld noemt Elfrink het verhaal van een man met verslavingsproblemen die in een straat werd gezet tussen junks en dealers. ‘In zo’n wijk geloven de mensen ook niet meer in het beleid van de gemeente.’ Volgens Elfrink komt het ook weleens voor dat verwarde mensen zich aansluiten bij jihadistische groeperingen, of nog kwalijker, er zelf een beginnen. ‘Sommige mensen zijn in de war maar tegelijkertijd ook erg charismatisch.’

Verder hekelt de SP-voorman de gebrekkige wijze waarop de gemeente met de buurt communiceerde nadat de terreurverdachten hier waren opgepakt. ‘Terreur gaat over angst en ook een mislukte aanslag zaait angst. Als je dat niet wegneemt dan doe je ook niet aan contraterreur.’ Verder noemt Elfrink het schokkend dat een gedeelte van de gemeenteraad in Arnhem nog steeds een roze bril opheeft wanneer het om islamitisch geïnspireerd terreur gaat. Zo zou GroenLinks de link tussen islam en geradicaliseerde salafisten niet erkennen. ‘Er werd letterlijk gezegd dat de hoeveelheid moslims in Arnhem er niets mee te maken heeft en dat Arnhem ook heel veel bomen heeft!’ Wel is Elfrink te spreken over het antwoord van burgemeester Ahmed Marcouch hierop. Die stelde dat deze vorm van terrorisme zeker ook een religieus aspect kent. ‘Dat ben ik met hem eens. Het is gewoon gif, als dat in die hoofden zit kun je het er niet uitknuffelen.’

Ook in het voorwoord van het Uitvoeringsplan Aanpak Radicalisering 2018 hamert de burgemeester van Arnhem erop om de religieuze factor niet onder het tapijt te vegen. Volgens hem leggen experts vaak de nadruk op zaken als discriminatie, persoonlijke teleurstellingen of hang naar heldendom. ‘Als iemand die zelf een radicaliseringsproces heeft meegemaakt, kan ik zeggen dat vrijwel al die factoren meespelen. Eén factor wordt daarbij echter vaak vergeten: de religieuze of ideologische motivatie, geperverteerd en ontspoord door haatdragende ideologen en misbruikt door ronselaars die soms rondhangen rond moskeeën en bovendien via de sociale media tot in de slaapkamer van moslimjongeren binnendringen. Als wij dat over het hoofd zien, vergeten wij ook een belangrijke oplossingsrichting: die van de opvoeders.’

DELEN
Freek de Swart
Journalist gespecialiseerd in politiek en maatschappij. Verslaggever.