5.5 C
Amsterdam

Kaalslag in tolkenland tart de rechtsstaat: ‘Goede tolken zijn onmisbaar’

Lees meer

Beëdigde tolken, die cliënten die het Nederlands onmachtig zijn helpen communiceren met de staat, eisen hogere tarieven en aanpassing van het nieuwe aanbestedingssysteem. De rechtsstaat lijdt eronder. ‘Het gaat soms om leven of dood, levenslang of tbs. Het is belangrijk dat iemands verhaal precies overkomt, dat de cliënt snapt wat wordt gezegd.’


Ruth Bachrach, C1-tolk (het hoogste niveau qua tolken en vertalers) Hebreeuws, is emotioneel als ze over haar werk praat. ‘Ik volg de regels, hún regels, ook al zijn ze zot.’

Feitelijk kan de rechtstaat zonder haar diensten niet functioneren. Als iemand terecht staat die geen Nederlands spreekt, moet een tolk aanwezig zijn om de juridische procedure te vertalen. Ze ontvangt vooraf aan een rechtszaak graag de stukken, zodat zij zich kan voorbereiden. Laatst ontving ze niets.

‘Toen ik achteraf klaagde, zei de rechter: ‘Ja, nou, je bent hier toch voor de verdachte?’ Ik ben hier niet voor de verdachte! Ik ben hier voor de rechtsstaat. Ik moet zorgen dat het over en weer goed begrepen wordt.’

Ze is verbolgen, net als veel andere C1-tolken. Onder aanvoering van de Orde van Registertolken en -vertalers (ORT&V) voeren tolken en vertalers al nagenoeg twee jaar actie voor betere arbeidsvoorwaarden. Ze hebben een aantal keer het werk neergelegd, waardoor de Nederlandse rechtspraak deels kwam stil te liggen.

Want die invloed hebben ze: tolken en vertalers zorgen ervoor dat een persoon kan communiceren met de Nederlandse staat en vice versa. Bijvoorbeeld met de Immigratie- en Naturalisatiedienst, de politie, de marechaussee of in de rechtszaal. Meer stakingen liggen in het verschiet, geeft Bachrachs collega Fedde Dijkstra, tolk Duits en voorzitter van de Orde, aan.

Wat hopen de tolken daarmee te bereiken? Betere tarieven, dat vooropgesteld. Volgens Bachrach en Dijkstra betaalt het Rijk tolken al sinds jaar en dag 43,89 euro per uur, zonder dat er indexatie heeft plaatsgevonden. In april kondigde justitieminister Dilan Yesilgöz aan dat de tarieven naar 55 euro per uur worden verhoogd per 1 januari 2023. Ook worden de voorrijkosten – een vergoeding voor de reiskosten – voor rechtbanktolken afgeschaft. Die bedragen 20,23 euro per opdracht. De loonsverhoging is daardoor volgens de Orde goed voor tolken die veel uren achter elkaar maken, bijvoorbeeld bij de IND of politie, maar betekenen een loonsverlaging voor rechtbanktolken.

Hun diensten en zittingen, duren geregeld niet langer dan een half uur, zegt Dijkstra. Ze krijgen per half uur uitbetaald en ontvangen dus de helft van het nieuwe tarief, zonder dat daar voorrijkosten bij worden opgeteld. Dat is minder dan het huidige tarief plus voorrijkosten: het is volgens de Orde een tariefverlaging van 35 procent. In juli werd in de Tweede Kamer wel een motie aangenomen, ‘om het schrappen van de voorrijkosten te ondervangen’: zij mogen er qua tarief niet op achteruit gaan. Hoe het ministerie van Justitie en Veiligheid dit wil aanpakken wordt dit najaar bekend, zegt een woordvoerder.

Race to the bottom

Verder zijn Dijkstra en de Orde ontevreden over het huidige systeem waarin tolken hun opdrachten moeten zien te vergaren. Twee jaar geleden besloot de overheid dat commerciële partijen de tolk- en vertaaldiensten voor de overheid zou gaan regelen: ze werden aanbesteed. Er kwamen zogenaamde intermediairs – bemiddellaars – tussen de tolken en het Rijk te staan.

Iedere intermediair zou een eigen domein krijgen voor wie het tolk- en vertaaldiensten gaat faciliteren. Bijvoorbeeld: AVB Language Group zorgt voor tolken bij de gesubsidieerde rechtspraak in Noord-Nederland, Global Talk in Zuid; Thebigword regelt interceptietolken voor de politie; Global Talk voorziet de politie van telefonische tolken. Het merendeel van de tolk- en vertaaldiensten voor het Rijk is echter nog niet aanbesteed, dat staat nog te gebeuren.

Bij deze intermediairs kunnen tolken zelf aangeven voor welk uurtarief ze willen werken. Omdat het er legio zijn, zou er marktwerking moeten ontstaan in het voordeel van de tolken. Dat zou volgens toenmalig justitieminister Ferdinand Grapperhaus leiden tot hogere tarieven en een goede kwaliteit.

Tot dusver heeft Bachrach daar nog niet zo veel van gemerkt. Ze wordt nog altijd geacht te werken voor het minimumtarief van 43,89 euro per uur zegt ze, en dat schuurt. Bachrach kan weliswaar meer geld vragen bij intermediairs, maar daardoor komt ze niet aan de bak, merkt ze. Intermediairs kiezen dan simpelweg een goedkopere tolk uit.

‘Als een C1-tolk 100 euro vraagt en een andere C1-tolk 60 euro, kies je natuurlijk de goedkoopste’

Veel C1-tolken, waaronder Bachrach en Dijkstra, willen 85 euro per uur verdienen, zoals tolken in Duitsland. Gabor Landman, tolk Hongaars, wil dat eveneens. Hij heeft dat tarief bij de intermediairs aangegeven: hij gaat niet werken voor minder, ook al krijgt hij daardoor op maandbasis slechts een aantal opdrachten. Maar dat geld is hij waard, vindt hij: hij heeft er jaren voor gestudeerd en houdt zijn vakkennis op peil – dat is een investering.

‘Ik heb alle diploma’s en kan op het allerhoogste niveau tolken. Tolken is een zwaar, intellectueel beroep. Probeer je voor te stellen dat je morgen wordt aangehouden in Hongarije, maar met behulp van een tolk geen enkel nadeel ondervindt van de taalbarrière.’

Er zijn tolken die best voor minder dan 85 euro werken. Voornamelijk B2-tolken, die op een lager taalniveau werken dan C1-tolken, denkt Dijkstra. Om te mogen werken als tolk voor overheidsinstanties moet je beëdigd zijn. Tot twee jaar geleden konden alleen C1-tolken beëdigd worden, maar sinds 2020 komen B2-tolken hier ook voor in aanmerking. Zij zijn niet tot tolk opgeleid en beschikken doorgaans over een lagere taalvaardigheid.

Het zijn tolken met het ‘niveau van een middelbare scholier’, zegt Dijkstra. ‘Als jij je havo of vwo hebt gehaald, en je denkt ‘ik spreek redelijk Engels’, dan kan je een test doen en dan wordt er vastgesteld of je minimaal B2-niveau hebt. Als dat zo is, dan mag je je inschrijven en kan je beëdigd tolk worden.’

Intermediairs zijn wettelijk gezien afnameplichtig: zij moeten C1-tolken inzetten. Pas als er geen beschikbaar is, mag worden gekeken naar een B2-tolk en in extreme gevallen naar een niet-beëdigde tolk, eentje van de noodlijst. Is er maar één tolk in een taal beschikbaar, maar vraagt die een excessief uurtarief? Wettelijk gezien moet die dan gewoon worden ingehuurd door de intermediair, zoals de marktwerking het bedoeld heeft.


Dijkstra, Landman en Bachrach vragen allen 85 euro per uur en komen, naar eigen zeggen, niet aan de bak. Zij beschuldigen de intermediairs ervan hen expres niet in te huren, omdat ze te duur zijn. Ze denken dat er B2-tolken worden ingezet die tegen een lager tarief werken, terwijl er gewoon C1-tolken beschikbaar zijn. Alle drie hebben wel een verhaal waarin zij beschrijven hoe een B2-collega werd ingehuurd door een intermediair, terwijl zij gewoon beschikbaar waren. Dat zou betekenen dat de wet wordt overtreden.

Intermediairs weerspreken die aanklacht. Intermediair Thebigword reageerde niet op vragen; een andere intermediair, Global Talk, deed dit wel. Het bedrijf zegt zich aan de eisen van de overheid te houden: er wordt eerst naar een C1-tolk gezocht, pas als die niet kan worden gevonden wordt er overgeschakeld naar een B2-tolk. Maar hoe komt het dat sommige C1-tolken minder werk hebben? ‘Er zijn veranderingen te zien in de aangevraagde talen. Het kan dus best zo zijn dat in bepaalde talen de vraag naar tolken is afgenomen en in andere talen juist is gestegen.’

Global Talk kan geen cijfers overleggen die bewijzen dat zij inderdaad zo veel mogelijk C1-tolken inzetten, maar zegt dat het ‘voldoet aan de door de overheid gestelde eis rondom de inzet van C1-tolken’.

Intermediair AVB biedt wel een kijkje in zijn cijfers. Uit het laatste rapport, uit mei, wordt duidelijk dat AVB in 88 procent van de gevallen waar een C1-tolk nodig was ook daadwerkelijk een C1-tolk heeft ingezet. ‘Over vier jaar moet dat 95 procent zijn’, zegt AVB-directeur Isabella van Rooij. Het liefst zet ze alleen maar C1-tolken in. ‘Daar hebben wij alleen maar baat bij. We moeten voldoen aan bepaalde eisen, we liggen onder een vergrootglas.’

Toen het systeem met aanbestedingen bekend werd gemaakt, vreesden de tolken al voor een race to the bottom: dat de goedkoopste tolk de meeste opdrachten op zijn of haar bord zou krijgen. Volgens Grapperhaus zou een billijk minimumtarief dit voorkomen, en tolken die hoog zijn opgeleid of over speciale kwaliteiten beschikken zouden simpelweg meer geld voor hun diensten kunnen vragen.

Maar het is de marktwerking die tolken juist tegenwerkt. Van Rooij: ‘Tolken mogen bij ons aangeven hoeveel ze willen verdienen. Sommigen willen 85 euro, maar er zijn heel veel C1-tolken die 50 euro vragen, 60 euro of 75 euro. Dat is onze blend. De ene keer zet je een tolk van 50 euro in, de andere keer, als het niet anders kan, een tolk van 80 euro.’ Want hoe minder een tolk per uur vraagt, hoe groter de marge die intermediairs zoals AVB verdienen. ‘Als een C1-tolk 100 euro vraagt en een andere C1-tolk 60 euro, dan kies je natuurlijk voor de goedkoopste. Dat is marktwerking.’

Alleen: tolken als Dijkstra, Landman en Rachbach willen niet minder dan die 85 per uur verdienen. ‘Gezien het tarief van advocaten, gezien het tarief van rechters, gezien alle opleidingskosten die ik maak als professional, is het eigenlijk vrijwilligerswerk’, zegt Landman gekwetst. Hij tolkt slechts parttime, minder dan hij zou willen, en heeft ernaast een baan als CRM-consultant. ‘Het vak van tolk wordt helemaal niet gewaardeerd, er is geen enkel respect voor.’

Belang voor de rechtsstaat

Dat sentiment, waar gebrek aan erkenning uit spreekt, leeft bij meer tolken. Ook bij Bachrach en Dijkstra. ‘In artikel 6 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens staat dat een verdachte recht heeft op een goede vertolking als je de taal niet spreekt.’ Er staat niet in dat het een C1-tolk moet zijn, maar er staat in dat je recht hebt op een eerlijk proces en dus een goede tolk. Dus dat volgt daaruit.’

B2-tolken maken meer fouten dan C1-tolken, zeggen advocaten. ‘Zonder goede tolken komt de hele rechtsgang stil te liggen. Ze zijn volstrekt onmisbaar’, zegt asieladvocaat Marq Wijngaarden, die werkzaam is bij het Amsterdamse advocatenbureau Prakken d’Oliveira.

Wijngaarden wil daarom het liefst een C1-tolk. ‘Ik kan de kwaliteit van een tolk maar voor de helft controleren – namelijk zijn Nederlands, niet de vreemde taal. Bij een C1-tolk weet je dat er bepaalde opleidingseisen zijn en ze moeten hun vakkennis onderhouden, waardoor je er makkelijker op kunt vertrouwen dat ze goed zijn. Het gaat in asielzaken soms om leven of dood, in strafzaken om twintig jaar of levenslang of tbs. Dan is het heel belangrijk dat iemands verhaal heel precies en kundig wordt overgebracht. En dat de cliënt heel goed begrijpt wat er over hem wordt gezegd.’

‘Zonder goede tolken komt de hele rechtsgang stil te liggen’

De (asiel)advocaten die de Kanttekening sprak, benadrukken allemaal dat tolken van elementair belang zijn voor de rechtsstaat en voor hun werk – ze kunnen niet zonder. Maar iedere advocaat geeft ook aan problemen te hebben ervaren vanwege het niveau van de tolken, of kent collega’s bij wie dit het geval was. Zo vertelt Wijngaarden dat tolken in Nederland over het algemeen goed zijn, maar dat je ‘moet oppassen of je een C1-tolk hebt’. Hij weet: in sommige talen zijn er simpelweg geen C1-tolken – dat beaamt intermediair Isabella van Rooij ook -, dus dan ben je aangewezen op een B2-tolk of een niet-beëdigde tolk.

Vanwege slechte ervaringen met tolken laat Sonya Taheri van Advocatenkantoor Bostan haar cliënten alle gesprekken opnemen. Als iemand vanwege een vertaalfout in de problemen komt, dan heeft ze bewijs. Vivian Oliana van Noordstern Advocaten heeft zelfs meermaals een gesprek afgekapt en een tolk weggestuurd. Ze merkte dat lange zinnen slechts in enkele woorden werden vertaald, terwijl bij asielzaken details júist belangrijk zijn. ‘Toen zijn we maar in het Engels verder gegaan.’

Sjoerd Thelosen van het Amsterdamse advocatenbureau Cleerdin & Hamer merkt het verschil tussen C1- en B2-tolken. ‘Als er een B2-tolk komt, dan verloopt het gesprek moeizamer, want die spreekt één van de talen vaak niet vloeiend. Dat is lastig wanneer het om ingewikkelde zaken gaat.’ Thelosen is tevens bestuurslid van de Vereniging Asieladvocaten & -Juristen Nederland (VAJN), de belangenvereniging voor de beroepsgroep. Daar galmt een klacht in de rondte die ook tolken- en vertalers kennen: intermediairs zouden expres B2-tolken ten faveure van C1-tolken inzetten.

Wijngaarden en Oliana bevestigen deze klacht, net als Thelosen. ‘Mijn portefeuille bij de VAJN zijn de tolken’, zegt Thelosen. ‘Dus ik zie de klachten binnenkomen. Het zal vast terecht zijn, maar in mijn persoonlijke ervaring heb ik daar geen last van.’ Maar volgens Isabella van Rooij van intermediair AVB ligt het aan advocaten zelf dat zij B2-tolken krijgen: ze proberen te last minute een tolk te regelen, ‘één of twee dagen van tevoren’.

Het ministerie van Justitie en Veiligheid zegt dat er op dit moment ‘nog geen uitspraken worden gedaan over de uitwerking van de vernieuwde systematiek bij gerechtstolken’. Het werkelijke systeem met marktwerking, waarin het minimumtarief 55 euro wordt, wordt pas in 2023 volledig geïmplementeerd. Het nieuwe model is dus nog niet volledig ingevoerd, maar er zijn al wel meerdere intermediairs die eraan meedoen en tolken die eraan moeten meewerken.

Er zijn te weinig intermediairs om daadwerkelijk marktwerking te genereren, concludeert Fedde Dijkstra. Daar lijkt ook het zeer te zitten: het marktwerkingsmodel is niet in zijn volledigheid ingevoerd, waardoor het niet naar behoren functioneert. Maar om voor sommige Rijksdiensten te kunnen werken, moeten tolken er al wel gebruik van maken. Ook de voorrijkosten worden afgeschaft omwille van marktwerking: ‘Het is aan een individuele zelfstandig werkende tolk om deze kosten in de onderhandelingen met de intermediairs mee te nemen’, aldus het ministerie.

Ondertussen kijkt Ruth Bachrach verder dan het tolken, met frisse tegenzin. ‘Het was als hoogopgeleide buitenlander vrij lastig om werk te vinden. Een heleboel mensen, vooral vrouwen, werden toen tolk.’ Net zoals zij. ‘Het was een toevluchtsoord. Dat kwijtraken, doet pijn.

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!

- Advertentie -