6.7 C
Amsterdam

Belgisch onderzoek naar besnijdenissen is kwalijk

Lody van de Kamp
Lody van de Kamp
Rabbijn en publicist.

Lees meer

En toen stond op die ochtend ineens de politie voor de deur van de besnijders. Er volgde een huiszoeking en de instrumenten waarmee besnijdenissen worden uitgevoerd, werden voor nader onderzoek meegenomen. Ook werden door justitie lijsten opgevraagd van besnijdenissen die recentelijk door deze besnijders plaatsvonden.

Deze gebeurtenis vond niet plaats in de voormalige Sovjet-Unie, waar joden die hun kinderen lieten besnijden ooit voor jaren naar een werkkamp in het verre Siberië werden verbannen. Of ergens anders waar op onze aardbol de haat tegen Joden in volle glorie wordt gevierd. Dit gebeurde gewoon bij onze zuiderburen in België, een modern land waar godsdienstvrijheid en vrijheid van religieus handelen in de grondwet worden gegarandeerd. Het vreemde aan dit verhaal is dat het onderzoek door justitie werd opgestart naar aanleiding van klachten van slechts één persoon over ‘misstanden’ bij besnijdenissen. Deze persoon, die zichzelf ook nog eens rabbijn noemt, ligt al jaren overhoop met zijn eigen gevestigde joodse gemeenschap. Hij heeft zichzelf al lang geleden door vergelijkbare lasterlijke uitspraken buiten de joodse samenleving geplaatst. Toch is zijn kwaadsprekerij voldoende om een hele gemeenschap in de beklaagdenbank te zetten.

Onderhand zijn de besnijders zelf nu gecriminaliseerd. Zij worden beschuldigd van het verrichten van onbevoegd medisch handelen en ook nog eens van het schenden van lichamelijke integriteit en zelfbeschikking.

Wie zijn deze besnijders, of mohalim zoals zij in het Hebreeuws worden aangeduid?
Dit zijn belijdend religieuze leden van onze gemeenschap die allereerst een volstrekt onberispelijk gedrag moeten vertonen, zowel religieus als maatschappelijk.

Zij volgen een gedegen theoretische en praktische opleiding. Na deze studie leggen zij het examen af. Pas dan worden zij geaccrediteerd om onder toezicht van de opperrabbijnen binnen het joodse kerkgenootschap de besnijdenissen volgens de regelgeving te verrichten. Daarbij gaat het om de kerkgenootschappen die officieel door de Belgische regering als zodanig zijn erkend.

Gelovigen met een regelgeving zoals moslims vanuit de Koran en joden vanuit de Tora, zijn geen vroegmiddeleeuwse burgers uit een zwart verleden

Hoe het verder gaat aflopen met deze onverkwikkelijke zaak is bij lange na niet bekend. Vorige week heeft de Amerikaanse ambassadeur in België zich er ook nog mee bemoeid.

Maar één ding is zeker. En dat geldt echt niet alleen voor de joodse gemeenschap in België. Affaires als deze gelden evenzeer voor mijn islamitische medeburgers en ook andere gelovigen binnen onze samenleving, waar ook.

Binnen de democratische landen waar onze grondwet spreekt over vrijheid van godsdienst en vrijheid van religieus handelen, is niets gegarandeerd. Van de ene op de andere dag kan met de huidige interpretatie van grondrechten het ene grondrecht zomaar worden opgeofferd ten faveure van een ander grondrecht.

We hebben dit jaren geleden al gezien bij de debatten rond het halal en het koosjer slachten. De visie op dierenwelzijn van de diervriendelijke politieke partijen weegt ineens zomaar zwaarder dan godsdienstvrijheid voor de mens. We zien hoe met argwanende, areligieuze ogen naar de religieuze dagscholen en het godsdienstonderwijs wordt gekeken. Terwijl ook dat als een grondrecht in onze wetgeving te boek staat.

Wat staat moslim en jood in deze situatie te doen? Gewoon met een hoge mate van zelfrespect en achting opstaan voor het geloof dat men belijdt en de stem laten horen.

‘Wij eisen onze grondrechten op. En binnen het kader van de grondwet, die ook de onze is, staan wij op het recht van religieus handelen volgens de regels van het geloof. Wij laten ons door karikatuurschetsen, laster en valse beschuldigingen niet reduceren tot dierenbeulen waar het het ritueel slachten betreft. Of tot schenders van de integriteit en mishandelaars van onze eigen kinderen wanneer het over de besnijdenis gaat.

Gelovigen met een regelgeving zoals moslims vanuit de Koran en joden vanuit de Tora, zijn geen vroegmiddeleeuwse burgers uit een zwart verleden. Wij zijn staatsburgers die in deze eenentwintigste eeuw gewoon onze bijdrage leveren aan de samenleving, zoals al die anderen om ons heen.’

Wij blijven strijden voor onze maatschappelijke integriteit. Daarbij zullen wij niet ophouden onze overheid en het wettelijk gezag erop te wijzen dat het haar verantwoordelijkheid is om ons hierin bij te staan. Niets van dat kwalijke gedrag dat zich nu over onze hoofden afspeelt. En dan komt het goed. Insh’Allah. Im Yirtse Hasheem. Met G’ds hulp.

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!
- Advertentie -