3.7 C
Amsterdam

Mag een journalist partij kiezen?

Ewout Klei
Ewout Klei
Historicus en journalist.

Lees meer

Joris Luyendijk wil zichzelf geen journalist meer noemen, zo vertelt hij in de Ongelooflijke Podcast van David Boogerd en Stefan Paas. Hij maakt een scherp onderscheid. Journalisten moeten het nieuws zo neutraal mogelijk brengen, schrijvers zoals hijzelf mogen openlijk partij kiezen. ‘Maar ikzelf ben tot de conclusie gekomen dat mijn meerwaarde meer kan liggen in juist wel nu partij kiezen en niet meer de regels van de journalistiek volgen. Dus ik heb ook geen perskaart meer.’

Het is een interessante gedachte, maar ook een wat strakke scheidslijn. Want er zijn journalisten die juist als journalist partij kiezen. Niet omdat ze activistisch zijn, maar omdat ze weigeren mee te draaien in een taalspel dat de werkelijkheid versluiert.

Vrij Nederland

Neem Henk van Randwijk (1909–1966), hoofdredacteur van het verzetsblad Vrij Nederland. Tijdens de bezetting schreef hij tegen de nazi’s, maar ook na de bevrijding bleef hij een morele tegenstem. Vooral tijdens de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog (1945–1949) liet hij zich niet in slaap sussen door de nationale consensus.

Op 26 juli 1947, kort na de eerste zogenoemde politionele actie, schreef hij zijn beroemde aanklacht:

‘Ik spreek omdat ik Nederlander ben. Omdat ik Nederlander ben, zeg ik nee! tegen het geweld dat thans door ons in Indonesië gepleegd wordt. Ik zeg dit, met in mijn oren de beschuldigingen door mijzelf en anderen geuit tot het Duitse volk, dat uit vaderlandsliefde en eenzelfde verkeerd begrepen nationaal belang meende te moeten zwijgen toen Hitler in zijn naam misdaden beging.

Ik schakel daarmee het optreden van onze regering in Indonesië en de daden van Hitler niet gelijk. Ik zeg er alleen mee dat wij in de beschuldiging aan het Duitse volk erkenden dat er een hogere maatstaf is dan het nationale belang en dat er klemmender redenen zijn om te spreken of te zwijgen dan het Nederlanderschap. (…) En nu nog, nu reeds de kanonnen spreken, wil men ons, Nederlands volk, in deze het geweten en de daadkracht dodende atmosfeer dringen: een politionele actie, geen oorlog; wapengeweld ter uitvoering van het vriendschapsakkoord.’

Van Randwijk doorzag het eufemisme politionele actie, een poging om een koloniale oorlog te verpakken als een politiemissie. De operatie heette veelzeggend Operatie Product, omdat Nederland grote delen van Java wilde herkoloniseren om opnieuw winst uit de kolonie te trekken. De meeste Nederlanders wilden de Indonesische onafhankelijkheid niet erkennen. Maar er waren ook ‘nestbevuilers’ zoals Van Randwijk die hun eigen land moreel de maat durfden nemen.

Zijn kritiek op verhullend taalgebruik is nog altijd actueel. Rusland noemde de invasie van Oekraïne in 2022 geen oorlog, maar een ‘speciale militaire operatie’. De Verenigde Staten voeren ‘operations’ en ‘strikes’ uit tegen Iran zonder formeel in oorlog te zijn. China spreekt over ‘Vocational Education and Training Centers’ waar Oeigoeren worden opgesloten en gehersenspoeld. En Israël noemt zijn militaire optreden in Gaza geen genocide, maar operaties tegen Hamas.

Waar Luyendijk terecht bang voor is, is activistische journalistiek waarin feiten en meningen door elkaar lopen

Wie als journalist meegaat in dit soort framing verliest zijn morele kompas. Soms móet je in navolging van Van Randwijk nee zeggen. Niet als activist, maar als iemand die weigert mee te doen aan taal die geweld normaliseert. Dat is een vorm van zedelijke moed, die de Duitsers Zivilcourage noemen.

Kokervisie

Waar Luyendijk terecht bang voor is, is activistische journalistiek waarin feiten en meningen door elkaar lopen. Dat is een vorm van extreme partijdigheid die elke nieuwsgierigheid smoort. George Orwell waarschuwde hier in 1945 al voor in zijn Notes on nationalism: zodra iemand een ideologische positie inneemt, interpreteert hij alles vanuit die bril en bestrijdt hij alles wat daarmee in strijd is. Zo ontstaat kokervisie, en worden feiten die niet passen bij de ‘waarheid’ genegeerd.

Een historisch voorbeeld is De Waarheid, het dagblad van de Communistische Partij Nederland. De krant was net als Van Randwijk fel tegen de Nederlandse agressie in Indonesië, maar stond daarmee niet automatisch ‘aan de goede kant’. Want dezelfde krant verdedigde tegelijkertijd de agressieve buitenlandse politiek van de Sovjet-Unie, die Oost-Europese landen met dwang onder haar invloed bracht, met als dieptepunt de coup in Tsjechoslowakije in 1948. Kritiek op kolonialisme kan samengaan met blindheid voor ander onrecht.

Trouwens, ook Van Randwijk was niet zonder zonde. Hij had in de jaren veertig een ‘afwachtende bewondering’ voor de Sovjet-Unie, vooral vanwege het enorme Russische oorlogsleed en de rol van het Rode Leger in de bevrijding van Europa. Dat kostte Vrij Nederland abonnees en uiteindelijk zijn positie als hoofdredacteur. Maar zijn sympathie was niet ideologisch: hij werd geen communist, maar bleef een linkse PvdA’er met een sociaal bewogen wereldbeeld. Zijn critici noemden hem communist omdat hij tegen kolonialisme was en solidair met de verdrukten — niet omdat hij in Lenin of Stalin geloofde. Van Randwijk bleef een democraat.

Niemand is perfect. Ook Van Randwijk niet. Maar we kunnen leren van zijn moed. Hij durfde zijn eigen nest te bevuilen, zonder zich te laten verleiden door totalitaire ideologieën. Zulke partijdige journalisten mogen er zijn. Zulke journalisten heeft een democratische samenleving juist nodig.

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!
- Advertentie -