Home Blog

Inwoners Beiroet vluchten opnieuw voor Israëlisch geweld

0

Israël dreigt opnieuw de Libanese hoofdstad Beiroet te zullen aanvallen. Inwoners die na het staakt-het-vuren van april meenden terug te kunnen keren naar hun huizen moeten hun huizen opnieuw ontvluchten.

Er ontstond paniek nadat de Israëlische minister van Defensie Israël Yisrael Katz waarschuwde voor nieuwe aanvallen op Beiroet. Hij dreigde dit te doen als Hezbollah de aanvallen op Israëlische troepen en het noorden van Israël niet zou staken.

Ondanks het staakt-het-vuren heeft Israël haar offensief in Libanon de afgelopen dagen opgevoerd. Officieel doet Israël dit met het doel Hezbollah te verdrijven uit het zuiden van Libanon, om zo Israëlische troepen en burgers in Noord-Israël te beschermen.

Israël rukt echter steeds verder op in het zuiden van Libanon. Terwijl het Israëlische regime eerder eiste dat Hezbollah zich zou terugtrekken tot boven de rivier de Litani, zo’n dertig kilometer van de grens met Israël, wordt het gebied dat tot oorlogszone is verklaard steeds groter. Israël heeft inmiddels een gebied van ongeveer veertig kilometer van de grens, tot aan de rivier Zahrani, verklaard als ‘combat zones’. In dat gebied liggen de grote steden Sour en Nabatieh. Het Israëlische leger heeft de inwoners laten weten dat ze hun huizen moeten verlaten.

Ondertussen is Israël kwetsbaar gebleken voor de aanvallen door Hezbollah met drones die moeilijk te detecteren zijn. Volgens Israëlische media zouden de drone-capaciteiten van Hezbollah tachtig procent van de Israëlische aanvallen in zuid-Libanon beperken. De Israëlische premier Benjamin Netanyahu staat onder toenemende druk van zijn extreemrechtse ministers Itamar Ben-Gvir en Bezalel Smotrich om in reactie hierop het geweld tegen Hezbollah te escaleren.

Smotrich riep vorige week op om de Libanese hoofdstad te bestraffen voor de aanvallen door Hezbollah: ‘Voor iedere explosieve drone zouden er tien gebouwen moeten instorten in Beiroet’, zei de minister van Financiën. Minister van Nationale Veiligheid Ben-Gvir riep Netanyahu op om terug te keren naar een grootschalige oorlog tegen Libanon, de elektriciteit af te sluiten en grondgebied tot aan de rivier Zahrani in te nemen.

Dit laatste dreigt nu inderdaad te gebeuren.

Naast het desastreuze effect op Libanon blijft het escalerende Israëlische offensief ook een struikelblok voor een mogelijk vredesakkoord tussen de Verenigde Staten en Iran. Het Iraanse ministerie van Buitenlandse Zaken zei maandag dat een staakt-het-vuren (die er in feite al is) in Libanon een essentiële voorwaarde is voor een akkoord met de Verenigde Staten.

EU: ’terugkeerhubs’ voor uitgeprocedeerde asielzoekers moet mogelijk zijn

0

Het Europees parlement, EU-lidstaten en de Europese Commissie zijn overeengekomen om strengere asielregels in te voeren. Hieronder valt ook het mogelijk maken van ‘terugkeerhubs’ buiten de EU, zo schrijven verschillende media.

De Europese Unie staat vanwege de opkomst van extreemrechts in Europa onder druk om migratie aan te pakken. Maar mensenrechtenorganisaties waarschuwen voor de implicaties van stevig anti-immigratiebeleid.

De Duitse omroep DW wijst erop dat irreguliere migratie naar de EU in 2025 met 26 procent daalde en uitkwam op het laagste niveau sinds 2021. EU-functionarissen zeggen echter dat lidstaten problemen ondervinden bij het terugsturen van uitgeprocedeerde asielzoekers.

Terugkeerregeling

Belangrijk onderdeel van de overeenkomst is dat uitgeprocedeerde asielzoekers die niet kunnen worden teruggestuurd naar het land van herkomst naar zogeheten ‘terugkeerhubs’ buiten de EU kunnen worden verplaatst. Het Europees parlement stemde afgelopen maart al in met het voorstel.

De terugkeerregeling wordt gezien als een essentieel onderdeel van het Europese asiel- en migratiepact, waarover de Kanttekening al eerder schreef.

Het voorstel waar gisteren voor werd gestemd bepaalt ook dat deze groep asielzoekers moet meewerken met autoriteiten. Doen zij dat niet, dan lopen ze het risico te worden gedetineerd voordat zij worden uitgezet. Ook kunnen EU-staten hen hun uitkeringen en reisdocumenten afnemen.

Autoriteiten mogen in het nieuwe voorstel migranten opsluiten als zij vinden dat zij een bedreiging vormen voor de nationale veiligheid of dat er het risico is op vluchten. Mensen kunnen dan tot 24 maanden vast blijven zitten.

Terwijl lidstaten voor sommige nieuwe regels meer tijd krijgen om zich voor te bereiden, gaat het toestaan van ‘terugkeerhubs’ meteen in. EU-lidstaten mogen daarover zelf deals sluiten met landen buiten de EU, zoals het Verenigd Koninkrijk eerder probeerde te doen met Rwanda. Het Britse plan ging echter niet door vanwege juridische bezwaren.

Mensenrechtenorganisaties maken zich zorgen

In een persbericht schrijft de EU dat de nieuwe regels ’tot doel hebben procedures te vergemakkelijken en te bespoedigen, met het volle respect voor fundamentele rechten en internationaal recht.’ Toch is het de vraag of de mensenrechten met deze regels wel gewaarborgd zullen worden. 

Mensenrechtenorganisaties hebben gewaarschuwd dat het nieuwe plan het makkelijker maakt voor regeringen om migranten vast te zetten en te deporteren. Ook zijn zij bang dat het tot meer invallen gaat leiden en taferelen zoals we die kennen van de Amerikaanse Immigration and Customs Enforcement (ICE).

Ten slotte zijn mensenrechtenorganisaties bang dat migranten slachtoffer zullen worden van meer misbruik en mensenrechtenschendingen zodra zij terechtkomen in de detentiecentra in landen buiten de EU.

Midden-Oosten of toch West-Azië?

0

De regio die meestal het ‘Midden-Oosten’ wordt genoemd, heeft volgens sommige deskundigen en journalisten een eurocentrische naam met een koloniale achtergrond. Daarom gebruiken zij liever termen als ‘West-Azië’, die volgens hen beter passen bij de culturele en religieuze diversiteit van het gebied. Maar het duurt nog wel even voordat zulke namen algemeen worden gebruikt.

De term ‘Midden-Oosten’ is zo alomtegenwoordig, dat je bijna zou vergeten dat er meer achter schuilgaat. Maar de term is niet eenduidig, laat staan neutraal. Meestal omvat het de regio van Turkije, de Levant (Palestina, Syrië, Jordanië) en Egypte in het westen tot aan de Golfstaten in het oosten en Jemen in het zuiden. Landen die veel culturele kenmerken gemeen hebben, zoals het islamitische geloof of de Arabische taal. Maar hoort Soedan, ook een Arabisch land, bij deze definitie van het gebied? Hoe zit het dan met Iran, een niet-Arabisch land?

Robert Soeterik, Midden-Oostenspecialist en voorzitter van het Nederlands Palestina Komitee (NPK), legt uit dat de term terug te voeren is op de tijd dat de Britten koloniale belangen hadden in het gebied. ‘De term is bedacht vanuit Londen, dat in de negentiende en een deel van de twintigste eeuw een wereldmacht was en als belangrijkste kolonie Brits-Indië had [o.a. het huidige India en Pakistan, red.]. Gerekend vanaf Londen lag het gebied dat wij doorgaans het Midden-Oosten noemen halverwege Londen en Brits-Indië, vandaar “Midden”.’

Weinig oog voor culturele diversiteit

Eline Derakhshan, onderzoeksjournaliste woonachtig in Syrië, zegt dat de term problematisch is omdat niet eenduidig is vast te stellen welke landen precies bij de regio horen. Zij haalt het boek Is There a Middle East? aan, waarin wetenschappers met verschillende achtergronden concluderen dat op taalkundig, geografisch, cultureel en religieus gebied geen kenmerk te vinden is dat de verschillende landen gemeen hebben. ‘Het is echter een regio geworden omdat wij het zo zijn gaan noemen. Wat Iran gemeen heeft met Egypte, is dat het het Midden-Oosten wordt genoemd, er op een vergelijkbare manier over wordt bericht en onderworpen wordt aan een vergelijkbaar internationaal beleid. Maar de regio is veel meer dan dat.’

Het gebied dat wordt aangeduid als het Midden-Oosten. Beeld: Pixabay

Inderdaad heeft de term Midden-Oosten weinig oog voor de rijke diversiteit aan culturen, geloven, etniciteiten en talen in de regio. Waar het gebied onder die term vaak wordt geassocieerd met oorlog, instabiliteit en corruptie, is de regio zeer divers. Er leven bijvoorbeeld christenen van diverse denominaties in de Levant (Libanon, Syrië, Palestina), islamitische bedoeïenen in de Golfregio en jezidi’s in Irak. Ook qua etniciteit is het gebied allesbehalve homogeen. Naast Arabieren en joden is de regio de thuisbasis van Turken, Koerden (Turkije, Iran, Irak) en Armeniërs.

Centrum van beschaving

Wanneer het gaat om termen als Midden-Oosten of Nabije Oosten, spreekt politicoloog Kamal Azari van een ‘Europese raciale geografie, waarbij regio’s werden benoemd en gecategoriseerd op basis van hun strategisch belang voor imperialistische machten, in plaats van enige inheemse identiteit.’ Azari schrijft dat Europese machten hiërarchieën aanbrachten in hun classificatie van niet-Europese regio’s, met ‘geciviliseerde’ en ‘niet-geciviliseerde’ regio’s zoals ‘Donker Afrika’, alsof er daar geen beschaving was. Volgens Azari versterken termen als Midden-Oosten een raciale en culturele hiërarchie waarbij Europa als centrum van de beschaving werd gezien.

‘Het is een term die veel vooroordelen met zich meebrengt’

Derakhshan zegt dat wanneer je probeert te argumenteren waarom een bepaald land wel of niet bij het Midden-Oosten hoort, je vastloopt omdat je dan andere landen uitsluit. ‘Het is een term die veel vooroordelen met zich meebrengt en weinig duiding geeft. Als je aan het Midden-Oosten denkt, denk je direct aan oorlog, en denk je direct aan islam. Terwijl dit niet betekent dat hier nooit oorlog plaatsvindt. Of dat er niet een meerderheid is van de bevolking die religieus of cultureel islamitisch is. Maar de regio wordt gereduceerd tot deze aspecten. Zo is er gepraat over de regio in de media, in films en in de politiek.’

Bevrijding van koloniale termen

Met dit in het achterhoofd kiezen steeds meer wetenschappers en journalisten voor alternatieve benamingen.

Joas Wagemakers, islamoloog aan de Universiteit Utrecht, vertelt aan de Kanttekening dat hij binnen de academische wereld een trend ziet om steeds vaker alternatieve termen te gebruiken. Waar men eerder al afstand heeft gedaan van ‘oriëntaals’, laat men nu ook de term Midden-Oosten vallen.

‘Het gebruik van West-Azië of Zuidwest-Azië is een poging om op een neutralere manier te kijken naar een regio, en de naamgeving ervan te ontdoen van eventuele culturele gekleurdheid. Ik zie steeds vaker dat mensen in mijn vakgebied het hebben over ‘West-Azië’ i.p.v. ‘Midden-Oosten’, of ‘WANA’ (West Asia and North Africa) i.p.v. MENA (Middle East and North Africa). Ik merk wel dat het leeft.’

Ook Derakhshan heeft in haar werk een duidelijke keuze gemaakt. ‘Als journalist vind ik het correcter en handiger om de term Midden-Oosten achterwege te laten. Ik heb het liever over wat de regio nog meer te bieden heeft. Daarom heb ik zelf de voorkeur voor een term als West-Azië wanneer ik over de regio spreek waar ik werk: Libanon, Syrië, Palestina. Wanneer ik het heb over Iran, is het ‘Centraal-Azië’. Dan heb je het meer over het geografische gebied.’

Groeiend zelfbewustzijn

Midden-Oostenspecialist Soeterik ziet de opkomst van alternatieve namen voor de regio als onderdeel van een bredere beweging waarbij mensen bevrijd willen worden van termen die terug te voeren zijn op koloniale overheersing.

‘Ik zie het als onverbrekelijk verbonden met het groeiende zelfbewustzijn van het Globale Zuiden, waarbij er lang na de feitelijke dekolonisatie een groeiende beweging is om af te rekenen met terminologie die terug te voeren is op de periode van de kolonisatie.’

‘Een Palestijn gaat naar al-Quds, niet naar Jeruzalem’

Soeterik legt uit dat dit soort koloniale termen niet los zijn te zien van overheersing.

‘Israël doet al heel lang hetzelfde in relatie tot de Palestijnen; een Palestijn gaat naar al-Khalil, niet naar Hebron, een term die Israël gebruikt en die wij hebben overgenomen. Een Palestijn gaat naar al-Quds, niet naar Jeruzalem. Verder spreekt Israël over de Negev, wat de Palestijnen aanduiden met de oorspronkelijke term Naqab. Zodra onderdrukten zich bewust worden van dit taalimperialisme, waarbij de overheerser zijn eigen termen wil opleggen en die van de onderdrukte wil wegdrukken, gaan zij hun eigen termen promoten.’

Hij noemt Latijns-Amerika als ander voorbeeld. ‘Daar vestigden zich kolonisten, met name uit Spanje en Portugal, die daar de lokale taal en cultuur onderdrukten. Zij hebben daarbij het Spaans en het Portugees, Latijnse talen, ingevoerd. Nu streven zelfbewuste inwoners van het gebied ernaar beide Amerika’s Abya Yala (rijp land, uit een lokale inheemse taal) te noemen.’

Andere voorbeelden die Soeterik noemt zijn Rhodesië, dat Zimbabwe werd; Birma, dat zich Myanmar ging noemen; en Peking, dat nu Beijing heet.

De skyline van Doha, de hoofdstad van Qatar. Beeld: Wikimedia Commons

Bekende naam

Ondanks de toegenomen acceptatie van alternatieve termen kun je je afvragen of het wel realistisch is deze termen te gaan gebruiken en of deze wel voor iedereen te begrijpen zijn.

‘We moeten hen ook toestaan om zichzelf een naam te geven’

Islamoloog Wagemakers zegt dat het vanuit commercieel oogpunt aantrekkelijker kan zijn om de term Midden-Oosten te blijven gebruiken, zoals bij universitaire studies van de regio. ‘Het Midden-Oosten, dat is een heel bekende naam en appelleert aan een interesse van mensen in die regio. Als je toch al weinig studenten weet te trekken, dan zul je de term die voor enige bekendheid en aanwas zorgt niet snel vervangen.’

Terwijl Wagemakers het nut van alternatieve termen erkent, vindt hij dat een alternatieve term niet zou moeten worden opgelegd aan de bevolking van de regio.

‘Voor mij persoonlijk is het belangrijk dat we niet voor de mensen om wie het gaat, de mensen in de regio zelf, uitlopen. Als zij het goed vinden dat hun regio Midden-Oosten wordt genoemd, dan denk ik dat je niet roomser dan de paus moet willen zijn en de term zou moeten aanpassen. We moeten hen ook toestaan om zichzelf een naam te geven en niet denken dat wij het beter weten dan zij.’

Soeterik beaamt dat alternatieve termen als West-Azië niet zouden moeten worden opgelegd aan de mensen in de regio. Hij denkt wel dat mensen de redelijkheid ervan kunnen gaan inzien en die onderschrijven door zelf deze termen te gebruiken. ‘Het is een lang proces van bewustwording en acceptatie.’

Al lang discussie

Volgens journaliste Derakhshan is er al heel lang discussie over het gebruik van West-Azië of Zuidwest-Azië in plaats van het Midden-Oosten. Dit komt volgens haar ook voort uit academici die uit de regio zelf komen en erop wijzen dat de laatste een koloniale term is. ‘Ik denk dat er voldoende grond is om te zeggen dat het gebruik van West-Azië of Zuidwest-Azië ook uit de gemeenschappen hier komt. Ik vind dat je nooit iets zou moeten opleggen aan de bevolking hier. Maar het feit dat de term Midden-Oosten hier ook wordt gebruikt, vanwege de koloniale geschiedenis, betekent niet dat dit goed is.’

‘Het is onze taak als journalisten om kritisch na te denken over welke woorden we gebruiken’

Derakhshan vindt dat commerciële overwegingen nooit de doorslag zouden moeten geven bij het al dan niet kiezen voor een alternatieve term. ‘Als we ons daardoor laten tegenhouden, dan nemen we ons publiek helemaal niet serieus en hebben we heel weinig vertrouwen in hen. Het is juist onze taak als journalisten om kritisch na te denken over welke woorden we gebruiken en wat het effect ervan is. Als blijkt dat een term bepaalde vooroordelen of een bepaald narratief in de hand werkt, dan kunnen we dat veranderen en ook verantwoorden. Je kunt dat prima uitleggen.’

Hulporganisatie Oxfam Novib schrijft op haar website dat zij bewust kiest voor een andere benaming, en verwijst daarbij naar de termen Nabije Oosten en Verre Oosten, waarvan eerder al afstand is genomen. ‘Het is belangrijk om kritisch te blijven en je taal te dekoloniseren. Daarom spreken wij als Oxfam Novib over Zuidwest-Azië, omdat deze benaming de regio geografisch beschrijft zonder Europa als middelpunt te nemen. Met deze keuze dragen we bij aan zorgvuldiger en inclusiever taalgebruik.’

Lokale linkse politici naar BlueSky, (extreem)rechts op X

0

Het sociale medialandschap voor politici segregeert in rap tempo, schrijft Binnenlands Bestuur. Linkse parlementariërs blijven nog op X, maar linkse raadsleden zijn massaal naar BlueSky gegaan.

X heeft veel gebruikers verloren. Bijna een half miljoen Nederlandse gebruikers vertrok in 2024. Ook veel lokale politici hebben het platform van Elon Musk verlaten. In 2023 was nog 45 procent van de raadsleden actief was op X. Dit percentage is dit jaar gezakt naar 20,4 procent. Veel gebruikers zijn op BlueSky overgestapt. 17 procent van alle politici heeft een account op dit alternatief voor X en gebruikt die actief.

Uit het onderzoek van Binnenlands Bestuur blijkt dat X populair is onder de lokale politici van FvD, PVV, JA21, VVD, BBB en SGP, Leefbaar Rotterdam en Hart voor Den Haag. ‘Binnen deze groep is ongeveer 44 procent actief op X. Onder politici van linkse partijen is dat nog slechts 18 procent.’

Interessant is dat linkse Tweede Kamerleden wel actief blijven op X. ‘Lokale politici communiceren vaak binnen een meer afgebakende gemeenschap’, zegt José van Dijck, hoogleraar Media en digitale samenleving aan de Universiteit Utrecht. ‘Landelijke politici hebben veel meer belang bij een nationaal podium en een zo groot mogelijk bereik.’

 

Keti Koti-maand van start in Amsterdam

0

Het duurt nog een maand voordat op 1 juli de afschaffing van de slavernij wordt herdacht én gevierd, maar in Amsterdam organiseren ze een Keti Koti-maand, aldus AT5. Organisator Roy Kaikusi Groenberg pleit er onder meer voor dat jaarlijks een groepje nazaten van slaafgemaakten gratis mag studeren.

De Keti Koti-maand begon met een ‘Memre Waka’, een herinneringswandeling langs grachtenpanden die mede tot stand zijn gekomen met de vergaarde rijkdom tijdens de slavernij. Vanaf het stadsarchief liepen mensen naar de ambtswoning van burgemeester Femke Halsema aan de Herengracht, die door slavenhandelaar Paulus Godin werd gebouwd.

‘Wat verkeerd is gegaan in het verleden, moeten we overdragen aan toekomstige generaties’, legt organisator Roy Kaikusi Groenberg uit tegen AT5. ‘De Nederlandse regering heeft geen punt gezet achter de excuses, maar een komma. Nu zijn we in het tijdperk beland dat de komma moet worden ingevuld.’

Volgens critici zijn excuses niet voldoende, maar is het ook tijd voor herstelbetalingen die er nooit zijn gekomen voor de nazaten van de slavernij. Voor nabestaanden van de Holocaust is dat wel gebeurd.

Groenberg had het gisteren niet expliciet over herstelbetalingen, maar stelde wel het volgende voor: ‘Je zou bijvoorbeeld jaarlijks 20 of 25 nazaten (van slaafgemaakten, red.) gratis kunnen laten studeren, het slavernijverleden nog strakker kunnen opnemen in het onderwijscurriculum en meer begrip voor de nazaten moeten opbrengen.’

We leven niet in Blankland

0

In de jaren negentig, toen ik net naar de brugklas ging in Amsterdam (Lidewij de Vos van Forum voor Democratie was toen als ‘oorspronkelijke, inheemse Nederlander’ nog niet eens geboren), liepen we met een groepje Turkse, Marokkaanse en Surinaamse Amsterdammers van school naar huis. ‘Wat is jouw Nederlandse naam als de dag komt dat we ons moeten bekeren tot Hollanders?’, vroegen we elkaar af. Ik vond Willem wel een leuke naam.

 

Veel kiezers vanwege oorlog uitgesloten tijdens verkiezingen in Ethiopië

0

Terwijl de stemlokalen in Ethiopië vandaag zijn geopend voor de parlementsverkiezingen, vallen veel mensen buiten de boot door oorlog en uitsluiting. Toch hopen veel jonge kiezers op stabiliteit, schrijft de BBC.

Niet alleen wordt er in verschillende regio’s van het land gevochten, ook is het noordelijke gedeelte, de regio Tigray, uitgesloten van verkiezingen. Deze regio probeert te herstellen van de gevolgen van de brute burgeroorlog die in 2022 tot een einde kwam.

De gedoodverfde winnaar is de huidige premier Abiy Ahmed. Hij kwam in 2018 aan de macht, na massademonstraties tegen de regering, geleid door de Ethiopian People’s Revolutionary Democratic Front (EPRDF). Deze coalitie had al sinds 1991 de macht in het land en werd gedomineerd door politici uit Tigray. Abiy ontbond de EPRDF en verving deze door zijn eigen Prosperity Party.

Toen Abiy aan de macht kwam, werd hij geroemd als hoeder van de democratie en persvrijheid. Hij kreeg in 2019 de Nobelprijs voor de Vrede voor het doorbreken van de jarenlange militaire impasse met buurland Eritrea.

Nu is Abiy echter onderwerp van kritiek vanwege onderdrukking van de oppositie en het arresteren van politieke rivalen. De persvrijheid staat onder druk en journalisten worden gearresteerd, schrijft de BBC op basis van rapporten van Human Rights Watch en Reporters Without Borders.

Abiy begon in 2020 een oorlog tegen de leiders van Tigray, de regio die nu is uitgesloten van verkiezingen. Het twee jaar durende conflict kostte zo’n 600.000 mensen het leven en leidde tot hongersnood in de regio.

Tigray wordt sinds 2022, na een vredesproces tussen het Tigray People’s Liberation Front (TPLF) en de Ethiopische regering, geleid door een interim-regering. De spanningen tussen beide partijen lopen de laatste jaren op. Zo wil Tigray grondgebied terug dat het in de oorlog verloor, zoals West-Tigray. Zo’n miljoen mensen moesten dat gebied ontvluchten en leven sindsdien onder erbarmelijke omstandigheden in kampen in Tigray. Ook de banden tussen het TPLF en Eritrea spelen een rol.

Afgelopen maand deelde de kiesraad mee dat er niet gestemd zal worden in Tigray. Hiermee loopt het land het risico opnieuw verwikkeld te raken in een breder conflict.

Volgens oppositieleider Merera Gudina, die met de BBC sprak, zijn deze verkiezingen de minst competitieve in de recente geschiedenis van Ethiopië.

Steunbetuigers van Abiy zeggen dat hij het land verder heeft ontwikkeld. De hoofdstad Addis Abeba ondergaat een snelle transformatie die heeft geleid tot verbeteringen van de stedelijke omgeving, maar ook tot de vernietiging van huizen. Daardoor zijn volgens de BBC tienduizenden bewoners ontheemd geraakt.

Abiy heeft economische hervormingen doorgevoerd die door het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en de Wereldbank zijn omarmd. Ethiopië is het op één na dichtstbevolkte land van Afrika en een van de snelst groeiende economieën van het continent.

‘Nederland is van ons allemaal’

0

Woorden en ideeën die groepen mensen als probleem aanwijzen, vinden steeds vaker hun weg naar het politieke debat. Dat is een ontwikkeling die ons zou moeten verontrusten, schrijft Abderahmane Chrifi.

Met grote zorg kijk ik naar het politieke en maatschappelijke klimaat van deze tijd. Het publieke debat wordt steeds harder. Mensen worden steeds vaker tegenover elkaar gezet op basis van afkomst, religie of achtergrond. Woorden en ideeën die groepen mensen als probleem aanwijzen, vinden steeds vaker hun weg naar het politieke debat. Dat is een ontwikkeling die ons allen zou moeten verontrusten.

Nederland heeft een rijke geschiedenis die niet uit één verhaal bestaat. Ons land is opgebouwd door generaties mensen met verschillende achtergronden, overtuigingen en levensverhalen. Tijdens de bevrijding van Europa en Nederland hebben ook duizenden mensen uit voormalige koloniën en andere delen van de wereld hun bijdrage geleverd. In de jaren daarna hebben arbeidsmigranten geholpen bij de wederopbouw van ons land. Zij werkten in fabrieken, havens, de gezondheidszorg en talloze andere sectoren die Nederland hebben gemaakt tot wat het vandaag is.

Hun kinderen en kleinkinderen zijn geen gasten meer. Zij zijn Nederlanders. Nederland is hun thuis. Hun geschiedenis is onderdeel van onze gezamenlijke geschiedenis.

Toch zien we steeds vaker dat complete bevolkingsgroepen verantwoordelijk worden gehouden voor maatschappelijke problemen. Natuurlijk moeten problemen rond integratie, criminaliteit en sociale cohesie bespreekbaar zijn. Maar het aanwijzen van een hele groep mensen als oorzaak van die problemen is niet alleen onrechtvaardig, het is ook gevaarlijk.

De geschiedenis laat zien hoe belangrijk het is om waakzaam te blijven

De geschiedenis leert ons wat er kan gebeuren wanneer politieke bewegingen mensen verdelen in ‘wij’ en ‘zij’. In de jaren dertig van de vorige eeuw werden economische en maatschappelijke problemen steeds vaker toegeschreven aan specifieke bevolkingsgroepen. Woorden gingen vooraf aan uitsluiting. Vooroordelen werden genormaliseerd. Mensen werden niet langer gezien als individuen, maar als vertegenwoordigers van een vermeend probleem.

Geschiedenis herhaalt zich nooit exact, maar zij waarschuwt ons wel. Daarom moeten wij alert blijven wanneer mensen worden ontmenselijkt, gestigmatiseerd of collectief verantwoordelijk worden gehouden voor de daden van individuen.

‘Zijn wij de volgende?’

Steeds meer Nederlanders met een migratieachtergrond, moslims, Joden en andere minderheidsgroepen stellen zichzelf een pijnlijke vraag: ‘Zijn wij de volgende? Worden wij straks ook uitgesloten, gestigmatiseerd of zelfs vervolgd?’ Dat deze vraag überhaupt wordt gesteld, zou ons allemaal moeten raken. Niet omdat zo’n toekomst vaststaat, maar omdat de geschiedenis laat zien hoe belangrijk het is om waakzaam te blijven. Een democratische samenleving wordt niet alleen gemeten aan hoe zij omgaat met de meerderheid, maar vooral aan hoe zij haar minderheden beschermt.

Tegelijkertijd moeten we voorkomen dat we zelf vervallen in nieuwe tegenstellingen. Polarisatie bestrijd je niet met meer polarisatie. Mensen die anders denken, zijn niet automatisch vijanden. Democratie vraagt juist om debat, wederzijds respect en de bereidheid om naar elkaar te luisteren.

Grote meerderheid

De grote meerderheid van de Nederlanders, ongeacht afkomst, religie of politieke voorkeur, wil hetzelfde: veiligheid, vrijheid, kansen voor hun kinderen, betaalbare woningen, goede zorg en een samenleving waarin mensen elkaar respecteren.

Mensen die anders denken, zijn niet automatisch vijanden

Daarom moeten we elkaar niet beoordelen op afkomst, huidskleur, religie of familienaam, maar op ons handelen als mens en als burger.

Wanneer moskeeën worden belaagd, raakt dat onze rechtsstaat. Wanneer synagogen worden bedreigd, raakt dat onze rechtsstaat. Wanneer kerken worden aangevallen, raakt dat onze rechtsstaat. Een aanval op de vrijheid van één gemeenschap is uiteindelijk een aanval op de vrijheid van ons allemaal.

Nederland is niet van één groep. Niet van één religie. Niet van één afkomst. Niet van één politieke stroming. Nederland is van ons allemaal.

Laten wij daarom kiezen voor verbinding boven verdeeldheid, voor feiten boven angst, voor respect boven haat en voor een toekomst waarin iedere Nederlander zich thuis kan voelen. Want wij zijn niet elkaars vijanden. Wij zijn samen Nederland.

Rotterdamse moskee bekritiseert politie na vernielingen, verschil met synagoge

0

Volgens Islamitische Stichting Nederland (ISN) voelden bezoekers van de Mevlana-moskee in Rotterdam zich vorige week onveilig doordat de politie niet direct ingreep bij vernielingen en intimidatie. Opvallend is het verschil met een aanslag op een Rotterdamse synagoge eerder dit jaar, waarbij de politie meteen in actie kwam en politici zich uitspraken.

Met het uitblijven van politie-inzet tijdens de vernielingen en intimidatie tegen de Mevlana-moskee in Rotterdam afgelopen week kwam de veiligheid van bezoekers van de moskee in het geding evenals hun recht om zonder angst hun geloof te belijden, schrijft Islamitische Stichting Nederland (ISN) in een reactie op het handelen van de politie.

Vorige week, in de nacht van donderdag op vrijdag, richtte een groep van zes mannen vernielingen aan bij de moskee in Rotterdam-Delfshaven. De mannen gooiden bierflesjes en verkeerspionnen naar het gebedshuis, waarmee zij een mozaïekmuur vernielden. Ook urineerden en spuugden zij richting het gebedshuis. De bezoekers die in de moskee aanwezig waren, hoorden geschreeuw en harde geluiden als gevolg van het gooien van voorwerpen tegen het gebouw, waarop zij de politie belden.

‘Mede gelet op het huidige maatschappelijke klimaat en de toenemende agressie tegen moslims en moskeeën, voelden de bezoekers zich ernstig bedreigd en in het nauw gedreven’, schrijft ISN in een persbericht.

Toen de moskeegangers de politie belden, kregen zij te horen dat er op het kritieke moment geen politie-eenheid beschikbaar was. Volgens ISN was de beslissing om niet direct een eenheid naar de moskee te sturen onbegrijpelijk, en werd het incident kennelijk niet als voldoende dreigend beoordeeld.

‘De veiligheid van bezoekers van gebedshuizen en het recht om ongestoord en zonder angst een geloof te kunnen belijden, dienen te allen tijde te worden beschermd. Het uitblijven van politieondersteuning tijdens een dergelijk incident geeft een onjuist en zorgwekkend signaal af aan degenen die zich schuldig maken aan intimidatie en geweld tegen gebedshuizen’, schrijft ISN.

‘ISN roept de politie, de gemeente Rotterdam en de betrokken veiligheidsdiensten op om dit incident met de hoogste prioriteit te onderzoeken, de vermoedelijke daders te identificeren en op te sporen, en volledige duidelijkheid te verschaffen over de afhandeling van de meldingen bij de 112 meldkamer. Wanneer een gebedshuis wordt aangevallen en aanwezigen zich bedreigd voelen, dient snel en adequaat te worden opgetreden’, schrijft de organisatie.

Verschil met synagoge

Terwijl burgemeester Carola Schouten het incident verafschuwde en aangaf dat de vernielingen en intimidatie ‘haaks staan op de waarden van respect en vrijheid van godsdienst’, is het verschil met de maatschappelijke reacties op vernielingen van synagogen opmerkelijk.

Afgelopen maart werd een synagoge in Rotterdam-Blijdorp getroffen door explosie en brand. De politie bekeek direct na de explosie camerabeelden, zocht in de omgeving naar de daders en doorzocht woningen van verdachten. Kort na de brand werden vier tieners opgepakt en mochten daarna alleen contact hebben met hun advocaat. Het Openbaar Ministerie verdacht hen van het veroorzaken van een explosie, brandstichting en poging tot brandstichting, allemaal met een terroristisch oogmerk. De politie zette een groot rechercheteam in op het onderzoek.

De aanval leidde tot geschokte reacties. Als snel werd gewezen naar ‘een breder patroon van antisemitisme’.  Premier Jetten veroordeelde de aanslag en zei: ‘Laat duidelijk zijn dat er in ons land geen plaats is voor antisemitisme. Geen plaats voor welke vorm van haat en discriminatie tegen welke minderheid dan ook. Het zijn gewoon onze Joodse Nederlanders en daar blijf je met je poten van af.’

Een dergelijke reactie bleef uit na het incident bij de Mevlana moskee.

Ophef over beelden van politiegeweld tegen zwangere vrouw in azc

0

Vorige maand heeft de politie geweld gebruikt bij een aanhouding in een azc in Zeist. Op videobeelden die rondgaan, is te zien hoe een zwangere vrouw hardhandig door agenten wordt geduwd, waarna zij op de grond valt.

De politie was aanwezig omdat haar Palestijnse man vernielingen had aangericht in zijn kamer, nadat hij had gehoord over de dood van een familielid in Gaza, schrijft het AD.

De video duurt nog geen minuut. Het is niet duidelijk wat eraan voorafging. Ook ontbreekt geluid en is onduidelijk wie de beelden heeft gemaakt.

‘Het is beschamend dat een Palestijnse familie, die al door zoveel heengaat, zo wordt behandeld. En dat zo kort na de geweldsoproep van Markuszower’, reageert de pro-Palestijnse hulporganisatie Plant een Olijfboom op het politieoptreden tegen de hoogzwangere vrouw in het azc.

Het geweld van de politie tegen de vrouw leidde tot een vroeggeboorte. Het kind, een meisje, zou naar verluidt gezond zijn. ‘Haar naam is Reem!’, meldt Plant een Olijfboom, en vervolgt: ‘We hopen dat zij veilig met haar beide ouders zal opgroeien en dat Nederland alles zal doen om te zorgen dat vluchtelingen beschermd en met waardigheid behandeld worden.’

De link die Plant een Olijfboom legt met de woorden van Gidi Markuszower is geen toeval. Het pro-Israëlische Kamerlid heeft enkele weken geleden opgeroepen tot ‘maximaal geweld’ tegen Palestijnen.

Ook speciaal rapporteur voor de VN, Francesca Albanese, reageert op de videobeelden. ‘Nederlandse vrienden, als jullie dit tolereren, dan zijn jullie kinderen de volgende’, waarschuwt ze Nederlanders op X.

De politie maakte bekend onderzoek te gaan doen naar het geweld. Dat gebeurt altijd als agenten geweld gebruiken. ‘Zij hebben in een dynamische situatie snel willen handelen voor de veiligheid van de aanwezigen en zichzelf’, aldus de politie, die heftige bedreigingen zou hebben ontvangen nadat de beelden naar buiten zijn gekomen.