De hernieuwde discussie over een mogelijk verbod op ritueel slachten kreeg deze week een lugubere wending, nadat voetbalcommentator Johan Derksen zich ermee bemoeide.
Derksen is fel tegen ritueel slachten en kan het niet verkroppen dat de politieke partij Denk zich opwerpt als verdediger hiervan. ‘We zullen die meneer van Denk als proefkonijn de strot doorsnijden, om te testen of het pijn doet’, zei hij geïrriteerd. ‘Onverdoofd dieren slachten hoort niet in Nederland thuis. Het komt allemaal door de oprukkende islamisering.’
Dogukan Ergin van Denk voelde zich aangesproken heeft aangifte gedaan tegen Derksen, omdat hij de grove uitlatingen beschouwd als een oproep tot geweld. ‘Dit gaat alle perken te buiten’, schrijft hij op LinkedIn. Hij heeft ook een filmpje aan de kwestie gewijd. ‘Dit is dus wat er gebeurt als je opkomt voor de rechten van minderheden’, zegt hij vanuit zijn werkkamer in Den Haag.
‘Ritueel slachten is een grondrecht van moslims’, meldt Ergin zichtbaar aangedaan. ‘Dit raakt mij als mens, dit raakt mijn werk als Tweede Kamerlid, maar dit raakt ook de samenleving.’ De uitlatingen van Derksen zijn onacceptabel, vindt hij.
De discussie over onverdoofd ritueel slachten (zowel halal als koosjer, van dieren voor de goede orde) speelt al decennia in Nederland. De Partij voor de Dieren (PvdD) stelt sinds haar intrede in de Tweede Kamer in 2006 dat religieuze vrijheid niet mag prevaleren boven dierenwelzijn.
Toenmalig Marianne Thieme diende in 2008 een initiatiefwetsvoorstel in voor een verbod op onverdoofd slachten. Hoewel dit in 2011 door de Tweede Kamer werd aangenomen, sneuvelde het in 2012 in de Eerste Kamer vanwege zorgen over de godsdienstvrijheid. Het debat is nu opnieuw opgelaaid. Bij monde van staatssecretaris Dierenwelzijn Silvio Erkens (VVD) staat het kabinet open voor een verbod op de rituele slacht, aldus de Volkskrant.
DENK maakt zich grote zorgen over de toenemende explosies in Amsterdam Nieuw-West tussen rivaliserende groepen. Een groot deel van de achterban van de partij woont in dit stadsdeel. DENK vraagt om meer aandacht vanuit de centrale politiek, om de openbare orde te herstellen.
‘Jongeren dagen elkaar online uit, delen beelden van geweld en poseren met wat op zware wapens lijkt. Dat is niet alleen beangstigend, het kan ook andere jongeren meesleuren in de criminaliteit’, zegt een bezorgde Sheher Khan in de raad. Hij wil dat burgemeester Femke Halsema daadkrachtig optreedt tegen het geweld, op straat maar ook op sociale media. Khan pleit voor het zo snel mogelijk verwijderen van deze content.
Dat is een goedbedoeld idee, maar in de praktijk weerbarstig. Naast strafrechtelijke procedures spelen de regels van socialemediaplatforms een rol, die zich vaak beroepen op de vrijheid van meningsuiting. Khan erkent dat het probleem dieper ligt dan enkel de online content en pleit daarom ook voor meer jongerenwerk.
Opvallend is dat de explosies zich concentreren in een van de meest achtergestelde buurten van Amsterdam Nieuw-West, waar steeds meer mensen met een laag inkomen wonen. Dit komt omdat de rest van de stad gentrificeert (het opwaarderen van woningen in een achterstandswijk, waardoor rijkere bewoners de oorspronkelijke arme bewoners verdringen).
De verdeling van sociale huurwoningen in Amsterdam is ongelijk over de stad verspreid. Waar in stadsdelen als Nieuw-West, Amsterdam-Noord en Zuidoost relatief veel sociale huurwoningen te vinden zijn, is het aandeel in andere delen van de stad vaak aanzienlijk lager (CBS StatLine, 2025). Daar komen ook bijna geen explosies voor van rivaliserende groepen jongeren.
De politie heeft gisteravond een einde gemaakt aan een pro-Palestijnse demonstratie in het centrum van Amsterdam. Betogers hadden een spandoek meegenomen met de tekst ‘We support Hamas’.
De ongeveer 150 betogers begonnen hun demonstratie op de Dam en liepen daarna naar de Stopera, het Amsterdamse gemeentehuis. Ze droegen Palestijnse vlaggen en sjaals en scandeerden leuzen als ‘Long live the 7th of October‘ en ‘Palestine will be free, from the river to the sea‘, aldus Het Parool. Volgens een woordvoerder van de politie zijn deze uitlatingen niet strafbaar. Ook het groene spandoek met de tekst ‘We support Hamas’ is dat niet.
De Amsterdamse burgemeester Halsema reageerde niettemin geschokt. ‘Het doet ons verdriet dat de Dam op deze dag hiervoor gebruikt is’, liet ze via een woordvoerder weten. Ze spreekt verder van ‘verschrikkelijke uitingen’ die ‘shockerend en onsmakelijk’ zouden zijn.
De politie maakte op het plein voor de Stopera een einde aan de demonstratie, om eventuele wanordelijkheden te voorkomen.
Op social media krijgen de demonstranten kritiek en bijval. ‘De betogers, die een spandoek meedroegen met de tekst ‘We support Hamas’, liepen een mars door het centrum naar het stadhuis. Wat en volslagen idioten. Ze doen de Palestijnse zaak slechts kwaad’, schrijft voormalig PvdA-Kamerlid Jo Horn boos op BlueSky.
Maar niet iedereen is het met hem eens. ‘Als de Israëlische staat ongestraft etnisch mag blijven zuiveren dan vind ik het niet zo raar dat jongeren naar Hamas buigen. We hebben mensen die ergere dingen roepen in onze Kamer zitten…’
7 oktober is een gevoelige datum om een demonstratie te organiseren, want op 7 oktober 2023 viel de Palestijnse beweging Hamas Israël aan, met zo’n 1.200 doden tot gevolg. De Israëlische vergeldingsactie, die ook op 7 oktober 2023 begon, mondde echter uit in een bloedige genocide, die aan meer dan 70.000 Palestijnen het leven heeft gekost.
Maand van de geschiedenis |Afro-Amerikaanse gevechtspiloten, de Tuskegee Airmen, hebben hun steentje bijgedragen aan de bevrijding van Europa. Deze wereldberoemde helden zijn in Nederland nagenoeg onbekend.
De Tuskegee Airmen waren de Afro-Amerikaanse gevechtspiloten die ook een aandeel hadden in de bevrijding van Europa. In Nederland zijn ze vrijwel onbekend, wat komt omdat deze zwarte piloten in Italië gelegerd waren en hun missies uitvoerden boven Tsjecho-Slowakije, Oostenrijk, Hongarije, Polen en Duitsland.
De Tuskegee Airmen kwamen van Tuskegee University in de Verenigde Staten, de eerste zwarte universiteit. Ze werden, net als zwarte soldaten in het Amerikaanse leger, gediscrimineerd. Tijdens de Eerste Wereldoorlog mochten zwarten geen piloot worden bij de Amerikaanse luchtmacht. De eerste Afro-Amerikaanse gevechtspiloot, Eugene Bullard, vloog daarom in dienst van de Franse luchtmacht. Dankzij de lobby van de National Association for the Advancement of Colored People werden de discriminerende bepalingen tegen zwarten in de luchtmacht in 1939 deels opgeheven, met als gevolg dat toen de Verenigde Staten in de Tweede Wereldoorlog verzeild raakten er ook een groep zwarte gevechtspiloten klaar stond om tegen de nazi’s te vechten.
Op 24 maart 1945 begeleidden de Red Tails een grote groep bommenwerpers tot diep in Duitsland
De Amerikaanse luchtmacht was raciaal gesegregeerd. De zwarten hadden dus hun eigen groep en waren niet gemixt in eenheden met witte piloten. Ook waren er relatief weinig zwarte piloten. De Tuskegee Airmen werden niet meteen ingezet. Dat gebeurde pas in 1943 in Noord-Afrika. De Afro-Amerikaanse piloten vlogen in P40’s en P39’s, toen verouderde vliegtuigen, en hadden als taak om gronddoelen uit te schakelen. In Italië kregen ze meer taken en uiteindelijk ook betere vliegtuigen: eerst de P47 Thunderbolt, daarna de P51 Mustang.
Om zich te onderscheiden van de andere P51’s verfden de Tuskegee Airmen de staarten van hun vliegtuigen rood. Daar komt de bijnaam Red Tails vandaan. De Red Tails kregen als taak Amerikaanse bommenwerpers te begeleiden. In tegenstelling tot veel andere escortjagers bleven de Red Tails zich altijd aan de missie houden en de bommenwerpers beschermen, in plaats van dat ze voor persoonlijke eer en glorie Duitse jachtvliegtuigen gingen achtervolgen en de bommenwerpers onbeschermd achterlieten. Hierdoor kregen ze het respect van de andere piloten, die aanvankelijk helemaal niet wisten dat de Red Tails gevlogen werden door zwarte piloten.
Op 24 maart 1945 begeleidden de Red Tails een grote groep bommenwerpers tot diep in Duitsland. Ze werden aangevallen door de eerste straaljagers, de roemruchte Me 262’s. De zwarte piloten wisten echter hun mannetje te staan en haalden enkele straaljagers neer.
Op 1 oktober was het precies vijf jaar geleden dat in de Libische hoofdstad Tripoli duizenden migranten en vluchtelingen tijdens een grootschalige razzia uit hun woningen en onderkomens werden gehaald. Velen van hen belandden in de beruchte detentiecentra. Libië is voor velen nog altijd een plek van geweld, uitbuiting en detentie en Europa houdt dat systeem mede in stand, stellen getuigen en experts tijdens een herdenkingsbijeenkomst in Brussel.
In de vroege ochtend van 1 oktober 2021 omsingelden Libische veiligheidstroepen en aan het ministerie van Binnenlandse Zaken gelieerde milities de wijk Gargaresh, waar veel migranten en vluchtelingen uit Sub-Sahara-Afrika woonden. Gewapende mannen drongen woningen en tijdelijke onderkomens binnen, schoten met scherp, vernielden bezittingen en namen duizenden mensen mee. Volgens Amnesty International werden uiteindelijk meer dan 5.000 mannen, vrouwen en kinderen opgepakt.
Onder degenen die aan de razzia ontsnapten, was de Zuid-Soedanese vluchteling David Yambio. Hij rende voor zijn leven, halfnaakt omdat hij geen tijd had gehad om zich aan te kleden, vertelt hij aan de toehoorders op het evenement in Brussel. Velen werden opgepakt en sommigen overleefden de razzia niet. Samen met de mensen die waren ontsnapt, bewoog hij zich naar het kantoor van de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR in Tripoli. Daar vroegen ze niet alleen om voedsel en andere hulp, maar vooral om bescherming en een veilige uitweg uit Libië. ‘Het was onze enige optie.’
Het werd het begin van de 100 Days Protest. Duizenden vluchtelingen en migranten verzamelden zich voor het UNHCR-kantoor en eisten evacuatie naar veilige landen, bescherming en een einde aan de detentie en het geweld. Uit die mobilisatie ontstond Refugees in Libya, dat in 2024 officieel werd geregistreerd als ngo om aandacht te vragen voor de situatie in de kampen.
Yambio is inmiddels algemeen directeur van de organisatie. In Espace Buen Vivir, de cultureel en maatschappelijk geëngageerde ontmoetingsplek in Brussel waar het evenement plaatsvindt, zit hij te midden van Julia Winkler van Sea-Watch en Iftach Cohen van advocatengroep Front-LEX, die Frontex aansprakelijk stelt voor het leed in de Libische kampen. Met z’n drieën weerspiegelen ze onbedoeld de verschillende stadia waarin vluchtelingen terecht komen tijdens hun zoektocht naar gerechtigheid.
Onderschepping op zee
Deze gerechtigheid is nog steeds ver te zoeken. Migranten en vluchtelingen die in Libië terechtkomen, verdwijnen in detentiecentra waar ze zonder proces en soms voor onbepaalde tijd worden vastgehouden. Er is sprake van overvolle cellen, een gebrek aan voedsel en medische zorg en van mishandeling, maar ook marteling, gedwongen arbeid en seksueel geweld. Sommige gevangenen verdwijnen spoorloos. Mensenrechtenorganisaties en de VN hebben de misstanden in de Libische detentiecentra herhaaldelijk gedocumenteerd.
Zwarte migranten en vluchtelingen zijn volgens getuigen extra kwetsbaar. ‘Als je zwart bent in Libië, zal niemand zich om je bekommeren en je in geen geval gaan helpen’, vertelt F.M., een vluchteling die momenteel vastzit in een van de kampen en liever anoniem blijft. In een videoboodschap aan de toehoorders vertelt hij dat hij meerdere keren probeerde Libië te ontvluchten, maar zonder succes. ‘Ik werd steeds weer onderschept op zee, door Frontex en de milities waarmee ze samenwerken.’
‘Als je zwart bent in Libië, zal niemand zich om je bekommeren´
Dat de kans groot is op zee te worden onderschept, kan Julia Winkler beamen. Ze werkt voor Sea-Watch, een organisatie die tot doel heeft om migranten op zee te redden en naar een veilige haven te brengen, maar hierin slagen ze nauwelijks. ‘Het is meestal een race tegen de speedboten van de Libische kustwacht.’
Winkler weet precies hoe het reilt en zeilt op de Middellandse Zee tussen Libië en Italië, waar jaarlijks tienduizenden migranten de oversteek wagen naar Europa, soms in rubberbootjes en met zwembandjes die een kind zou dragen in een peuterbadje, vertelt ze. Boven deze zee vliegen de drones van Europees grensbewaker Frontex. Deze drones detecteren de bootjes en sturen de coördinaten door naar de Libische kustwacht. Deze rukt uit om de migranten op te pikken en (terug) te brengen naar de Libische detentiecentra, waar ze worden vastgezet.
Op dezelfde Middellandse Zee varen ook de reddingsboten van Sea-Watch. ‘Als onze bemanning een boot met migranten aantreft, brengen we ze naar het Italiaanse eiland Lampedusa. Dit omdat sinds 2012 niet is toegestaan om een vluchteling naar een land te brengen waar hij of zij niet veilig is en in Libië is dat momenteel het geval.’
Toch stranden onderschepte migranten in de meeste gevallen in Libië en dit heeft alles te maken met Frontex, vertelt Winkler. ‘Frontex deelt de coördinaten van de gedetecteerde boot nu eenmaal eerder met de Libische kustwacht dan met ons.’ Dit is ook het geval als er sprake is van een boot in nood, gaat ze verder. ‘Het gebeurde bijvoorbeeld op 31 augustus dit jaar. Frontex stuurde een noodoproep uit over een boot die in gevaar verkeerde. Ons schip was klaar om te helpen en had de migranten kunnen redden. Maar Frontex gaf de coördinaten aan een Libische speedboot.’
V.l.n.r.: Iftach Cohen, de dagvoorzitter, David Yambio en Julia Winkler. Beeld: Majorie van Leijen
Soms krijgt Sea-Watch de coördinaten ook, maar nooit op tijd. ‘De Libische kustwacht is met haar speedboten altijd sneller dan wij met onze boten. Het is steeds weer een race, die we altijd verliezen. De informatie vanuit de drones van Frontex is cruciaal, maar als we deze niet krijgen kunnen we in de meeste gevallen het schip niet vinden.’
Medeplichtigheid Frontex
Desondanks ziet menig Europeaan in Frontex een noodzakelijk kwaad, of helemaal geen kwaad. Het agentschap is immers ontstaan vanuit de gedachte dat migratie een gevaar vormt voor de Europese samenleving en dit gevaar moet worden bestreden. ‘Het lukt Frontex – en dan vooral directeur Hans Leijtens – keer op keer om zichzelf te presenteren als een instantie die levens wil redden’, zegt Cohen.
Maar het probleem zit niet alleen bij Frontex. Er is meer sprake van een gedeelde verantwoordelijkheden tussen Frontex, nationale grensautoriteiten, lidstaten en de Europese politiek, volgens de makers van het vierluik Poorten van Europa, dat sinds deze zomer te zien is op npo en waar ook Cohen en Yambio aan mee hebben gewerkt. In deze serie wordt duidelijk dat deze gedeelde verantwoordelijkheid is verzand in wegkijken; niemand voelt verantwoordelijk genoeg om te staan voor de mensenrechtenschendingen die plaatsvinden.
Toch zijn Cohen en Yambio enorm teleurgesteld in de productie. Zij vinden dat de verantwoordelijkheid van Frontex voor misstanden onvoldoende wordt blootgelegd. In een gezamenlijke kritiek omschrijven meerdere ngo’s de serie als een productie die Frontex zou ‘whitewashen’. Er zijn inmiddels meerdere rapporten verschenen over de medeplichtigheid van Frontex in mensenrechtenschendingen van vluchtelingen, maar de Europese Commissie houdt hen een hand boven het hoofd, vindt Cohen. Daarom heeft hij al zijn hoop gevestigd op de Europese rechtbank, waar hij inmiddels meerdere zaken heeft lopen tegen Frontex.
Begin dit jaar behaalde hij zijn eerste successen. In januari oordeelde het Europese Hof van Justitie dat Frontex verantwoordelijk gehouden kan worden voor mensenrechtenschendingen aan de Europese grens. ‘Dit betekent niet dat Frontex opeens anders te werk zal gaan, maar het moet zich nu verantwoorden. De rechtbank heeft het agentschap de instructie gegeven om vanaf nu transparant te zijn’, legde hij destijds uit.
Nog meer bevoegdheden
Ondertussen worden de bevoegdheden van Frontex juist verder uitgebreid. Op dezelfde dag als de persbijeenkomst werd tijdens de Raad Justitie en Binnenlandse Zaken in Brussel besproken hoe deze uitbreiding eruit zou zien. Frontex zou een grotere rol krijgen bij grensbewaking, terugkeer, samenwerking met derde landen, informatie-uitwisseling en monitoring van migratieroutes.
Zo zou Frontex bijvoorbeeld een coördinerende rol kunnen krijgen in het overbrengen van vluchtelingen uit Nederland naar Rwanda, waarmee het een terugkeerovereenkomst voorbereidt, waarschuwde Europarlementariër Tineke Strik al. In Rwanda is nu al een centrum waar vluchtelingen die in Libië te maken krijgen met ernstige mensenrechtenschendingen worden ondergebracht.
‘Het is heel koloniaal gedacht dat een EU-agentschap mag beslissen wie waar naartoe mag in Afrika’
David vindt dit absurd. ‘Dit zijn de slachtoffers van hetzelfde Frontex. Als je dus genoeg gemarteld bent en bijna dood bent, dan word je uitgenodigd in Rwanda. Het is heel koloniaal gedacht dat een EU-agentschap mag beslissen wie waar naartoe mag in Afrika. Europese expats mogen gaan en staan in Afrika waar ze willen, maar wij hebben geen vrijheid van beweging in ons eigen continent.’
Lotgenoten
Frontex zegt grip te willen krijgen op migratie, maar volgens David werkt het samen met partijen die mensen er juist toe aanzetten om naar Europa te reizen. ‘De meeste migranten die in Libië aankomen hebben niet per se de intentie om naar Europa te reizen. Toen ik daar aankwam, was ik dat ook niet van plan. Maar de omstandigheden in de Libische detentiekampen dwongen me om na te denken over manieren om te ontsnappen.’
David zegt nog steeds te geloven in Europa, maar dan vooral in de burgers. ‘Niet in de politici.’ Dat er mensen om hem heen zijn die zich inzetten voor zijn lotgenoten, doet hem goed. Toch gelooft hij dat het vooral op zijn gemeenschap aankomt om verandering te brengen. ‘Wij zijn de mensen die dit hebben meegemaakt. Ik maak het nog steeds mee, door de pijnlijke herinneringen die me blijven achtervolgen en de nachtmerries.
‘Ik kan niet wegkijken van wat lotgenoten die er nu nog zitten doormaken. Ik ken deze mensen en hun verhalen. Ik moet het wel vertellen, het is mijn plicht. We zijn begonnen als een protestbeweging, maar onze eisen zijn niet veranderd. De situatie is alleen maar verergerd. Daarom vraag ik ook anderen niet weg te kijken en iets te doen.’
Indiase groepen die geassocieerd worden met extreemrechtse hindoe-nationalistische bewegingen zouden jarenlang miljoenen dollars hebben ontvangen van Amerikaanse non-profitorganisaties met anonieme donoren, zo blijkt uit onderzoek van Bellingcat.
Het gaat om extremistische groepen die gelieerd zijn aan de Rashtriya Swayamsevak Sangh (RSS), die wordt beschouwd als de ideologische zusterorganisatie van de regerende Bharatiya Janata Party (BJP). Premier Narendra Modi was in het verleden medewerker van de RSS, een organisatie die al drie keer is verbannen uit de Indiase politiek, maar telkens wist terug te keren.
RSS is niet ingegaan op verzoeken van Bellingcat om helderheid te bieden over de donoren in kwestie. Bijna 100 Amerikaanse politici, zowel Democraten als Republikeinen, hebben onlangs beloofd geen zaken meer te doen met aan de RSS gelieerde entiteiten.
Volgens Bellingcat, dat zich baseert op belastingaangiften van Amerikaanse ngo’s, gaat het onder meer om de Ekal Vidyalaya Foundation of USA Inc (Ekal USA) en Sewa International Inc (Sewa USA), vermoedelijk opgezet door Indiase Amerikanen. Uit de analyse blijkt dat deze organisaties minimaal 24,4 miljoen dollar hebben ontvangen van 34 verschillende instellingen en dat het merendeel van dat geld is besteed in India of Zuid-Azië, in plaats van in de Verenigde Staten zelf.
Critici wijzen er bovendien op dat de partij van Modi in het verleden betrokken is geweest bij grootschalig geweld tegen de Indiase moslimminderheid, waaronder de rellen in Gujarat in 2002. Daarbij vielen volgens officiële cijfers van de Indiase overheid 1.044 doden, bestaande uit 790 moslims en 254 hindoes. Andere bronnen en mensenrechtenorganisaties schatten het werkelijke dodental aanzienlijk hoger in, vaak tussen de 2.000 en 2.500 slachtoffers.
Hindoe-nationalisme in Nederland
In Nederland is de RSS al tientallen jaren actief, via dochterorganisatie Hindu Swayamsevak Sangh (HSS). De BJP wordt in Nederland gesteund door de Overseas Friends of Bharatiya Janata Party (OFBJP), die onder die Indiase diaspora en Surinaamse hindoes de politiek van Modi promoten. In het HSS-blad Sangh Kiran wordt de islam fel bestreden als on-Indiaas. In de verschillende geschiedenisverhalen over India krijgen de islamitische invasies van India veel aandacht. De islamitische veroveraars worden geportretteerd als bloeddorstige en sadistische onderdrukkers die de hindoe-identiteit van India willen vernietigen.
HSS was een van de oprichters van de Hindoe Raad Nederland (HRN) en was ook de drijvende kracht achter het Hindoe Studenten Forum Nederland (HSFN), de grootste hindoeïstische studentenvereniging van Nederland.
Een beleggingsschandaal van 20 miljard euro raakt mensen rond president Erdogan. Toch wankelt zijn regime niet. Hoe kan dat?
Het beleggingsschandaal in Turkije, waarbij naar schatting 20 miljard euro gemoeid is, lijkt het regime van Erdogan steeds harder te raken. Voormalig AKP-minister Fatma Kaya heeft ontslag genomen als presidentieel adviseur en wordt dagelijks samen met haar man op sociale media bespot. Volgens sommige analisten hoort corruptie bij de Turkse cultuur, terwijl anderen een afrekening zien tussen Erdogan-vertrouwelingen die zich opmaken om de macht na Erdogan over te nemen. Hoe zit het nou?
Erdogan sloeg deze week hard om zich heen bij de opening van het politieke jaar in het Turkse parlement. ‘Niemand heeft het recht om van het volk te stelen’, zei hij zonder blikken of blozen. Dit terwijl bijna elke dag berichten binnenkomen over de enorme reikwijdte van het schandaal. Bedrijven die dicht bij zijn regime staan, zouden met voorkennis aandelen hebben verkocht, niet lang voordat de waarde van die aandelen kopje-onder ging.
‘Dubieuze fondsen, die het vermogen van bijna een half miljoen beleggers beheerden (onder wie doodgewone ‘hardwerkende Turken’), bleken onwaarschijnlijk hoge rendementen te hebben geboekt met marktmanipulatie en andere schimmige praktijken’, schrijftde Volkskrant. Met Turkije-kenners blikken we vanuit een historisch en sociologisch perspectief terug op het zoveelste corruptieschandaal in Turkije. Hoort corruptie nou eenmaal bij de Turkse cultuur?
Corruptieschandaal van 2013 was groter
De Turkse schrijver en politicoloog Cengiz Aktar is totaal niet verbaasd over het beleggingsschandaal. Hij wil er daarom ook niet te veel woorden aan vuil maken. ‘De corruptie uit 2013 was veel groter dan die van nu. En daar waren Erdogan zelf en zijn directe familie ook bij betrokken. Toen hebben Turken ook niet gereageerd. En dat zal nu ook niet gebeuren’, zegt hij pessimistisch.
‘Ten minste een derde van de bevolking staat nog achter het regime’
Aktar gaat ver terug om de hardnekkige corruptie binnen het Turkse systeem te verklaren. ‘Sinds de Armeense Genocide [waarbij bezittingen van vermoorde en weggevoerde christenen massaal werden geconfisqueerd door de Osmaanse staat, red.], waar nog steeds geen enkele rekenschap voor is afgelegd, is de Turkse maatschappij van binnen diep verrot’, zegt hij. ‘In die zin verdienen Turken ook een Erdogan. Ze hebben geen principes. Ten minste een derde van de bevolking staat nog achter het regime. En of de rest spiksplinternieuwe democraten zijn, is zeer de vraag.’
Daarom gelooft hij er niet in dat Erdogans regime wankelt. ‘Dit zal straks ook makkelijk vergeten worden’, aldus Aktar.
Verschil met Poetin en Trump
Emeritus hoogleraar Martin van Bruinessen is ook weinig hoopvol. ‘Vroeger dacht ik, net als veel mensen, dat de corruptie het werk was van sluwe lieden die zich onder de paraplu van de AKP verscholen en dat Erdogan zelf er niets van wist. Totdat Fethullah Gülens politiemensen die schoenendozen vol dollars vonden die Bilal [de zoon van Erdogan] niet op tijd wist te verstoppen’, zegt hij, refererend aan het corruptieschandaal van 2013.
‘Het hele systeem is gebaseerd op zelfverrijking van een relatief kleine groep oligarchen en kleinere kruimels die worden toegeschoven aan een islamitische middenklasse die niet protesteert omdat ze onder vorige regimes nooit aan de bak kwamen’, legt hij uit. Hij wijst verder op een verschil met Poetins Rusland of Trumps Amerika: ‘De Turkse oligarchen hebben geen echte politieke macht, want Erdogan houdt ze goed onder controle, hoewel minder hardhandig dan Poetin tegenwoordig doet.’
‘Turkse oligarchen hebben geen echte politieke macht’
Politicoloog Safak Topkaya denkt dat zelfs in het oude, kemalistische Turkije een corrupte politicus of regering allang gevallen zou zijn. ‘Tegenwoordig maakt het niet uit hoe hard de oppositie haar stem verheft: het regime gebruikt de rechterlijke macht en de media als een vrijwel ondoordringbaar schild om die stemmen het zwijgen op te leggen.’
Volgens haar kan men nu met recht spreken van een eenpartijstaat. ‘Wanneer een politicus opstaat en zegt: “Dit is diefstal”, kan hij de volgende ochtend voor de rechter staan of zelf het doelwit zijn. Politiek is voor ons niet langer een terrein waar oplossingen worden gezocht, maar is bijna veranderd in een strijd om te overleven en jezelf te beschermen.’
Oud-minister Fatma Kaya
Gevluchte journalist Bülent Kenes, oud-hoofdredacteur van de Turkse krant Zaman, meent in het ontslag van en het onderzoek naar ex-minister Fatma Kaya ook een zekere berekening van Erdogan te zien.
‘Kaya en haar echtgenoot zijn door het Erdogan-regime uitgekozen als zondebokken om de schade te beperken die is ontstaan door een veel groter schandaal. Ze zijn daarbij voor het publiek gebracht als doelwitten van woede en haat. Alle bewijzen en aanwijzingen wijzen er echter op dat de belangrijkste betrokkenen bij het schandaal – waarbij naar schatting 500.000 kleine beleggers voor maar liefst 20 miljard euro zijn opgelicht – afkomstig zijn uit de inner circle van Erdogan, zijn partij en zijn regime.’
Ook de gevluchte journalist Can Dündar opperde deze lokaastheorie op zijn YouTube-kanaal. Binnen het AKP-regime zouden verschillende groepen verwikkeld zijn in een machtsstrijd over de opvolging van Erdogan. Daarbij worden onder anderen minister van Justitie Akin Gürlek en minister van Buitenlandse Zaken Hakan Fidan genoemd. Fatma Kaya zou in die strijd door een van de kampen zijn opgeofferd als waarschuwing aan de anderen. Ook doen berichten de ronde dat de oud-minister dreigt uit de school te klappen over de behaalde rendementen binnen het Erdogan-regime als ze door het Turkse OM wordt opgeroepen om te getuigen.
‘Binnen het regime is de vraag wie aan de macht komt na Erdogan’
De journalist Adem Yavuz Arslan gelooft eveneens dat er een machtsstrijd gaande is binnen de AKP en dat hierdoor informatie naar buiten is geglipt. ‘Een van de meest kritieke punten binnen het regime is de vraag wie aan de macht komt na Erdogan. Enerzijds zijn er analyses dat Erdogan de macht binnen de familie wil houden door zijn zoon Bilal naar voren te schuiven, terwijl anderzijds Hakan Fidan naar voren komt als een mogelijke opvolger. Dit zijn geen vaststaande feiten, maar mijn inschatting is dat het fondsschandaal kan uitgroeien tot een instrument voor afrekeningen binnen deze machtsstrijd. Het gaat daarbij niet alleen om geld, maar ook om de vraag wie na Erdogan de controle over de staat en haar middelen zal overnemen.’
Hij is niet zo pessimistisch over het Turkse volk als enkele analisten hierboven. ‘Het probleem is niet de zogenoemde principeloosheid van de Turken. Het probleem ligt bij de toegang tot informatie, organisatie en het feit dat het ter verantwoording roepen van machthebbers systematisch wordt bemoeilijkt’, zegt hij en vult aan dat dit een uitgelezen kans is voor buitenlandse media om hun rol als waakhonden van de democratie te vervullen.
‘In een land waar ongeveer 90 procent van de nationale media onder controle van de machthebbers staat, kunnen mechanismen van checks-and-balances en democratische controle niet goed functioneren’, verklaart hij zich nader.
Morele erosie
Kenes is minder optimistisch. ‘Het probleem is breder, en een groot deel van de omvang ervan komt voort uit het feit dat een aanzienlijk deel van de Turkse samenleving corruptie, misstanden en omkoping niet voldoende beschouwt als ernstige morele en politieke problemen. Anders gezegd: het diepere probleem ligt in de morele erosie van de Turkse samenleving; het corrupte Erdogan-regime is een volkomen natuurlijk en rechtstreeks gevolg van die erosie.’
Ook deelt Kenes flink uit tegen de oppositie, die geen vuist meer kan maken tegen Erdogan. ‘Een aanzienlijk deel van de oppositie is in een positie gekomen waarin zij feitelijk als onderdeel van het regime functioneert. Aan de andere kant zien de oppositie dat het publiek onvoldoende belang hecht aan deze kwesties. Daardoor zijn zij geneigd onderwerpen als corruptie, omkoping en illegale verrijking te beschouwen als politiek weinig lonende thema’s om centraal te stellen in hun agenda.’
Topkaya ziet in alle gebeurtenissen in Turkije geen principeloosheid, maar eerder ‘uitputting en machteloosheid’.
‘Van iemand die dagelijks bezig is met brood op de plank krijgen, verwachten dat hij op straat revolutionair reageert op miljardenfraude, zou naïef zijn. Daarom vind ik oordelen dat het Turkse volk de leider krijgt die het verdient, onrechtvaardig. Geen enkel volk verdient armoede, corruptie en onrecht’, aldus Topkaya.
Nieuw Sociaal Contract (NSC) buigt sinds de partij niet meer in de Tweede Kamer zit steeds verder naar rechts en flirt nu ook met Mona Keijzer. Dit leidt tot veel gedoe en het vertrek van Europarlementariër Dirk Gotink, de laatste volksvertegenwoordiger van NSC.
Komende zaterdag houdt NSC zijn congres, waarvoor de populistische politica Mona Keijzer als gastspreker is uitgenodigd. Haar komst heeft niet alleen geleid tot het vertrek van Europarlementariër Dirk Gotink, maar ook tot een openlijke breuk tussen het partijbestuur en de jongerenorganisatie Jong Sociaal Contract (JSC).
Volgens een persbericht van NSC zal Keijzer tijdens de bijeenkomst in De Avenue in Breda ‘inhoudelijk ingaan op Project 2029, wat zij onlangs bekend heeft gemaakt.’ Partijvoorzitter Ronald de Bruin noemt haar komst ‘een cruciaal moment om samen met onze leden de politieke koers te bespreken en te horen hoe anderen de grote maatschappelijke opgaven van dit moment het hoofd willen bieden.’
Mona Keijzer is populair in NSC-kringen. Zo sprak ze ook op het Congres Cultuurdefensie, dat de wetenschappelijke bureaus van NSC, SGP en BBB in september dit jaar samen hadden georganiseerd in Amersfoort. Sebastian Meyer, de directeur van het wetenschappelijk bureau van NSC, pleitte die middag voor ‘meer levensruimte’ voor de meerderheid van de Nederlanders.
De keuze voor Mona valt slecht bij de jongerenafdeling. In een eigen verklaring stelt Jong Sociaal Contract dat het landelijk bestuur ‘niet integer omgaat met sensitieve interne aangelegenheden’ en ‘geen ruimte laat voor ander geluid, ledeninspraak of moties op de komende ALV.’ De jongeren spreken zich expliciet uit tegen het ‘geven van een podium aan populistisch-rechts gedachtegoed op het NSC-congres’ en verwerpen ‘sterk het liëren van mevrouw Keijzer aan de partij Nieuw Sociaal Contract.’
Het uitnodigen van Keijzer heeft nu ook geleid tot het vertrek van Europarlementariër Dirk Gotink. Hij heeft zijn NSC-lidmaatschap opgezegd, maar weigert zijn zetel terug te geven aan de partij. ‘NSC zoekt een politieke doorstart waar ik geen onderdeel van wil zijn’, schrijft hij op X. En tegen het Algemeen Dagblad zegt hij: ‘Ik ken Mona Keijzer al heel erg lang en zij staat voor een heel andere politieke koers dan ik. Zelfs het lidmaatschap van de EU an sich trekt zij in twijfel.’
De uitnodiging van Keijzer heeft tot allerlei speculaties op social media geleid. Journalist Chris Aalberts schreef op 5 oktober op X: ‘En waarom zou een half failliete partij die is leeggelopen een concurrent langs laten komen en dat in één persbericht melden? #NSC #koekoek.’
Op BlueSky meent een andere gebruiker dat Keijzer NSC misschien gaat overnemen: ‘Of wordt het zaterdag de partij van Mona, zodat ze allerlei officiële stappen ter oprichting van haar eigen partij kan overslaan, wat infrastructuur en organisatie in provincies over kan nemen en er misschien nog wat opportunistische mensen als vrijwilligers aan overhoud?’
Vandaag herdenkt Israël de slachtoffers van de Hamas-aanval. Maar ook Palestijnen moeten op 7 oktober hun doden kunnen herdenken, stelt Ingelise de Jongste.
De Israëlische film Naza wordt in Nederland niet vertoond op 6, 7 en 8 oktober. Uit respect voor Israël. De makers zijn Israëlisch, de anonieme IDF-soldaten die in de film getuigen zijn Israëlisch, maar zij zijn anoniem uit angst voor represailles en de regisseurs worden met de dood bedreigd.
De Amsterdamse gemeente en politie oefenen druk uit op Palestijnen om niet op 7 oktober te protesteren tegen genocide. Ze verloren zussen aan Israëlische bommen, broers aan Israëlische kogels, vrienden aan gebrek aan eten, moeders aan gebrek aan levensreddende medicatie, ooms aan marteling met de dood als gevolg. De burgemeester nodigde een van hen uit onder het mom van condoleance, maar met als eigenlijke doel: het voorkomen van een herdenking van Palestijnse doden op 7 oktober. Schokkend misbruik van Palestijns verlies en van macht.
Uit respect voor Israël.
Media, politieke partijen en opiniemakers zijn allen eensgezind. 7 oktober, daar kom je niet aan. 7 oktober is voor Israël. Respect voor Israël.
Maar. Wie realiseert zich dat ook de genocide in Gaza, die vandaag 3 jaar bezig is, begon op diezelfde 7 oktober 2023? Niet de dag erna, niet de week erna. Meteen. Diezelfde ochtend.
Niet? Nee. Dat krijg je ervan als de aandacht jarenlang succesvol gedomineerd wordt door ‘jamaarhamas’ en ‘zelfverdediging’, alsof genocide ooit ergens een legitieme reactie op is. Door wat Israël over zijn eigen genocide kwijt wil en door effectieve propaganda die Israël zelf trots hasbara noemt. Dan raakt iets elementairs als de start van genocide uit beeld.
Meteen diezelfde ochtend van 7 oktober 2023 voerde Israël luchtaanvallen uit, met honderden onschuldige dode en gewonde Palestijnse burgers, inclusief kinderen, als gevolg: de eerste bombardementen in een eindeloze, onophoudelijke en ongoing reeks. Enorme aantallen doden en gewonden, waarbij ‘dit nooit meer’ onder het puin in Gaza verdween. ‘Het’ begon niet op 7 oktober (google bij twijfel vooral Nakba), de huidige genocide in Gaza begon die dag wel. 7 oktober 2023. Vandaag is het 7 oktober 2026.
3 jaar. 36 maanden. 1096 dagen.
Israël krijgt nog altijd vanzelfsprekend steun. Wapens, voetbal, songfestival. Want respect voor Israël.
Waar is het respect voor Palestijnse zijde?
Respect voor 74.363 directe doden, dus door Israëlische bommen en kogels. Hun nabestaanden?
Het respect voor alle indirecte doden door gebrek aan medicatie, medische hulp, schoon water, eten en instortingen, een aantal dat volgens experts wel 700.000 kan zijn? Hun naasten, daar en hier?
En dan zou demonstreren op 7 oktober tegen deze genocide ‘ongepast’ en ‘respectloos’ zijn?
7 oktober is ook van Palestijnen.
Israël heeft geen exclusief recht op een datum, noch op rouw.
Wie dat niet ziet, luistert naar de verkeerde raadgevers.
De filosoof Daniël van Duijn breekt een lans voor de zogeheten ‘inclusieve kaart’ die hij heeft ontwikkeld. Daarmee doelt hij op een kaart van Nederland waarop het gehele koninkrijk te zien is, inclusief de eilanden in het westelijk halfrond die door kolonisatie bij Nederland zijn gaan horen. Dit maakt een trotse Van Duijn wereldkundig op LinkedIn.
‘Een maand geleden vroeg ik me hardop af waarom de kaart van Nederland nooit de ABC-SSS-eilanden (Aruba, Bonaire, Curaçao, Saba, Sint-Eustatius en Sint Maarten, red.) toont, ondanks dat hier 331.829 burgers wonen. Qua inwonertal de vijfde stad van Nederland’, zegt hij verontwaardigd, terwijl hij een kaart met vijf blokjes presenteert die hij samen met zijn compagnon Jochem Lesparre heeft ontwikkeld.
Het kaartenproject leverde hem ook ‘verrassende ontdekkingen’ op, verklaart hij verder. ‘Wist je bijvoorbeeld dat Curaçao langer is dan de afstand Amsterdam-Rotterdam? Dat de territoriale wateren van de ABC-SSS-eilanden groter zijn dan onze Europese exclusieve economische zone op de Noordzee?’, somt hij op.
Nu hij die kaarten tot ‘inclusief’ heeft gedoopt, wil hij graag dat landelijke nieuwsorganisaties (zoals de NOS) deze ook gaan gebruiken. Maar Van Duijn gaat nog een stapje verder. Sinds de ‘ontdekking’ van de ABC-SSS-eilanden suggereert hij ook om die eilanden ook Kamerzetels te geven.
Hoe de bewoners van de eilandengroepen zelf naar de ‘inclusieve kaarten’ kijken, is vooralsnog onbekend. Van Duijn vraagt er expliciet naar onder zijn bericht, onder andere aan voormalig PvdA-Kamerlid en Curaçaoënaar John Leerdam.
Onze site gebruikt cookies en vergelijkbare technologieën onder andere om u een optimale gebruikerservaring te bieden. Ook kunnen we hierdoor het gedrag van bezoekers vastleggen en analyseren en daardoor onze website verbeteren.
Deze website gebruikt cookies om uw gebruikservaring op deze website te verbeteren. Van deze cookies worden cookies aangemerkt als "Noodzakelijk" in uw browser bewaard, deze cookies zijn essentieel voor het functioneren van de website. Bijvoorbeeld het opslaan van uw keuze of u wel of geen cookies wilt hebben. Wij maken ook gebruik van cookies van derde partijen die ons helpen met het analyseren en begrijpen van de gebruik van deze website door u. Deze cookies worden alleen gebruikt als u daar toestemming toe geeft. U heeft ook de mogelijkheid om uzelf uit te sluiten voor deze cookies. Dit zal echter effect hebben op uw gebruikerservaring.
Noodzakelijke cookies zijn absoluut nodig voor het functioneren van de website. De cookies in deze categorie zorgen alleen voor de veiligheid en het functioneren van deze website . Deze cookies bewaren geen persoonlijke gegevens
Deze cookies zijn niet strict noodzakelijk, maar ze helpen de Kanttekening een beter beeld te krijgen van de gebruikers die langskomen en ons aan te passen aan de behoeftes van onze lezers. Hiervoor gebruiken wij tracking cookies. Bij het embedden van elementen vanuit andere websites zullen er door deze sites ook cookies worden gebruikt.