Terwijl Beiroet onder vuur ligt, doet architect en bareigenaar Rani al Rajji een dringende oproep aan de wereld om niet langer zwijgend toe te kijken. Met zijn vrijwilligerskeuken voorziet hij dagelijks mensen die uit het zuiden van Libanon zijn gevlucht van maaltijden.
Stilte heeft een naam: over morele lafheid en stilzwijgende medeplichtigheid
Ze kijken toe. Vanuit hun parlementen en paleizen, hun persconferenties en zorgvuldig geformuleerde communiqués, kijkt het Westen toe hoe Libanon bloedt – en noemt het ingewikkeld.
Ze mompelen. Ze spreken niet. Er is een verschil, en dat weten ze. Een gemompel is de diplomatie van lafaards, verpakt in de taal van voorzichtigheid. ‘We zijn bezorgd.’ ‘We roepen op tot terughoudendheid.’ Woorden zo hol dat ze weerkaatsen.
Ondertussen wordt een land overdag verscheurd. Steden worden uitgewist. Families begraven onder puin dat ooit hun huis was. De dader – benoemd, gedocumenteerd, bewapend, gefinancierd, bij elke stap beschermd – loopt vrij rond. Meer dan vrij: beloond met wapens, vetorechten en de meest kostbare valuta in de geopolitiek: straffeloosheid.
Dit is geen informatiegebrek. Het Westen ziet. Het kiest er simpelweg voor om niet te handelen naar wat het ziet. Getuige zijn van onrecht zonder het te benoemen is geen neutraliteit. Het is medeplichtigheid met een neutraal gezicht.
Getuige zijn van onrecht zonder het te benoemen is geen neutraliteit
Er was een tijd dat de wereld keek naar het apartheidsregime in Zuid-Afrika en ook mompelde. Toen stopte het met mompelen. Sancties kwamen. Isolatie kwam. Rechtvaardigheid, langzaam en onvolmaakt, kwam. Het kwam omdat genoeg mensen eindelijk de moed vonden om de drempel over te stappen van weten naar handelen – om de naam van het onrecht te zeggen, en dat meende.
Die drempel bestaat vandaag weer. Israël, in zijn behandeling van Libanon, Syrië en Palestina, is een staat geworden die de internationale gemeenschap moreel niet langer kan permitteren onverantwoord te laten. Geen ingewikkelde partner. Geen moeilijke bondgenoot. Een paria, volgens de definitie die het Westen zelf schreef voor andere naties die het gemakkelijker vond te veroordelen.
Echte vrede is geen staakt-het-vuren dat wordt gebroken voordat de inkt droog is, geen verklaring van bezorgdheid gevolgd door een nieuwe wapenlevering. Echte vrede vereist de moed om te zeggen: dit stopt nu, of je staat er alleen voor. Een ultimatum met tanden, geen gemompel met voetnoten.
De geschiedenis zal niet vragen of het Westen op de hoogte was. Het zal vragen wat het deed met zijn kennis. We zijn moe. Bitter. Geslagen en bebloed, maar niet gebroken. Niet gebroken omdat we nog steeds vrede willen: redelijke, stabiele, duurzame vrede. En daarvoor hebben we een bemiddelaar nodig. We hebben de wereld nodig om te stoppen met mompelen en één te worden.
Discriminatie en racisme komen niet alleen incidenteel voor in de zorg, maar zijn een structureel probleem. Dat stelt de Nationaal Coördinator tegen Discriminatie en Racisme (NCDR) in een nieuw advies over de gezondheidszorg.
Hoewel dit al langer bekend is, brengt de NCDR nu voor de eerste keer concrete adviezen uit om discriminatie en racisme in de zorg aan te pakken. In het rapport dat gisteren verscheen, staan zowel korte- als langetermijnadviezen.
Volgens de coördinator leiden discriminatie en racisme tot slechtere zorg, minder vertrouwen in zorginstellingen en grotere gezondheidsverschillen. Vooral mensen met een migratieachtergrond, vrouwen, mensen met een beperking en lhbti+-personen worden hierdoor geraakt.
De NCDR waarschuwt dat dit niet alleen slecht is voor patiënten, maar ook de druk op de zorg vergroot. Discriminatie zorgt namelijk voor minder efficiënte zorg en vergroot problemen op de arbeidsmarkt in de sector.
Om dit aan te pakken, doet de NCDR drie belangrijke aanbevelingen. Zo moet ‘inclusieve zorg’ een vast onderdeel worden van kwaliteitsnormen en toezicht. Ook moet de kennis in de zorgsector beter aansluiten bij diverse groepen patiënten, bijvoorbeeld in opleidingen en medische richtlijnen.
Daarnaast pleit de NCDR voor meer inzicht in ongelijkheid binnen de zorg. Verschillen in behandeling en gezondheidsuitkomsten moeten beter zichtbaar worden, zodat er gerichter kan worden ingegrepen.
Volgens nationaal coördinator Rabin Baldewsingh is snelle actie nodig. Daarom staat in het rapport ook een aantal quick wins, zoals professionele tolken en culturele bemiddeling, verbetering van de zorg voor zwangere vrouwen in asielzoekerscentra en betere zorg voor transgender personen.
De adviezen van de NCDR zijn nieuw, zo meldt de instantie. ‘Het vorige kabinet besloot vorig jaar het Nationaal Programma van de NCDR per 2026 uit zijn bevoegdheden te schrappen. Daarom komt de NCDR nu met adviezen over onderwerpen waarop dringend actie van het kabinet noodzakelijk is.’
Uit een rapport van Save the Children blijkt dat het Israëlische regime zo’n 350 Palestijnse kinderen systematisch martelt, seksueel misbruikt en uithongert. Dat meldt NRC. Het rapport werd vanwege Israëlische druk nu pas gepubliceerd.
Het rapport lag deze zomer al klaar, maar de organisatie stelde publicatie uit vanwege een Israëlische verplichting voor ngo’s om zich opnieuw te registreren. Save the Children wilde geen risico lopen die registratie kwijt te raken, omdat zij ook levensreddende hulp in Gaza bieden. Sinds de massale Hamas-aanval op 7 oktober voert Israël een genocide uit in Gaza, waarbij al meer dan honderdduizend Palestijnen zijn omgekomen.
Het rapport is nu in handen van NRC, dat er een coververhaal van maakte. Veel van de bevindingen zijn voor de gemiddelde socialemediagebruiker al langer bekend en vaak live te volgen. ‘Al bij het oppakken krijgen Palestijnse kinderen te maken met geweld door Israëlische soldaten en functionarissen. Gedurende vrijwel het hele proces, van arrestatie tot detentie, worden de kinderen blootgesteld aan fysieke mishandeling. Ze worden vastgebonden, geblinddoekt, geslagen, geschopt en urenlang ondervraagd zonder aanwezigheid van advocaten of hun ouders’, schrijft NRC.
In de prijswinnende documentaire No Other Land zijn vergelijkbare misstanden, over een periode van meer dan twintig jaar, vastgelegd op videobeelden. Voor het rapport liet Save the Children 165 Palestijnse kinderen vragenlijsten invullen over het Israëlische gevangeniswezen. Daarnaast sprak de organisatie met 32 ouders en verzorgers, dertien hulpverleners en drie advocaten die de kinderen vertegenwoordigen.
Trump is een loser. Hij kan nu wel samen met zijn minister van Agressie Pete Hegseth brullen wat hij wil en victorie kraaien wat hij wil, maar hij is een loser, een complete loser – en de hele wereld ziet het. Blijkens de jongste peiling, gehouden na het bestand, wil inmiddels de meerderheid van de Amerikanen dat het Congres hem per direct als president afzet.
Bralde Trump een dag eerder nog dat hij een hele beschaving zou vernietigen, bij de wapenstilstand heeft hij het 10-puntenplan van Iran als een ‘werkbare basis voor onderhandelingen’ betiteld. Voor alle duidelijkheid: dat betekent dat Trump en Netanyahu geen enkele van hun oorlogsdoelen hebben bereikt.
Een wapenstilstand betekent een bestendiging van de status quo. Teheran behoudt zijn atoomprogramma en zijn kernraketten, het kan Hezbollah blijven steunen en het regime is onbuigzamer en zit vaster in het zadel dan ooit. En daarbij heeft het nu ook de Straat van Hormuz in de houdgreep. Dat is de status quo, en die is in het voordeel van de ayatollahs. Daarom kunnen die nu vrij rustig afwachten wat Washington doet of niet doet.
Trump kan roepen dat dat onacceptabel is, maar dat kan hij alleen met geweld veranderen – en dat is de afgelopen vijf weken dus niet gelukt. Om dat te bereiken zou hij de oorlog moeten hervatten zonder enige garantie dat hij dan wél Iran op de knieën kan dwingen. Een oorlog die hij nu juist heeft afgebroken vanwege de rampzalige gevolgen voor zijn populariteit in eigen land, die mede door de exploderende benzineprijzen een dieptepunt heeft bereikt.
Bovendien zal het Trump, na nu de ’totale en complete overwinning’ te hebben uitgeroepen, moeilijk vallen om zo’n hervatting te legitimeren. Kennelijk was die overwinning dan dus toch niet zo totaal en compleet.
Een beroerde uitkomst? Vast. Maar het omgekeerde was nog beroerder geweest: dat de illegale agressieoorlog van Trump en Netanyahu met een zege was beloond. Dat zou Trump in zijn gevoel van onoverwinnelijkheid en dus zijn almachtsaanspraken hebben gesterkt en hem hebben aangemoedigd om de wereld nog verder in brand te steken.
In mei vorig jaar overhandigde Vance Leo persoonlijk een uitnodiging voor een bezoek
Vergeet niet de wellust waarmee Trump en Hegseth over vernietigen en vermoorden spraken, en de haat die Vance jegens ons ten toon heeft gespreid. Dan was mogelijk ook Europa – Groenland – of Canada in zijn vizier gekomen. Dát gevaar is nu even bezworen. De arrogante hoogmoed waarmee Trump de andere NAVO-staten in de hoek zette – ‘lafaards die ons in de steek laten, maar we hebben ze ook niet nodig’ – is voor het oog van de hele wereld, en speciaal dat van de Amerikaanse kiezer en de daarvoor bevende Republikeinse senatoren, hard afgestraft.
Het versterkt ook onze positie tegenover Washington, en dat is goed.
Er is nog een heilzaam neveneffect: de band tussen Trump en Netanyahu staat door hun nederlaag onder druk. Het is inmiddels duidelijk dat het Israëlische terreurregime met het schetsen van een irreëel oorlogsperspectief Trump tot zijn ondoordachte aanval heeft gebracht. Trump houdt niet van mensen die hem tot loser maken.
Intussen staat voor Willem-Alexander en Máxima een nachtje slapen bij deze mega MAGA-loser op de rol. Dat wordt nog pijnlijker dan dat biertje met Poetin – dat was immers nog vóór de annexatie van de Krim. Laat Rob Jetten hier een voorbeeld nemen aan Leo XIV.
Mocht Trump immers gehoopt hebben met een Amerikaanse paus over een even volgzame lakei te beschikken als Poetin met de Russische patriarch, dan blijkt dat een misvatting. In niet mis te verstane bewoordingen heeft de paus zich met Pasen tegen Trump en Netanyahu gekeerd: de gebeden van bloeddorstige oorlogshitsers zullen door God niet worden verhoord. Dat kan ook de reactionaire katholiek Vance in zijn zak steken.
De paus gaat in het spoor van zijn voorganger zelfs nog verder: hij liet zijn bisschoppen scherp protesteren tegen de praktijken van ICE. In mei vorig jaar overhandigde Vance Leo persoonlijk een uitnodiging voor een bezoek. ‘Ooit’, antwoordde die duidelijk verstaanbaar, terwijl hij de brief ostentatief opzijlegde. Op 4 juli – 250 jaar Amerikaanse onafhankelijkheid – komt hij evenmin, maar reist hij af naar Lampedusa.
Jetten dient in dezelfde geest te handelen. Een acute maagzweer voor Máxima verzinnen, die ‘helaas’ een logeerpartij verhindert: zo moeilijk kan het toch niet zijn om ons een volgende pijnlijke foto te besparen?
Feminist en schrijver Yesim Candan, die onder meer onophoudelijk aandacht vraagt voor femicide, oftewel vrouwenmoord door mannen, keert na jaren terug als columnist. Ze schreef eerder voor RTL Nieuws.nl en gaat nu schrijven voor Het Parool, meldt de Amsterdamse krant in een interview.
‘Ik ben een straatmeid tussen de chique mensen’, zegt de Turks-Nederlandse in dat interview. ‘Als ik door Amsterdam-Zuid loop, zie ik vooral dead people, want de mensen hier zijn dood. Levend dood. Hoe meer geld mensen hebben, hoe meer de ziel eruit is. Ik ben gelukkig niet zo. Ik maak zoveel mee.’
Ze vertelt over haar gettojaren in Rotterdam wanneer ze wordt gevraagd waarom ze Oud-Zuid prefereert als woonplek. ‘Ik ben opgegroeid in Rotterdam tussen de hoeren en pooiers. Naar school lopen vond ik als kind eng, omdat ik langs allemaal verslaafden en sekswerkers moest. Eigenlijk was ik altijd bang,’ aldus Candan over haar eerste, benauwende jaren in Nederland.
Daarom staat veiligheid voor vrouwen stipt op nummer één in haar prioriteitenlijst. ‘Je kunt veel zeggen over Oud-Zuid, maar ik word hier niet lastiggevallen, auto’s toeteren niet naar mij en mannen sissen niet. Voor mij is veiligheid het grootste goed in mijn leven.’
Tegen de Kanttekening zei ze eerder dit jaar, in het eindejaarspanel, dat de moord op Lisa diepe sporen heeft nagelaten in Nederland. ‘8 maart kleurt Nederland rood tijdens de Rode Hakken-demonstratie; een leven vóór en een leven ná Lisa bestaat,’ aldus Candan toen.
Het Israëlische parlement heeft ingestemd met een wet die de doodstraf invoert en in de praktijk alleen Palestijnen treft. In Israël zelf is er weinig protest.
Honderden Palestijnen in de Gazastrook en op de bezette Westelijke Jordaanoever protesteren tegen Israëls plan om de doodstraf in te voeren voor moord met een terroristisch motief. De wet, die alleen voor Palestijnen zonder Israëlisch burgerschap geldt, wordt wereldwijd bestempeld als racistisch en de Verenigde Naties waarschuwen dat het plan in strijd is met het internationaal recht. Ook binnen Israël zelf klinkt kritiek, maar die lijkt aan dovemansoren gericht.
De wet is vooral een overwinning voor de extreemrechtse minister van Nationale Veiligheid Itamar Ben-Gvir. Al jaren lobbyt de politicus voor het invoeren van de doodstraf voor Palestijnen. Ook de afgelopen tijd voerde hij campagne. Nadat de wet werd aangenomen, met 62 stemmen voor en 48 tegen, schreef Ben-Gvir op X: ‘We hebben geschiedenis geschreven.’
‘De doodstraf is een schending van het recht op leven’
In korte tijd stroomde de internationale kritiek binnen. De VN roept Israël op de ‘discriminerende doodstrafwet’ terug te trekken. Mensenrechtenorganisatie Amnesty noemt de wet ‘een openlijke vertoning van wreedheid, discriminatie en volstrekte minachting voor mensenrechten’ en ook de EU uit haar zorgen: ‘de doodstraf is een schending van het recht op leven en kan niet worden uitgevoerd zonder een schending van het absolute recht om vrij te zijn van marteling en andere vormen van mishandeling.’
Ook binnen Israël zelf is er kritiek op de wet. De Vereniging voor Burgerrechten in Israël heeft een verzoek ingediend bij het Hooggerechtshof van het land en wil dat de wet van tafel gaat, maar of dat gaat lukken, blijft nog maar de vraag. Van de internationale verontwaardiging zal Israël zich waarschijnlijk weinig aantrekken. Als reactie schreef minister Ben-Gvir op X: ‘Ik zeg tegen de mensen van de Europese Unie die druk hebben uitgeoefend en de staat Israël hebben bedreigd: we zijn niet bang, we zullen ons niet onderwerpen.’
‘We zien al jaren de misdaden van de bezetting’, zegt Yair Dvir van de Israëlische mensenrechtenorganisatie B’Tselem. ‘De laatste tweeënhalf jaar hebben we massamoorden in de Gazastrook en op de Westoever gezien, net als marteling, uithongering en andere misdaden. De internationale gemeenschap, die er tot nu toe nog niet in is geslaagd om Israëls misdaden tegen te houden, moet actie ondernemen.’
Ongelijke behandeling in rechtssysteem
Palestijnen kregen vóór de stemming over de nieuwe doodstrafwet ook al geen eerlijke behandeling in het Israëlische rechtssysteem. In administratieve detentie kunnen Palestijnen voor onbepaalde tijd worden vastgehouden, zonder aanklacht en zonder proces. Ook het doodsvonnis kan straks worden opgelegd zonder dat er een openbaar aanklager, advocaat of geldig rechtsproces aan te pas komt. Daarnaast kan een Palestijn er niet tegen in hoger beroep en geldt de wet dus alleen voor Palestijnen zonder Israëlisch paspoort. Joodse kolonisten die een moord met terroristisch motief uitvoeren, kunnen geen doodstraf opgelegd krijgen.
‘Er is geen Palestijnse familie zonder iemand in de gevangenis’
‘De doodstrafwet voegt zich bij een lange lijst van discriminerende wetten’, zegt Dvir. ‘Israël voert een grootschalige aanval uit op het Palestijnse bestaan, waaronder de voortdurende genocide in Gaza en de escalatie van moorden en etnische zuiveringen op de Westelijke Jordaanoever. De wet op de doodstraf is bedoeld als een extra “legaal” instrument in de handen van Israël voor het doden van Palestijnen.’
Protest
In de Palestijnse gebieden gingen honderden mensen de straat op om te protesteren tegen de wet. ‘Er is geen enkel persoon hier die geen broer, man, zoon of buurman heeft die in de gevangenis zit’, zegt een 53-jarige psycholoog tegen nieuwszender Al Jazeera tijdens een protest in Ramallah op de Westoever. ‘Er is geen Palestijnse familie zonder iemand in de gevangenis.’
Tijdens een protest in Nablus in het noorden van de Westelijke Jordaanoever droegen demonstranten borden met waarschuwingen dat de tijd begon te dringen, is te zien op foto’s van de demonstraties. Op één bord stond de oproep om een wet die de executie van gevangenen mogelijk maakt te stoppen, en een afbeelding van een gevangene naast een strop. In Hebron, Ramallah en Nablus bleven veel winkels gesloten door een algemene staking die was uitgeroepen door de Fatah-partij van president Abbas. Volgens Al Jazeera werden winkeliers in Anata door Israëlische soldaten gedwongen hun zaken toch te openen.
Kritiek in Israël
In Israël zelf is de kritiek beperkt. De oppositie is fel tegen de wet en mensenrechtenorganisaties spreken zich uit, maar de protesten op straat zijn kleinschalig. De dag dat de wet werd aangenomen, was er wel een protest bij het Israëlische parlement. Het protest werd door de politie op gewelddadige wijze afgebroken, vertelt Uri Weltmann van vredesorganisatie Standing Together, die bij het protest was.
‘De wet op de doodstraf is bedoeld als een extra “legaal” instrument voor het doden van Palestijnen’
Weltmann verwacht dat er bij de hoorzittingen over de wet bij het Hooggerechtshof opnieuw protesten zullen zijn. ‘Ik denk dat ze met deze wet de Palestijnen nog verder willen dehumaniseren en het gevoel van Joodse superioriteit willen versterken. Het is bedoeld om de Israëlische maatschappij te hervormen.’ Aankomend weekend gaat Weltmann samen met Standing Together en andere organisaties weer de straat op om te demonstreren. Deze keer tegen de aanhoudende oorlog in Libanon. ‘Libanon is geen onderdeel van het staakt-het-vuren en dat zou het wel moeten zijn.’
Ook Dvir benoemt dat er protesten zijn tegen de doodstrafwet in Israël. ‘Het zijn Israëliërs die het grotere geheel zien en zich verzetten tegen genocide en etnische zuivering, maar zij vormen een minderheid. Onder de meerderheid van de Israëliërs heerst nog steeds een wijdverbreid gevoel van steun voor het systeem van Israëlische superioriteit. Vanuit hun perspectief zijn de voortzetting van de bezetting en onderdrukking – inclusief een wet die specifiek voor Palestijnen de doodstraf oplegt – legitieme instrumenten om het Israëlische apartheidsregime in stand te houden.’
Komende zondag varen er opnieuw activisten vanuit Europa naar Gaza. Voor bemanningslid Jesse van Schaik is dit een manier om haar woede en wanhoop om te zetten in actie.
Een konvooi van tientallen schepen vertrekt op 12 april vanuit Barcelona richting Gaza, met aan boord activisten die de blokkade willen doorbreken en hulpgoederen willen afleveren. Israël pleegt nu al ruim twee jaar genocide tegen de Palestijnen in Gaza. Ook op de bezette Westelijke Jordaanoever neemt het geweld toe en wordt steeds meer Palestijns land geannexeerd. Ondanks massademonstraties, groeiend bewustzijn en eerdere acties, is er politiek nog weinig veranderd.
Jesse van Schaik is één van de mensen die meevaart met de Global Sumud Flotilla. ‘Als je alles vanaf een afstand ziet, voel je je zo machteloos, wanhopig en woedend over elk persoon, elk kind dat vermoord wordt in Gaza’, zegt ze. ‘Maar of ik nu wel of geen hoop heb, ik ga mee, want ik ben vasthoudend, net als iedereen hier.’
Zij en de andere opvarenden gaan opnieuw proberen de blokkade te doorbreken, terwijl ze weten wat de risico’s zijn. In oktober enterde Israël minstens 39 schepen, werden tientallen mensen gearresteerd en vastgezet. Hetzelfde gebeurde met het schip Madleen in juni. Mensenrechtenorganisaties noemen het onderscheppen van schepen in internationale wateren en het arresteren van opvarenden illegaal.
‘Ik kan dit doen, door het privilege dat ik heb’
Toch gaan ze weer. In de hoop dat het deze keer wél lukt om de bevolking van Gaza te bereiken met voedsel en andere hulpgoederen.
Na al die protesten wereldwijd – ook in Nederland, zoals de Rode Lijn – en eerdere mislukte pogingen van de Flotilla door Israëlische aanvallen, vragen veel mensen zich af: heeft het nog wel zin om het opnieuw te proberen?
‘Over het algemeen kun je je afvragen als activist: we houden een protest en de overheid luistert niet. Heeft het dan zin? Ja. Want de enige optie die we hebben, is dit doen. En als we het niet doen, dan betekent het dat we accepteren dat er genocide gaande is. Voor mij is dat onvergeeflijk. Ik kan dit doen, door het privilege dat ik heb.’
Eerdere mislukte pogingen van de Flotilla zijn voor Jesse geen reden om ermee te stoppen. ‘Ik zou het geen mislukkingen noemen’, zegt ze. ‘Het feit dat al die mensen bereid zijn om hun leven in de waagschaal te stellen voor het leven van de Palestijnen, dat vind ik op zich al een overwinning. Terwijl ieder land hier faalt in het bestuur, laten wij zien dat wij niet opgeven.’
Wanneer ik het nieuws volg over de genocide, of hoor dat Israël weer een schip heeft geënterd, voel ik als buitenstaander al woede en wanhoop. Hoe ga jij daarmee om?
‘Mijn manier om met die gevoelens om te gaan is om dit te doen. Ik voel me in zekere zin kalmer, want hier zijn en met anderen werken aan de boot en daarna zes tot acht weken op zee; voor mijn gevoel is dat het beste wat ik met mijn woede en wanhoop kan doen. Dit is mijn motivatie om te gaan varen.’
Activisten van de Global Sumud Flotilla vertrekken op 13 september 2025 per zeilboot vanuit Bizerte, Tunesië, richting Gaza. Beeld: Fethi Belaid/AFP
Ben je niet bang dat Israël jullie schip opnieuw zal enteren?
‘Er is een hele grote kans, zeker nu met de oorlog, dat Israël dat weer doet. Zoals elk mens ben ik daar bang voor, maar tegelijkertijd interesseert het me niet of ik bang ben of niet. We gaan, en we gaan met een doel, en dat is voor mij het allerbelangrijkste. En dat is dat we proberen Palestina te bereiken.’
Het lijkt me heel moeilijk om rustig te blijven als een schip wordt geënterd en je mishandeld wordt. Hoe doen anderen dat eigenlijk, wat heb jij daarover gehoord?
‘Iedereen gaat er anders mee om. Het wrange is: hetgeen je leven kan redden, is rustig blijven. Want als je niet rustig blijft, dan kunnen ze gewoon schieten en elke beweging als excuus gebruiken. We zullen er ook veel over praten met elkaar. Als je zes weken samen bent op het schip, word je heel hecht. Je wordt als een familie. Wat mij persoonlijk nog het lastigste lijkt, is wanneer ze een ander bemanningslid iets aandoen. Maar het is ook van belang dat je je dan niet laat gaan.’
Denk je dat het ooit gaat lukken om Gaza te bereiken? Of dat er ooit voldoende politieke druk op Israël komt om de blokkade op te heffen?
‘Het moet. Het is niet een kwestie van denken of hopen. Er moet iets gebeuren. Als deze genocide doorgaat, is er straks geen Palestina meer. Als we dat hebben laten gebeuren, dan hebben we gefaald als mensheid. Of we bereiken Gaza, of, als ik in de cel zit of als het schip zinkt, dan weet ik dat ik alles heb gedaan om het te proberen.’
‘Iedereen kent de beelden’
Verwacht je nog iets van de politiek?
‘Nee. Ik heb geen hoop, geen verwachting. Want ze hebben echt alle kansen gehad. Vanaf 7 oktober 2023 is Israël duidelijk genocide aan het plegen. Israël valt andere landen binnen, en escaleert alleen maar. Iedereen weet het, iedereen kent de beelden. Politici weten nog meer dan ik. Het feit dat zij niets doen, heeft het laatste restje vertrouwen dat ik had in de politiek doen verdwijnen.’
De oorlog tegen Iran en de gevolgen ervan voor de wereldeconomie hebben de genocide in Gaza verdrongen in het nieuws. Heeft de wereld Gaza en de Palestijnen in de steek gelaten?
‘De wereld heeft de Palestijnen in de steek gelaten vanaf 1948 (sinds de oprichting van de staat Israël of de Nakba, red.). Er is nooit steun geweest voor Palestina in de wereldpolitiek. Er zijn momenten van hoop geweest. De genocide was wel een tijd in het nieuws. Er waren meer demonstraties, maar uiteindelijk maakt het allemaal niet veel uit. Niet voor het aantal Palestijnen dat door Israël vermoord wordt, of het aantal baby’s dat nooit het levenslicht zal zien. Dus in die zin is de wereld er nooit geweest voor Palestina. Ik wil wel benadrukken dat er een verschil is tussen de politieke wereld en de wereld van de mensen. De wereld als geheel heeft misschien compleet gefaald, maar bij de mensen zelf is nog een restje menselijkheid te vinden. En dat laat zich nu zien.’
Is dat wat jou hoop geeft, hoewel we zien dat er heel weinig verandert?
‘Ik vind het lastig om het hoop te noemen. Het is lastig om hoop te hebben wanneer je de hele dag aan de boot hebt gewerkt en je ’s avonds ziet dat er een school is gebombardeerd. Hoop is misschien niet het juiste woord; sumud, vasthoudendheid, daar gaat het om. Of ik nu wel of geen hoop heb, ik ga mee, net als iedereen hier.’
Universiteiten zijn op grote schaal betrokken bij het Europese grensbeleid, dat door steeds meer mensen gezien wordt als inhumaan. Universiteiten moeten zich meer bewust zijn van de consequenties van hun rol, vindt Stop Wapenhandel.
Eind maart bracht de ngo een rapport uit waarin het de rol van universiteiten blootlegt. Uit de bevindingen blijkt dat de betrokkenheid van universiteiten heeft geleid tot het ontstaan van ‘een grens-industrieel-academisch complex’.
‘Ze leveren onderzoek, analyses, data en nieuwe technologieën, en creëren tevens een schijn van wetenschappelijke legitimiteit voor beleid en praktijken die ethisch twijfelachtig zijn en routinematig fundamentele rechten schenden’, aldus het rapport.
Het is vooral kritisch over de Universiteit Maastricht, die een jaarlijkse cursus ‘migratiemanagement’ aanbiedt. Deze cursus is bedoeld voor partnerlanden buiten de EU. Het zijn juist deze samenwerkingen waar felle kritiek op bestaat. Libië staat bijvoorbeeld bekend om grove mensenrechtenschendingen bij het tegenhouden van migranten die naar Europa willen reizen.
Trouwvroeg de universiteit om een reactie. De instantie stelt dat het partnerlanden juist de capaciteit wil geven om migratie effectief te beheersen, op een manier die gestoeld is op wetenschappelijk bewijs en mensenrechten. Volgens Mark Akkerman van Stop Wapenhandel is dit naïef. ‘Onderzoekers denken vaak goed na over de ethische aspecten binnen hun onderzoeksopzet, maar minder over de morele consequenties op maatschappelijke schaal’, zegt hij tegen de krant.
Na de aanslagen op Joodse instellingen bewaken militairen de Joodse wijk in Antwerpen. Wat doet hun aanwezigheid met de Joodse gemeenschap?
Na aanslagen op Joodse instellingen in onder meer Luik, Amsterdam en Rotterdam wordt in Antwerpen de veiligheid rond de Joodse wijk bewaakt door militairen. Dat moet bescherming bieden, maar roept ook een ongemakkelijke vraag op: wanneer slaat beveiliging om in een permanente staat van dreiging? Tegelijk spelen op de achtergrond de Israëlische aanvallen op Gaza, Libanon en Iran, die ook in Europa hun schaduw vooruitwerpen. Wat betekent dat voor Joodse gemeenschappen hier? Daarover spreken we met twee leden van Een Andere Joodse Stem.
Rond het Antwerpse Centraal Station bepalen sinds kort soldaten met karabijnen, vaak met gezichtsbedekking, mede het straatbeeld van de Joodse wijk. Al dwalend door de straten wordt duidelijk dat ze Joodse instellingen bewaken, zoals gebedshuizen en scholen. Veelal patrouilleren ze in duo’s.
Jongens met pijpenkrullen
Ze passeren orthodoxe, chassidische mannen, die met hun karakteristieke hoge bontmutsen, de shtreimels, bijna net zo opvallen als de militairen zelf. Daartussen spelen jonge Joodse kinderen. Jongens met hun pijpenkrullen, pejes, zijn zichtbaar gefascineerd door het wapentuig van de soldaten. Hun zussen en moeders zijn sober gekleed en wat bescheidener aanwezig op straat.
Tegelijkertijd is de wijk allesbehalve homogeen. Tussen de orthodoxe gezinnen lopen hippe stedelingen, bakfietsmoeders en kleine groepjes toeristen die meer willen weten over de diamantgeschiedenis van de buurt.
In de Jacob Jacobsstraat spreekt de Kanttekening twee militairen aan die post hebben gevat bij de Machsike Hadas-synagoge. Nederlands spreken ze niet. Op de vraag hoeveel militairen er zijn in de wijk, antwoordt een van hen kortaf: ‘We are with many.’ Meer mogen ze niet zeggen. Ook foto’s maken wordt resoluut afgewezen.
Sterre Volders en Itamar Shachar van Een Andere Joodse Stem. Beeld: Arjan van Westen
Een paar dagen later spreken we Itamar Shachar en Sterre Volders van Een Andere Joodse Stem in een café aan de Keyserlei. Shachar is geboren in Israël, socioloog aan de Universiteit Hasselt en doet onderzoek naar de effecten van beveiliging op gemeenschappen. Volders is Nederlands, woont sinds zes jaar in Antwerpen, studeert er journalistiek en maakte eerder de documentaire Self Loving Jew.
Shachar vindt het beeld van militairen in Antwerpen verontrustend. ‘Ik heb het leger in Israël verlaten om ideologische redenen. Het is geen groot plezier voor mij om militairen op straat te zien.’ Hij vreest dat Europa dezelfde kant op gaat als Israël, waar militairen ook in civiele ruimtes aanwezig zijn.
‘Ik hoop ook dat het dient als extra hindernis voor mensen die echt iets van plan zijn’
Volders zegt in een eerste reactie dat zij ‘als witte Europese vrouw’ niet dezelfde ervaring met het leger met zich meedraagt als Shachar. Zij ziet de aanwezigheid van militairen na de aanslagen in Luik, Rotterdam en Amsterdam bijna als een noodzakelijk kwaad. ‘Ik vind het jammer dat het zo moet, maar ik hoop ook dat het dient als extra hindernis voor mensen die echt iets van plan zijn.’ Ze wil dat Joodse mensen zich veilig voelen in Antwerpen. Ook omdat geweld tegen Joodse gemeenschappen in Europa volgens haar de huidige Israëlische regering in de kaart speelt. ‘Voor Israël is het heel belangrijk om te tonen: kijk, Amerika en Europa zijn niet veilig voor jullie, weet je wat wel veilig is? Dit land, kom naar hier. Dat is echt een agendapunt.’
Beeld: Monique Schoutsen
Shachar is resoluut: ‘Ik ben tegen de inzet van militairen op straat, niet alleen voor Joden.’ Sinds vorige week patrouilleren er ook militairen door Brussel, waar ze worden ingezet bij drugsbestrijding. Volgens hem hebben ze daar, anders dan de politie, niet de juiste bevoegdheden of kennis voor. ‘Die vrees heb ik ook bij de inzet van militairen in de Joodse wijk in Antwerpen. Ik ben bang dat een soldaat een fout maakt, wat weer kan leiden tot meer spanning, vijandigheid en haat tussen bevolkingsgroepen.’ Het viel de Hasseltse socioloog op dat de militairen ongeveer even oud zijn als zijn studenten. ‘Ze hebben niet de juiste training en worden ingezet omdat ze goedkoper zijn.’ Volders is minder stellig. ‘Ik kan in alle anonimiteit Joods zijn. Ik weet niet hoe dat is voor iemand die hier elke dag rondloopt in religieuze kleding.’
‘Ik ben bang dat een soldaat een fout maakt, wat weer kan leiden tot meer spanning’
Voor Shachar is het schrikbeeld dat militairen op straat een verdere militarisering van Europa normaliseren. Hij hekelt uitspraken van Belgische en Franse politici dat burgers gewend moeten raken aan militairen op straat. In België doelt hij specifiek op N-VA-minister van Defensie Theo Francken. ‘Die wil heel graag een positief imago van militairen.’ Shachar vreest dat deze ‘hardliners’ de tijd meehebben. ‘Mensen zijn misschien tegen de inzet van soldaten, maar hebben de energie niet meer om te reageren. Met besparingen, zorgen over oorlog en klimaat hebben mensen genoeg aan hun hoofd.’ Ook wijst hij op wat hij ziet als duidelijke financiële belangen van de defensie- en veiligheidsindustrie. ‘Militarisering is niet alleen militairen op straat, maar ook investeren in defensiebudgetten, F-35’s en Frontex. Het is een strategie om wanhoop te verspreiden. Daar zie ik een parallel met Israël.’
Volders deelt, ondanks de recente aanslagen, Shachars zorgen over verdere militarisering. Instemmend luistert ze naar zijn betoog dat de Belgische autoriteiten handig, of zelfs ‘cynisch’, gebruikmaken van de oorlog met Iran. ‘De discussie was al een jaar bezig of de militairen weer ingezet moesten worden, en nu hebben ze plots een “goede reden” om dat te doen.’
Beeld: Arjan van Westen
De laatste jaren was er ook in Nederland en België geweld tegen moslims. Volders voelt het ongemak dat Joodse gemeenschappen bescherming krijgen en andere groepen niet. ‘Ik voel als Jood ook een zekere vorm van privilege.’ Haar gevoel voor solidariteit met andere groepen die met onrecht en bedreiging te maken hebben, zit diep. Juist dat heeft met haar Joodse wortels te maken. ‘Ooit waren wij de zondebok, dat alarmeert mij heel hard wanneer nu moslims zo worden neergezet.’ Het is haar vurige wens dat politiek en samenleving daar alerter op reageren.
‘Ik voel als Jood ook een zekere vorm van privilege’
Shachar is het volledig met de 26-jarige journaliste eens en vindt dit vraagstuk urgenter dan de inzet van militairen. ‘Die kunnen misschien een aanslag op een instelling voorkomen, maar dat zijn hele uitzonderlijke gevallen. De dagelijkse realiteit van discriminatie in verschillende sferen van het leven is een dringend probleem. Het kan gaan over Joden, Palestijnen, moslims, mensen van Afrikaanse afkomst.’ Politici, zo oordeelt hij fel, sturen liever op meer militairen of politie-inzet dan op de aanpak van racisme, wat een moeilijker taak is. Hij weet wat daarvan de gevolgen kunnen zijn. ‘Ik ben in België meer dan één keer lastiggevallen door de politie. Niet omdat ik Jood ben, maar omdat ze dachten dat ik Marokkaans of Braziliaans was.’
Shachar wil geweld en dreiging tegen Joodse gemeenschappen in de diaspora zeker niet bagatelliseren. Volgens hem is er de afgelopen jaren ook een relatie ontstaan met de oorlog en de genocide in Gaza. Joodse gemeenschappen in de diaspora ervaren volgens hem steeds vaker de gevolgen van ‘de criminele acties’ van Israël. Hij maakt zich zorgen over de langetermijnimpact, ook op samenwerkingen. ‘Contacten met mensen uit Palestina, uit Gaza, samen optrekken voor een betoging of een panel met iemand uit Israël of van Joodse afkomst, dat wordt moeilijker. Ook hier in België.’ Het maakt hem triest. ‘Ik ben tegen de Israëlische acties, maar toch voel je verantwoordelijkheid of schaamte voor wat de staat Israël in jouw naam doet.’
Verrechtsing
Beiden zien tot hun afgrijzen hoe verrechtsing ook binnen delen van de Europese Joodse wereld verder wortel schiet. Shachar merkt op dat opvallend veel Joodse burgers de afgelopen jaren richting de rechts-nationalistische N-VA zijn opgeschoven. ‘Dat was vroeger niet zo.’ Volders ziet datzelfde terug in het straatbeeld van de Joodse wijk, waar volgens haar in verkiezingstijd veel pamfletten hangen van N-VA en het radicaal-rechtse Vlaams Belang.
Een Joodse instelling in Antwerpen wordt bewaakt door militairen. Beeld: Arjan van Westen
Volgens Volders presenteert rechts zich strategisch als beschermer van Joden, net zoals het zich soms opportunistisch beroept op de rechten van lhbtq’ers. ‘Dan gaat het altijd over Arabische mensen, over islam als dreiging. Maar als het er echt op aankomt om Joden te beschermen, hebben we dat in het verleden niet gezien.’ Volgens haar is de solidariteit van rechts met Joden dan ook vaak onderdeel van een bredere anti-islamagenda.
Shachar waarschuwt dat ook Israëlisch rechts daar handig op inspeelt, door radicaal-rechtse Europese partijen politiek salonfähig te maken via warme banden met Israël. ‘Dan moet je je afvragen: is dat echt een alliantie die Joden in Europa veiliger maakt?’
Voor beiden spreekt hun betrokkenheid bij de Palestijnse zaak vanzelf. Volders: ‘Mijn voorouders zijn zelf zondebok geweest. Ik voel dat direct als ik zie dat andere groepen zo worden behandeld.’ Shachar vult aan dat hij zich als Israëliër extra verantwoordelijk voelt. ‘Niet alleen tegen de criminele acties van Israël en haar racistische zionistische ideologie zijn, maar er ook iets tegenover zetten.’
Beeld: Monique Schoutsen
Alledaagse verbondenheid
Is er een alternatief voor militairen om de Joodse gemeenschap te beschermen? Shachar: ‘Ik wil dat België, net als Spanje, een positie inneemt tegen oorlogen in Iran, Libanon en Gaza en meer investeert in onderwijs en welvaart die veiligheid echt garanderen, in plaats van in meer wapens en gewapende krachten.’
Volgens Volders zit de oplossing niet in meer militairen of nog zichtbaardere beveiliging, maar juist in meer contact, kennis, mediawijsheid en wederzijds begrip. Antwerpen, zegt ze, is in de praktijk vaak minder verdeeld dan van buitenaf wordt gedacht. In de nasleep van het overlijden van een negenjarig jongetje dat in de Joodse wijk door een politieauto werd aangereden op een oversteekplaats, zag ze vorig jaar zomer hoe buurtbewoners, ook islamitische, benadrukten dat ze hier al jaren vreedzaam samenleven. Niet voor niets heet een van de buurten in en rond de Joodse wijk Harmonie. Problemen zijn er zeker, zegt Volders, maar er bestaat ook zoiets als alledaagse verbondenheid, en juist die blijft in het verhitte debat vaak buiten beeld.
Gisteren zijn opnieuw drie Arabische journalisten gedood door Israël. Daarmee komt het totaal op 265 doden, waarvan 262 in Gaza. Bij een Israëlische droneaanval in het westen van Gaza-Stad kwam Mohammad Wishah om het leven, correspondent voor Al Jazeera sinds 2018.
Ook in Libanon kwamen twee journalisten om bij de hevigste bombardementen tot nu toe, waarbij naar schatting meer dan 250 doden vielen: Ghada Dayekh van Sawt Al-Farah en Suzan Khalil van Al-Manar TV en Al-Nour Radio, meldt Al Jazeera.
Mohammad Wishah reed in een auto aan de kust in Gaza-Stad toen een Israëlisch precisiebombardement zijn leven beëindigde. Israël heeft het vanaf het begin van de genocidale oorlog tegen Palestijnen speciaal gemunt op journalisten, meldt Al Jazeera, dat tot nu toe tientallen collega’s heeft moeten begraven.
Het nieuwsbedrijf veroordeelt deze ‘krankzinnige misdaad’ opnieuw. ‘Dit vormt een nieuwe en flagrante schending van alle internationale wetten en normen en weerspiegelt een voortgezet en systematisch beleid van aanvallen op journalisten om daarmee het zwijgen op te leggen aan de ogen en oren van de waarheid in Gaza,’ aldus de verklaring van Al Jazeera.
Ook laat dit volgens de nieuwszender zien dat het ‘staakt-het-vuren’ in Gaza geen enkele betekenis heeft als zulke straffeloze aanvallen kunnen plaatsvinden.
Over de vermoorde journalisten in Libanon stelt het Comité ter Bescherming van Journalisten het volgende: ‘Journalisten worden in een tempo en op een schaal vermoord die het geweten van de wereld zouden moeten schokken. Dit zijn geen geïsoleerde tragedies; ze weerspiegelen een systematisch falen om de meest fundamentele bescherming te handhaven waarop burgerjournalisten volgens het internationaal recht recht hebben.’
Onze site gebruikt cookies en vergelijkbare technologieën onder andere om u een optimale gebruikerservaring te bieden. Ook kunnen we hierdoor het gedrag van bezoekers vastleggen en analyseren en daardoor onze website verbeteren.
Deze website gebruikt cookies om uw gebruikservaring op deze website te verbeteren. Van deze cookies worden cookies aangemerkt als "Noodzakelijk" in uw browser bewaard, deze cookies zijn essentieel voor het functioneren van de website. Bijvoorbeeld het opslaan van uw keuze of u wel of geen cookies wilt hebben. Wij maken ook gebruik van cookies van derde partijen die ons helpen met het analyseren en begrijpen van de gebruik van deze website door u. Deze cookies worden alleen gebruikt als u daar toestemming toe geeft. U heeft ook de mogelijkheid om uzelf uit te sluiten voor deze cookies. Dit zal echter effect hebben op uw gebruikerservaring.
Noodzakelijke cookies zijn absoluut nodig voor het functioneren van de website. De cookies in deze categorie zorgen alleen voor de veiligheid en het functioneren van deze website . Deze cookies bewaren geen persoonlijke gegevens
Deze cookies zijn niet strict noodzakelijk, maar ze helpen de Kanttekening een beter beeld te krijgen van de gebruikers die langskomen en ons aan te passen aan de behoeftes van onze lezers. Hiervoor gebruiken wij tracking cookies. Bij het embedden van elementen vanuit andere websites zullen er door deze sites ook cookies worden gebruikt.