Suriname staat volgende week, op 1 juli, stil bij de 163-jarige herdenking én viering van de afschaffing van de trans-Atlantische slavernij. In de hoofdstad Paramaribo komen Surinamers bijeen bij het standbeeld Kwaku. Zo meldt de Waterkant.
Dit jaar wil de organisatie Stichting Comité Herdenking Afschaffing Slavernij en Onderzoek naar het Slavernijverleden extra nadruk leggen op de VN-resolutie waarin slavernij als de ‘ernstigste misdaad tegen de menselijkheid’ is aangenomen.
1 juli 1863 is de officiële datum van de afschaffing van de slavernij, maar in Suriname werd die nog eens met tien jaar verlengd, tot 1873, als ‘schadeloosstelling’ voor de plantagehouders die hun inkomsten verloren. De slavenhouders zijn de enige groep die tot nu toe een financiële compensatie heeft ontvangen. Slachtoffers, nabestaanden en nazaten van tot slaaf gemaakten hebben die nooit gekregen.
In Nederland gaan al lange tijd stemmen op om ook de ware slachtoffers van de slavernij en hun nabestaanden schadeloos te stellen voor de misdaden die toen zijn begaan. Volgens de activist Regillio Vaarnold schiet de 200 miljoen euro die na de excuses van Mark Rutte beschikbaar werd gesteld tekort. In een interview met de Kanttekening in 2022 stelde hij dat het bedrag volgens zijn berekeningen 20 miljard euro zou moeten zijn.
De jarenlange oproep van vele Nederlandse moslims en moskeeën voor meer aandacht voor moslimhaat lijkt te worden gehoord. De Tweede Kamer komt binnenkort voor het eerst plenair bijeen om te spreken over de recente gewelds- en vandalisme-incidenten bij moskeeën.
D66-Kamerlid Mpanzu Bamenga spreekt zich op LinkedIn uit over de toenemende aanvallen op de moslimgemeenschap in Nederland. ‘De aanvallen op moskeeën die we de laatste tijd hebben gezien, maken mij ernstig bezorgd. Vernielingen, bekladdingen, regelrechte intimidaties. Deze acties lijken maar één doel te hebben: moslims het gevoel geven dat er geen plek voor hen is in Nederland’, zegt hij.
Hij heeft samen met zijn collega Mahjoub Mathlouti (ook D66) Kamervragen gesteld. Zij willen weten of er een ‘patroon’ is van ‘gerichte aanvallen met een discriminerend karakter’. Ook vinden zij het belangrijk om met belangenorganisaties in gesprek te gaan en blijvend in kaart te brengen hoeveel aanvallen er plaatsvinden.
Voor Bamenga is het tijd voor ‘actie’: ‘In dit land heeft iedereen de vrijheid om zichzelf te zijn. Dat laten wij ons niet afpakken.’ Nederlanders moeten volgens hem beter hun best doen om de gevoelens van onveiligheid onder Nederlandse moslims te bestrijden. ‘Niemand mag zich in Nederland onveilig voelen vanwege zijn of haar geloof. De veiligheid van moslims in Nederland moet daarom nu vooropstaan’, aldus Bamenga die samen met collega’s van Denk en Volt een debat over moslimdiscriminatie heeft aangevraagd.
Opvallend genoeg kreeg dat verzoek wel steun van coalitiepartij CDA (naast Pro, PvdD, ChristenUnie, SP, D66, Volt en Denk), maar niet van de VVD en de partijen rechts daarvan. In een reactie aan de Kanttekening zegt Bamenga het vreemd te vinden dat geweld en vernielingen bij moskeeën door de media vaak worden omschreven als ‘vandalisme’
De Tweede Kamer heeft dinsdag 120.000 steunkaarten ontvangen met de oproep om zogenoemde gewortelde asielkinderen in Nederland te laten blijven.
De kaartenactie is opgezet door Kerkasiel Kampen, samen met kerken, Amnesty International Nederland en andere maatschappelijke organisaties.
Met de actie vragen de initiatiefnemers aandacht voor ongeveer 420 kinderen van asielzoekers die al jarenlang in Nederland wonen, hier naar school gaan en een sociaal leven hebben opgebouwd, maar desondanks het risico lopen te worden uitgezet. De steunkaarten droegen de boodschap: ‘Laat ze blijven’.
Voorafgaand aan de overhandiging verzamelden enkele honderden mensen zich op het Malieveld in Den Haag voor een manifestatie. Daar spraken vertegenwoordigers van verschillende kerken en maatschappelijke organisaties zich uit voor een menselijker asielbeleid. Vervolgens werden de kaarten in tientallen postzakken naar de vaste Kamercommissie voor Asiel en Migratie gebracht.
De actie komt voort uit het initiatief van Kerkasiel Kampen, dat sinds november 2024 onderdak biedt aan de met uitzetting bedreigde familie Babayants uit Oezbekistan. Volgens de organisatoren laat de grote hoeveelheid steunkaarten zien dat er breed maatschappelijk draagvlak bestaat voor een oplossing voor kinderen die in Nederland zijn geworteld.
De initiatiefnemers hopen dat de politiek zich opnieuw buigt over de positie van deze kinderen. Volgens hen zouden kinderrechten en het belang van het kind zwaarder moeten meewegen bij beslissingen over verblijf en uitzetting.
De afgelopen tijd waren er opnieuw brandstichtingen en vernielingen bij moskeeën. Veel moslims maken zich zorgen over toenemende moslimhaat in ons land. Toch lijkt de aandacht vanuit politiek en media maar beperkt. Ons panel buigt zich over de vraag hoe dat komt.
Ruben Arnhem, docent
‘Het beschadigen van een geloofsgebouw is onacceptabel. Sterker nog: het beschadigen van andermans eigendom is altijd onacceptabel, ongeacht om welk gebouw het gaat.
We leven in een samenleving met mensen die verschillende overtuigingen, geloven, normen en waarden hebben. Juist daarom moeten we elkaars vrijheid en eigendommen respecteren. Een verschil van mening geeft niemand het recht om gebouwen te vernielen, te bekladden of te beschadigen.
Wat mij betreft wordt vandalisme tegen een moskee net zo serieus genomen als vandalisme tegen een kerk, synagoge of welk ander gebedshuis dan ook. In Nederland hebben we de vrijheid van godsdienst. Die vrijheid brengt ook de verantwoordelijkheid met zich mee om elkaar met respect te behandelen.
Laten we daarom niet kiezen voor vernieling en verdeeldheid, maar voor respect en samenleven. Dat is de basis van een sterke en vrije samenleving.’
Mostafa Hilali, militair’
‘Ik noem het niet eens meer islamofobie, maar gewoon wat het is: haat en terreur gericht tegen moslims. Varkenskoppen, bloed, hakenkruizen, leuzen op muren, haatbrieven en dreigbrieven. Het is allemaal voorbijgekomen. Toch was er telkens wel een reden om er politiek niet al te veel aandacht aan te besteden.
‘Het is alsof partijen het lastig vinden om zich uit te spreken’
Dat is wel een beetje de tendens rondom dit onderwerp. Het is alsof partijen het lastig vinden om zich uit te spreken en gewoon te zeggen: dit kan niet. De politieke stilte is niet onschuldig. Wat moet er gebeuren voordat we eindelijk kunnen en durven erkennen dat er sprake is van een probleem? Het doet me aan het boek Animal Farm van George Orwell denken. All animals are created equal, but some are more equal than others. En in dit geval, it’s not us.’
Ayala Levinger, softwareontwikkelaar
‘De beperkte aandacht voor branden bij moskeeën heeft te maken met islamofobie en de manier waarop moslims in het publieke debat vaak als probleemgroep worden neergezet. Jarenlange politieke retoriek over migratie en de islam heeft anti-moslimsentimenten genormaliseerd en zorgde ervoor dat incidenten tegen moslims minder snel dezelfde maatschappelijke verontwaardiging oproepen. Daarnaast zie je dat politici veel aandacht besteden aan antisemitisme. Antisemitisme is een ernstig probleem en moet bestreden worden. Maar wanneer de aandacht vrijwel uitsluitend daarop gericht is, raken andere vormen van haat en discriminatie, zoals islamhaat, onderbelicht.
Het grootste probleem vind ik echter de rol van de journalistiek. De pers hoort een waakhond van de democratie te zijn. Journalisten zouden politieke boodschappen kritisch moeten onderzoeken in plaats van ze simpelweg te herhalen. Als politici spreken over een stijging van antisemitisme, dan zouden journalisten moeten onderzoeken of het echt klopt, hoe wordt het gemeten en hoe zit het in verhouding tot andere vormen van haat en discriminatie. Ze zouden ook moeten kijken naar ontwikkelingen rond moslimhaat, geweld tegen moskeeën en andere incidenten die veel minder aandacht krijgen.’
Ahmed Abdillahi, postbezorger
‘Voor mij blijft het eerlijk gezegd moeilijk te begrijpen waarom een brand of vandalisme bij een moskee vaak minder aandacht krijgt dan bij een ander gebedshuis. Laatst was er in Rotterdam weer vandalisme bij een moskee. De burgemeester heeft dat veroordeeld, maar er is meer aandacht en duidelijkheid nodig.
‘In gesprekken hoor ik vaker harde opmerkingen en meer aversie richting moslims’
Wat mij betreft moeten we duidelijk zijn: haat en geweld tegen welke geloofsgroep dan ook horen niet thuis in onze samenleving. Dus ook niet tegen moslims. Ik maak me zorgen omdat ik merk dat negatieve gevoelens tegenover moslims steeds normaler lijken te worden. In gesprekken hoor ik vaker harde opmerkingen en meer aversie richting moslims. Dat is geen goede ontwikkeling.
De media en politiek moeten hier serieus aandacht aan besteden. Want als een moskee wordt aangevallen of beschadigd, raakt dat een hele gemeenschap. Moslims horen bij Nederland en gaan nergens heen. Daarom is het belangrijk dat we met elkaar in gesprek blijven en leren samenleven met respect voor elkaar, ondanks onze verschillen.
Als we vrijheid van geloof belangrijk vinden, dan moeten we ieder gebedshuis beschermen en iedere vorm van haat even serieus nemen.’
Yunus Kaplan, docent maatschappijleer
‘Moskeeën in Nederland worden nog te vaak niet worden gezien als plekken waar iets mee aan de hand is, in plaats van bescherming nodig hebben.
‘Bij moskeeën wordt het vaak kleiner gemaakt’
Als een gebedshuis wordt bedreigd, zou de reflex simpel moeten zijn: mensen moeten daar veilig kunnen bidden en samenkomen. Maar bij moskeeën wordt het vaak kleiner gemaakt. Een incident. Vandalisme. Iets lokaals.
Dat komt niet uit het niets. Moslims worden in het publieke debat vaak aangesproken op problemen, risico’s en loyaliteit. Minder vaak worden zij gezien als burgers die zelf kwetsbaar zijn. De vraag is dus niet waarom er wél ophef is bij anderen. Die ophef hoort er te zijn. De vraag is waarom die reflex bij moslims zo zwak blijft.’
De humanitaire situatie in Myanmar verslechtert in hoog tempo. Dat blijkt uit een nieuw rapport van de Verenigde Naties, waarin wordt gewaarschuwd voor toenemend geweld door het leger en een sterke afname van internationale hulp aan de bevolking.
Volgens de VN zijn in een periode van zes maanden meer dan 700 burgers om het leven gekomen door toedoen van het Myanmarese leger. Het grootste deel van de slachtoffers viel bij luchtaanvallen op burgerdoelen. Onder de getroffen locaties bevonden zich onder meer een boeddhistisch festival en een theehuis waar mensen bijeen waren gekomen om naar een voetbalwedstrijd te kijken.
Myanmar verkeert sinds de militaire staatsgreep van 2021 in een diepe politieke en humanitaire crisis. Het leger zette destijds de democratisch gekozen regering af en greep de macht. Sindsdien woedt een burgeroorlog tussen de junta en verschillende verzetsgroepen. De VN stelt dat het leger bombardementen inzet om de bevolking te intimideren en steun voor oppositiegroepen te ontmoedigen.
Naast het geweld baart ook de afname van humanitaire hulp zorgen. Volgens het VN-rapport worden hulporganisaties belemmerd door militaire blokkades, terwijl internationale bezuinigingen hebben geleid tot minder steun voor ontheemden, onderwijsprojecten en psychosociale zorg. In sommige gevallen zijn hulpprogramma’s zelfs volledig stopgezet.
VN-mensenrechtenchef Volker Türk waarschuwt dat de bevolking van Myanmar dreigt te worden vergeten door de internationale gemeenschap. Hij roept landen en donoren op hun steun niet verder af te bouwen en verantwoordelijkheid te nemen voor de miljoenen mensen die afhankelijk zijn van hulp.
Het Arab Film Festival zette dit jaar bewust Syrische sterren in het zonnetje. Volgens de organisatoren kunnen succesvolle Syriërs een voorbeeld zijn voor andere Syriërs in Nederland. ‘We zijn misschien nog niet zo ver als andere migrantengemeenschappen, maar we komen er wel.’
Galajurken, rode lopers en heel veel camera’s vulden vorige week de foyer van het Rotterdamse filmhuis LantarenVenster tijdens de openingsavond van het 26e Arab Film Festival. Uitgedoste mannen en vrouwen verzamelden zich rondom hun sterren van het Arabische doek. Die avond liepen bekende acteurs als Dima Khandaleft, Jihad (Jay) Abdou en Lebleba gewoon rond in het kleine pand op de Kop van Zuid in Rotterdam, welwillend om te poseren met de diaspora uit het moederland.
‘Ik kom voor Dima Khandaleft, ze heeft zoveel talent’, vertelt Rayan, een Syrische Nederlander van 32. Samen met haar vriendinnen is ze uit Haarlem naar Rotterdam gekomen om haar favoriete sterren te ontmoeten. ‘Ik had haar nog nooit in het echt gezien, alleen op televisie. Het is echt geweldig om haar hier te zien.’ Een foto met de filmster lukte niet; Khandaleft was al snel weer weg. Maar dat mocht de pret niet drukken voor de dames. ‘In Haarlem valt niet zo veel te beleven’, lachen ze.
Even verderop staan Abdul en zijn vrouw Maysa. Strak in de lak en tot in de puntjes gestyled doen ze niet onder voor de sterren om zich heen. Ze stralen succes uit. ‘Ik ben dokter’, vertelt Abdul, waarna hij eraan toevoegt dat hij is uitgenodigd door de organisatie. Ondertussen neemt zijn vrouw positie in om met de juiste personen op de achtergrond op de foto te komen. ‘Hier zijn bijna alleen maar Syriërs’, lacht hij.
‘Ik ben dokter’
Het is geen toeval. De organisatie van het Arab Film Festival koos er dit jaar bewust voor om de nadruk te leggen op Syrië. Vanwege de gebeurtenissen in Syrië zelf, maar ook om de Syrische gemeenschap in Nederland eens in het zonnetje te zetten. ‘De media komen heel snel kijken als het fout gaat, maar het gaat misschien maar in een paar gevallen fout. We hebben misschien wel 30.000 verhalen over Syriërs waarbij het goed gaat’, vertelt artistiek directeur van het festival Rosh Abdelfatah, zelf een Syrische Nederlander.
Syrische rolmodellen
Op de vlaggen die het publiek stilletjes verwelkomen, staan voorbeelden van deze succesverhalen: portretten van succesvolle Syriërs met een korte beschrijving van wat ze hebben bereikt: marketingmanager, dokter of muzikant. ‘Deze portretten staan ook op sociale media en zijn duizenden keren bekeken. We hebben ze neergezet als rolmodellen, om andere Syrische jongeren te laten zien dat je kunt slagen, ondanks de problemen die je ervaart’, vertelt Abdelfatah.
Content creator in gesprek met een gast op het Arab Film Festival. Beeld: Majorie van Leijen
Hij is niet de eerste die het belang van rolmodellen uit de eigen gemeenschap benadrukt. Vooral voor jongeren die in Nederland terechtkomen, kunnen succesverhalen van andere Syrische Nederlanders die eerder hetzelfde traject hebben doorlopen een voorbeeld zijn van wat mogelijk is, schrijven verschillende onderzoekers.
Zo concludeert Max Visser van de Radboud Universiteit Nijmegen in 2024 dat begeleiding door mentoren en sleutelfiguren met een vergelijkbare culturele achtergrond een grote rol speelt bij het helpen van nieuwkomers om de Nederlandse samenleving beter te begrijpen. Zij geven niet alleen praktische informatie over onderwijs, werk en regelgeving, maar helpen jongeren ook bij het opbouwen van zelfvertrouwen, meent hij.
Vooral voor Syrische jongeren is herkenning extra belangrijk, schreef onderzoeker Rik Huizinga van de Rijksuniversiteit Groningen in 2022. Gevoelens van erbij horen hangen sterk samen met sociale contacten, erkenning en zichtbare voorbeelden van succesvolle participatie in de samenleving. Wanneer jongeren mensen ontmoeten die dezelfde achtergrond hebben en inmiddels studeren, werken of maatschappelijk actief zijn, wordt de afstand tussen hun huidige situatie en hun toekomst kleiner, concludeerde hij.
Nederlandse nieuws vertalen
Een goed voorbeeld van zo’n rolmodel is Ahmad Hamwi. Gevraagd wie ertoe doet in de lobby van het Arab Film Festival, wijzen Rayan en haar vriendinnen direct naar ‘Mr. Leiden’. ‘Iedereen kent hem.’
Zijn bijnaam heeft hij te danken aan de stad waar hij woont, maar het zegt niets over zijn reikwijdte. Hij is een bekendheid op sociale media, een Syrische influencer met 152.000 volgers op zijn Instagram-account. Dat heeft hij te danken aan zijn Arabische vertalingen van het Nederlandse nieuws.
Mr. Leiden. Beeld: Majorie van Leijen
‘Ik ben hier een aantal jaar geleden mee begonnen en had eigenlijk niet verwacht dat het zo groot zou worden’, vertelt hij trots. ‘Heel veel mensen lezen geen nieuws en missen daardoor veel informatie, bijvoorbeeld over de nieuwe migratieregels. Met mijn vertalingen informeer ik de Syrische gemeenschap.’
‘Iedereen kent hem’
Zelf moest hij ook vanaf nul beginnen toen hij in 2015 in Nederland asiel aanvroeg. ‘Dat was moeilijk. Maar vanaf het moment dat het kon, heb ik keihard gewerkt. Ik draaide vijf jaar lang nachtdiensten, zodat ik overdag kon studeren en mijn studie kon bekostigen. Ik werkte als vrachtwagenchauffeur terwijl ik een masteropleiding marketing volgde. Pas toen ik was geslaagd, stopte ik met ’s nachts werken en kon ik me richten op wat ik wilde doen.’
Of hij zich bewust is van zijn voorbeeldrol? ‘Zeker weten’, zegt hij. ‘Ik doe dit ook echt voor nieuwkomers. Ik geef ze tips over de regels in Nederland, over wat wel en niet mag bijvoorbeeld. Daarbij blijf ik altijd heel positief.’ Dat het voor veel Syrische jongeren niet makkelijk is om opnieuw te beginnen, begrijpt hij ook. ‘De eerste stap is altijd moeilijk, maar het is belangrijk om door te blijven gaan en je vooral niet te meten aan anderen. Je moet kijken naar wat je zelf kunt, naar je eigen niveau en tempo. Nederland biedt veel kansen, voor ieder persoon. Blijf je concentreren op een kans die bij jou past’, is zijn advies.
Vaderfiguur
Voorbeeldfiguren binnen de eigen Syrische gemeenschap kunnen vooral voor jongeren die alleen naar Nederland zijn gekomen een belangrijke rol vervullen, ziet ook het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC), dat onderzoek deed naar probleemjongeren in de asielketen.
‘Blijf je concentreren op een kans die bij jou past’
Hierbij duiken steeds vaker Syrische jongeren op: rondreizende, alleenstaande asielzoekers die verschillende Europese steden aandoen en zich nergens echt kunnen vestigen. Deze jongeren hebben vaak geen stabiele gezinssituatie in Nederland. Ze missen een vaderfiguur of een oom die hen een beetje in de gaten houdt, staat in het onderzoeksrapport.
Juist het gebrek aan voorbeeldfiguren maakt dat jongeren zich anoniem wanen, en dan kunnen ze probleemgedrag gaan vertonen, aldus de wetenschappers. In het onderzoek gaat het weliswaar om jongeren die nog in afwachting zijn van hun asielbesluit, maar ook zij zijn gebaat bij steun vanuit de Syrische gemeenschap die hen voorging en inmiddels gesetteld is, meent Sanne Noyon van het WODC.
Contrast
Als de sterren verdwenen zijn en de sociale-mediacontent is geüpload, begint in LantarenVenster het filmfestival. Openingsfilm is de documentaire Chronicles from the Siege – een compilatie van verhalen van gewone mensen in het Palestijnse vluchtelingenkamp Yarmouk, dat maandenlang werd belegerd door het Assad-regime. De overgang van succesvolle Syriërs naar het uitzichtloze leven van deze vluchtelingen is wrang. Maar ook dit is werkelijkheid, zegt Abdelfatah. ‘Je kunt niet om conflict heen.’
Beeld: Majorie van Leijen
Toch hoopt hij dat het festival de Syrische gemeenschap vooruithelpt. ‘Onder hen zijn veel jonge filmmakers die hier op school zitten of nu afstuderen. We willen deze jongeren helpen om verder te komen in de filmindustrie, bijvoorbeeld door ze in contact te brengen met andere filmmakers.’
‘Deze aandacht voor onze gemeenschap is heel bijzonder’, erkent Hamwi. ‘Dit geeft ons de kans om te laten zien wat we kunnen. Kunst en cultuur spelen een grote rol in ons land, in het Syrië van vóór de oorlog. We zijn misschien nog niet zo ver als andere migrantengemeenschappen in Nederland, maar we komen er wel. Syriërs staan bekend om hun harde werk. We hebben gewoon een beetje tijd nodig.’
Terwijl de coalitie van vijf partijen (PRO, D66, VVD, CDA en Volt) in de Rotterdamse gemeenteraad rond is, klinkt er nu kritiek op de voorlopige samenstelling van het college. Van de tien gekozen wethouders is er waarschijnlijk slechts één bicultureel, schrijft het AD.
Devika Partiman, directeur van Stichting ‘Stem op een Vrouw’, reageert in een bijdrage op LinkedIn verbijsterd op de selectie van de wethouders. Volgens haar is zo’n zes op de tien inwoners van Rotterdam bicultureel en is de selectie geen goede afspiegeling van de Rotterdamse samenleving.
‘Dat je denkt dat dat kan, en dat trots kan presenteren, is beschamend en neokoloniaal. Eerder deze week kwam al in het nieuws dat we weer afstevenen op landelijk max zo’n 30 procent vrouwelijke wethouders. En dan hebben we het nog niet over biculturaliteit. En ook regelmatig met ‘hulp’ van onze progressieve partijen die van zichzelf vinden dat ze het zo goed doen en het probleem bij de rest ligt. De hele sector moet zich schamen – maar vooral hier iets aan doen. Dit is geen volksvertegenwoordiging. Wanneer laten we dit achter ons?’
Volgens het AD heeft de voorlopige samenstelling binnen coalitiepartij D66 ‘voor stevige discussies gezorgd.’
D66-raadslid Joan Nunnely is kritisch op de selectie. ‘Een stadsbestuur met vrijwel uitsluitend witte mensen is wat mij betreft onacceptabel in 2026. Een diverse stad vraagt om een bestuur dat herkenbaar is voor haar inwoners. Representatie zou heel vanzelfsprekend moeten zijn,’ zegt zij tegen de krant.
Eerdere pogingen om een coalitie te vormen met PRO, D66, VVD en Denk mislukten aangezien de VVD besloot eruit te stappen, omdat een coalitie met PRO én Denk te links zou zijn voor de partij. Volt en CDA nemen nu de zetels in die Denk eerder zou innemen.
Volgens de krant is het nog niet bekend wat er staat in het coalitieakkoord, dat vrijdag wordt gepresenteerd. Eerder lekte wel uit welke plannen de partijen hadden voordat de VVD eruit stapte.
Zo wilden de partijen onder meer flink investeren in de aanpak van dakloosheid en de woningbouw, met een belangrijke rol weggelegd voor de woningcorporaties en een leegstandverordening. Ook wilden de partijen eerste stappen zetten op weg naar een autoluw centrum in 2040. Of deze punten overeind zijn gebleven in het nieuwe coalitieakkoord, wordt pas vrijdag duidelijk.
Het Israëlische leger voerde in drie maanden tijd zeker dertig keer meervoudige aanvallen uit in Zuid-Libanon, vaak op medisch personeel. Dat blijkt uit onderzoek van NRC.
Bij meervoudige aanvallen, of double taps, wordt een eerste bombardement of beschieting opgevolgd door een tweede en soms meer. Daarbij worden vaak omstanders, hulpverleners of journalisten die te hulp schieten geraakt, waarbij zij worden gedood of gewond geraakt. Het opzettelijk aanvallen van burgers, journalisten die verslag doen en hulpverleners die na een aanval hulp proberen te bieden is een oorlogsmisdrijf.
Op 15 april werden Libanese hulpverleners die een net getroffen ambulance te hulp schoten gebombardeerd toen zij het lichaam van hun getroffen collega in hun wagen legden. Meerdere aanvallen volgden.
Volgens NRC heeft het Israëlische leger tussen 2 maart en 2 juni dit jaar zeker dertig van dit soort aanvallen uitgevoerd in haar offensief tegen Hezbollah in Libanon. Hierbij werden tenminste 97 mensen gedood en raakten 164 gewond. Het leger lijkt het hierbij gemunt te hebben op medisch personeel, schrijft de krant. Bij zulke double taps werden minstens 28 hulpverleners gedood en raakten er 34 gewond.
Op basis van gegevens van conflictmonitor ACLED vond de krant ook dat het Israëlische leger in dezelfde periode tenminste 51 keer gerichte aanvallen uitvoerde op zorgverleners, ambulances en hulpposten. NRC voegt hieraan toe dat Israël regelmatig direct naast ziekenhuizen bombardeert, waarbij zorgpersoneel wordt geraakt en ziekenhuizen zwaar worden beschadigd.
In een reactie ontkent het Israëlische leger dat het double taps toepast om ambulances, medisch personeel of hulpdiensten te raken. Hoewel het toegeeft soms meerdere keren op hetzelfde doel te vuren, beweert het geen medisch personeel, maar alleen militaire doelen aan te vallen. Volgens de krant staat deze verklaring ‘haaks op die van talloze ooggetuigen, Libanese verslaggeving, de conclusies van NRC en geraadpleegde experts.’
Bijna tachtig jaar na een van de gruwelijkste misdaden in de Tweede Wereldoorlog, de Amerikaanse atoombommen op Hiroshima en Nagasaki, is een Japans egodocument teruggevonden over de dagen na de aanval op Hiroshima. De overlevende Kiyoshi Tanimoto schreef zijn memoires in 1947. Het boek – dat in Amerikaanse archieven werd ontdekt – verschijnt in augustus en zal later worden verfilmd. Dat meldt de Britse krant The Guardian.
Het gaat om een document van 230 pagina’s, waarin de onmiddellijke vernietiging van de stad Hiroshima is opgetekend. Voor de verfilming van het boek wordt Takehiro Hira genoemd, een van de hoofdrolspelers in de HBO-serie Shogun.
De Verenigde Staten wierpen twee atoombommen op Japan, officieel om een einde te maken aan de Tweede Wereldoorlog. Critici stellen echter dat de Amerikanen hun nieuwe massavernietigingswapen wilden testen en tegelijk een boodschap wilden afgeven aan de Sovjet-Unie, die destijds ook bezig was met de ontwikkeling van een eigen atoombom.
De eerste nucleaire aanval ter wereld verwoestte Hiroshima. In één klap verloren ongeveer 120.000 mensen het leven. Verminkte en verbrande lichamen waren het directe gevolg van de explosie en de blootstelling aan straling. Drie dagen later werd ook Nagasaki getroffen door een atoombom, waarbij ongeveer 70.000 mensen omkwamen.
Niet veel later, op 15 augustus, gaf Japan zich over.
Op de lange termijn leidde de straling tot duizenden extra sterfgevallen door kanker en andere ziekten. Geschat wordt dat in totaal meer dan 200.000 mensen zijn overleden als gevolg van de directe en indirecte gevolgen van de bombardementen, waaronder de langdurige effecten van straling op de gezondheid.
De Europese Unie ontvangt vandaag in een hotel in Brussel vijf vertegenwoordigers van de Taliban-regering. Volgens Nu.nlwil de EU afspraken maken over de terugkeer van afgewezen Afghaanse asielzoekers.
Nederland maakt deel uit van een groep Europese landen die heeft geijverd voor contact met de Taliban. Ambtenaren van de Europese Commissie hebben in januari al een eerste bezoek aan Kaboel afgelegd.
Mensenrechtenorganisaties zijn kritisch op het bezoek van de Taliban aan Brussel. Zij wijzen erop dat de Taliban de rechten van vooral vrouwen en meisjes sterk beperken en vrezen dat Europa het regime hiermee meer legitimiteit geeft.
Ook waarschuwen zij voor de gevolgen van uitzettingen naar Afghanistan. Uit een VN-rapport van vorig jaar blijkt dat veel Afghanen die vanuit het buitenland terugkeerden, te maken kregen met willekeurige arrestaties, detentie, marteling en mishandeling. Volgens critici loopt de EU het risico haar internationale verplichtingen te schenden als mensen worden teruggestuurd naar een land waar zij gevaar lopen, schrijft de Britse krant The Guardian.
De relatie tussen de Taliban en het Westen wordt gekenmerkt door een lange geschiedenis van conflict en wederzijds wantrouwen. Tijdens de Sovjetbezetting van Afghanistan in de jaren tachtig steunden de Verenigde Staten verschillende Afghaanse verzetsgroepen. De Taliban bestonden toen nog niet, maar ontstonden enkele jaren later uit de chaos die volgde op de burgeroorlog. Sommige onderzoekers zien een indirect verband tussen de buitenlandse steun aan de moedjahedien en de latere opkomst van de Taliban.
Na de aanslagen van 11 september 2001 vielen de Verenigde Staten Afghanistan binnen omdat de Taliban onderdak boden aan Al Qaida-leider Osama bin Laden. Na de terugtrekking van de Amerikaanse troepen in 2021 namen de Taliban opnieuw de macht over, waarna de discussie over internationale erkenning van het regime weer oplaaide.
Onze site gebruikt cookies en vergelijkbare technologieën onder andere om u een optimale gebruikerservaring te bieden. Ook kunnen we hierdoor het gedrag van bezoekers vastleggen en analyseren en daardoor onze website verbeteren.
Deze website gebruikt cookies om uw gebruikservaring op deze website te verbeteren. Van deze cookies worden cookies aangemerkt als "Noodzakelijk" in uw browser bewaard, deze cookies zijn essentieel voor het functioneren van de website. Bijvoorbeeld het opslaan van uw keuze of u wel of geen cookies wilt hebben. Wij maken ook gebruik van cookies van derde partijen die ons helpen met het analyseren en begrijpen van de gebruik van deze website door u. Deze cookies worden alleen gebruikt als u daar toestemming toe geeft. U heeft ook de mogelijkheid om uzelf uit te sluiten voor deze cookies. Dit zal echter effect hebben op uw gebruikerservaring.
Noodzakelijke cookies zijn absoluut nodig voor het functioneren van de website. De cookies in deze categorie zorgen alleen voor de veiligheid en het functioneren van deze website . Deze cookies bewaren geen persoonlijke gegevens
Deze cookies zijn niet strict noodzakelijk, maar ze helpen de Kanttekening een beter beeld te krijgen van de gebruikers die langskomen en ons aan te passen aan de behoeftes van onze lezers. Hiervoor gebruiken wij tracking cookies. Bij het embedden van elementen vanuit andere websites zullen er door deze sites ook cookies worden gebruikt.