Home Blog

Beelden tonen aan dat Israëlische soldaat baby Sam doodschoot in een stilstaande auto

0

De Israëlische mensenrechtenorganisatie Btselem heeft nieuwe beelden vrijgegeven van een Palestijnse familie die in hun auto in Hebron onder vuur werd genomen door een Israëlische soldaat. De zeven maanden oude baby Sam Abu Haikal kwam daarbij om het leven en zijn moeder raakte ernstig gewond. De nieuwe beelden tonen aan dat de auto daarbij stil stond, in tegenstelling tot een eerdere verklaring door het leger,  schrijft de Gelderlander.

Volgens het Israëlische leger schoot een soldaat afgelopen vrijdag op hun auto om dat deze op hem afkwam. Maar nieuwe beelden en de verklaring van de vader van Sam spreken die lijn tegen.

Het gezin uit Bethlehem op de door Israël bezette Westelijke Jordaanoever was onderweg naar Hebron (al-Khalil) toen ze moesten stoppen voor Israëlische soldaten die op de weg stonden. De vader verklaarde dat hij de auto meteen stilzette en zijn handen op het stuur legde, waarna de soldaat op hen schoot. Dat wordt bevestigd door camerabeelden van de auto

Volgens de vader had het voor de soldaat overduidelijk moeten zijn dat het om een gezin ging. Baby Sam werd dodelijk getroffen in zijn hoofd. Zijn moeder werd in haar gezicht geraakt en moest naar het ziekenhuis.

Op een tweede video die op de site van Btselem is gepubliceerd, is te zien dat de soldaten het gezin, met de ernstig gewonde baby en moeder, niet te hulp schoten. Volgens Btselem gingen de soldaat die het vuur had geopend en een andere soldaat ervandoor, terwijl omstanders probeerden de zwaargewonde baby en de bloedende ouders te helpen.

Volgens de directeur van Btselem, Yuli Novak, heeft ‘de immuniteit die Israël van de internationale gemeenschap geniet geleid tot een realiteit waar, onder Israëlisch gezag, Palestijnse levens niets waard zijn, zelfs dat van een zeven maanden oude baby.’

De Gelderlander schrijft op basis van cijfers van de Verenigde Naties dat sinds het begin van de genocide in oktober 2023 al ruim duizend Palestijnen zijn gedood op de bezette Westelijke Jordaanoever en in Oost-Jeruzalem. Volgens cijfers van de Israëlische organisatie Yesh Din werd in minder dan één procent van de gevallen waarbij een Israëlische militair werd beschuldigd van geweld tegen Palestijnen, daadwerkelijk een aanklacht ingediend.

Canada wil Somalische scheidsrechter toch nog laten fluiten

0

De Somalische scheidsrechter Omar Abdulkadir Artan mocht de Verenigde Staten niet in. Toch zou hij eventueel nog kunnen fluiten voor de wedstrijden die in Canada worden gespeeld.

Hiervoor moet de FIFA nog wel over de brug komen. En dat is met de pro-Amerikaanse voorzitter Gianni Infantino nog zeer de vraag, aldus Newsweek.

Canadese politici hebben openlijk verklaard dat de Somalische scheidsrechter welkom is bij het WK in Canada. Maar het is de vraag of dit geitenpadje daadwerkelijk positief zal uitpakken voor Artan. De wereldvoetbalbond FIFA moet meewerken en de stricte FIFA-structuren voor scheidsrechters aanpassen, hetgeen een confrontatie met het Trump-regime kan uitlokken. Vermoedelijk zal Infantino daarvoor bedanken.

De 34-jarige Artan zou de eerste Somalische scheidsrechter op een WK zijn. Hij is na zijn weigering door de VS als een held ontvangen in zijn vaderland. ‘De ambitie van elke scheidsrechter is om naar het WK te gaan. Wanneer je geselecteerd bent (door de FIFA, die zich nu op de vlakte houdt, red.) dan voelt dat als waardering voor waar je zo hard voor hebt gewerkt,’ zei hij in een persverklaring. De Amerikaanse immigratiedienst heeft die droom nu uiteengespat.

Intussen gaan er steeds meer kritische stemmen op om het ‘racistische WK’ in de VS links te laten liggen. ‘Het WK is een beschamende vertoning waar je toch geen deel aan wilt nemen? Ga lekker naar huis en stop ermee nu het nog kan, er is nog niks verloren. Behalve dan een paar mensenrechten,’ reageert Peter Lucassen uit Oldenzaal vandaag in de Volkskrant.

‘Wie bepaalt eigenlijk wat als terrorisme wordt gezien’?’

0

Het kabinet-Jetten wil, na een omstreden deal van 380 miljoen euro voor ontwikkelingshulp, de wet tegen de ‘verheerlijking van terrorisme’ doorzetten. Antropoloog Martijn de Koning vreest dat die wet vooral mensen onder een vergrootglas legt die opkomen voor bijvoorbeeld de rechten van Palestijnen.

In ruil voor 380 miljoen euro extra voor ontwikkelingshulp zou D66 zijn verzet hebben laten varen tegen een VVD-wetsvoorstel dat het verheerlijken van terrorisme strafbaar stelt. Met het steeds rechtser en extremer worden van het parlement is D66 eigenlijk niet eens nodig om de wet tegen de zogenoemde ‘verheerlijking van terrorisme’ door de Kamer te krijgen, schrijft de Volkskrant, die ook de geschiedenis van het wetsvoorstel schetst.

‘Al in 2016 lanceerde het toenmalige CDA-Tweede Kamerlid Mona Keijzer een wet om het verheerlijken van terrorisme strafbaar te stellen. Het ging haar om het actief verheerlijken of goedpraten van gewapende strijd en terreurdaden’, schrijft de Volkskrant.

Daarmee worden meestal islamistische terreurdaden bedoeld, omdat die binnen rechtse politieke kringen vaak het dominante referentiekader vormen. Critici wijzen erop dat geweld of misdrijven van staten als Israël of de Verenigde Staten doorgaans niet als terrorisme worden beschouwd. Vorig jaar nam de Tweede Kamer bovendien een motie aan die opriep om activisten van ‘antifa’ officieel als leden van een terroristische organisatie te bestempelen.

Beeld: Martijn de Koning

Dit wetsvoorstel vindt zijn oorsprong in de strijd tegen islamistisch terrorisme, in de periode dat Nederlanders naar Syrië en Irak afreisden. Martijn de Koning, universitair hoofddocent antropologie aan de Radboud Universiteit, deed destijds veel onderzoek naar dat fenomeen. Tegenwoordig doet hij onder meer onderzoek naar discriminatie van moslims (islamofobie) en activisme onder moslims. Net als diverse pro-Palestijnse organisaties, waaronder PAX, The Rights Forum en Plant een Olijfboom, is hij kritisch op de wet.

Waarom bent u kritisch op deze wet?

‘Een wet die het verheerlijken van terroristische misdrijven strafbaar stelt, lijkt op het eerste gezicht vanzelfsprekend. We willen immers voorkomen dat geweld tegen burgers wordt aangemoedigd of gevierd. Toch roept deze wet een belangrijke vraag op: wie bepaalt eigenlijk wat als terrorisme wordt gezien?’

Hoe zou u zelf die vraag beantwoorden?

‘Onderzoekers binnen de zogeheten critical terrorism studies wijzen erop dat terrorisme geen neutrale term is. Door de geschiedenis heen werd geweld van gekoloniseerde bevolkingen vaak aangeduid als terrorisme, terwijl geweld van staten eerder werd voorgesteld als ordehandhaving, veiligheid of zelfverdediging. Volgens deze onderzoekers werkt die geschiedenis nog altijd door in hedendaagse politieke debatten.’

‘Mensen gaan zichzelf censureren’

‘Dat zien we bijvoorbeeld in discussies over Palestina. Geweld van Palestijnen wordt vaak vrijwel onmiddellijk als terrorisme benoemd. Geweld van de Israëlische staat wordt daarentegen doorgaans beschreven als zelfverdediging, militaire operaties, veiligheidsmaatregelen of terrorismebestrijding. Daarmee verdwijnt de bredere context van bezetting, onteigening en militaire overheersing gemakkelijk uit beeld.’

Kan deze wet ook Nederlandse moslims raken, los van de Palestijnse kwestie?

‘Sinds 11 september 2001 zijn moslimgemeenschappen steeds vaker onderwerp geworden van toezicht, monitoring en preventief veiligheidsbeleid. Daardoor zijn moslims in het publieke debat regelmatig niet alleen burgers, maar ook potentiële veiligheidsrisico’s geworden. Tegen die achtergrond roept de nieuwe wet vragen op over de grenzen van politieke meningsuiting. Zou iemand die stelt dat Oekraïners zich met geweld mogen verzetten tegen een bezetting worden gezien als iemand die een bevrijdingsstrijd ondersteunt? En zou iemand die hetzelfde zegt over Palestijnen sneller het verwijt krijgen terrorisme te verheerlijken?

‘Dat betekent niet dat het bestrijden van terroristisch geweld geen legitiem doel is’

De kern van de zorg is niet dat grote aantallen mensen zullen worden vervolgd. Veel waarschijnlijker is een zogenoemd chilling effect: mensen gaan zichzelf censureren, omdat onduidelijk is waar de grens precies ligt. Studenten, journalisten, wetenschappers, kunstenaars en activisten kunnen ervoor kiezen gevoelige onderwerpen te vermijden om beschuldigingen of juridische problemen te voorkomen.’

Die gevoelige onderwerpen hebben vooral betrekking op gemarginaliseerde groepen.

‘Voor organisaties die zich bezighouden met Palestina, antiracisme, moslimrechten, vluchtelingenwerk of vredesactivisme kan dit betekenen dat zij vaker onderwerp worden van veiligheidsaandacht, zelfs wanneer zij geweld expliciet afwijzen. De aandacht verschuift dan van wat mensen doen naar wat zij denken, zeggen of met wie zij zich solidair verklaren. Dat betekent niet dat het bestrijden van terroristisch geweld geen legitiem doel is. De vraag is echter of een wet die formeel voor iedereen gelijk geldt, in de praktijk ook daadwerkelijk gelijk uitwerkt.

Wanneer terrorisme een politiek omstreden begrip blijft, bestaat het risico dat sommige vormen van solidariteit, verzet of politieke betrokkenheid sneller door een veiligheidsbril worden bekeken dan andere. De fundamentele vraag die de nieuwe wet oproept, is daarom niet alleen hoe we terrorisme bestrijden, maar ook hoe we voorkomen dat legitieme politieke meningsuiting, solidariteit en democratische participatie onderdeel worden van hetzelfde veiligheidsdomein.’

‘Zelfs huilen is anders in het Tamazight’

Najib Elyandouzi is fietsenmaker en dichter. Zijn net verschenen dichtbundel is in zijn moedertaal, het Tamazight, die dreigt te verdwijnen. ‘Als ik niet in het Tamazight schrijf, wie gaat het dan doen?’

‘Mijn vader is al jaren overleden en ik mis hem heel erg. Ik heb zijn dood tot op de dag van vandaag niet kunnen accepteren.’ Met die woorden vat Najib Elyandouzi (53) samen wat zijn debuutbundel Islemd-ayi Baba eigenlijk is. Een eerbetoon aan zijn vader en een noodkreet om de Tamazight-taal onder druk staat. In een warm en vol buurtcentrum Oase in Utrecht-Zuilen vond onlangs de boekpresentatie plaats. Het werd een avond vol muziek, verrassingen en liveverbindingen met dierbaren.

Overdag staat Elyandouzi in de winkel en maakt hij fietsen. Gedichten schrijven doet hij niet op een vast moment. ‘De woorden schieten onverwachts binnen. Dat kan in de auto zijn of tijdens het boodschappen doen’, vertelt hij. ‘Mijn teksten komen geleidelijk. Ik schrijf over alles wat me persoonlijk raakt. Het kan over familie gaan, politiek of wat er in de wereld gebeurt. Eigenlijk alles wat te maken heeft met mensen.’

Voetstappen

De titel Islemd-ayi Baba betekent letterlijk: mijn vader heeft mij geleerd. ‘Het eerste wat mijn vader mij leerde, is dat ik gewoon in mezelf moet geloven en mezelf moet zijn. De teksten in het boek gaan daarover. Het boek is een kleine samenvatting van verschillende ervaringen en gevoelens’, vertelt Elyandouzi.

Beeld: Ahlam Benali

Op de cover staan grote en kleine voetstappen. De voeten van zijn vader en die van hemzelf. De eerste twaalf jaar bracht hij door in Tarbiaat, een dorp van de stam Aith Ourich, op twee kilometer van Anoual, op het platteland van de Rif. Daar ging hij naar de basisschool, en in de zomer volgde Elyandouzi een paar weken onderwijs in de moskee. Bij hem thuis was de Slag om Anoual, de grote overwinning van de vrijheidsstrijder Abd el-Krim op het Spaanse leger in 1921, altijd het onderwerp. ‘Toen mijn ouders nog op het platteland woonden, vertelden ze ons de verhalen. En over wat onze voorouders deden tijdens de strijd tegen de Spanjaarden. De verhalen brachten ons samen’, vertelt hij. Maar in de Rif was voor Elyandouzi geen perspectief en toekomst. Zijn vader wilde dat hij zich verder kon ontwikkelen en stuurde hem naar de stad Taza.

Daar overkwam hem iets wat hij nooit had verwacht. Voor het eerst merkte hij dat zijn taal, het Tamazight, buiten de Rif niet werd gesproken. Plotseling moest hij overschakelen naar Darija, Marokkaans-Arabisch, en uitleggen wie hij was en waar hij vandaan kwam. ‘In Taza startte het zoeken naar mezelf’, vertelt hij. Van Taza ging hij naar Rabat, vervolgens naar Tanger, Larache, Khmissat en uiteindelijk richting Europa.

‘Nu hij dood is, lijkt het alsof ik in de wildernis leef’

‘Waar de voetstappen van mijn vader stopten, moest ik eenzaam verder. Mijn vader heeft me bij de hand genomen tot het jaar 2004.’ Hij valt kort stil en vertelt verder. ‘Mijn vader is al jaren overleden en ik mis hem heel erg. Ik heb zijn dood tot op de dag van vandaag niet kunnen accepteren. Hij was mijn beschermmuur. Hij was er altijd voor me. Nu hij dood is, lijkt het alsof ik in de wildernis leef’, zegt Elyandouzi tegen het publiek in de zaal.

Dertig gedichten

De bundel bevat dertig gedichten die hij al vijfentwintig jaar wilde publiceren. ‘Ik heb de teksten gekozen die ik zelf mooi vind om te delen met de wereld. Een van de oudste gedichten heet Tif Itri, sterrenlicht. Ik heb het geschreven in het jaar 1994,’ vertelt hij, waarna hij het gedicht vol emotie voorleest aan de zaal.

Het schrijfproces is voor Elyandouzi een intense ervaring. ‘Mijn gedichten gaan over verlies, afscheid, hoop en liefde. Daarom laat elk gedicht bij mij een bepaalde emotie achter. Iedere keer als ik het opnieuw lees, voel ik weer iets anders. Het laat in lagen verschillende littekens bij mij achter.’

Zorgen om de Tamazight-taal

Elyandouzi beheerst de Nederlandse taal voldoende, toch kiest hij er bewust voor om in het Tamazight te schrijven. ‘Ik weet als geen ander wat het betekent om je taal niet te kunnen spreken, dat maakte ik mee als jongeman in Taza. Ik ben trots op mijn identiteit. Als ik niet in het Tamazight schrijf, wie gaat het dan doen? Ik voel me verantwoordelijk.’

Hij maakt zich ook grote zorgen over de toekomst van de taal. Niet alleen in Nederland, maar ook in Noord-Afrika, in Marokko. Tamazight heeft sinds het jaar 2011 een officiële status, maar in de praktijk gebeurt er nog te weinig, vertelt Elyandouzi. ‘Toen in 2004 mijn eerste kind geboren werd, moest ik de grootste moeite doen om de Amazigh-naam officieel te registreren. Alles wat met het Tamazight te maken had, was toen verboden. Nu is het officieel erkend, maar er zijn geen mogelijkheden. Je kunt denken aan het gebrek aan budgetten en initiatieven om echt verder te kunnen gaan.’

‘Taal is niet alleen een communicatiemiddel, het is ook gevoel’

Voor Elyandouzi gaat de taal ook verder dan alleen maar woorden. ‘Taal is niet alleen een communicatiemiddel, het is ook gevoel. Een emotie. Ik kan me gewoon beter uiten. Zelfs huilen in het Tamazight is anders dan in het Nederlands.’

Beeld: Ahlam Benali

‘Dit boek moet ooit een verrijking worden voor de Amazigh-bibliotheek, hier in Nederland en in Marokko. Als iemand de interesse heeft om het te vertalen, kunnen de Riffijnse jongeren via dit boek over onze cultuur leren. Veel Riffijnse jongeren in Nederland spreken de taal niet goed of nauwelijks meer’, vertelt Elyandouzi.

De verantwoordelijkheid legt hij bij de eigen gemeenschap. ‘Wij als ouders moeten gewoon veel meer gaan doen en ondernemen. Door bijvoorbeeld thuis met onze kinderen Tamazight te spreken in plaats van alleen maar Nederlands. We moeten onze kinderen ook leuke dingen blijven vertellen en meegeven over de Rif. We importeren vaak de cultuur van anderen en kleineren onszelf. Dat moeten we niet doen. Ik vind dat we onze eigen tradities levend moeten houden, naar voren brengen en omarmen, en die trots overdragen op onze kinderen. Leer hen van zichzelf houden.’

‘Ik vind dat we onze eigen tradities levend moeten houden’

Hij sluit af met een boodschap aan de jeugd. ‘Zorg dat je het eerst goed doet op school. En als je kennis hebt van wie je bent, ben je een verrijking.’

Na achtentwintig jaar in Nederland is zijn wens voor de toekomst net zo belangrijk als de voetstappen op zijn cover. ‘Mijn vader wilde dat ik op zoek bleef gaan naar mezelf en mijn kennis blijf vergroten, daarom hoop ik dat er over tien jaar in Nederland minimaal één cultuurcentrum is voor de Amazigh-gemeenschap. Een plek waar onze kinderen kunnen leren wie ze zijn, waar de taal wordt doorgegeven en waar we als gemeenschap trots op kunnen zijn. Want een gemeenschap zonder eigen plek, raakt zichzelf kwijt.’

De bundel is te bestellen via [email protected] of af te halen bij Rif Reizen van Moustafa Barbouche, gevestigd aan de Hoefkade 307B in Den Haag.

Racistische pogrom en migrantenjacht in Belfast

0

In de Noord-Ierse hoofdstad Belfast hebben boze witte burgers huizen van mensen met een migratieachtergrond in de brand gestoken Politici spreken van een ‘racistische pogrom’ tegen mensen van kleur, zo meldt de BBC.

Belfast en andere Noord-Ierse steden hebben een gewelddadige nacht achter de rug. Mensen met een donkere huidskleur zijn collectief tot doelwit gemaakt door extremistische Ierse groepen. Ze zijn woedend, omdat een verwarde Soedanese vluchteling probeerde iemand te doden. De politie gelooft niet dat het een terroristische aanslag was. Desalniettemin besloten boze witte burgers het recht in eigen handen te nemen en onschuldige medeburgers van kleur collectief te straffen.

De Noord-Ierse justitieminister Naomi Long spreekt haar afschuw uit over deze pogroms. ‘Het is ronduit schandalig dat er gisteravond jonge kinderen, die niets te maken hadden met de aanval in Noord-Belfast, en jonge gezinnen, die evenmin iets met die aanval te maken hadden, dakloos zijn geworden en alles zijn kwijtgeraakt door wat er de avond daarvoor is gebeurd.’ Ze houdt de extreemrechtse ophitsers verantwoordelijk voor het racistische geweld.

‘Er zijn kwaadwillende personen in het Verenigd Koninkrijk en daarbuiten die vóór gisteren waarschijnlijk nog moeite zouden hebben gehad om Belfast op een kaart aan te wijzen, maar die mensen bewust hebben aangemoedigd de straat op te gaan. Ze hebben doelbewust het leed en de wanhoop van een gewonde man en een angstige gemeenschap misbruikt voor hun eigen doeleinden. Dat is verachtelijk,’ aldus Long.

Dat mensen op basis van hun huidskleur werden aangevallen in Belfast, wordt door haar bevestigd. ‘Wat er is gebeurd, is de absolute definitie van racisme,’ zegt ze.

Ook Claire Henna van de Noord-Ierse Labour Party kan het niet anders omschrijven. ‘Wat we hier zien, is een op ras gebaseerde pogrom. We zien mannen van deur tot deur gaan en eisen dat buitenlanders vertrekken, uitsluitend vanwege de kleur van hun huid,’ zegt ze. ‘Het heeft niets te maken met wat zij bijdragen aan de samenleving of wat hun verblijfsstatus hier is. Voor mensen in Belfast, die hoopten dat dit soort politiek ver achter hen lag, is dit ronduit angstaanjagend.’

Arab Film Festival wil stereotypen over de Arabische wereld doorbreken

Het Arab Film Festival in Rotterdam laat de komende vijf dagen zien dat de Arabische wereld meer is dan conflict en politiek.

Het is dinsdag, de dag voor de opening, en Rosh Abdelfatah is nerveus. Het is nog maar de vraag of alle gasten uit het Midden-Oosten het halen naar Rotterdam, waar de volgende dag het Arab Film Festival begint. Vluchten kunnen worden gecanceld en voor sommigen is de route naar de luchthaven niet eens veilig, vertelt de artistiek directeur van het festival.

De aankomende vijf dagen is Rotterdam de toegangspoort tot de Arabische filmindustrie. Bekende gezichten van voor en achter de camera komen vanuit de hele wereld naar de havenstad voor de 26e editie van het Arab Film Festival. Hier zullen ze ondergedompeld worden in nieuwe films, panelgesprekken en nieuwe ontmoetingen. ‘We willen mensen in deze industrie met elkaar in contact brengen’, vertelt Abdelfatah.

Het festival is meer dan een cinematografisch spektakel. Al gelijk toen het in 2000 werd opgericht door de Tunesische Khaled Chouket, bleek het een gelegenheid om de Arabische wereld in een ander daglicht te stellen. Het was het jaar van de aanslag in New York, het jaar waarin de achterdocht jegens het Midden-Oosten andere proporties aannam. Als het over het Midden-Oosten ging, ging het over conflict, oorlog en ellende.

‘De meeste filmmakers op het festival zijn hier geboren’

Vanaf het begin streefde het Arab Film Festival ernaar deze stereotypen te doorbreken en authentieke verhalen te presenteren. Dat er veel meer is om over te vertellen, is in de zesentwintig jaren die volgden wel gebleken. Wat ook duidelijk werd: er is wel degelijk een publiek in Nederland voor de Arabische film. Op de laatste editie kwamen maar meer dan zesduizend mensen af.

Vroeger was de Arabische film in Nederland vrijwel onbekend. Wat is er door de jaren heen veranderd?

‘Er is een enorme verandering gaande. Tien jaar geleden was er misschien één Arabische film per jaar in de bioscoop. Dit jaar zijn vier van de films die op het Arab Film Festival vertoond worden ook elders te zien. The Voice of Hind Rajab draait op meerdere plekken en heeft zelfs de tweede prijs gewonnen op het Filmfestival van Venetië 2025. Dat is niet niks. Palestina 36 draaide ook op het International Film Festival Rotterdam, de openingsfilm Chronicles from the Siege won een prijs in Berlijn. A Sad and Beautiful World won ook een prijs op het Filmfestival van Venetië. Het is nooit eerder gebeurd dat zoveel films op het festival het grote publiek hebben bereikt.

Veel van deze films gaan over conflict. Is dat toch een terugkerend thema gebleken?

‘Je kunt er niet omheen, je moet het wel in beeld brengen. Niet in de vorm van cijfers en krantenkoppen, maar in de vorm van verhalen, bijvoorbeeld over het dagelijks leven van mensen. De openingsfilm gaat bijvoorbeeld over het leven van gewone burgers die gevangen zitten in een belegerde stad. Ze worstelen met honger, kou, verlangen en angst, maar ervaren ook liefde en een soms verbazingwekkend, absurd gevoel voor humor.

Maar er zijn ook andere thema’s die steeds weer terugkomen. Zoals bijvoorbeeld identiteit. De meeste filmmakers op het festival zijn hier geboren. Ze willen een brug slaan tussen twee culturen. Ze vertellen over de geschiedenis van hun ouders of voorouders. De kwesties die ze aankaarten, raken onze doelgroep in Nederland.’

Wat is die doelgroep dan precies?

‘Dat zijn mensen in Nederland met een Arabische achtergrond, maar ook andere Nederlanders. Onze doelstelling is om de beeldvorming rondom de Arabische wereld te veranderen door middel van film. We werken daarom veel samen met andere instellingen, zodat we een breed publiek bereiken. Daarnaast willen we ook gewoon mensen een fijne dag bezorgen. Niet alle films gaan over conflict; er is ook komedie, romantiek en er is een film voor kinderen. We proberen een zo breed mogelijk programma neer te zetten.’

Dit jaar ligt de nadruk van het evenement op Syrië. Waarom hebben jullie voor dit thema gekozen?

‘Dit heeft te maken met de ontwikkelingen in het afgelopen jaar: de val van het Assad-regime in Syrië. Hier is veel over te vertellen. Maar het gaat ook om de gemeenschap hier in Nederland. In 2015 is er een hele grote Syrische vluchtelingengroep naar Nederland gekomen en we zijn nu meer dan tien jaar verder. Onder hen zijn veel jonge filmmakers die hier op school zitten of nu afstuderen. We willen deze jongeren helpen om verder te komen in de filmindustrie, door ze in contact te brengen met andere filmmakers bijvoorbeeld.

‘We hebben misschien wel 30.000 verhalen over Syriërs waarbij het goed gaat’

Daarnaast willen we ook vooral positieve verhalen vertellen over Syriërs. We hebben bijvoorbeeld een vlaggenparade met portretten van Nederlandse Syriërs met succesverhalen. Deze portretten staan ook op sociale media en zijn duizenden keren bekeken. We hebben ze neergezet als rolmodellen, om andere Syrische jongeren te laten zien dat je kunt slagen, ondanks de problemen die je ervaart.

Ik denk dat dit heel belangrijk is. De media komt heel snel kijken als het fout gaat, maar het gaat misschien maar in een paar gevallen fout. We hebben misschien wel 30.000 verhalen over Syriërs waarbij het goed gaat. We hopen dat die verhalen niet alleen jongeren bereiken, maar heel Nederland.’

Beeld: Arab Film Festival

Het festival wordt niet alleen bezocht door filmmakers, maar ook door filmsterren. Wie lopen er dit jaar zoal rond?

‘Ja, dat klopt. De aanwezigheid van filmsterren is heel belangrijk voor het festival. Er komen echt mensen naartoe om ze te spotten, dit is een doelgroep die normaal gesproken niet naar een filmfestival gaat.

Uit Egypte komt bijvoorbeeld Khalid Youssef, een filmmaker die daarnaast actief is in de Egyptische politiek en zelfs kandidaat is geweest voor het presidentschap. We hebben Lebleba, een Armeens-Egyptische actrice die al sinds haar vijfde acteerwerk doet. Uit Syrië komen de acteurs Dima Kandalaft en Jihad Abdou. Deze acteurs komen niet alleen om gespot te worden. Ze doen ook mee aan The Talk.’

The Talk, dat klinkt als een nieuw concept. Vertel!

‘Klopt, we hebben dit jaar een nieuwe samenwerking met de Cultuurcampus op de Putselaan, waar een brug wordt geslagen tussen educatie en de maatschappij. Aan de Cultuurcampus zijn allerlei onderwijsinstellingen verbonden en daardoor komen er veel studenten. We zullen hier gedurende het hele festival korte films vertonen.

Daarnaast hebben we een industry programme georganiseerd. Jonge filmmakers met een Arabische achtergrond in de EU konden hun ideeën insturen, waarvan er tien zijn geselecteerd. Deze tien zullen worden gepitcht in de campus, waar bedrijven en instellingen aanwezig zijn die deze projecten zouden kunnen financieren. Zo proberen we deze jonge filmmakers op weg te helpen.’

ICC schorst hoofdaanklager, na beschuldiging seksueel misbruik

0

Hoofdaanklager Karim Khan van het Internationaal Strafhof is geschorst. Hij wordt beschuldigd van seksueel misbruik. De Verenigde Staten en Israël proberen dit uit te buiten.

De positie van Khan, die van meet af aan de beschuldigingen ontkent, hangt nu af van een stemming bij de 125 lidstaten van het Strafhof. Hij blijft geschorst totdat die 125 lidstaten tot een defintief oordeel over zijn positie komen, zo meldt het Amerikaanse tijdschrift Politico.

Bij een absolute meerderheid van 63 stemmen moet Khan opstappen. De voorzitter van het Strafhof meldt dat er ‘zo spoedig mogelijk’ een bijeenkomst wordt uitgeroepen voor de stemming.

De zaak tegen Khan kwam aan het licht toen stafmedewerkers hem in 2024 van seksueel wangedrag beschuldigden. Khan heeft sinds mei 2025 vrijwillig een pas op de plaats gemaakt.

Het onderzoek naar Khan komt op een moment dat er grote spanningen zijn tussen het Internationaal Strafhof aan de ene kant en de Verenigde Staten en Israël aan de andere kant. De VS en Israël hebben grote bezwaren tegen het arrestatiebevel dat is uitgevaardigd tegen kabinetsleden van het Israëlische regime, vanwege de genocide in Gaza. De misbruikzaak wordt door de VS en Israël gebruikt om de legitimiteit van het Strafhof te ondermijnen. Khan spreekt zelf van een ‘georkestreerde campagne’, omdat hij arrestatiebevelen heeft uitgevaardigd voor Israëlische misdadigers.

Israëlische misdaden gaan ondertussen straffeloos door in Gaza, de bezette Palestijnse Westelijke Jordaanoever en ook Libanon. Zo heeft de Israëlische mensenrechtenorganisatie B’Tselem vorige week videobeelden naar buiten gebracht waarin is te zien hoe de zeven maanden oude Palestijnse baby Sam Abu Haikal wordt doodgeschoten door een Israëlische soldaat.

‘In de afgelopen tweeënhalf jaar heeft Israël tienduizenden Palestijnse kinderen gedood in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever. De straffeloosheid die het daarbij van de internationale gemeenschap krijgt, heeft een werkelijkheid gecreëerd waarin Palestijnse levens onder Israëlisch bewind als volledig inwisselbaar worden behandeld, zelfs dat van een baby van slechts zeven maanden oud’, schrijft de mensenrechtenorganisatie over het systemische Palestijnse lijden aan de handen van het Israëlische apartheidsregime.

Trump wil politieke controle over wetenschap uitbreiden

0

Amerikaanse wetenschappers maken zich ernstige zorgen, nu president Donald Trump een ingrijpende herziening van het systeem voor onderzoeksfinanciering heeft voorgesteld. Een nieuwe conceptrichtlijn van het Witte Huis bepaalt dat federale subsidies voortaan eerst moeten worden getoetst door politiek benoemde ambtenaren, zo schrijft NRC.

Onderzoek moet aansluiten bij het Amerikaanse regeringsbeleid en het door de regering gedefinieerde ‘nationale belang’. Daarmee verschuift de beoordeling weg van het traditionele peer‑reviewsysteem, dat in de nieuwe opzet geen bindende rol meer heeft.

De richtlijn vloeit voort uit Trumps eerdere stappen om de wetenschap te hervormen. Sinds zijn aantreden positioneert hij academisch onderzoek als ideologisch scheef en te veel gericht op thema’s die hij als schadelijk voor de Amerikaanse identiteit beschouwt. De nieuwe regels moeten ambtenaren meer directe invloed geven op de vraag welke projecten financiering verdienen.

Wetenschappelijke organisaties reageren fel en spreken van een fundamentele machtsverschuiving richting de politiek. Duizenden reacties op de conceptrichtlijn zijn inmiddels ingediend, grotendeels kritisch. Veel onderzoekers vrezen dat politieke loyaliteit zwaarder gaat wegen dan wetenschappelijke kwaliteit.

De consultatieperiode duurt 45 dagen. Critici hopen dat het Congres uiteindelijk ingrijpt. De plannen van het Witte Huis passen in een bredere conservatieve agenda om de federale wetenschap te herstructureren.

Landelijk Platform Slavernijverleden: veranker excuses slavernijverleden in wet

0

Het Landelijk Platform Slavernijverleden (LPS) pleit voor een wettelijke verankering van de Nederlandse excuses voor het slavernijverleden. In een nieuw conceptvisiedocument stelt de organisatie dat excuses pas betekenis krijgen wanneer zij worden omgezet in bindende afspraken, zo schrijft Afro Magazine.

‘Het moment is aangebroken om de excuses om te zetten in concrete en wettelijk verankerde herstelmaatregelen’, zegt LPS‑voorzitter Barryl A. Biekman.

Volgens het LPS vormen de excuses van 19 december 2022 een belangrijk begin, maar zijn zij ‘onvoldoende’ zonder structureel herstelbeleid. De organisatie wil een herstelwet ‘met tanden’, waarin onder meer de erkenning van de trans-Atlantische slavernij als misdaad tegen de menselijkheid wordt vastgelegd, evenals de juridische erkenning van nazaten als rechthebbenden. Ook pleit het platform voor een permanent Herstel- en Ontwikkelingsfonds en investeringen in onderwijs, cultuur, ondernemerschap en gezondheidszorg.

Herstel is volgens het LPS geen gunst, maar ‘een verplichting die voortvloeit uit historische schuld’. De organisatie ziet groeiend politiek draagvlak voor een initiatiefwet en roept nazaten op zich actief te mengen in het proces.

Voor de verdere uitwerking kiest het LPS het Ubuntu‑principe — ‘Ik ben omdat wij zijn’ — als fundament. De consultatie over het document staat open tot 15 juni.

Geen overgangsrecht: nieuwe asielwetten gelden ook voor lopende zaken

De regels veranderen tijdens het spel. Dat is waar het op neerkomt, nu blijkt dat de nieuwe asielwetten ook gelden voor lopende aanvragen en inburgeraars. Het is in sommige gevallen echt schrijnend, vinden experts uit het werkveld.

Een statushouder die eindelijk is ingeburgerd en binnenkort in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning onbepaalde tijd, en deze niet meer kan aanvragen omdat deze vergunning straks niet meer bestaat. Een ander die al zes jaar wacht op gezinshereniging en binnenkort te horen zal krijgen dat de regels zijn veranderd, en dat dit mogelijk van invloed is op zijn zaak.

Het zijn verhalen waar asieladvocaat Maartje Terpstra soms werkelijk van moet huilen. Als een van haar cliënten – een gescheiden vrouw met een minderjarige dochter uit Syrië die al 2,5 jaar wacht op een besluit op haar asielaanvraag – haar belt met de vraag of de nieuwe regels ook voor haar zullen gelden, rolt er een traan over haar wang en zegt ze zachtjes ‘ja’, schreef ze vorige week op LinkedIn.

‘Gevoelsmatig zou je zeggen: dit mag toch niet? Dit is toch ongeoorloofd? Maar de werkelijkheid is dat er expliciet voor is gekozen. Het Migratiepact gaat op 12 juni in en is van toepassing op alle lopende zaken met onmiddellijke werking. Het is bewust op die manier geïmplementeerd.’

Wat is er gebeurd?

Vorige week dinsdag stemde de Eerste Kamer in met de Nederlandse uitwerking van het Migratiepact. Daarin stonden zes van de negen maatregelen van de strenge asielwet van voormalig minister Faber die eerder werden afgekeurd door de Eerste Kamer. Dit betekent onder andere dat de verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd verdwijnt, verblijfsvergunningen niet vijf maar drie jaar geldig zijn en de mogelijkheid leden van het gezin naar Nederland te halen verder is ingeperkt.

De verbijstering over de plotwending in de Eerste Kamer was alom. Veel mensen hadden de indruk dat deze Nederlandse aanvulling op de Europese regels – die weliswaar door de Tweede Kamer waren geloosd – zouden sneuvelen in de Senaat, die al eerder kleur had bekend over de wetten van Faber. Die wetten waren niet alleen onnodig streng, maar ontbraken bovendien aan een overgangsregeling.

Dat deze overgangsregeling er niet was, merkte Kamerlid Kati Piri (PRO) al in 2025 op, toen de asielwetten nog in de maak waren. In een amendement stelde ze overgangsrecht voor om te voorkomen dat ‘verschillende groepen vreemdelingen met verschillende besluiten kunnen worden geconfronteerd zonder dat daarvoor een goede reden bestaat’. Het amendement haalde het niet.

‘Het effect moet instroombeperkend zijn’

Ook toen de wetten in de Eerste Kamer werden behandeld, kwam de noodzaak voor een redelijke overgang ter sprake. Vluchtelingenwerk stuurde onder andere hierover een brief, wat uiteindelijk leidde tot de motie Van de Sanden, waarin precies stond waar het probleem lag. ‘Maar ook deze motie heeft het niet gehaald’, vertelt Myrthe Wijnkoop van de hulporganisatie. ‘Het argument is steeds: als we een overgangsregeling hanteren, doen we het effect van de wet teniet. Het effect moet instroombeperkend zijn, ingegeven vanuit het idee dat er te veel mensen naar Nederland komen.’

Dat het overgangsrecht juist invloed heeft op de mensen die al in Nederland zijn, was een argument aan dovemansoren gericht, gaat ze verder. ‘We hebben ons echt suf geluld. In regelgeving staat dat je bij de inwerkingtreding van nieuwe wetten een overgangsregeling moet hanteren, omdat het veranderen van de regels nogal invloed heeft op de levens van mensen. Iemand die een aanvraag indient, is in de veronderstelling dat hij aan de voorwaarden voldoet. Als je dan, na jaren wachten, opeens hoort dat er andere regels gelden, is dat heel heftig. Het schuurt met wat je als burger van een overheid verwacht.’

Daar komt bij dat in veel gevallen de wettelijke beslistermijn van zes maanden wordt overschreden, vertelt Terpstra. ‘Heel veel mensen wachten al maanden, vaak zelfs jaren op een besluit op hun aanvraag. Als de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) wel binnen de wettelijke termijn van zes maanden op hun aanvraag had beslist, was hun besluit genomen op basis van de huidige regels. Na 12 juni worden deze aanvragen plots beoordeeld aan de hand van nadeligere regels doordat de IND niet deed wat het had moeten doen.’

Asiel, gezinshereniging of burgerschap

Momenteel zijn er circa 50.000 mensen die in een azc of een noodopvanglocatie wachten op een besluit op hun asielaanvraag. Vorige week vrijdag maakte de minister van Asiel en Migratie van den Brink een plan van aanpak bekend voor deze lopende zaken. Nieuwe asielaanvragen zullen vanaf 12 juni namelijk worden geprioriteerd en dat zou betekenen dat de reeds aanwezige groep in totaal soms wel 8 tot 10 jaar moet wachten op een besluit.

‘Dit is natuurlijk enorm onrechtvaardig’, zegt Terpstra. Deze groep wacht al heel lang, wordt als gevolg van het lange wachten geconfronteerd met nadeligere wet- en regelgeving en moet ook nog achter in de rij aansluiten. De minister heeft nu een nieuw plan, om de achterstanden in 3 jaar in te halen. Het plan werd vrijdag gepubliceerd. Wij zijn hierin niet gekend. We vinden het plan nogal vaag en 3 jaar is nog steeds onaanvaardbaar lang. Onze verwachting is bovendien dat ook die 3 jaar met dit plan niet gehaald gaat worden.’

‘Je kunt de Nederlandse nationaliteit niet aanvragen met een tijdelijke vergunning’

Ook de grote groep vluchtelingen met een status die momenteel nog in afwachting is van gezinshereniging wordt door de nieuwe regels geraakt. De nieuwe regels schrijven voor dat statushouders met een B-status eerst twee jaar moeten wachten, voordat ze een aanvraag mogen indienen. De inkomenseis gaat omhoog en er komt een huisvestingseis, waaraan veel van hen momenteel niet kunnen voldoen. ‘We zijn bang dat sommige van hen, om aan de inkomenseis te voldoen, terechtkomen in slechte arbeidsomstandigheden en vatbaar zijn voor uitbuiting’, zegt Wijnkoop.

En dan is er nog de groep statushouders die, met het perspectief op permanent verblijf in Nederland, hebben gewerkt aan een inburgeringstraject. ‘Ze zouden een verblijfsvergunning onbepaalde tijd aanvragen en daarna de Nederlandse nationaliteit. Maar dat kan straks niet meer. Je kunt de Nederlandse nationaliteit niet aanvragen met een tijdelijke vergunning, en de vergunning asiel onbepaalde tijd komt te vervallen’, merkt Terpstra op. ‘Dit staat de inburgering van de mensen die hier zijn enorm in de weg. Hoe kom je aan werk, een hypotheek of een arbeidscontract als je niet kunt aantonen dat je hier voor langere tijd bent?’

Stress

‘Het zorgt voor zoveel onrust en stress. We krijgen heel veel vragen. Er komen steeds mensen aan de balie met de vraag: gaat dit ook voor mij gelden?’, zegt Wijnkoop. De meeste mensen zijn niet of nauwelijks geïnformeerd over de nieuwe regels. Zowel statushouders als mensen die nog in afwachting zijn van een asielbesluit zeggen slechts van nieuwe regels te hebben gehoord, maar er weinig van te begrijpen, zo bleek uit een eerdere rondgang van de Kanttekening.

Dit heeft een aantal redenen, legt Terpstra uit. ‘Als mensen een status krijgen, hebben ze geen advocaat meer, ook niet als ze nog in afwachting zijn van gezinshereniging. Ze konden voorheen terecht bij Vluchtelingenwerk, nu mag dat niet meer. Voor vragen moeten ze bellen naar de IND-nareistelefoon, waar alleen Nederlands en Engels gesproken wordt. Ik zeg dan ook vaak: bel deze telefoon zo vaak mogelijk, zodat duidelijk wordt dat het niet voldoende is.’

Mensen in afwachting van een asielaanvraag hebben wel een asieladvocaat, maar dit betekent niet dat zij persoonlijk geïnformeerd worden van elke ontwikkeling, legt de advocate uit. ‘We hadden allereerst niet de verwachting dat de Eerste Kamer zonder enig overgangsrecht met de wetten zou instemmen. Dat was ook voor ons een verrassing. Daarnaast is de situatie per persoon anders. Al die mensen moeten worden geïnformeerd, in verschillende talen. Wij zijn in Nederland met ongeveer 350 asielrechtadvocaten. We zitten fysiek aan onze taks. Wij kunnen dit ook niet aan.’

En nu? Zullen alle lopende aanvragen nu in een klap worden afgewezen? Zo simpel is het niet, zegt de advocate. ‘Inhoudelijk veranderen de criteria niet zo veel. Syrische vluchtelingen bijvoorbeeld werden al grotendeels afgewezen.’

‘Wij zijn in Nederland met ongeveer 350 asielrechtadvocaten’

De veranderingen zijn dan ook meer procedureel van aard, legt ze uit. ‘We krijgen geen tijd meer om onze cliënten voor te bereiden en er is geen procedure meer waarin het voornemen op een besluit en de zienswijze bekendgemaakt worden. Er is na 12 juni nog maar één echt contactmoment tussen de advocaat en de asielzoeker voordat een asielbesluit wordt genomen. De regels hebben dus gevolgen voor de zorgvuldigheid van de procedure en daardoor zullen we vaker in beroep moeten bij de rechtbank.

‘Ook over het ontbreken van overgangsrecht zullen we per situatie moeten procederen’, gaat Terpstra verder. ‘De rechter kan niet zomaar ingaan tegen de onmiddellijke werking van de nieuwe asielwetten op lopende zaken, want de wetgever heeft hiervoor expliciet gekozen. Toch is het in verschillende situaties denkbaar dat de onmiddellijke werking indruist tegen beginselen van behoorlijk bestuur en internationale verdragen.’

Ook het feit dat de IND zich niet hield aan de wettelijke beslistermijn van zes maanden betekent dat er sprake kan zijn van ongelijke behandeling, legt ze uit. ‘Sommigen kregen wel een besluit binnen kortere termijn en hadden daarom te maken met gunstigere regels. Het zou niet zo mogen zijn dat doordat een overheid faalt om tijdig te beslissen op een aanvraag, de aanvrager hierdoor geconfronteerd wordt met ongunstigere regels. Dat is in strijd met het gelijkheids- en consistentiebeginsel’, aldus Terpstra.

‘Dit heeft in ieder geval niets te maken met democratie, of de plicht van de staat om rechtvaardig te zijn’, besluit ze. ‘We erkennen allemaal de problematiek, toch spreekt niemand zich uit, uit angst voor de bezorgde burger.’

Dit merkt ook Wijnkoop, die af en toe met ongeloof toezag hoe redelijke argumenten van tafel werden geveegd. ‘Op een aantal politici na lijkt iedereen alleen maar te denken aan de aantallen die omlaag moeten. Dat deze onmiddellijke werking daar niets aan bijdraagt, wordt gewoon niet gehoord.’

Lees ook:

IND geeft nieuwe asielaanvragen voorrang, wachttijd voor anderen loopt verder op

Volgende maand gaan de nieuwe Europese asielregels in. Wat verandert er?

Onzekerheid en angst onder vluchtelingen over nieuwe regels