Home Blog

Seedorf na onlinehaat tegen Oranje-spelers: ‘Spreek je uit tegen racisme’

0

Oud-voetballer Clarence Seedorf roept mensen op om op te staan tegen racisme en discriminatie, nadat spelers van kleur uit het Nederlands elftal deze week de volle laag kregen na het missen van een penalty.

Dat de nederlaag van Nederland tegen Marokko emoties losmaakte, was te verwachten. Maar de reacties sloegen al snel om in openlijk racisme. Justin Kluivert, Quinten Timber en Crysencio Summerville kregen op social media een stortvloed aan racistische reacties over zich heen.

Seedorf herkent de pijn die deze spelers gevoeld moeten hebben. Ook hij heeft weleens een penalty gemist in het Nederlands elftal. Hoewel er in zijn tijd nog geen sociale media waren om beledigingen de wereld in te slingeren, voelde hij wel degelijk dat hij op zijn huidskleur werd aangesproken. ‘Dit heeft veel impact gehad op mijn carrière’, zegt hij in een filmpje dat momenteel viraal gaat.

Hij besloot dit filmpje te maken om zich uit te spreken. Niet alleen uit steun voor de spelers, die wat hem betreft toegejuicht moeten worden vanwege het simpele feit dat ze de verantwoordelijkheid durfden te nemen voor de strafschop. Ja, deze spelers verdienen deze steun, maar het probleem is veel groter, zegt hij. ‘Het racisme was een herinnering aan het feit dat sommige dingen nog steeds niet veranderd zijn.’

Nederland moet zich expliciet uitspreken tegen racisme en discriminatie, dat volgens hem steeds weer de kop opsteekt. ‘Nederland is in heel veel dingen in deze wereld leidend, dus laten we ook tonen dat we durven op te komen voor de slachtoffers van racisme en discriminatie, anders gaat er niets veranderen’, zegt hij tegen zijn luisteraars.

Hij zegt er specifiek bij dat dit niet alleen moet komen van mensen van kleur, die daarmee automatisch de slachtofferrol toegeworpen krijgen. Juist ook witte Nederlanders moeten zich uitspreken. ‘Degene die stilblijven, zijn onderdeel van het probleem’, aldus Seedorf.

Zege van Iran is voor ons een zegen

Donald Trump kan brullen en brallen wat hij wil, hij kan blijven proberen er de draai aan te geven die hij wil, hij kan de totale overwinning claimen zoveel hij wil: het zal niet helpen. De hele wereld – of tenminste: de hele wereld minus een aantal Amerikaanse dwazen, alsmede mogelijk Mark Rutte – ziet wat hij nu is: een loser, een complete loser.

Lees het akkoord, en vergelijk dit met wat de Amerikaans-Israëlische oorlogsdoelen waren, die volgens Netanyahu binnen handbereik lagen. Géén regime change in Teheran. Géén einde aan het Iraanse raketprogramma. Géén overdracht van het verrijkte uranium. Géén einde aan de Iraanse steun voor Hezbollah. Wél Amerikaanse herstelbetalingen voor de in Iran aangerichte schade. Wél de verplichting voor Israël om de slachting in Libanon te stoppen.

Wat Washington heeft ‘binnengehaald’? De belofte van Teheran geen kernwapens te zullen ontwikkelen. Dat beloofde Teheran ook al vóór de aanval op 28 februari. En de Straat van Hormuz gaat open. Die wás open, tot het moment dat Trump in de aanval ging. Bovendien wordt de mogelijkheid opengelaten dat Iran na zestig dagen tol gaat heffen.

Het akkoord dat Trump heeft gesloten, onder electorale tijdsdruk heeft móéten sluiten, komt neer op een totale Amerikaanse nederlaag. Natuurlijk: of het akkoord standhoudt, moeten we afwachten.

Trump kronkelt zich nu in allerlei bochten en dreigementen – maar waar drie maanden oorlog niet het door hem gewenste resultaat hebben opgeleverd, is het zeer twijfelachtig of een vierde maand dat wél zal opleveren. Washington heeft letterlijk het meeste van zijn kruit (lees: raketten) al verschoten. En een vierde maand betekent in elk geval: de Straat van Hormuz (weer) dicht, stijgende olieprijzen, dus stijgende benzineprijzen aan de pomp, dus verder dalende populariteitscijfers van Trump. Terwijl de Midterms, de Congresverkiezingen halverwege zijn tweede ambtstermijn, steeds dichterbij komen.

Het dilemma voor Trump: óf de door hem begonnen agressieoorlog écht stoppen en dus met de Amerikaanse nederlaag in het Midden-Oosten genoegen nemen, of een zware Republikeinse nederlaag in november riskeren. Zijn oorlog is in eigen land in toenemende mate impopulair, ook los van de prijs aan de pomp. De Amerikaanse bevolking is niet helemaal gek. Zeker: een deel is dat beslist wel, knettergek zelfs, maar de meerderheid is dat niet.

Voor alle duidelijkheid: ik koester geen enkele sympathie voor het wrede regime in Iran, het kan beter vandaag dan morgen verdwijnen, en ik heb geen traan gelaten om het voortijdig hemelen van papa Khamenei. Maar toch moet de Amerikaans-Israëlische nederlaag, gezien de context, voor ons in Europa in zekere zin als een zegen beschouwd worden.

Hij slaat zich inmiddels al op de borst dat hij machtiger is dan Napoleon, Dzjengis Khan, Alexander de Grote en Attila de Hun

Internationale politiek is zelden een keuze tussen Goed en Kwaad. Meestal is het kiezen tussen twee kwaden, dus kiezen voor het minste kwaad. De oorlog al gegeven zijnde, zou je de Slag om de Straat van Hormuz in dat opzicht kunnen vergelijken met de Slag om Stalingrad. Een zege van Stalin in de strijd met Hitler was beter dan een nederlaag – ook al was Stalin óók een bloeddorstig monster.

Zo is het ook nu. Een zege van Trump zou een beloning voor agressie vormen, en gezien diens ongekende grootheidswaan een aanmoediging voor meer. Denk: Groenland. Of denk aan verdere ondermijning van Europa en de Europese democratie. Hij slaat zich inmiddels al op de borst dat hij machtiger is dan Napoleon, Dzjengis Khan, Alexander de Grote en Attila de Hun.

De Amerikaanse nederlaag dwingt Attila de Trump voorlopig tot inbinden. Het maakt duidelijk dat ook zíjn macht grenzen kent, en dat hij niet de hele wereld – vijand en (ex-)vriend beide – naar believen kan vertrappen. Dat ook Washington bondgenoten nodig heeft – en dus met hún belangen en hún opvattingen rekening zal moeten houden. Gezien de notoire onbeleerbaarheid van Trump, die uit zichzelf niet snel zal stoppen, is een zware electorale nederlaag in november in ons belang – en ook in dat van Amerika zelf, wil daar nog iets aan democratie en rechtsstaat overblijven. Het urgente tegenspel zal van de Democraten moeten komen – de Republikeinen zijn daarvoor voorlopig nog te bang en te laf.

Om die reden – of we de ayatollahs nu sympathiek vinden of niet – is er evenzeer reden om opgelucht te zijn over Trumps nederlaag in 2026 als over Hitlers in 1942. Gewoon uit zelfbehoud.

En er is nog een groot voordeel van Trumps nederlaag. Het zet de fatale vaste Amerikaanse band met Israël onder druk, die de imperialistische extremisten rond Netanyahu tot nu toe vrij spel geeft – eerst met hun genocide in Gaza, nu met hun etnische zuivering van Zuid-Libanon. Uiteindelijk kiest Trump altijd voor zichzelf. Meestal is dat beroerd, in dit geval niet.

De publieke opinie in de VS ten aanzien van Israël kantelt snel, ook onder Republikeinse kiezers: de MAGA-aanhang constateert terecht dat Trump zich door Netanyahu een heilloze oorlog in heeft laten slepen, die Netanyahu nodig heeft om niet de verkiezingen te verliezen en wegens corruptie achter de tralies te verdwijnen. Ik ben het zelden met Vance eens, maar hij had gelijk toen hij Netanyahu toebeet: ‘Jullie kunnen je niet elk veiligheidsprobleem uit moorden.’

Nu zijn militaire nederlaag in een electorale dreigt te resulteren, moet Trump een streep zetten door de agressieve avonturen van Netanyahu. Daarmee behoedt deze nederlaag de VS ook tegen zichzelf. Het voorkomt een totaal failliet. Voor Israël zelf is het daarvoor, gezien de zeer brede steun voor voortzetting van Netanyahu’s verwoestingspolitiek, te laat. Dat is moreel al reddeloos verloren.

Marokko opent omstreden cultureel centrum in Amsterdam

0

Na vijftien jaar wachten heeft Amsterdam een door de Marokkaanse staat bestuurd cultuurcentrum. De opening zaterdag 27 juni verliep opvallend geruisloos.

De naam Dar Al Maghrib betekent ‘Huis van Marokko’. De financiering en programmering liggen volledig bij de Marokkaanse autoriteiten.

Dar Al Maghrib maakt volgens de Marokkaanse overheid deel uit van een breder plan om Marokkaanse cultuurcentra in het buitenland te vestigen. Dat gebeurt op aanwijzing van koning Mohammed VI en moet niet alleen het Marokkaanse erfgoed uitdragen, maar ook de ‘nationale identiteit’ bewaren en de culturele invloed van Marokko in het buitenland vergroten.

Toen Marokko in 2011 het pand kocht en voor het eerst zijn plannen presenteerde, was het nog het doel de banden tussen Marokkanen en Nederlanders te versterken en het emancipatieproces te ondersteunen. Thuiszittende vrouwen zouden geïnformeerd worden over hun kansen en jongeren konden er kennismaken met ‘de echte Marokkaanse cultuur’.

Het kapitale pand aan de Plantage Middenlaan van ruim 2000 vierkante meter werd gebouwd in 1892 en werd gebruikt door de Vereniging tot Werkverschaffing van Hulpbehoevende Blinden. Tijdens de Tweede Wereldoorlog kwam er een Duitsgezinde directie en werden 27 Joodse blinden afgevoerd naar vernietigingskampen. In de jaren ’60 werd het pand gekocht door de Universiteit van Amsterdam voor de insectenafdeling van het Zoölogisch Museum.

Nadat Marokko het pand in 2011 had gekocht, gebeurde er lange tijd niets. In 2013 bezetten ongeveer vijftig krakers het pand. Zij wilden er een buurtcentrum van maken en een opvangplek voor Marokkaanse vrouwen, maar het pand werd gauw weer ontruimd.

Een eerste officiële opening stond gepland voor 2015, maar die werd eerst uitgesteld en daarna voor onbepaalde tijd afgeblazen. Een Marokkaans Nederlandse ondernemer die al werkzaamheden voor de opening had verricht, moest tot 2024 procederen om door Marokko betaald te krijgen.

De komst van Dar Al Maghrib dook jaren later weer op in het Actieplan Nederland-Marokko. Dat plan werd in juli 2021 ondertekend en werd na druk vanuit de Tweede Kamer en overleg met Marokko in november 2022 openbaar gemaakt. Volgens de antwoorden op Kamervragen bevestigde het actieplan de toestemming die Nederland al in 2010 voor het centrum had gegeven.

De gemeente Amsterdam was hierover niet geïnformeerd en burgemeester Halsema sprak hierover in 2022 haar verbazing uit. Een woordvoerder van de gemeente Amsterdam liet aan het Parool weten dat het voor Amsterdam van groot belang is ‘dat activiteiten binnen de grenzen van de wet plaatsvinden en op geen enkele wijze de vrijheid van Amsterdammers aantasten.’

Een deel van de Marokkaanse Nederlanders is niet blij met Dar Al Maghrib dat wordt gezien als een propagandamachine, een instrument van ‘de Lange Arm van Rabat’, om grip te houden op de Marokkaanse diaspora en critici van het regime te intimideren.

Tegen deze achtergrond was het opmerkelijk dat de opening vorige week in relatieve stilte heeft plaats gevonden en dat bij de opening onder andere de Amsterdamse wethouder Sofyan Mbarki (PRO) aanwezig was.

250 jaar Amerika: zou Van der Capellen nog bewonderaar zijn?

0

Morgen vieren de Verenigde Staten hun 250-jarig bestaan. De Nederlandse baron Joan Derk van der Capellen tot den Pol keek destijds met bewondering naar de jonge republiek. Of hij dat vandaag nog zou doen, is zeer de vraag, denkt historicus Ewout Klei.

De Verenigde Staten zijn nu een voorbeeld van hoe het niet moet, met Donald Trump die de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht, de vrije pers en het wetenschappelijk onderzoek bedreigt. Maar ooit, 250 jaar geleden om precies te zijn, waren de VS een voorbeeld ter navolging. De vrijheidsstrijd tegen de Britse koloniale onderdrukkers inspireerde Europeanen die een vrijer, democratischer politiek bestel wensten. De grootste Nederlandse fan van de Amerikaanse Revolutie was de Overijsselse baron Joan Derk van der Capellen tot den Pol. En mede dankzij hem erkende Nederland, als tweede land ter wereld, de Verenigde Staten van Amerika als onafhankelijke natie.

De eerste keer dat Van der Capellen zich uitsprak voor de Amerikaanse zaak en zo zijn solidariteit betuigde, was in 1775, dus nog voor de Declaration of Independence van 4 juli 1776. De Overijsselse edelman had stevige kritiek op het uitlenen van de Schotse Brigade – een in Nederland gestationeerd Brits legerkorps, bestaande uit Schotse officieren en voornamelijk Duitse soldaten – aan de Britse koning, die daarmee de Amerikaanse opstandelingen wilde verslaan. Van der Capellens speech in de Staten van Overijssel verscheen in druk, officieel buiten zijn medeweten. Omdat deze gedrukte versie enkele fouten bevatte, liet hij nog een versie drukken. Opeens was de uitlening van de Schotse Brigade onderwerp van de politieke discussie geworden. Er ontstond een sterke anti-Engelse stemming in Nederland. Mede hierom trok de Britse koning George III zijn verzoek weer in.

Petitie om de VS te erkennen 

Maar Van der Capellens liefde ging verder. Hij correspondeerde met vooraanstaande Amerikaanse revolutionairen, onder wie George Washington en John Adams, en vertaalde het pro-Amerikaanse pamflet Observations on Civil Liberty van Richard Price in het Nederlands. Ook organiseerde Van der Capellen een lening voor de Amerikaanse zaak, samen met bankier Nicolaas van Staphorst en Willem Willink. In totaal haalden ze tweehonderdduizend gulden op, waarvan twintigduizend gulden was bijgedragen door Van der Capellen zelf.

Nederland was in 1776 officieus het eerste land dat de onafhankelijkheid erkende

Ten slotte gaf Van der Capellen zijn steun aan de petitieactie van John Adams, de Amerikaanse ambassadeur. Veel burgers ondertekenden de petitie om de Verenigde Staten van Amerika te erkennen als onafhankelijk land. Nederland was in 1776 officieus het eerste land dat de onafhankelijkheid erkende, toen de Nederlandse gouverneur van het eiland Sint Eustatius het Amerikaanse schip Andrew Doria begroette met saluutschoten. Ruim vijf jaar later werd Nederland het tweede land – na Frankrijk – dat de VS officieel erkende.

Mede vanwege zijn solidariteit met de Amerikaanse zaak was Van der Capellen een omstreden politicus. Hij werd gecanceld en in 1778 uit de Staten van Overijssel gezet. In zijn landhuis in Appeltern in Gelderland schreef de baron zijn beroemde pamflet Aan het Volk van Nederland, waarin hij de Nederlanders opriep het Amerikaanse voorbeeld van vrijheid en democratie te volgen. Met name de persvrijheid was een grondrecht om te koesteren:

‘Zorg voor de vrijheid van drukpers, want zij is de enige steun van Uw nationale vrijheid. Als men niet vrij tot zijn medeburgers kan spreken en hen niet bijtijds kan waarschuwen, dan valt het de onderdrukkers van het volk al zeer gemakkelijk hun rol te spelen. Daarom is het dat zij wier gedrag geen onderzoek kan velen, altijd zo tegen de vrijheid van schrijven en drukken ageren en wel graag zouden zien dat er niets gedrukt of verkocht zou worden zonder toestemming.’

De Verenigde Staten waren een baken van licht voor de wereld

Het latere Tweede Amendement van de Amerikaanse Grondwet, het recht om wapens te mogen dragen, vond Van der Capellen ook belangrijk. Maar hij bedoelde hiermee dat vrije burgers weerbaar moesten zijn tegen een tirannieke vorst en zijn huursoldaten, niet dat burgers op elkaar moesten schieten.

Nepotisme van Trump

Wat zou Van der Capellen nu van de Verenigde Staten hebben gevonden? Die vraag stelde ik mijzelf dit jaar meerdere malen, in aanloop naar de 250e herdenking van de Amerikaanse onafhankelijkheidsverklaring. Je kunt natuurlijk niet in zijn hoofd kijken en de baron leefde in een heel andere tijd, maar ik vermoed dat hij bezorgd en verontwaardigd zou zijn. Bezorgd over de polarisatie in de samenleving en de politisering van de rechterlijke macht. Verontwaardigd over de aanval op de academische onafhankelijkheid van universitaire instellingen en het plaatsen van ‘woke’-boeken op zwarte lijstjes. Boos over het schaamteloze nepotisme van Trump, zijn familie en zijn vriendjes. En woedend, omdat de stem van Afro-Amerikanen in de zuidelijke staten door het slim indelen van kiesdistricten (gerrymandering) steeds meer wordt gemarginaliseerd.

De Verenigde Staten waren een ‘stad op een berg’, een baken van licht voor de wereld. Maar het duistere pad dat Amerika nu onder Trump is ingeslagen, maakt iedere waarachtige democraat verdrietig. ‘Ja Vorst Willem, het is alles Uw schuld!’, schreef Van der Capellen in Aan het Volk van Nederland over de corrupte stadhouder Willem V. Mocht Van der Capellen vanuit de hemel neerdalen en een pamflet schrijven, Aan het Volk van Amerika, reken er dan op dat hij nu president Trump (eigenlijk ook een soort vorst) en zijn corrupte kliek de schuld geeft.

Amnesty: RSF pleegde misdaden tegen de menselijkheid in El Fasher, Soedan

0

De paramilitaire Rapid Support Forces (RSF) hebben zich vorig jaar in de Soedanese stad El Fasher schuldig gemaakt aan misdaden tegen de menselijkheid en etnische zuivering, concludeert Amnesty International in een nieuw rapport.

De oorlog in Soedan en de misdaden die daarmee gepaard gaan, gaan nog steeds door. Amnesty roept daarom op tot een onmiddellijk staakt-het-vuren. ‘De weerzinwekkende misdrijven van de RSF zijn een schandvlek op het geweten van de mensheid’, aldus Amnesty’s secretaris-generaal Agnès Callamard.

In het rapport City Under Siege, Children Under Fire staan de talloze misdrijven die de RSF dagelijks pleegt in Soedan: moord, gedwongen verplaatsing, opsluiting, marteling, verkrachting, (seksuele) slavernij, andere vormen van seksueel geweld, uitroeiing en vervolging.

Amnesty spreekt in het rapport niet van genocide, maar sluit die kwalificatie ook niet uit. Volgens de organisatie kunnen de gedocumenteerde feiten relevant zijn voor het misdrijf genocide. Het onderzoek daarnaar loopt nog.

Dat maakt de gepleegde misdaden uiteraard niet minder. ‘Kinderen waren geen nevenschade van dit geweld’, zegt Callamard. Ze vervolgt: ‘Vaak waren zij het doelwit en werden zij op grote schaal vermoord, raakten gewond en werden verkracht, ontvoerd en onder dwang gerekruteerd. Deze gruweldaden zijn een schandvlek op het geweten van de mensheid.’ De VN sprak vorig jaar wel van ‘kenmerken van genocide‘.

In de burgeroorlog in Soedan wordt het regeringsleger (SAF) vooral gesteund door Egypte, Iran en Turkije, terwijl de Rapid Support Forces (RSF) voornamelijk steun krijgen van de Verenigde Arabische Emiraten.

Femke Halsema bij Keti Koti: ‘Wij leven met de lelijke erfenis van honderden jaren slavernij’

0

Keti Koti werd dan misschien geen nationale feestdag, de jaarlijkse herdenking van het slavernijverleden in het Amsterdamse Oosterpark trok opnieuw veel belangstelling. De aanwezigheid van onder anderen minister-president Rob Jetten en burgemeester Femke Halsema onderstreepte de groeiende betekenis van de dag.

Ook de toespraken maakten indruk. Auteur Raoul de Jong oogstte veel applaus met zijn verhaal over de stille kracht die zijn voorouders ‘kromanti’ noemen.

Burgemeester Femke Halsema hield eveneens een toespraak. Hieronder volgt de volledige tekst, zoals gepubliceerd op de website van de gemeente Amsterdam.

‘Wat we ook van het Nederlands elftal denken,

onze voetballers verdienen wel de prijs voor het mooiste shirt van het hele toernooi.

Van de ontwerpers van het Amsterdamse wereldmerk Patta.

Op het shirt zien we traditionele nationale symbolen; leeuwen en tulpen. De schildjes van de thuissteden van de spelers.

En Surinaamse sieraden en symbolen, zoals de mattenklopper en een Ala-kondre ketting.

Die slingert over het shirt en verbindt alles met elkaar.

Het ontwerp zegt: dit is Nederland, dit is onze nationale trots.

Maar online brak de racistische kritiek snel los. Op het shirt, op onze spelers van kleur. En ook weer na de wedstrijd tegen Marokko.

En was het dan maar zo dat die haat van een klein groepje afkomstig was. Maar meer politici en opiniemakers komen er openlijk voor uit dat zij streven naar witte superioriteit.

Wij leven met de lelijke erfenis van honderden jaren slavernij en handel in slaafgemaakte mensen.

In delen van onze samenleving is er nog altijd een diep verankerd racistisch mensbeeld.

Daar leeft het idee dat een echte Nederlander wit is.

En dat onze nationale gemeenschap via bloedlijnen door wordt gegeven.

Maar wat maakt ons land echt Nederland?

Is dat een valse trots op koloniale roof en uitbuiting?

Zijn dat waanideeën over afkomst en ras?

Is dat vol rancune afgeven op minderheden?

Is dat Nederland?

Zijn we daar trots op?

Laten wij leren van de grote Amerikaanse schrijver James Baldwin.

Hij had alle reden om zijn land, Amerika, de rug toe te keren. Het land had hem en zijn zwarte medeburgers zo veel leed toegebracht. Maar hij bleef erop aandringen dat witte en zwarte mensen samen zouden streven naar rechtvaardigheid, naar de belofte die de Amerikaanse democratie herbergt.

Hij zei: ‘Als wij nu niet aarzelen in onze plicht […], dan zijn we misschien in staat […] een einde te maken aan deze racistische nachtmerrie en ons land waar te maken en de geschiedenis van de wereld te veranderen.’

Ook wij Nederlanders hebben de belofte van ons land waar te maken.

Wij bepalen samen de koers, de toekomst van onze samenleving, van het land waarop wij trots willen zijn.

Dat is een land van vrijheid, vooruitgang, tolerantie, democratie, solidariteit en gelijkwaardigheid. Het verleden recht in de ogen durven kijken.

Vaderlandsliefde betekent dan:

Onze helden eren, zoals Anton de Kom.

Luisteren als Manoushka Zeegelaar Breedveld zingt.

Als ik denk aan het land waar ik van hou, dan denk ik aan mensen als Meester Kwame die in Amsterdam Zuidoost honderden kinderen bijles geeft.

Aan iedereen die omkijkt naar een ander, opkomt voor een ander.

Laten wij ons bij hen aansluiten.

Want dan kunnen wij ons land waarmaken.

Dan zijn wij de ware erfgenamen van Nederland.

Niet een Nederland van bloedlijnen, maar het echte Nederland, van vrijheid en van hoop.

Ervaar je racisme, of is dit discriminatie?

0

Een gevluchte Turkse vrouw krijgt in Nederland een instapfunctie als jurist bij een overheidsinstelling, maar verdient minder dan haar collega’s. Zij noemt dat racisme. Hasim Yilmaz spreekt liever van discriminatie.

Ik zat met een vriendin uit Turkije aan de koffietafel en we spraken over onze ervaringen in Nederland. Nu we allebei afgestudeerd waren, hadden we het over onze ervaringen op de arbeidsmarkt en met sollicitaties. Ze vertelde me dat ze racisme had ervaren. Ik vroeg naar haar ervaring. Even ter context: ze is hoogopgeleid met een masterdiploma, beheerst de Nederlandse taal goed omdat ze een dubbele studie had gedaan, één in het Engels en één in het Nederlands, en ze heeft de relevante werkervaring. Ze begon in een instapfunctie bij een overheidsinstelling als jurist. Het salaris dat haar werd aangeboden lag onder de marktprijs, maar ze vroeg duidelijk of dit hetzelfde salaris was dat aan iedereen werd aangeboden, en in dat geval zou ze het accepteren. Haar werd verteld dat het standaard was.

Nieuwe teamleden

Pas vier maanden nadat ze was begonnen, toen er twee nieuwe teamleden bijkwamen, een man en een vrouw, kwam ze via een informeel gesprek erachter dat zij allebei in dezelfde schaal waren ingedeeld, maar twee treden hoger. Ze was van streek en besprak het met haar leidinggevende, met als enige reactie dat er een fout was gemaakt en dat het bij het volgende contract zou worden rechtgezet. Ze was gefrustreerd, maar nam haar leidinggevende op zijn woord. Ze droeg de meeste verantwoordelijkheden, nam zelfs de taken van een senior medewerker op zich, en zelfs senioren van andere afdelingen kwamen bij haar voor advies.

Ik erkende dat de factor ras of etniciteit hierin een rol kan hebben gespeeld

Bij de verlenging kreeg ze dezelfde instaptrede aangeboden die ook aan de andere medewerkers werd aangeboden, maar ze bracht in dat ze al onderbetaald was en dat een beginsalaris van een nieuwe medewerker geen rechtzetting van een fout was, dus vroeg ze drie treden hoger. Maar dat werd afgewezen. En ze omschreef haar ervaring als racisme. Ze was de enige met een migratieachtergrond en werd zonder geldige reden eruit gepikt. De leidinggevende was vriendelijk met haar witte collega’s, maar niet met haar, en ondanks de fout werd die niet rechtgezet. Ook de vertrouwenspersoon bood weinig hulp. Hoewel haar collega’s erkenden dat het racisme was, veranderde de behandeling die ze onderging niet, en uiteindelijk verliet ze haar baan, gefrustreerd over de behandeling die ze had doorstaan.

En nu komt de discussie. Ze zei dus dat ze racisme had ervaren, maar ik zei dat ik het woord racisme niet zou gebruiken om deze ervaring te omschrijven. Ik erkende dat de factor ras of etniciteit hierin een rol kan hebben gespeeld. Het was ook zeker een negatieve ervaring. Ik zou zeggen dat het ook discriminatie is. Maar als het erom gaat te bepalen wat deze ervaring is, zou ik het woord ‘racisme’ niet gebruiken, want op de schaal van discriminatie die je kunt ervaren, zou ik zeggen dat racisme de ergste ervaring is, en als je het woord racisme gebruikt om deze nare ervaring te omschrijven, dan sta je met je mond vol tanden wanneer je iets ergers en systematischers tegenkomt en je je ervaring wilt uitdrukken en je verhaal wilt delen.

Achterin de bus zitten

Mijn vriendin was het sterk met me oneens. Ze vroeg me wat er dan wél als racisme zou worden bestempeld. Ik vertelde haar dat wat zwarte mensen tot voor kort, in de twintigste eeuw in de VS, hadden meegemaakt, met segregatie, het gedwongen gebruik van aparte toiletten, achterin de bus moeten zitten of een andere kraan moeten gebruiken, racisme zou zijn. Maar één trede lager betaald krijgen, hoe discriminerend ook, zou ik geen racisme noemen.

Ze was het opnieuw oneens en zei dat, ook al was het racisme dat mensen in het verleden ervoeren ernstiger, dat niet betekende dat er in Nederland geen racisme meer is en dat racisme als samenleving een opgelost probleem is. We kunnen het woord nog steeds gebruiken om onze ervaringen te omschrijven. Vervolgens vroeg ze me wat ik dan in de wereld van vandaag, in de Nederlandse context, als racisme zou bestempelen. Betekende het dat er alleen racisme is als een groep mensen gedwongen wordt achterin de bus te zitten?

Een trede lager betaald krijgen, zou ik geen racisme noemen

Ik had moeite om een antwoord te geven, en dat zit zo. Ik werk bij VluchtelingenWerk Nederland. En elke dag zie ik op mijn werk veel vluchtelingen die uit de gevaarlijkste plekken op deze planeet komen, of die, ook al zijn hun landen voor sommigen veilig, toch pijn doorstaan vanwege hun overtuigingen, hun politieke overtuiging of hun seksualiteit. Wanneer je hun verhalen hoort over het verliezen van familieleden door bombardementen, over gevangenschap, over bedreigingen en mishandeling, dan vind ik het moeilijk om dat te vergelijken met de negatieve ervaringen van mensen met een migratieachtergrond in Nederland.

Het woord kan zijn kracht verliezen

Maar los van de vergelijking tussen landen en verschillende contexten vind ik vooral de beperking van de taal om die ervaringen uit te drukken problematisch. Een Koerd kan bijvoorbeeld systematisch racisme ervaren in Syrië, en zelfs geen identiteitsbewijs krijgen. Daarna komt zo iemand naar Nederland, en in het asielsysteem kan diegene racisme ondervinden van verschillende mensen binnen het systeem en van overheidsmedewerkers, kan diegene niet gehoord worden en kunnen zijn of haar medische behoeften verwaarloosd worden. Of wanneer diegene een status heeft of zelfs genaturaliseerd is, kan diegene racisme ervaren op de arbeidsmarkt, moeite hebben om werk te vinden of minder betaald krijgen. En ik bracht in dat als je voor al deze ervaringen het woord ‘racisme’ gebruikt, het woord zijn kracht verliest, omdat het nu zo breed wordt gebruikt.

Na enige overweging geef ik mijn vriendin meer gelijk

Ze was het ermee eens dat er verschillende soorten racisme zijn die mensen ervaren, maar haar ervaring was nog steeds ‘racisme’. Het was een schaal. Ik was het daarmee eens, maar nogmaals, door de beperkingen van de taal zeg je niet, wanneer je je ervaring uitdrukt, dat je 3 op de 10 racisme hebt ervaren. Je gebruikt gewoon het woord. En wanneer de context te breed is, kan ‘racisme’ van alles betekenen, van mijn buurman is niet aardig tegen mij tot ik werd doodgeslagen door de politie vanwege mijn huidskleur. Ik zei tegen haar dat je, om je ervaring te valideren, niet meteen het krachtigste woord uit je gereedschapskist moet gebruiken. Ze zei dat haar collega’s het er ook over eens waren dat dit racisme was. Ik vroeg haar wat ze aan de situatie hadden gedaan, aangezien een van hun collega’s racisme ervoer. Ik zei haar dat als ze echt vinden dat er op hun werkplek een collega racisme ervaart, ze de morele plicht hebben om het te stoppen. Ze zei dat ze niets hadden gedaan, maar dat dat kwam doordat ze ook hun baan moesten behouden.

Beslissers met een migratieachtergrond

Ze vroeg me toen welk woord ik dan zou gebruiken om haar ervaring te omschrijven, en ik zei haar dat dit ‘discriminatie’ was. Maar dit keer vond ze het woord te zwak. Uiteindelijk moesten we het erover eens worden dat we het oneens waren.

Het is alweer een tijd geleden sinds dit gesprek, en ik vind nog steeds dat het woord racisme niet zou moeten worden gebruikt om alle ervaringen te omschrijven die met discriminerend gedrag te maken hebben. Maar na enige overweging geef ik mijn vriendin meer gelijk, want discriminatie in hoogwaardige werkomgevingen, hoe weinig traumatisch het misschien ook lijkt, kan enorme gevolgen hebben, zoals het ontbreken van beslissers met een migratieachtergrond in de topfuncties en het stilzwijgend wegwerken van mensen met een andere achtergrond naar de achtergrond. Als je erover nadenkt, van onze 28 ministers en staatssecretarissen hebben we er toch wel twee met een migratieachtergrond, Eleanor Boekholt-O‘Sullivan en ja, Dilan Yesilgöz.

De dag waarop de Krimbrug in het water zal storten

0

Weet je waarom de Oekraïners Poetins pronkstuk, de brug die de Krim met het Russische vasteland verbindt, nog steeds niet kapot hebben gebombardeerd?

Niet omdat Zelensky’s dronespiloten hem niet kunnen raken; ze hebben immers de spoorbrug in het noorden van de Krim al wel weggevaagd. Overal op de Krim verrijzen rookzuilen, ook rondom de Straat van Kerch. Er is op het strategische schiereiland geen benzine te koop voor gewone mensen en de gouverneur heeft de noodtoestand uitgeroepen. Maar uitgerekend de Kerchbrug, die kilometerslange schakel waarover de bezetters van de Krim voorraden ontvangen, die brug die in 2018 door een collaborerende Hollandse firma gebouwd is, staat onaangetast. Massa’s toeristen en andere Russen vluchten erover, weg van het onleefbaar geworden schiereiland.

De reden waarom de iconische Krimbrug er nog staat, zag ik op een Oekraïense video. Het plan is om alle verbindingen rond de Krim af te snijden, zodat het een eiland wordt dat niet meer bevoorraad kan worden en onverdedigbaar zal zijn. Maar de Kerchbrug is de achteruitgang en die moet van het Oekraïense leger voorlopig open blijven, tot het eiland bijna leeggelopen is. Pas dan komt de Kerchbrug aan de beurt en gaat de laatste deur naar de Krim dicht. Pas dan! Beter voor Oekraïne, omdat er dan zo min mogelijk Russen op de Krim achtergebleven zijn. Dat is de agenda.

Is dit een propagandaverhaal en slagen ze er in werkelijkheid niet in de brug op te blazen omdat de luchtverdediging ter plaatse zo zwaar versterkt is? Ik betwijfel het. Het luchtruim boven de spoorbrug was ook beveiligd, maar de waarheid is dat de Russische luchtverdediging lang niet opgewassen is tegen de bomvleermuizen van de Oekraïners. In Sint-Petersburg niet, in Moskou niet, bij talloze Russische raffinaderijen en oorlogsfabrieken niet.

Bondgenoten taaien af

Oekraïne lijkt de wind in de rug te hebben. De Belarussische president Loekasjenko is op 26 juni gezwicht voor het ultimatum van Zelensky dat hij de Russische signaalversterkende torens aan zijn Oekraïense grens moest sluiten. De Russische economie lijdt onder de enorme last van de oorlogsindustrie en het nijpende gebrek aan arbeidskrachten voor de op burgers gerichte sectoren. De inflatie stijgt, de rente ook. Bondgenoten keren zich af of worden onrustig. Loekasjenko levert Rusland nu brandstof, maar bedingt een anderhalf maal zo hoge prijs. Kazachstan voelt zich niet meer gebonden aan Rusland en zijn opportunistische president Tokajev sluit reuzendeals met de VS, bijvoorbeeld over het zeldzame metaal wolfram. Armenië, een oude trouwe van Rusland, opent zich nu voor de EU. En zelfs Trump zet zich even aan de kant van Oekraïne.

Tellen jullie mee met de dagen van het veertigdaagse Oekraïense offensief?

Poetin geeft Europa de schuld. Wij zijn de vijand. Speciaal Duitsland, want dat land is volgens hem ‘neo-nazistisch’, vertrouwde de democraat laatst een groep jongeren toe. De AFD bedoelde hij daarmee niet.

40 dagen

Toch ben ik er allesbehalve gerust op. Poetin heeft Zelensky’s voorstel voor een staakt-het-vuren afgewezen, ook niet nadat mijn held Volodomyr hem gezegd had anders een offensief van veertig dagen te beginnen. Dat offensief is dus nu aan de gang en Rusland merkt het, maar Poetin negeert het zo veel hij kan. Hij erkent ‘problemen’, maar zegt die onder controle te hebben. Alle raffinaderijen zullen ijlings worden gerepareerd en de Krim zal door schepen worden bevoorraad. En op de grond maakt het leger, zegt hij, ‘geweldige vorderingen’.

Wat kan Poetin doen? Hij kan geen symmetrische wraak nemen. Oekraïense raffinaderijen bombarderen? Die zijn er niet. Oekraïense dronesfabrieken dan? Die zijn klein en op wel zeshonderd plaatsen verborgen.

Het Kremlin kan proberen door te drammen in de Donbas en dan de overwinning uitroepen. Dat is, indien mogelijk, Poetins beste kans. Maar hij kan in zijn waanzin alsnog het centrum van Kiev aan puin raketeren. Hij kan een aanval op de Baltische Staten loslaten, of toch dan maar een atoombommetje opwerpen. Allemaal zelfmoordvarianten.

Het begin van de ondergang

Het veertigdaagse offensief van Zelensky eindigt op 4 augustus. Dat is de datum die als het begin van de definitieve ondergang van de Sovjet-Unie wordt beschouwd. Het was in 1991 de dag dat Gorbatsjov met vakantie naar de Krim ging, de dag dat de daders van de mislukte putsch van conservatieve militairen tegen hem die staatsgreep beraamden.

En wat zal 4 augustus 2026 brengen? Ik krijg het idee dat dan de Krimbrug in het water zal storten en de Krim definitief afgeknepen wordt.

Tellen jullie mee met de dagen van het veertigdaagse Oekraïense offensief? Helpt om de voortgang van de isolatie van de Krim te zien. Op de dag dat ik dit geschreven heb, is het de vijfde dag.

Hooggerechtshof blokkeert Trump: kinderen die in VS worden geboren zijn Amerikaan

0

Het Amerikaanse Hoogerechtshof heeft een stokje voor het anti-migratieplan van president Donald Trump gestoken: het recht op Amerikaans burgerschap voor kinderen van ongedocumenteerde migranten blijft behouden.

Het gaat hier om het zogenoemde ‘geboorterecht’, dat bepaalt dat iedereen die in Amerika geboren is automatisch Amerikaan is, aldus NBC News. Maar Trump en anderen willen het Amerikaanse burgerschap voor migranten beknotten.

De rechters beschouwen dat beleid als onwettig. Het druist volgens hen in tegen het Veertiende Amendement van de Amerikaanse grondwet, waar het geboorterecht voor bijna iedereen die in Amerika is geboren geldt. In Europa gelden er andere regels, waarbij niet naar de geboorteplek van een kind maar naar de nationaliteit van de ouders wordt gekeken. In de Verenigde Staten, een land dat is gebouwd op migranten, wordt het geboorterecht bijna als heilig beschouwd.

Hoewel Trumps roots in Duitsland liggen is hij fel tegen migranten, omdat hij gelooft dat zij een bedreiging vormen voor ‘de Amerikaanse cultuur en economie’. De president promoot een agenda die gericht is op het beschermen van de zogenoemde ‘echte’ Amerikanen.

Keti Koti | ‘Meisjes zoals jij zijn de mooisten van het Caribisch gebied’

0

Madeline Lie-A-Lien (80) onderzocht samen met historicus Tineke Bennema haar familiegeschiedenis, die getekend is door de slavernij. ‘Ik draag zoveel verschillende etniciteiten in me.’

Ze verenigt Oost en West in zich, overheersers en onderdrukten, verschillende etniciteiten, culturen en religies. Chinezen, Portugezen, inheemsen, Nederlanders, joden, katholieken, Afrikanen: ze stamt van hen allemaal af. Madeline Lie-A-Lien, geboren in Suriname in 1946 en op haar 23e naar Nederland gekomen, waar ze ging werken als onderwijzeres (en nog steeds werkt), wist wel veel over haar rijke recente geschiedenis. Maar weinig over haar slavernijverleden, nog altijd een pijnlijke en vernederende episode waarover oudere generaties liever zwegen. We gingen op zoek naar haar verleden, aan de hand van haar herinneringen en nieuw archiefmateriaal.

Waar heb ik mijn bruine kleur vandaan?

‘Ik wilde als kind al altijd alles over mijn familie weten. Dan luisterde ik mee naar de verhalen van de volwassenen, totdat mijn moeder dat doorkreeg en dan tegen me zei als ze in gesprek was met haar zussen: ga eens even op de klok kijken hoe laat het is. Eerst deed ik dat, maar al snel weigerde ik natuurlijk. In mijn familie heette het dat ik altijd nieuwsgierig was en nadacht en ze zeiden: ze heeft aan één hoofd niet genoeg, ze had er twee moeten hebben! Ik vroeg van alles. Dan zei ik tegen mijn Chinese vader: ik zie er helemaal niet Chinees uit, hoe kan dat dan? Waar heb ik mijn bruine kleur vandaan? Onder jouw voorvaderen zitten toch ook zwarte mensen! Maar dan was altijd het antwoord dat hij en zijn familie dat niet wisten. Dat is algemeen in Suriname, je praat niet over slavernij. Slaafgemaakten zijn gekoeioneerd, vernederd, hun is alles ontnomen, daar schaamde je je voor en dat onderwerp werd doodgezwegen. Maar de nieuwe generatie, zoals die van mijn kinderen, wil juist alles weten. En ik ook.’

Chinese mannen in Coronie

Van haar vaders kant bezat ze al veel gegevens. Haar vader, Marcellinus Lie-A-Lien, was afstammeling van de groep van 2500 Chinese immigranten die Nederland naar Suriname haalde rond de afschaffing van de slavernij in 1863 – waarna overigens de ‘bevrijde’ slaafgemaakten nog verplicht tien jaar op de plantages moesten blijven werken. De plantagehouders waren bang dat er te weinig arbeidskrachten zouden zijn om de plantages draaiende te houden. De Chinezen werden in het noordwesten in het district Coronie geplaatst om te werken in katoenpluk en koffieteelt. Ze kregen een contract, maar de arbeidsvoorwaarden daarvan waren zo slecht dat dit neerkwam op verkapte slavernij. Niet onbelangrijk detail: de Nederlandse staat wierf alleen mannen, hun vrouwen moesten ze maar achterlaten.

‘De nieuwe generatie, zoals die van mijn kinderen, wil juist alles weten’

In Coronie ontstonden relaties tussen Chinezen en vrije zwarte vrouwen. Sommigen leefden in concubinaat omdat de mannen nog een vrouw in China hadden. ‘Dat was het geval bij een tante van mijn vader, van wie het kind niet erkend werd. Daardoor kregen een heleboel kinderen de naam van de moeder en niet van de vader. De Chinese mannen hielden de contractarbeid gauw voor gezien en verhuisden naar Paramaribo om een winkeltje of restaurantje te beginnen.’

Er is nog een mooie anekdote over hem, vertelt ze: ‘Er werd een katholieke kerk gebouwd in Coronie en toen die klaar was, moest het kruis erop worden geplaatst, maar niemand durfde het gebouw te beklimmen. Het moet rond 1920 zijn geweest. Toen zei mijn grootvader: nou, dan doe ik het wel. En mijn grootmoeder haalde haar hele kinderschaar erbij en gaf ze de opdracht: nu moeten jullie goed kijken wat papa gaat doen! Het lukte hem en het verhaal gaat dat hij er een pauselijke medaille voor kreeg.’

Nederlandse apotheker

Ook aan haar moederskant zitten Chinese voorouders, zij het niet biologisch. Lie-A-Liens stamboom aan deze zijde heeft veel vertakkingen. De Nederlandse apotheker Bernard Johannes Bos Verschuur was getrouwd met een Chinese vrouw, Heloise Tjon Akien. Deze Bernard verwekte rond 1900 het buitenechtelijke kind Johannes, Lie-A-Liens grootvader van moeders kant, bij Louisa Johanna Gerarda Menneke. Of dat een relatie was, of dat hij haar verkracht heeft, is onzeker. ‘Je moet bedenken dat hij een witte man was en zij zwart, dat waren ook na de afschaffing van de slavernij ongelijke verhoudingen. Louisa was een dochter van voormalig slaafgemaakte Martha Menneke. Johannes kreeg de achternaam van zijn stiefvader Albert Cotino. Cotino was weer een nazaat van een Joods-Portugese plantagehouder. Volg je het nog?’, vraagt ze.

Slavenregisters 

Lie-A-Liens grootmoeder zit op het stoeltje vooraan op deze foto van rond 1900. Beide ouders zijn Chinees-Afrikaans

Ze is op zoek naar meer gegevens over die slaafgemaakten. Doordat enkele jaren geleden de slavenregisters in het Nationaal Archief zijn gedigitaliseerd en openbaar zijn gemaakt, is het makkelijker geworden voorouders terug te vinden. We vinden het document waarin staat dat Martha zichzelf in 1844 wist vrij te kopen van een marktkoopvrouw, die vermoedelijk zwart was (ook vrijgekomen zwarte mensen hielden soms slaafgemaakten). Ze kreeg de verzonnen achternaam ‘Menneke’ toebedeeld.

En we ontdekken in het Nationaal Archief dat de familie Verschuur Amsterdams is: Bernards vader, Dirk Johannes Verschuur, werd in 1844 geboren in Paramaribo, was zeekapitein en eigenaar van koffieplantage Elisabeths Hoop, en getrouwd met een Nederlandse plantagehoudster. De stamboom van deze Nederlanders voert helemaal terug tot 1734, tot handelaren uit Amsterdam, tot wijnkoopman Johannes Verschuer.

Maar haar moeder herbergt ook de andere kant. Lie-A-Lien: ‘Mijn (oud)tante Eleonora Naarden, de zus van mijn oma Mathilda, met wie ik veel sprak, werd 106 in 2003, was vermoedelijk kleindochter van een slaafgemaakte. Ik denk dat zij misschien van inheemse oorsprong was, want op feesten droeg ze soms een rituele schouderdoek.’

Wasvrouw op een katoenplantage

We vinden Eleonora eerst terug in het Amsterdamse stadsarchief, ze woonde in haar laatste jaren in de hoofdstad, en dan blijkt dat ze Bergstroom heette van moeders kant. Haar moeder was Louise Magdalena Bergstroom, geboren in 1861, en dan treffen we haar moeder, Lie-A-Liens betovergrootmoeder, de slaafgemaakte Diana, geboren in 1827. Diana was te werk gesteld als ‘waschvrouw’ op de katoenplantage Bellevue, in Coronie, hetzelfde gebied waar de Chinezen later werkten. In 1859 kwam ze vrij en kreeg ze de verzonnen naam Bergstroom door het gouvernement toegewezen. De zoektocht houdt hier op, omdat Diana’s ouders onbekend zijn.

Een document van de Onbeheerde Boedelkamer uit 4 maart 1862 over de nalatenschap van Diana Bergstroom.. Beeld: Nationaal Archief

We ontdekken nog wel een document in de uiterst verfijnde bureaucratie van de koloniale onderdrukkingsmachinerie, dat goed inzicht geeft in de leefomstandigheden van deze voormoeder. Diana Bergstroom genoot drie jaar van haar vrijheid, maar overleed in 1862 en liet twee minderjarige dochters achter: Catharina, geboren in slavernij, en Louisa Magdalena, geboren in vrijheid omdat haar moeder in 1861 vrijgekomen was. Het betreft de aangifte door de buurvrouw van het overlijden van Bergstroom. En het stuk, dat werd opgesteld door het instituut dat boedels beheerde voor bijvoorbeeld weeskinderen, beschrijft de nalatenschap van Diana. Deze bestond uit: ‘2 kussens, een stroomatras, een ijzeren pot, en pagaal (mand) met drie jakjes, een hemd, een onderrok, een paantje (wikkeldoek).’ Dat was alles wat ze bezat.

De meisjes, onder wie Lie-A-Liens overgrootmoeder dus, zouden worden opgevoed door deze buurvrouw.

Slavernij is niet ver weg

Lie-A-Lien: ‘Slavernij is dus helemaal niet ver weg in de familiegeschiedenis! Deze vondsten geven mij rust omdat ik nu weet wie de slaafgemaakten in mijn familie waren en ik niet meer verder hoef te zoeken. Ik draag zoveel verschillende etniciteiten in me. Surinamers zijn een mamjoh, een lappendeken, die bestaat uit allemaal verschillende lapjes en dat maakt een prachtig kleurig geheel.’

‘Meisjes zoals jij zijn gemixt en de mooisten van het Caribisch gebied’

Ze herinnert zich hoe op de basisschool in Suriname kinderen werden geteld en onderverdeeld naar achtergrond: Hindoestaans, Chinees, Javaans, Nederlands, en dat zij dan op grond van haar uiterlijk terechtkwam bij de groep ‘anderen’. ‘Een meisje uit de klas, ik denk dat het in groep zeven was, zei: jij bent geen ras, je bent niks. Toen ik dat thuis vertelde aan mijn ouders, antwoordden ze: meisjes zoals jij zijn gemixt en de mooisten van het Caribisch gebied. Als tiener ging ik nadenken over wat ik dan wel was: bruin, maar niet zwart, met een Chinese naam, maar toch niet Chinees, en ik heb me heel lang niet een afstammeling van slaafgemaakten gevoeld. Keti Koti zei me niets.

Maar nu voel ik mij alsof ik de multiculturele samenleving in het klein ben. Ik maak het liefst Chinees en Indisch eten, ik spreek Sranan Tongo, Nederlands, maar vooral de taal van mijn hart en ik ben rooms-katholiek. Ik doe niets zonder God en word steeds religieuzer. Ik denk dat ik daardoor zo gemakkelijk contact maak met andere culturen, door die multiculturele samenleving in mijn lijf.

‘Net Bob Marley!’

Toen ik lesgaf in de jaren tachtig kreeg ik ook Marokkaanse en Turkse kinderen in de klas. Op de ouderavonden kwamen alleen de vaders en ik ben toen Marokkaans-Arabisch gaan leren omdat ik met de moeders die thuisbleven wilde praten. Om de taal beter te leren gingen we als gezin op vakantie naar Tunesië. Bij de douane keken de ambtenaren in de paspoorten en lieten mijn man en kinderen door, ze zeiden: jullie zien eruit als Arabieren. Maar mij hielden ze staande en zeiden: je achternaam is Chinees, je bent niet zo zwart. Jij bent geen Arabier. Nee, inderdaad, zei ik. Er kwamen nog andere douaniers bij, ze keken, ze overlegden, en ik moest zeggen waar ik vandaan kom. Ik zei: ik ben een mix. Een van hen riep: net Bob Marley! En toen moesten we allemaal lachen en mocht ik door.

Ik heb mijn leven hier in Nederland opgebouwd, met mijn multiculturele achtergrond koester ik de waarden van eerlijkheid, oprechtheid, gelijkheid, betrouwbaarheid, maar vrijheid is mijn grootste schat. Ik maak mijn eigen keuzes.’

Eerder reconstrueerde Tineke Bennema voor haar goede vriendin Diahann Van van de Vijver de geschiedenis van haar voorvader in het boek Albertus Van van de Vijver. Slaafgemaakt en bevrijd. Madeline Lie-A-Lien is de moeder van Van van de Vijver.

Lees ook:

Dave Ensberg-Kleijkers: ‘We kunnen niet achteroverleunen’

Op reis door Suriname. ‘De navelstreng naar Afrika is doorgesneden’