15.5 C
Amsterdam
Home Blog

President van Taiwan zegt ‘graag’ in gesprek te gaan met Trump

0

In een verrassende wending zei de Taiwanese president Lai Ching-te vandaag ‘graag’ in gesprek te gaan met de Amerikaanse president Donald Trump, meldt de Franse nieuwsdienst AFP. Trump had gisteren, daags na zijn bezoek aan de Chinese leider Xi Jinping, tegen verslaggevers gezegd dat hij met Lai zou gaan praten.

Tijdens het veelbesproken bezoek aan China sprak Trump met Xi over wapenleveringen aan Taiwan. Xi zou hem hebben gewaarschuwd dat Taiwan uit zou kunnen lopen op een ‘zeer gevaarlijke situatie.’ De regerende Chinese Communistische Partij ziet het eiland als onderdeel van China’s grondgebied en ijvert al lang naar het inlijven van Taiwan, zo nodig met geweld.

Taiwan staat steeds meer onder druk van China. Het land omringt Taiwan bijna dagelijks met gevechtsvliegtuigen, oorlogsschepen en militaire oefeningen.

De Verenigde Staten erkennen in het ‘Eén-Chinabeleid’ het Chinese standpunt dat Taiwan onderdeel is van China, maar hebben de claim nooit officieel erkend.

Washington D.C. onderhoudt officieuze betrekkingen met Taiwan en is verplicht om het autonome eiland te voorzien van defensieve wapens. Al sinds 1982 is afgesproken dat de Amerikanen wapenleveranties aan Taiwan niet afstemmen met Beijing.

Amerikaanse wapenleveranties aan Taiwan, ter waarde van 14 miljard dollar, liggen gevoelig in China. Afgelopen januari keurde het Congres de leveranties goed.

Volgens een Amerikaanse functionaris is er sprake van een Amerikaans record aan wapenleveranties aan Taiwan, waaronder 11 miljard afgelopen december. Dit zou een teken zijn van de Amerikaanse toewijding het eiland te blijven beschermen.

Mocht Lai inderdaad in gesprek gaan met Trump, dan zou dat een breuk zijn met het diplomatieke protocol. Dit bepaalt al decennia dat Amerikaanse en Taiwanese presidenten niet met elkaar spreken. Ook zou een telefoongesprek tussen Trump en Lai volgens CNN kunnen leiden tot diplomatieke spanningen tussen de VS en China.

Poetin ondermijnt Duitse bondskanselier ten gunste van pro-Russisch extreemrechts

0

Terwijl de Duitse bondskanselier Friedrich Merz onder druk staat, probeert de Russische president Vladimir Poetin hem verder te verzwakken ten gunste van extreemrechtse partijen die hem steunen, schrijft Politico.

De populariteit van Merz is tanende vanwege de zwakke Duitse economie en een verzwakte coalitie. Ondertussen staat de extreemrechtse Alternative für Deutschland (AfD) op kop in de peilingen voor twee verkiezingen in het oosten van Duitsland, waar het publiek sympathieker staat tegenover Moskou. Daar wordt een historische overwinning van de partij verwacht.

Politico schrijft dat Rusland hier garen bij spint, door de AfD te steunen zodat het in de nabije toekomst aan de macht komt in Duitsland. Volgens Chris Schulenburg, parlementslid voor het CDU van Merz, is Rusland op zoek naar partners in Europa die het voor haar eigen belangen kan inzetten. Mocht de AfD aan de macht komen, dan ‘heeft Rusland straks een strategische partner in Duitsland, en een voet tussen de deur in Europa’, zegt Schulenburg.

Poetins strategie is om de verzwakte positie van Merz, vooral vanwege de zwakke economie, te misbruiken en om voor verdeeldheid te zorgen over de Duitse militaire steun aan Oekraïne.

De Russische president heeft de afgelopen weken de druk al opgevoerd. Zo heeft hij olieleveringen uit Kazakhstan die via een Russische pijpleiding lopen, stopgezet. Ook heeft hij de voormalige bondskanselier Gerhard Schröder, die bekend staat als pro-Kremlin, omarmt als mogelijke onderhandelaar in vredesbesprekingen met Oekraïne.

Ondertussen heeft het propaganda-apparaat van het Kremlin Merz afgeschilderd als zwak en losgekoppeld van de realiteit. Merz weigering om ten behoeve van energie de banden met Rusland aan te halen, heeft het Kremlin afgespiegeld als ‘economische zelfmoord’. Ook zouden de conservatieven onder Merz roekeloos handelen door Oekraïne te steunen en onderhandelingen met Poetin te weigeren.

Analisten verwachten volgens Politico dat met de verkiezingen in september in aantocht, de online beïnvloeding zal toenemen. Een analyse van de Duitse denktank Polisphere toont aan dat kritische berichtgeving over Merz door een pro-Kremlin medianetwerk is toegenomen. De denktank zegt dat de invloed van dit soort netwerken ‘niet te onderschatten’ is vanwege hun invloed op AI-modellen.

Volgens Ruslandexpert Stefan Meister ziet Rusland de verkiezingen in Oost-Duitsland als een kans om ‘Duitsland ernstig te verzwakken, en dan vooral deze regering.’

Het Kremlin ziet Merz en zijn coalitie als een obstakel naar vrede in Europa en vooruitgang in Duitsland. Een eventuele regering geleid door de AfD ziet zij als de oplossing.

Waarheid als een koe

0

Een goede vriendin zegt tegen mij: ‘Nil, ik ben geen racist, ik hou van mensen, ik wil iedereen helpen, maar nu vind ik echt dat asielbeleid en toelating van vluchtelingen moeten stoppen. Het wordt vol, heel vol in Nederland, zo vol dat er amper nog een stukje weiland leeg staat.’

‘Ja, de koeien schreeuwen om ruimte… want vele velden waar ze vrijuit rond liepen te grazen, worden nu gevuld met zonnepanelen die als schaduw werken voor de koe’, zeg ik met een glimlach.

‘Nee, Nil, even geen grapjes, ik meen het, ik maak me echt zorgen om Nederland. We kunnen het qua ruimte en qua kosten niet meer aan om alsmaar vluchtelingen op te vangen’, zegt ze in alle ernst.

Ik begrijp je, maar er is goed nieuws, misschien niet voor de koe, maar wel voor de mens, zeg ik.

In 2025 vroegen maar 24.000 mensen asiel aan in Nederland. Dat is een daling van 8.000 mensen ten opzichte van 2024. En nog kon ik haar niet geruststellen.

Toen mijn zoontje zeven jaar oud was, vroeg hij mij: ‘Mama, wat is een gelukszoeker?’
‘Iemand die geluk zoekt’, zei ik. ‘Wat is geluk, mama?’
Hoe geef je hierop een antwoord dat simpel, helder en logisch klinkt?
Ik zei:’Geluk is een gevoel dat danst met liefhebben en geliefd worden.’
Ik zag in zijn ogen dat hij alleen het dansen en liefhebben had begrepen. Hij ging er verder niet op in en ik ook niet.

Nu is mijn zoon 20. Hij attendeert mij op een foto in een woestijn waar vluchtelingen zijn gedumpt. Hij zegt: ‘Ze zijn niet echt geliefd en kunnen ze überhaupt nog het gevoel van geliefd worden voelen als ze nergens welkom zijn?’

Mijn zoon kaatste de bal van de waarheid terug. Ik kon hem duizenden antwoorden geven, maar niets is de echte waarheid. De waarheid is zo kostbaar dat liegen soms de enige manier is om haar te bewaren. Dat weten onze bestuurders maar al te goed.

Zit er een grens aan solidariteit of heeft solidariteit een prijs?

Trump hield een toespraak met de zin: ‘Europa heeft een groot probleem, en dat zijn de vluchtelingen, als ze dat niet oplossen, storten ze in.’

Zijn de vluchtelingen het probleem? Of is het lekker makkelijk om die als enige probleem te zien? En hoe houd je het tegen dat mensen vertrekken uit het oord waar ze ongelukkig en, nog belangrijker, onveilig zijn? Zit er een grens aan solidariteit of heeft solidariteit een prijs?

Europa is misschien een zinkend schip. Gelukkig weet Nederland alles van water en zal het altijd zijn hoofd boven water weten te houden, want Nederland, zo klein als het is, is altijd heel groot geweest in overwinnen.

Die optimistische gedachte maakt mij blij en geeft rust en dat gun ik vele anderen die onrust, angst en haat zaaien ook. Humane gedachten geven meer rust dan angst. De idealist in ieder mens wil helpen. De optimist is de naïeve idealist en de pessimist is een bevlekte optimist.

‘Maar… statistische feiten liegen niet, Nederland is klein en vol’, zegt mijn goede vriendin nogmaals.

Vluchtelingen worden vaak gezien als een kostenpost uitgedrukt in geld, maar hoe zit het met hun emoties? Als je na de hete adem van de woestijn, na vele botsingen met rivaliserende milities, na het overwinnen van marteling, dorst en honger en na zo’n mensonterende reis in het beloofde land aankomt, na zo’n zoektocht naar geluk vol ongeluk, hoe ben je er dan aan toe?

Wereldwijd is het aantal vluchtelingen rond de 110 miljoen mensen. Je zou bijna denken: een miljard euro ertegenaan en het probleem is opgelost. Maar zo makkelijk is het sommetje niet, de echte vraag is: gaat het wel om geld?

Want politieke heerschappij en opportunisten hebben vluchtelingen nodig om macht te kunnen uitoefenen, misbruiken, angst te zaaien en vluchtelingen als wisselgeld te kunnen gebruiken. Dat kent geen prijs.

Desondanks heb ik de hoop dat de dans van het verlangen tussen liefhebben en geliefd worden altijd de boventoon zal voeren en dat de humane gevoelens zullen zegevieren.
En dat… is de waarheid als een koe!

Bamenga (D66): kabinet moet ‘doorpakken’ na schokkend Israëlisch filmpje over Gaza-activisten

0

Het doelbewust ontvoeren en mishandelen van vrijwilligers die noodhulp willen verlenen in Gaza, leidt ook in Nederland tot grote verontwaardiging. D66-Kamerlid Mpanzu Bamenga is blij dat Rob Jetten er eindelijk iets van zegt, maar roept de regering ook op om ‘door te pakken’.

De beelden van knielende Gazavaarders, onder wie zes Nederlanders, zijn de hele wereld overgegaan. Dat de extreemrechtse Israëlische minister Itamar Ben-Gvir daar lachend op reageerde terwijl hij met een Israëlische vlag zwaaide, en vervolgens op sociale media beelden deelde met de tekst ‘Welkom in Israël’, schiet bij veel bondgenoten van Israël in het verkeerde keelgat. Zo is de Israëlische ambassadeur door Nederland op het matje geroepen.

D66-Kamerlid Bamenga is in ieder geval helder in zijn bewoordingen: ‘Journalisten en activisten moeten zo snel mogelijk worden vrijgelaten en humanitaire hulp moet ongehinderd toegang krijgen tot Gaza.’

Het is de vraag welke stappen het kabinet verder zal nemen. De Kamer, met pro-Palestijnse en pro-Israëlische partijen, is verdeeld over de Israëlische misdaden. De PVV keurde het geweld van Israël goed en maakte de vrijwilligers van de Gaza-vloot uit voor Hamas-terroristen.

Stephan van Baarle van Denk vindt het onbestaanbaar dat de Nederlandse regering ‘niks doet’. Een verzoek van Denk om hierover met de premier in debat te gaan, werd door een meerderheid van de Kamer, waaronder D66, weggestemd.

Stadskanaal biedt tientallen asielzoekers uit Ter Apel een slaapplek

0

‘Dit doen we uit humaniteit en vanuit verantwoordelijkheid voor de openbare orde en veiligheid in onze regio’, zegt burgemeester van de gemeente Stadskanaal, Klaas Sloots (GroenLinks), over de nachtelijke opvang van vijftig tot tachtig asielzoekers die op straat dreigden te belanden omdat de opvang in Ter Apel vol is. Daar wordt al geruime tijd de maximale opvangcapaciteit van 2000 asielzoekers overschreden, meldt NOS.

‘In Ter Apel dreigen mensen buiten te moeten slapen. Als buurgemeente kunnen we dan niet wegkijken’, zegt burgemeester Sloots. Hij voegt daar wel meteen aan toe dat de asielzoekers worden opgevangen op een veilige locatie ‘zonder directe omwonenden’. Daarin klinkt een zekere angst door voor extreemrechtse rellen, zoals het land die de afgelopen tijd heeft meegemaakt. Op verschillende plekken, zoals in Loosdrecht en IJsselstein, is het goed misgegaan, met brandstichting van een azc en ander geweld.

Door de interventie van de burgemeester van Stadskanaal werd voorkomen dat mensen vannacht buiten moesten slapen, zoals enkele jaren geleden gebeurde. Het Rode Kruis was aanwezig om de asielzoekers van ontbijt te voorzien, meldt Hart van Nederland.

Het asieldossier blijft de gemoederen bezighouden in Nederland. Vluchtelingen worden beschuldigd van innemen van woningen, terwijl Nederlandse burgers geen huizen meer zouden kunnen krijgen.

Het Syrische Yarmouk krabbelt overeind na jaren van oorlog

0

Ooit was Yarmouk het kloppende hart van het Palestijnse leven in Syrië, nu ligt het grotendeels in puin. Eerst werd het kamp zwaar gebombardeerd door het regime van Assad, later viel ISIS binnen. Van de honderdduizenden Palestijnen die er woonden, bleef bijna niemand over. Nu wordt Yarmouk langzaam weer opgebouwd.

Een jonge hond strekt zich uit over een grote hoop puin. Het dier zit onder het stof en de donkere, vettige vlekken. Hij kiest een plek in de schaduw voordat hij neerploft naast de volgende hoop puin. Tussen de nog overeind staande pilaren van een verder volledig verwoest gebouw valt hij in slaap. Ook de gebouwen eromheen zijn verwoest. Sommige complexen zijn gereduceerd tot betonnen karkassen en van anderen is niets anders over dan een berg brokstukken.

Na de Nakba in 1948, waarbij ruim 700.000 Palestijnen door Israëlische milities worden verdreven, komen tienduizenden Palestijnen terecht in Yarmouk, een Palestijns vluchtelingenkamp in Syrië in de buurt van de hoofdstad Damascus. Yarmouk groeit uit tot het hart van het Palestijnse leven in Syrië. Het kamp verandert in een levendige wijk waar Palestijnen kunnen werken, shoppen, wonen en een poging doen een nieuw bestaan buiten Palestina op te bouwen.

‘We hadden een heel grote winkelstraat’, herinnert Nimer Alkafry zich terwijl we door de verwoeste straten lopen. ‘Syriërs uit Damascus – uit het hele land eigenlijk – kwamen naar Yarmouk om te winkelen. Het was een bruisende stad.’

Bombardementen en een blokkade

Tot 2011. Op verschillende plekken in Syrië breken dat jaar protesten uit tegen het regime van Bashar al-Assad, ook Yarmouk blijft niet onaangetast. Syrische rebellen trekken naar de wijk om Palestijnen te rekruteren voor het Vrije Syrische Leger. Er breken gevechten uit tussen de rebellen en fracties van de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie (PLO) en het regime grijpt in met bombardementen.

Auto’s rijden door Yarmouk. Beeld: Kaja Bouman

Ondertussen criminaliseert Assad het verlenen van medische zorg aan anti-regeringsgezinde personen en bestempelt hulpverleners als staatsvijanden. Artsen die gewonde demonstranten of burgers in door de oppositie gecontroleerde gebieden behandelen, worden beschouwd als een directe militaire bedreiging. En zo worden ook dokters in Yarmouk, zoals Nimer, doelwit van het geweld.

In 2012 besluit Nimer daarom te vertrekken. Collega’s zijn dan al gedood, gearresteerd of simpelweg verdwenen, en het lijkt hem een kwestie van tijd voordat ook hij aan de beurt is. ‘Twee dagen nadat ik vertrok, kwamen ze naar mijn kantoor om me te doden, hoorde ik van familie. Ik was dood geweest als ik niet was vertrokken’, zegt de arts. Ook andere inwoners van Yarmouk verlaten massaal de stad door het aanhoudende geweld.

Op de bombardementen volgt een blokkade: Yarmouk wordt afgesloten van water en elektriciteit en de tekorten aan levensmiddelen nemen in rap tempo toe. Van de 20.000 mensen die in 2014 nog in het kamp wonen, komen er zo’n 150 om het leven door gebrek aan eten en medicijnen. In 2015 vecht terreurgroep ISIS zich het kamp in. De gevechten en bombardementen die volgen, laten de stad in puin achter. Als de overheid in 2018 de controle terugwint, wonen er nog maar een paar honderd mensen in Yarmouk.

Terug naar Yarmouk

Samen met zijn vrouw en drie kinderen is Nimer in de tussentijd gesetteld in Canada. Het is een comfortabel leven, zijn kinderen studeren aan Canadese universiteiten en hebben weinig herinneringen aan het achtergelaten leven in Yarmouk. Toch besloot Nimer na de val van Assad terug te keren. ‘Ik wilde terug en helpen met de wederopbouw.’ Zijn vrouw en kinderen zijn nog in Canada.

We lopen door de verwoeste straten van de wijk. We kijken naar binnen bij het skelet van een gebouw. In een van de kamers is de paarse verf op het plafond nog zichtbaar, een kleur die ooit zorgvuldig en met liefde is uitgekozen. In het midden van het plafond is de witte rozet met bloemachtige vormen nog intact. Er hangt een kabel uit waar ooit een lamp aan heeft gehangen. De kleine details vormen stille sporen van het gewone leven dat hier heeft plaatsgevonden.

‘Ik wilde terug en helpen met de wederopbouw’

Nimer loopt verder, hij wijst naar een ingestort gebouw achter een hek: ‘Dat was mijn school’, zegt hij. Verderop in de straat staat de moskee, te herkennen aan de groene qubba die boven de ruïnes uitsteekt. De moskee is tijdens de oorlog gebombardeerd en is een van de eerste gebouwen die weer is opgeknapt. ‘Op vrijdag vind je hier tegenwoordig alweer 2000 mensen voor het gebed’, vertelt Nimer.

Medische kliniek tussen het puin

Dan slaan we de hoek om. ‘We zijn er,’ zegt hij. Voor ons staat opnieuw een gebouw dat vooral uit verwoesting bestaat: een skelet van muren, bijna zonder ramen of deuren. Op straat liggen hopen puin, netjes bij elkaar geveegd. Maar op de begane grond zit een opening die ook meteen opvalt. Een echte deur, met ramen en een donkerblauw houten kozijn: een klein deel van dit gebouw is al opgeknapt.

Nimer Alkafry voor de deur van zijn medische kliniek. Beeld: Kaja Bouman

‘Welkom bij mijn kliniek’, zegt Nimer, en hij opent de gloednieuwe deur. ’s Middags en ’s avonds werkt hij als gynaecoloog in het ziekenhuis in Damascus, maar in de ochtenden werkt hij in zijn eigen medische kliniek in Yarmouk. De dokter zorgde de afgelopen maanden voor elektriciteit in het gebouw met behulp van zonnepanelen en een generator. Ook regelde hij stromend water, waardoor hij nu al zo’n zeven patiënten per dag kan behandelen.

We lopen de gang in, over schone grijze tegels die scherp afsteken tegen de gebroken stoeptegels bij de ingang. Het ruikt nog naar de verf die niet lang geleden op de muren is geschilderd. In de wachtkamer brandt licht en zit een assistent achter een toonbank. Ze zet koffie voor ons terwijl Nimer de behandelkamers laat zien. In elke ruimte staat een bank en een wasbak. ‘Hier komt straks een tandartspraktijk’, zegt hij terwijl hij een volgende deur opent. Daarna lopen we door naar zijn kantoor, waar een ruim wit bureau staat. Nimer vraagt even te wachten. Als de deur weer opengaat, is zijn donkerblauwe trainingspak veranderd in een net overhemd met stropdas. Trots gaat hij achter zijn bureau zitten: ‘Wil je hier een foto van me maken?’

Nimer Alkafry achter zijn bureau. Beeld: Kaja Bouman

Maandenlang sliep Nimer op een bank in de kliniek, hij verbouwde de behandelruimtes, maar werkte ondertussen ook aan het opknappen van zijn oude appartement. Over een paar dagen is dat af en hoeft hij niet meer op kantoor te slapen. ‘Dit kan omdat ik hier alleen ben, dit leven is te moeilijk met een vrouw en kinderen erbij. Ik had geen stromend water en niet altijd elektriciteit, maar voor mij is het genoeg, ik ben blij dat ik hier kan zijn.’

Nimer benadrukt dat hij het beter heeft dan veel anderen in het kamp, waar mensen niet altijd geld hebben om hun woningen op te knappen en daarom ook in koude wintermaanden leven zonder ramen, elektriciteit of stromend water. Veel mensen keren terug naar Yarmouk, omdat ze geen keuze hebben en niets anders kunnen betalen. Voor Nimer geldt dat niet. Hij kwam terug omdat hij wil bijdragen aan de wederopbouw van het kamp.

‘Ondanks alle problemen ben ik blij dat het regime weg is’

‘Ik heb een inkomen en daarom heb ik het goed, maar ik realiseer me dat veel mensen dat niet hebben. Ondanks alle problemen ben ik blij dat het regime weg is. Het was een overheid die mensen vermoorde en martelde. Er zijn twee collega’s van wie ik nog steeds niet weet wat er met hen is gebeurd. Er zijn zoveel mensen verdwenen en nooit gevonden. Nu het regime weg is, hebben we tenminste hoop voor de toekomst.’

Wederopbouw

In Syrië leeft zo’n 90 procent van de bevolking in armoede en de werkloosheid ligt vrij hoog, rond de 13 procent. In Yarmouk-Kamp valt dat volgens Nimer wel mee, want ‘hier kun je in de bouw werken, er is genoeg te doen.’ Als we weer naar buiten lopen, zijn kliniek uit, zien we een graafmachine. ‘Van de overheid’, vertelt de dokter. Volgens hem helpt de nieuwe regering mee aan de wederopbouw van Yarmouk, ook al gaat het nog wel langzaam.

De Palestijnse vluchtelingenorganisatie UNRWA en Italië besloten vorige maand 2 miljoen euro vrij te maken voor onderwijs, veiligheid voor personen met een beperking en andere levensonderhoudskansen voor Palestijnse vluchtelingen in Syrië. Het project focust op de duizenden families die inmiddels zijn teruggekeerd naar Yarmouk.

Een oude man wandelt langs de kapotte gebouwen. Beeld: Kaja Bouman

De familie van Nimer zit verspreid over de wereld, maar drie familieleden zijn al teruggekeerd naar Yarmouk. ‘Steeds meer mensen keren terug’, zegt de dokter. En dat is te zien, want door de verwoeste straten rijden nu ook gele taxi’s en vuilniswagens, en tussen de ingestorte gebouwen zitten opgeknapte woningen. Aan sommige balkons hangen plantenbakken met bloemen en kinderen van verschillende leeftijden wandelen over straat. Op verschillende plekken zijn kleine winkeltjes geopend, voor boodschappen of auto-onderdelen. Ergens anders zit een groepje mannen op straat met kopjes koffie. Het leven in het kamp keert terug.

De stad is gebouwd op herinneringen. De straten dragen namen van het Palestina dat de bewoners ooit verloren: Safed-straat, Deir Yassin-straat, Lubya-straat – genoemd naar het dorp waar vandaan onder andere de familie van Nimer tijdens de Nakba vluchtte. Maar nu is ook dit tweede thuis onherkenbaar veranderd. En hoewel veel voormalige inwoners van Yarmouk nooit zullen terugkeren, zijn er ook mensen zoals Nimer die dat wél doen: ‘Hier kunnen we tenminste naartoe terug.’

Babah Tarawally: ‘Mensen die discrimineren, zijn aan het verliezen’

0

Babah Tarawally (1972) wil met zijn nieuwe boek Ik ben omdat wij zijn laten zien dat verzoening en begrip nodig zijn in tijden van polarisatie. Hoewel hij racisme en discriminatie in Nederland ziet toenemen, ziet hij ook hoop en solidariteit.

De zeven jaren waarin hij nu als columnist voor dagblad Trouw schrijft, vergelijkt Tarawally met de zeven ‘magere’ jaren waarin hij in asielzoekerscentra zat, vertelt hij aan de telefoon vanuit zijn geboorteland Sierra Leone. Waar hij toen, in de jaren negentig, moest vechten voor zijn bestaan en voor erkenning, ziet hij dat tegenwoordig terug in het feit dat hij als niet-witte Nederlander opnieuw moet vechten voor zijn plek in de samenleving.

Wat hoop je met je nieuwe boek te bereiken?

‘Toen ik voor de krant begon te schrijven, was het een hele moeilijke tijd, van polarisatie, verdeeldheid, verdeel-en-heerspolitiek, discriminatie en racisme. Mijn columns in Trouw zijn persoonlijke verhalen over wat ik de afgelopen jaren meemaakte. In mijn boek reflecteer ik op die tijd. Ondanks die heftige periode probeer ik lezers te bewegen richting verzoening en begrip voor elkaar. Ik wil benadrukken dat wij allemaal mens zijn. Maar dat kan ik niet doen zonder eerst de pijn bloot te leggen, zoals de Ubuntu-filosofie ons heeft geleerd. Na zeven magere jaren hoop ik nu op zeven goede jaren, zoals je ziet in het christelijke geloof, waarin we nieuw perspectief krijgen in Nederland.’

‘Ik probeer altijd een oplossing te bieden’

Waarom omschrijf je de laatste zeven jaar als magere jaren?

‘Het waren hele pittige jaren waarin we elkaar niet begrepen, waarin sprake was van verdeel-en-heerspolitiek. Mensen in Nederland zagen niet in dat we discriminatie en racisme in stand houden. Mensen ontkenden dat er racisme was, maar in de tussentijd is het genormaliseerd. Maar nu is het van belang: hoe komen we hieruit en zorgen we ervoor dat we elkaar als mens blijven zien? Mijn verhalen gaan niet alleen over racisme en discriminatie, maar ik probeer ook mensen met elkaar te verbinden. Soms kan het pijnlijk en confronterend zijn, maar de bedoeling is om elkaar te vinden. Ik laat de lezer niet achter met een vraagteken; ik probeer altijd een oplossing te bieden. Dat is het doel van mijn boek Ik ben omdat wij zijn. Het eerste wat we moeten erkennen, is dat we de kwaliteit hebben om mens te zijn.’

Hoe heeft racisme zich ontwikkeld sinds jij je in Nederland vestigde?

‘Toen ik net in Nederland was, waren we niet online. Mensen die mij niet mochten, durfden dat niet te zeggen, maar je zag het aan hen, aan hun non-verbale communicatie. Zo werd je uitgesloten. Nu is dat veranderd, zeker sinds de komst van Pim Fortuyn, Rita Verdonk en nu Geert Wilders. Mensen die vanuit een nationalistisch gevoel durven te zeggen wat mensen al lang dachten maar niet durfden uit te spreken.’

Heb je racisme erger zien worden de afgelopen zeven jaar?

‘Ja. Ken je het Afrikaanse spreekwoord “een koe sterft niet zonder zijn staart te bewegen”? Je kunt niet tot heling komen zonder eerst de pijn te voelen. Zoals een koe zijn staart beweegt voordat zij sterft, doen mensen en extreemrechtse bewegingen die discrimineren of zich racistisch uiten een laatste stuiptrekking om zich te verzetten. Zij zijn namelijk aan het verliezen. Zij verzetten zich hiertegen door zich extra hard uit te spreken. Dat is de situatie waarin we nu zitten.’

Maar rechtsextremisme is juist bezig met een opmars in Europa.

‘Wij hebben het gevoel dat het aan het groeien is. Maar wij die daartegen zijn, zijn in de meerderheid. Zij zijn nu veel meer aan het woord en domineren de discussie. En zo bewegen zij als het ware hun staart, zoals het spreekwoord zegt. Zo zeiden mensen vroeger niet tegen mij “ik mag je niet”; nu doen ze dat wel. Vroeger was het racisme verborgen en durfden mensen zoiets niet hardop te zeggen. Dat mensen dat nu wel durven te zeggen, betekent niet dat het toeneemt; het is explicieter geworden en genormaliseerd.’

In een van je stukken schrijf je: ‘In Nederland koken we het racismevirus in een doofpot met deksel, waardoor de damp krampachtig in de pot blijft zitten. Soms ontsnapt er wat, waarop we snel controleren of het deksel nog goed zit.’ Denk je dat die pot verder opengaat met de opkomst en normalisering van extreemrechts?

‘Racisme en discriminatie zijn er altijd geweest. We willen niet dat het explodeert en naar buiten komt. Maar nu is het uit de pan gekomen. Sinds ik dat stukje schreef, is de situatie dus veranderd; het zit niet meer in de doofpot. Dat zie je aan de uitspraak van toenmalig premier Mark Rutte [toen hij in 2016 sprak over Turkse Nederlanders die zich niet zouden houden aan de Nederlandse normen en waarden, red.]: “Pleur op, zou ik in plat Haags willen zeggen.” Racisme heeft nu een gezicht gekregen.’

‘Ons verhaal over verbinding is niet sexy genoeg’

Zie je nu ook signalen dat mensen elkaar weer gaan vinden?

‘Zeker. Ik zie heel veel verandering in Nederland. Kerken, organisaties en bedrijven nodigen me uit om te komen spreken omdat zij het thema belangrijk vinden. Er zijn heel veel mensen die iets doen voor een ander, en dat groeit. Maar dat verhaal wordt niet vaak verteld, omdat we vaak de nadruk leggen op dingen die niet goed gaan. Terwijl we de geluiden van de flanken, zowel extreemrechts als extreemlinks, vaker horen, hoor je het midden weinig. Maar juist daar heb je meer ruimte om elkaar te ontmoeten. Wij zijn in de meerderheid, maar ons verhaal over verbinding is niet sexy genoeg.’

Wat zegt de huidige discussie over de nieuwe asielwetten jou over de angst voor de ander in Nederland?

‘Links maakt nu een grote fout door te denken dat ze het rechtse verhaal moeten gaan vertellen. Ze houden niet vast aan hun waarden en normen. Ze denken dat rechts scoort. En daardoor verliezen we onze menselijkheid uit het oog. Daarom herkennen veel mensen zich niet meer in het linkse verhaal, omdat het linkse verhaal langzamerhand op het rechtse is gaan lijken. Houd vast aan je principes! Vóór de mens. Vóór de humaniteit, vóór het leven, vóór asielzoekers!’

Je omschreef in je columns Nederland als divers, maar niet als inclusief. Kun je dat uitleggen?

‘Vaak wordt eerst de nadruk gelegd op diversiteit. Een bedrijf waar ik trainingen verzorgde aan vluchtelingen, vond diversiteit belangrijk. Zij boden deze vluchtelingen uit verschillende culturen de kans om voor hen te komen werken. Maar eenmaal op de werkvloer merkte ik dat het personeel geen idee had van andere culturen. Ze hadden geen contact met elkaar. Een ander voorbeeld is een 5 mei-viering waar ik bij was. Tot mijn verbazing werden daar alleen liedjes uitgevoerd waarin mijn vrienden en ik, uit Afrika en andere landen, ons niet konden vinden. Het begint bij het bestuur: zitten er mensen in het bestuur die weten wat er speelt in andere culturen? Nee! Zo kun je niet inclusief handelen en doe je dingen vanuit je eigen perspectief. Als een land met zoveel nationaliteiten er niet voor zorgt dat iedereen zich thuis voelt, dan ben je wel een divers land, maar niet inclusief. Als je niet de moeite neemt om verbinding te maken en inclusief te denken, dan is diversiteit een lege huls.’

Inclusiviteit heeft dus een diepere betekenis dan diversiteit, dat wat meer aan de oppervlakte ligt?

‘Klopt, en daarom moeten we de nadruk leggen op inclusiviteit. Als we dat als vertrekpunt willen nemen, moeten we eerst beseffen dat iedereen een mens is met kwaliteiten. En iedereen heeft recht op kansen.’

In je boek put je ook hoop uit de beweging Black Lives Matter. Heeft het opgeleverd wat je ervan hoopte?

‘Black Lives Matter heeft bewustwording gecreëerd, vooral onder Gen Z. De jongere generatie gaat het anders doen. Mijn dochter bijvoorbeeld. Zij ziet niet de pijn die ik zie. Voor deze jongeren is diversiteit vanzelfsprekend, omdat zij denken in inclusie; onder invloed van sociale media is de wereld dichterbij gekomen. Dat geeft mij hoop. Dankzij Black Lives Matter werden mijn dochters bewuster van hun huidskleur en positie in de wereld. Ze komen nu ook voor elkaar op als iemand wordt onderdrukt of gediscrimineerd. Maar je hoeft niet altijd je mond open te doen om dingen aan te kaarten of de dader fysiek te confronteren. Als je onrecht ziet gebeuren, kun je verzet bieden door het te filmen of de politie te bellen. Blijf niet aan de zijlijn staan!’

Babah Tarawally, Ik ben omdat wij zijn, Uitgeverij Jurgen Maas, 228 blz., € 21,99

Ten minste twee Nederlandse Gaza-activisten ‘gekidnapt’ door Israël

0

Israël heeft naar alle waarschijnlijkheid minstens twee Nederlanders ontvoerd, die meevoeren op de Global Sumud Flotilla.

Het gaat om de pro-Palestijnse activisten Jesse van Schaik en Pieter Rambags. Sinds maandag is er niets meer van hen vernomen. Een protestactie gisteren bij de Tweede Kamer werd hardhandig de kop ingedrukt door de politie, meldt Hart van Nederland.

‘Vanochtend is mijn goede vriend en collega Pieter Rambags gekidnapt op internationale wateren door het Israëlische leger’, schreef Jakob de Jonge, directeur van The Hague Peace Projects, gisteren op LinkedIn. ‘Pieter was met enkele tientallen andere boten als onderdeel van de “Flotilla” op weg naar Gaza om daar humanitaire hulp te brengen. Hulp voor de Palestijnse bevolking, die al sinds september 2024 systematisch wordt uitgehongerd en platgebombardeerd door Israël.’

De Jonge zei het onwerkelijk te vinden dat Nederlandse bestuurders ‘passief toekijken’ naar wat Israël doet op internationale wateren. Hij heeft lezers opgeroepen om de Nederlandse overheid te herinneren aan haar verantwoordelijkheid om de veiligheid van Nederlandse burgers te waarborgen en zich in te zetten voor hun vrijlating.

De moeder van Jesse van Schaik vertelde aan de Volkskrant dat ze al sinds maandag niets meer heeft vernomen van haar dochter. Jesse zelf werd in april door  de Kanttekening geïnterviewd. Uit appberichten van mede-activist Rambags, die in het bezit zijn van de Kanttekening, blijkt ook dat hij maandag om 10.14 uur voor het laatst online was op WhatsApp.

‘Het is nog twee dagen varen naar Gaza. Israël is reeds begonnen met het bedreigen van de vreedzame vloot waar ik onderdeel van ben’, is het laatste wat hij die maandag berichtte.

Kamervragen Forum voor Democratie over rol Turkse diplomaat bij Nederlandse tak Diyanet

0

De uiterst rechtse partij Forum voor Democratie heeft Kamervragen gesteld over mogelijke ongewenste Turkse beïnvloeding. Een Turkse diplomaat zou een centrale rol spelen bij de Islamitische Stichting Nederland, de Nederlandse tak van het Turkse directoraat van godsdienstzaken Diyanet.

Forum voor Democratie verdenkt diplomaat Ömer Özgül ervan ‘feitelijk leidinggevende’ te zijn van Diyanet Nederland, terwijl ISN in 2020 de belofte deed aan de Kamer om de invloed van Turkije te verminderen. Minister van Buitenlandse Zaken Tom Berendsen (CDA) gaat daar in zijn antwoord niet direct op in. ‘Het kabinet heeft geen inzicht in de agenda van diplomaten van andere landen’, aldus de minister, die ook benoemt dat er in het huidige bestuur van ISN geen diplomatieke of consulaire functionarissen zitten.

Forum voor Democratie wil ook weten waarom het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft samengewerkt met het Kennisplatform Inclusief Samenleven, omdat dit platform volgens de partij zo ‘nauw verbonden’ zou zijn met de Turkse staat. Daarop volstaat de minister met de mededeling dat KIS een onafhankelijke stichting is die eigen afwegingen maakt. Ook benadrukt de minister dat ISN voor veel mensen een ‘religieuze en sociale rol’ heeft.

Het Kennisplatform Inclusief Samenleven kwam eerder dit jaar negatief in het nieuws, vanwege mogelijke belangenverstrengeling. Een KIS-rapport in opdracht van het ministerie van Sociale Zaken over islamofobie was deels gefinancierd door de ISN-academie. Maar wat bleek? De onderzoeker die dit rapport schreef is de echtgenoot van de directeur van de ISN-academie. Hun echtelijke verbinding was echter niet aangegeven bij het ministerie en stond evenmin vermeld in het onderzoek. De uiterst rechtse partij JA21 stelde daarover ook Kamervragen.

VNG en kabinet gaan nauwer samenwerken bij organiseren asielopvang

0

Het kabinet en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) hebben maandagavond 18 mei afgesproken nauwer samen op te trekken bij de organisatie van asielopvang. Aanleiding zijn de gewelddadige protesten tegen azc’s.

Die protesten vonden onder meer plaats in Loosdrecht, IJsselstein, ’s‑Hertogenbosch en Apeldoorn. Gemeenten die noodopvang wilden realiseren kregen te maken met intimidatie en geweld. De gemeenten hebben daarom in een brandbrief om steun van het kabinet gevraagd, omdat zij vonden dat het Rijk te stil bleef terwijl lokale bestuurders onder grote druk stonden.

Volgens RTL Nieuws heeft het kabinet nu toegezegd de ongeregeldheden expliciet te veroordelen en zich onvoorwaardelijk achter de zogenoemde Spreidingswet te scharen. Die wet verplicht gemeenten asielzoekers evenwichtiger over het land te verdelen en kan in uiterste gevallen worden gehandhaafd.

Zowel RTL als de VNG melden dat er ‘vliegende teams’ komen. Dit zijn groepen experts van het Rijk en grote gemeenten die kleinere gemeenten ondersteunen bij het opzetten van opvanglocaties en het communiceren met de inwoners. Ook wordt er gewerkt aan betere handhaving tegen opruiing en bedreiging, zowel online als offline.

Volgens de VNG raakt de huidige situatie niet alleen de opvangcapaciteit, maar ook de werking van de democratische rechtsstaat. Het kabinet benadrukt dat het ‘schouder aan schouder’ met gemeenten wil optrekken en vasthoudt aan uitvoering van de Spreidingswet.