16 C
Amsterdam
Home Blog

Natasja Gibbs heeft niks met oppervlakkige journalistiek

0

Recensie | Natasja Gibbs breekt een lans voor onafhankelijke, geëngageerde journalistiek. Maar door deze goede journalistiek ‘woke’ te noemen, zullen sommige lezers waarschijnlijk toch afhaken.

Begin 2023, nog voor de genocide in Gaza, zei BNNVARA-presentator Natasja Gibbs op de radio dat Israël een apartheidsregime is. Ze had felle kritiek op toenmalig ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers, die een open brief had geschreven over Iran. Segers zou met twee maten meten, omdat hij wel kritisch was over de mensenrechtenschendingen in Iran, maar zweeg over de apartheidspolitiek van Israël jegens de Palestijnen.

Deze niet-neutrale opstelling van Gibbs schoot rechts Nederland in het verkeerde keelgat. Ze zou niet objectief zijn, vooringenomen zijn, activistische woke-journalistiek bedrijven, haar meningen presenteren als feiten, enzovoort. Gibbs verdedigde zich echter door te wijzen op het feit dat mensenrechtenorganisaties Human Rights Watch en Amnesty International Israël ook een apartheidsstaat hadden genoemd. Maar ze verwees niet naar deze rapporten in de uitzending, waardoor de Ombudsman haar toch een tikje op de vingers gaf.

Nu, ruim drie jaar later, heeft Gibbs een boekje geschreven over haar visie op goede journalistiek. Haar schotschrift Waarom een gezonde democratie niet zonder journalistiek kan is een passievol pleidooi voor meer engagement. In onze liberale democratie wordt de journalistiek vaak gezien als de vierde macht, een waakhond die de politiek controleert. Maar volgens Gibbs dreigt de waakhond in een bedrijfspoedel te veranderen, omdat de journalistiek steeds meer de oren zou laten hangen naar de commercie, de onderbuik en de politieke machthebbers zelf.

De overheid moet investeren in goede journalistiek, landelijk en regionaal

In zeven hoofdstukken legt Gibbs uit wat volgens haar beter kan, wat beter moet. 1) Het ideaal van journalistieke neutraliteit kan wat Gibbs betreft bij het grofvuil worden gezet; journalisten moeten juist transparant zijn over hun partijdigheid; 2) diversiteit is belangrijk, omdat diversiteit volgens haar leidt tot meer kwaliteit; 3) goede journalistiek moet volgens Gibbs het publiek dienen, niet het ‘systeem’; 4) journalisten moeten minder bezig zijn met wat scoort, meer met wat echt nodig is; 5) journalistiek is van het ‘volk’, niet van de ‘markt’; 6) we moeten investeren in regionale journalistiek, vooral in die van Caribisch Nederland; 7) goede journalistiek is woke en moet zich niet laten censureren door uiterst rechtse partijen en ook de VVD, die de journalistiek zouden willen muilkorven.

Ook al ben je het misschien niet met alles wat ze schrijft eens, Gibbs’ pamflet biedt interessante stof tot nadenken. Haar interessantste opvatting is dat de overheid moet investeren in goede journalistiek, landelijk en regionaal, omdat hierdoor onze democratie wordt versterkt. Ze vergelijkt dit met de aanleg van wegen. Dat is ook een publieke voorziening, die door overheidsgeld wordt gefinancierd. En juist omdat goede journalistiek het publieke belang dient, hebben we hier uiteindelijk allemaal profijt van.

Goede journalistiek is van goede kwaliteit. Gibbs heeft niks met oppervlakkige journalistiek, die niet kritisch doorvraagt en die blijft hangen in simpele soundbites. Ze ergert zich ook aan redacties die onderwerpen expres versimpelen om Henk en Ingrid uit ‘Schubbekutteveen’ tegemoet te komen. Het idee dat ‘de gewone Nederlander’ dom en racistisch is, heeft volgens haar ook iets aanmatigends.

Tegelijkertijd is Gibbs voor journalistiek die het ‘volk’ dient. Ze bedoelt hier niet alleen Henk en Ingrid mee, maar groepen die volgens haar echt ongehoord blijven, zoals de inwoners van Caribisch Nederland. Journalisten daar kunnen niet in alle vrijheid hun werk doen, omdat ze onder druk zouden worden gezet door Nederlandse ambtenaren en het bedrijfsleven.

In het laatste hoofdstuk pleit Gibbs voor woke journalistiek. Ze heeft niet alleen felle kritiek op de PVV en Forum voor Democratie, die zich in navolging van Donald Trump tegen kritische journalistiek keren, maar plaatst ook de VVD in de beklaagdenbank. Gibbs is boos op Dilan Yesilgöz, omdat de VVD-leider zich in haar H.J. Schoof-lezing had uitgesproken tegen woke. De BNNVARA-journalist ziet deze kritiek als een indirecte oproep tot censuur, omdat Yesilgöz de strijd voor sociale rechtvaardigheid verdacht zou willen maken.

Gibbs is boos op Dilan Yesilgöz

Gibbs haalt hierbij de twee betekenissen van woke door elkaar. Aan de ene kant stond/staat woke voor bewustwording, voor kritiek op sociale onrechtvaardigheid en racisme. Daar is inderdaad niets mis mee. Maar woke stond/staat ook voor een doorgeschoten politieke correctheid, een linkse taalpolitie, die iedereen die ook maar een beetje afwijkt van de intersectionele norm als racist, fascist, seksist of transfoob wegzet. Daar had Yesilgöz – terecht – kritiek op. Ze is trouwens niet de enige. Onlangs keerde de bekende Amerikaanse linkse politica Alexandria Ocasio-Cortez zich ook tegen deze dogmatische vorm van wokisme, die ze ‘woke 1’ noemde. ‘Woke 1 was crazy’, zei AOC.

Als Gibbs aan het einde van haar pamflet een beetje provocerend zegt dat journalistiek ‘woke als f*ck’ behoort te zijn, bedoelt ze natuurlijk bewuste journalistiek, die scherp en kritisch is. Maar door het poly-interpreteerbare begrip woke te gebruiken, zullen veel lezers toch afhaken, omdat die in dit statement toch een oproep tot censuur zullen lezen, iets waar Gibbs zich juist tegen verzet. En dat is jammer, want Gibbs pleit juist voor journalistiek voorbij de simplistische soundbites.

Natasja Gibbs, Waarom een gezonde democratie niet zonder journalisten kan. De zeven pijlers van de journalistiek, een gloedvol pleidooi, Meulenhoff, 96 blz., € 18,99

Oekraïne hervat aanvallen op Russische energie-infrastructuur

0

Oekraïne heeft haar aanvallen tegen de Russische energie-infrastructuur hervat, nadat Rusland in de nacht van dinsdag op woensdag opnieuw aanvallen had uitgevoerd op Oekraïne, schrijven verschillende media. Dit was in strijd met het ‘energiebestand’ dat Trump afgelopen zondag aankondigde.

Trump had op eigen houtje met Rusland afgesproken dat het 300.000 ton diesel zou leveren aan de VS, waarmee hij hoopt de brandstofprijzen in zijn land te verlagen. Oekraïne zou dan haar droneaanvallen op Russische olieraffinaderijen moeten staken. Voor Oekraïne is het raken van deze infrastructuur en daarmee de Russische oorlogskas ‘enorm belangrijk’, schrijft de NOS. 

Ondertussen kampt Oekraïne met restricties die afgelopen dinsdag werden opgelegd aan het Starshield systeem, de militaire tak van Starlink, eigendom van Elon Musk. Het Oekraïense leger gebruikt dit systeem voor de verdediging van haar luchtruim en om drones af te sturen op Russische doelen. In tegenstelling tot Starlink is Starshield uitsluitend bedoeld voor militaire doeleinden. Volgens het Oekraïense ministerie van Defensie wordt de verbinding verstoord wanneer deze harder vliegen dan 160 kilometer per uur.

Dinsdagnacht meldde Oekraïne dat snelheidsbeperkingen van het systeem haar operaties op het slagveld belemmerden. Die nacht voerde Rusland dodelijke aanvallen uit op Oekraïne, waarbij communicatie- en energie-infrastructuur werd geraakt dat door het Oekraïense leger wordt gebruikt. Zeker zeshonderdduizend mensen kwamen zonder elektriciteit te zitten, en mensen werden niet gewaarschuwd voor de binnenkomende Russische drones, schrijft de BBC.

Volgens de Oekraïense president Zelensky waren de beperkingen op het Starshield-
systeem in het licht van de door Rusland hervatte aanvallen geen toeval. Musk schreef in een post op X dat Starshield wordt beheerd door de Amerikaanse regering. ‘Snelheidslimieten of limieten op gebruik worden ingevoerd door het Amerikaanse leger en uiteindelijk de Amerikaanse president, schreef Musk.

Trump is volgens de BBC steeds gefrustreerder geraakt vanwege de Oekraïense aanvallen op Russische energie-infrastructuur. Hij zou volgens Zelensky hebben gedreigd om het delen van inlichtingen met Oekraïne in te perken als Zelensky zich niet zou aansluiten bij zijn energiedeal. Musk schreef eerder deze week dat het ‘tijd wordt voor een nieuwe leider voor Oekraïne.’

BDS Nederland doet aangifte tegen oud-Kamerlid SGP, dat expres illegale Israëlische wijn kocht

0

De pro-Palestijnse mensenrechtenorganisatie BDS Nederland heeft bij het Openbaar Ministerie aangifte gedaan tegen voormalig SGP‑Kamerlid Roelof Bisschop. Volgens de organisatie heeft Bisschop het Tijdelijk sanctiebesluit onrechtmatige nederzettingen overtreden door op 23 september bewust Israëlische wijn te kopen gemaakt van druiven uit door Israël bezette gebieden. De aangifte is ingediend via Jebbink Soeteman Advocaten.

De aankoop vond plaats één dag nadat het sanctiebesluit in werking trad. Dat besluit verbiedt het direct of indirect aankopen van goederen afkomstig uit illegale Israëlische nederzettingen. Bisschop kocht twee flessen wijn van het wijnhuis Teperberg, een producent die op de zwarte lijst van de Verenigde Naties staat vanwege activiteiten in onder meer Mevo Horon, Gush Etzion en de Samarian Mountains. De voormalige parlementariër verklaarde zelf dat hij wist dat sommige wijngaarden in het verboden postcodegebied liggen.

Statement tegen de sanctiewet

Bisschop maakte zijn aankoop op 23 september publiek via een bericht op X, waarin hij een foto van de flessen deelde met de tekst: ‘Toch nog maar even aangeschaft. Ze zijn er nog, de Israëlische wijnen!’ In een uitzending van Family7 op 25 september en later in een interview met het Nederlands Dagblad lichtte hij toe dat hij de wijn kocht om een statement te maken. Hij wilde aantonen dat de sanctiewet volgens hem ‘onbenullig’ is. Bisschop gelooft dat het verbod niet geldt voor bestaande voorraden die al in Nederland aanwezig zijn.

Maar volgens BDS Nederland is die redenering onjuist.iIn de toelichting op het besluit staat volgens hen dat het verbod betrekking heeft op alle goederen uit illegale nederzettingen, ongeacht het moment van productie of invoer.

Opzettelijke overtreding

In de aangifte benadrukt BDS Nederland dat Bisschop volgens zijn eigen verklaringen bewust handelde. Daarmee zou sprake zijn van een opzettelijke overtreding van het sanctiebesluit, via de Sanctiewet strafbaar gesteld in de Wet op de economische delicten. Het is van belang dat strafrechtelijk wordt gehandhaafd, ook omdat Bisschop anderen indirect heeft aangemoedigd hetzelfde te doen door zijn aankoop publiekelijk te presenteren en zijn standpunt op meerdere platforms te herhalen. 

Artikel 4 van het sanctiebesluit verbiedt zowel de directe als de indirecte aanschaf van producten afkomstig uit illegale Israëlische nederzettingen. Het besluit is opgesteld op basis van het advies van het Internationaal Gerechtshof van 19 juli 2024 en verschillende resoluties van zowel de VN‑Veiligheidsraad als de Algemene Vergadering. 

Bestuurslid Nils Brenkman van BDS Nederland zegt dat het belangrijk is dat het OM onderzoekt of een strafbaar feit is gepleegd. Volgens hem moet worden vastgesteld of het sanctiebeleid daadwerkelijk werkt en of het besluit voldoende handhaafbaar is. Brenkman stelt dat Bisschop bewust de grenzen van de wet heeft opgezocht.

‘Het sanctiebesluit is een onvolledige maar desalniettemin belangrijke stap van Nederland om zich aan zijn verplichtingen volgens het internationaal recht te voldoen om géén medewerking te verlenen aan de instandhouding van de illegale bezetting. Wie als oud‑Kamerlid publiekelijk aankondigt de wet bewust te testen, moet erop kunnen rekenen dat het OM kijkt of dat strafbaar is.’

Advocaat: ‘Verbod geldt ook voor bestaande voorraden’

Advocaat Jaantje Kramer van Jebbink Soeteman, die de aangifte namens BDS Nederland indiende,benadrukt dat het overtreden verbod ziet op het moment van aankoop. ‘Uit de toelichting op het besluit volgt dat bestaande voorraden ook onder het sanctiebesluit vallen.’ 

Kramer stelt dat Bisschop ‘opzettelijk en kwaadwillig’ handelde door de wijn te kopen en dit publiekelijk te presenteren als een test van de wet. Dat biedt volgens haar een duidelijk aanknopingspunt voor strafrechtelijke vervolging. Over mogelijke straffen doet zij geen uitspraken. ‘Dat is aan het OM en uiteindelijk aan de rechter.’

Volgens Kramer zijn er nog geen eerdere zaken over dit specifieke sanctiebesluit, omdat het pas sinds september van kracht is. Wel zijn er vergelijkbare zaken geweest rond andere importverboden, waarbij omzeiling soms tot veroordelingen leidde.

Voormalig SGP-parlementariër Roelof Bisschop. Beeld: Dirk Hol/Wikipedia

Performatieve handeling

Bisschop lijkt zijn aankoop bewust performatief te hebben ingezet. Hij kocht de wijn, kondigde dit aan op sociale media en zocht vervolgens de publiciteit op. Critici stellen dat hij hiermee de rol van ‘christelijke martelaar’ probeert te claimen, de getuigt van zijn geloof door de wet openlijk uit te dagen. Kramer wil niet ingaan op de motieven van Bisschop en benadrukt dat haar rol beperkt is tot de juridische beoordeling van zijn handelingen.

BDS Nederland wil dat het OM een strafrechtelijk onderzoek start en beoordeelt of vervolging op zijn plaats is. De organisatie ziet de zaak als een testcase voor de werking van het sanctiebesluit en de handhaafbaarheid van het Nederlandse sanctiebeleid. Volgens Brenkman is de kans op een veroordeling groot, omdat Bisschop volgens hem ‘overduidelijk expres’ handelde en wijn kocht die onder het verbod valt.

Iraanse vrouw ter dood veroordeeld voor blasfemie, mensenrechtenorganisaties slaan alarm

0

Mensenrechtenorganisaties waarschuwen voor de toegenomen inzet van de doodstraf om afwijkende meningen te onderdrukken en angst te zaaien in Iran, schrijven verschillende media.

De 23-jarige Najmeh Amini werd vorige week ter dood veroordeeld voor het beledigen van de profeet Mohammed in een post op sociale media. Hoewel nog in beroep kan worden gegaan tegen de veroordeling, is het feit dat zij de doodstraf krijgt voor het uiten van haar mening op sociale media ‘alarmerend’, stelt de in Oslo gevestigde organisatie Iran Human Rights.

Artikel 262 van het Iraanse wetboek van strafrecht legt de doodstraf op voor het beledigen van de profeet of sjiitische leiders. Artikel 263 maakt echter een uitzondering voor uitingen die onder invloed of zonder opzet zijn gedaan. Hoewel Amini een poging deed om zich hierop te beroepen, wees de rechter dit beroep af.

Amini werd in januari gearresteerd tijdens demonstraties die door de autoriteiten met geweld de kop in werden gedrukt. Tijdens die demonstraties werden volgens het Britse medium LBC meer dan vijftigduizend mensen gearresteerd en kwamen duizend om.

In februari werd Amini opnieuw gearresteerd nadat zij online in de gaten was gehouden door de politie. Vorige maand riep zij vanuit de gevangenis mensenrechtenorganisaties, de Verenigde Naties en advocaten op om haar te helpen, schrijft The Guardian.

Volgens Iran Human Rights vormt het ter dood veroordelen van een jonge vrouw om haar uitingen op sociale media een risico dat het inzetten van de doodstraf wordt genormaliseerd. De organisatie roept de internationale gemeenschap op om in te grijpen.

Het aantal executies in Iran is de afgelopen jaren sterk gestegen, schrijft The Guardian. Volgens Iran Human Rights hebben de Iraanse autoriteiten dit jaar al meer dan zeshonderd executies uitgevoerd.

KNAW: neem academische vrijheid op in Grondwet

0

De Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) pleit ervoor om academische vrijheid op te nemen in de Grondwet. Ook moet de wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek worden aangescherpt. Dat staat in een advies dat de KNAW gisteren heeft aangeboden aan minister Rianne Letschert van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Volgens de KNAW staat de academische vrijheid in Nederland onder druk door onder meer overheidsbemoeienis, intimidatie van wetenschappers en polarisatie binnen universiteiten. De organisatie wil daarom ook een landelijke gedragscode die onderwijs- en onderzoeksinstellingen helpt deze vrijheid te beschermen.

In een tweede advies waarschuwt de KNAW voor overheidsbemoeienis met de vrijheid van meningsuiting van wetenschappers en activiteiten op universiteitscampussen. Wetenschappers moeten in het publieke debat duidelijk maken wanneer zij vanuit hun wetenschappelijke expertise spreken. Tegelijkertijd moeten studenten ruimte krijgen voor protest en debat. De overheid moet zich terughoudend opstellen bij inhoudelijke bemoeienis met onderwijs en onderzoek.

Het advies van de KNAW sluit aan bij bredere maatschappelijke zorgen over de autonomie van universiteiten. In een eerder artikel van de Kanttekening werd al gewezen op de ‘militarisering’ van de universiteit. Defensie zou een veel te grote rol hebben gekregen in zaken als werving van docenten of toezegging van onderzoeksgeld, waardoor de wetenschap de doelen van Defensie was gaan dienen, zo menen kritische docenten.

De kritiek beperkt zich overigens niet tot de rol van Defensie. Sinds de genocide in Gaza zijn de banden met Israëlische universiteiten onder druk komen te staan. Op verschillende universiteiten hebben docenten en studenten opschorting van deze relaties geëist, in sommige gevallen met succes.

Er zijn echter ook academische instellingen die vast blijven houden aan de band met Israëlische partners, wat tot veel verdeeldheid heeft geleidt. Niet iedereen voelt zich vrij zich over deze uit te spreken. Of het nu voor of tegen de besluitvorming ingaat, het hebben van een mening over dit gepolariseerde debat kan gevolgen hebben voor de werkrelatie, blijkt regelmatig.

Lees ook:

Zorgen over ‘militarisering van de universiteit’: weinig ruimte voor kritiek

De versterkte gebedsoproep: wen er maar aan

0

Eeuwen geleden zou een christelijke bezoeker aan de Ottomaanse hoofdstad Constantinopel bij een avondwandeling betoverd zijn geraakt door een prachtig uitgevoerde azaan, de islamitische gebedsoproep. Hij zweefde bijna door de nauwe straten van de oude stad, totdat een andere muezzin vanaf een minaret zijn oproep liet klinken. Die zong zo vals dat de vrome christen meteen weer met beide benen op de grond stond.

Deze apocriefe anekdote wordt in islamitische kringen in allerlei varianten verteld, maar komt altijd op hetzelfde neer: een goede gebedsoproeper kan zielen winnen, een slechte kan juist mensen afstoten. De azaan is dus niet zomaar een religieus ritueel. De muezzin is in zekere zin de meest vocale ambassadeur van de islam.

De kwaliteit van de gebedsoproep kan per moskee behoorlijk verschillen, zoals ook uit de anekdote blijkt. Iedereen die weleens een islamitisch land heeft bezocht, kan dat beamen. Uit de ene minaret klinkt de muezzin als een nachtegaal, uit de andere galmt, oneerbiedig gezegd, kattengejank. Wat in ieder geval niet helpt, is dat de versterker niet altijd goed staat afgesteld, waardoor vooral elektronische ruis door de wijken schalt in plaats van een zuivere stem.

Rond 2010 ontstond er in Turkije een levendige discussie over de nieuwe lichting gebedsoproepers, die nogal te wensen overliet. Toen de Turkse zangeres Sezen Aksu tijdens een concert even pauzeerde om uit respect de muezzin op de achtergrond zijn gebedsoproep te laten doen, kon ze het vervolgens niet laten om te zeggen dat hij op z’n minst een mooie stem moest hebben. Daar waren in Turkije vriend en vijand het zeldzaam met elkaar eens.

De minaret hoort er nu net zo bij als de kerktoren

Inmiddels is de azaan allang niet meer louter een kwestie voor moslims alleen. De gebedsoproep is in toenemende mate te horen in Europese steden met een aanzienlijke islamitische minderheid. De tolerantie daarvoor is op z’n zachtst gezegd niet groot en dat ligt niet per se aan de stem van de muezzin.

In 2018 tweette de zelfverklaarde militante atheïst Richard Dawkins over de azaan en stelde dat ‘het prachtige klokgelui van Winchester’ zoveel fijner is dan het ‘agressief klinkende Allahu akbar’. Of, vroeg hij zich retorisch af, ‘komt het gewoon door mijn culturele opvoeding?’ Bij navraag verklaarde Dawkins dat de islamitische gebedsoproep heus wel mooi kon zijn, maar dat ‘Allahu akbar het laatste is wat je hoort als de zelfmoordbom afgaat’.

Het zou niet moeten verbazen dat dezelfde intolerantie voor de azaan aanwezig is in Nederland. Onlangs dienden JA21 en SGP een initiatiefwet in om de versterkte gebedsoproep te verbieden. Volgens deze partijen eist de islam via de luidspreker ‘een veel dominantere plek in de publieke ruimte’ op dan andere religies. Door de Arabische teksten zouden mensen zich ook vervreemd voelen ‘in hun eigen wijk’. Dat er vaak islamitische gelovigen en frequente moskeebezoekers in zo’n wijk wonen, komt niet bij deze politici op.

Maar laten we dat hondenfluitje even negeren. Laten we, omwille van ‘het gesprek’, meegaan met de bezwaren. Niet vanuit afkeer van de islam, maar vanwege ‘praktische’ redenen. De gebedsoproep versterkt laten klinken, is dat nog van deze tijd? Moskeegangers hebben doorgaans een gebedskalender, tegenwoordig vooral digitaal. Vrome moslims die vijf keer per dag bidden, kennen de gebedstijden meestal wel uit het hoofd. Wat is dan nog de noodzaak om vanaf de minaret de gebedsoproep te doen?

Kortom, het hóéft niet. Maar dat geldt net zo goed voor kerkklokken. In een samenleving die allang niet meer in meerderheid christelijk is, zou je die ook achterwege kunnen laten. Dat klokgelui nou eenmaal eeuwenlang tot het achtergrondgeluid behoort, is niet het meest overtuigende argument. Tradities zijn immers veranderlijk én nieuwe tradities kunnen geïntroduceerd worden. Enter: de azaan.

Ik zou zeggen: wen er maar aan. De minaret hoort er nu net zo bij als de kerktoren. Het Arabisch klinkt zo onaangenaam of eng? Doe eens gek, verdiep je in die rijke wereldtaal. Leer de subtiliteit herkennen van een religieuze uiting als de azaan. Het enige bezwaar dat je vervolgens kunt hebben, is dat die slecht uitgevoerd wordt.

Onderzoek: Nederlandse media gaven Israël meer aandacht dan Palestijnen

0

Nederlandse media besteedden sinds 7 oktober 2023 relatief meer aandacht aan Israëlische slachtoffers dan aan Palestijnse. Ook kwamen Israëlische bronnen vaker aan het woord en werd geweld tegen Palestijnen vaker in verzachtende woorden beschreven. Dat blijkt uit onderzoek naar ruim 17.000 artikelen van zeven grote Nederlandse nieuwsmedia, gepubliceerd in Trouw.

Het onderzoek werd uitgevoerd op initiatief van freelance journalist Coen Ramaer, samen met mediaonderzoeker Nel Ruigrok en studenten journalistiek van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Zij onderzochten ruim 17.000 artikelen van zeven grote Nederlandse nieuwsmedia, waaronder de NOS, NRC en de Volkskrant.

Israëlische bronnen werden anderhalf keer zo vaak geciteerd in koppen en intro’s als Palestijnse bronnen. Hun uitspraken werden ook vaker als feiten gepresenteerd, terwijl journalisten bij Palestijnse bronnen vaker woorden als ‘zou’ en ‘mogelijk’ gebruikten.

Ook spraken media weinig van genocide. Uit gesprekken met 37 journalisten blijkt verder dat twaalf van hen vertrokken omdat ze hun redactie niet kritisch genoeg vonden tegenover Israël.

De betrokken hoofdredacties zijn het niet eens met de conclusie dat Israël werd bevoordeeld. Ze wijzen onder meer op de moeilijke toegang tot Gaza en hebben kritiek op de onderzoeksmethode.

Dit lijden van mij mag even marineren

0

Mijn zoon klaagt over de ham-kaascroissant als mijn zusje mij vanuit een vluchtelingenkamp belt. ‘We hebben sinds gisteren niets te eten’, vertelt zij.

We zitten in het park te picknicken, de lucht is blauw en de zon schijnt. De ham-kaascroissant zal na afloop uiteindelijk in de prullenbak belanden. En ik zal mij tot op de dag van vandaag afvragen hoe ik die twee werelden kan verenigen. Aan de ene kant overvloed. Aan de andere kant ellende.

Ik leerde van schrijver Babah Tarawally dat ik als migrant maar beter tai chi kan leren. Een permanente dans tussen hier en daar, tussen het geboorteland en het land van aankomst. In zijn boek Ik ben geen mango beschrijft hij hoe hij een zebra is geworden. Iemand die tussen de ik-cultuur van Nederland en de wij-cultuur van zijn geboorteland Sierra Leone weet te laveren. En omdat hij inderdaad geen mango is, is hij niet aan vaste grond gebonden om tot bloei te komen.

Er zijn tijden geweest dat ik de limbo-positie van de migrant verheerlijkte. Omdat de migrant zich permanent aan nieuwe omstandigheden aanpast, zou hij een voorloper in de tijd zijn. Uiteraard ben ik nog steeds van mening dat het ons goed zou doen als wij naar migranten en andere buitenbeentjes zouden luisteren. Niet voor de bühne, maar om te horen hoe zij zich hebben aangepast aan omgevingen die bedoeld waren om hun bestaan te ontkennen. Maar deze positie wordt steeds onhoudbaarder.

Er zijn tijden geweest dat ik de limbo-positie van de migrant verheerlijkte

Het gevaar van de single story ligt op de loer. De verleiding is groot om de migrant te reduceren tot slechts één deel van zijn identiteit. Daar waar extreemrechts de migrant als symbool voor existentieel gevaar ziet, kan de Michael-Jackson-humanist de migrant als het symbool van de onschuld omarmen. Beide posities slagen er niet in om de migrant in al zijn gedaanten te zien: kwetsbaar, slim, dom, met mooie en lelijke families, lui, ambitieus. Migranten en andere buitenbeentjes zijn net mensen.

De romantisering van trauma ligt ook op de loer. What doesn’t kill you makes you stronger is een populair script in onze samenleving. Het feit dat iemand iets verschrikkelijks heeft meegemaakt, kan een bron van veerkracht zijn. Maar ik vraag mij af waarom iedere pijn uiteindelijk tot een les moet leiden. Ieder verlies tot een transformatie.

Ik bevind mij in deze limbo-positie, net als vele buitenbeentjes om mij heen, omdat wij er steeds achter komen dat de pijn in onze families en in de wereld uitzichtloos is. En dat er voor ons daar geen lessen uit te halen vallen.

En dan hoor ik de stem van Viktor Frankl. Hij schreef deze woorden in 1945, enkele maanden nadat hij Auschwitz had overleefd:

‘If there is a meaning in life at all, then there must be a meaning in suffering. Suffering is an ineradicable part of life, even as fate and death. Without suffering and death, human life cannot be complete.‘

Deze woorden komen uit Man’s Search for Meaning, een boek waarin hij als Holocaustoverlevende zijn verhaal vertelt en lessen deelt over het belang van zingeving. Hoe uitzichtloos de situatie ook is, we kunnen nog steeds zin aan ons leven geven. Lijden is in dit geval een randvoorwaarde om het leven zin te geven, naast werk en liefde.

Mooie inzichten, maar ik kan u garanderen dat toen Viktor Frankl door de Duitse bewakers vernederd werd en voor zijn leven moest vrezen, hij zulk prachtig proza niet in zijn hoofd formuleerde.

Wij hebben allemaal tijd nodig om onze pijn te laten rijpen.

Mijn zusje werd vorig jaar noodgedwongen een vluchteling door het zoveelste bloedige conflict in het oosten van Congo. Net als miljoenen anderen. Over de humanitaire ramp die hen overkomt, zonder steun van de humanitaire gemeenschap, hoor je amper. De afwijzing, de vernedering en de verwaarlozing die mijn zusje tijdens haar vlucht en in het vluchtelingenkamp meemaakte, zijn nog te vers om hier te beschrijven.

Maar ik weet dat ik verloren ben, hier in deze tussenruimte. En dat ik het recht heb om deze pijn te voelen, zonder dat het een product wordt van de kapitalistische traumaporno.

En ik weet dat ik niet alleen ben. We zijn met velen. Verloren in deze tussenruimte. Tussen hier en daar. Tussen dankbaarheid en schuld. Tussen machteloosheid en hoop.

Eerste Kamer stemt in met afschaffing dwangsommen voor IND

0

De Eerste Kamer heeft dinsdag ingestemd met het afschaffen van dwangsommen die de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) moet betalen wanneer de dienst te laat beslist over asielaanvragen.

Ook ging de senaat akkoord met nieuwe regels voor vreemdelingenbewaring en ruimere mogelijkheden om criminele vreemdelingen ongewenst te verklaren.

De maatregelen maken deel uit van twee wetten over terugkeer en vreemdelingenbewaring. De dwangsommen verdwijnen omdat de kosten de afgelopen jaren sterk zijn opgelopen. Tegenstanders waarschuwen dat daarmee een belangrijk middel wegvalt om de IND te dwingen tijdig besluiten te nemen. Voorstanders stellen dat het geld beter kan worden ingezet om de achterstanden bij de dienst weg te werken.

Eerder waren deze maatregelen opgenomen in de Asielnoodmaatregelenwet van voormalig asielminister Marjolein Faber (PVV). Die wet werd in april nog verworpen door de Eerste Kamer. Door de voorstellen nu te koppelen aan andere wetgeving heeft het kabinet alsnog voldoende steun gekregen.

Honderden medewerkers NPO: doe niet mee aan Eurovisie Songfestival vanwege deelname Israël

0

Ongeveer vierhonderd medewerkers van de publieke omroepen roepen de Nederlandse Publieke Omroep (NPO) op om de Nederlandse deelname aan het Eurovisie Songfestival in 2027 alsnog te schrappen.

In een brandbrief aan de NPO‑directie en de raad van bestuur uiten zij hun bezwaren tegen deelname zolang Israël meedoet. Ook bekritiseren ze de manier waarop het besluit tot stand is gekomen, meldt de Volkskrant.

De brief, getiteld #NietMijnSongfestival, volgt op het besluit van de NPO om Nederland volgend jaar opnieuw naar het muziekevenement te sturen. Dit jaar bleef Nederland weg uit protest tegen de deelname van Israël, vanwege de genocide in Gaza, zorgen over persvrijheid in het land en vermeende politieke inmenging van Israël in het festival.

AVROTROS, dat normaal gesproken de Nederlandse inzending verzorgt, besloot ook voor 2027 niet mee te werken. De NPO maakte op 23 september bekend de organisatie van de Nederlandse deelname zelf op zich te nemen.

Volgens de medewerkers heeft de NPO onvoldoende rekening gehouden met de bezwaren van werknemers en omroepen. Eerder vroegen zeven omroepen, waaronder AVROTROS, BNNVARA, HUMAN en de VPRO, al om opheldering over de besluitvorming, de financiering en de mogelijkheid om zich alsnog terug te trekken. De kwestie speelt terwijl de publieke omroep tegelijkertijd moet bezuinigen en werkt aan een nieuw omroepbestel.