Voor het zomerreces viel het kabinet, of wat er nog van over was, er nog over. Toch kan het nu opeens wél: Nederland zal een volledig importverbod instellen op goederen uit illegale Israëlische nederzettingen.
Dit werd woensdagavond besloten, toen er onverwacht een Kamermeerderheid voor bleek te zijn. Na een relatief rustig debat kondigde demissionair minister Van Weel aan dat het nationale importverbod er zo snel mogelijk zal komen.
De draai kwam van de kant van de VVD. Voor het zomerreces stemde de partij nog tegen een algeheel importverbod, omdat men eerst wilde onderzoeken of dit op Europees niveau geregeld kon worden. Dat zou volgens VVD-buitenlandwoordvoerder Eric van der Burg meer effect sorteren. Toen bleek dat dit niet mogelijk was, omdat een aantal lidstaten dwarslag, was de kogel door de kerk voor de liberalen.
De oppositie viel bijna van zijn stoel, berichtte de Volkskrant. Het importverbod was namelijk precies wat zeven partijen al in augustus hadden voorgesteld, schrijft D66-buitenlandwoordvoerder Jan Paternotte op X. Toen de VVD toen tegenstemde, besloot de volledige NSC-fractie zich terug te trekken uit het kabinet, wat leidde tot een tweede politieke crisis. ‘Ik snap dat mensen Den Haag vaak niet begrijpen…’, voegt hij eraan toe.
Ja, die vraag komt vast even keihard binnen. Maar de vraag moet worden gesteld: stemt U straks op 29 oktober bij de Kamerverkiezingen op een partij die medeplichtig is aan massamoord?
Met andere woorden valt intussen niet meer de houding te betitelen die de Nederlandse regering en de (gewezen) ultrarechtse coalitiepartijen PVV, VVD, BBB plus wat klein grut aannemen ten opzichte van Israël. Eentje die zelfs de notoire schipperaar en slappeling Caspar Veldkamp – want ook díens houding valt niet anders te omschrijven – te gortig werd en in augustus deed aftreden.
Ik geloof dat er in de afgelopen decennia zelden zo openlijk zichtbaar een genocidaal bloedbad is aangericht, als waarvoor de huidige rechts-extremistische club van Netanyahu tekent. Na de verbale ontmenselijking van de Palestijnen door een aantal van zijn fascistoïde ministers volgt nu de fysieke, waarbij openlijk honger als wapen wordt ingezet.
Inmiddels wordt er niet meer omheen gedraaid dat het einddoel etnische zuivering en annexatie van de Gazastrook is, en in het kielzog daarvan ook de Westelijk Jordaanoever. Door nu met een bombardement op Doha openlijk te proberen de onderhandelaars van de tegenpartij te vermoorden – een staaltje van brutaliteit waaraan zich zelfs Hitler en Stalin volgens mij nooit waagden – geeft Netanyahu te kennen schijt aan de rest van de wereld te hebben en niet in welke vrede dan ook geïnteresseerd te zijn.
De reactie van Europa daarop, maar ook speciaal van Nederland, valt niet anders dan als erbarmelijk te omschrijven. Dick Schoof, een tot premier omhooggevallen kantoorklerk zonder enige eigen visie, wil of moreel benul, weigerde stelselmatig om duidelijk te maken of, en zo ja waar, er voor hem een rode lijn bestond.
Intussen zijn officieel al meer dan zestigduizend Palestijnen vermoord – spaar mij het laffe woordje ‘omgekomen’ – als het er feitelijk al niet meer dan honderdduizend zijn. Doelgericht worden journalisten geëlimineerd, en een deel van de Israëlische bevolking is al zo diep gezonken dat er uitkijkplekken zijn ingericht om met een glas wijn in de hand op veilige afstand de vernietiging van Gaza gade te slaan.
En Schoof en de zijnen? Die spreken hun zorg over de ontwikkelingen uit. En verzekeren dat ze die zorg ook aan Israël overbrengen.
Een absoluut dieptepunt is bereikt waar het gaat om medische opvang in Nederland van Palestijnse kinderen
Waar het CDA een duidelijke draai heeft gemaakt, blijven PVV, VVD, BBB en al hun trawanten ook nu nog pal achter Israël staan. Zelfs een boycot van goederen uit de bezette gebieden was lang niet bespreekbaar. Laf verschuilde vooral de VVD zich steevast achter de mantra dat men het Europees moet aanpakken, wetend dat het daar niet van komt. Door hun weigering om ook maar één sanctie te nemen, maken deze partijen zich medeplichtig aan massamoord.
Een absoluut dieptepunt is bereikt waar het gaat om medische opvang in Nederland van Palestijnse kinderen. Niet alleen de PVV, wie niets onmenselijks vreemd is, maar ook de VVD en de SGP lagen dwars. Ik weet niet welke abjecte vorm van christendom men in die laatste kring – waar men zo graag te pas en te onpas met de Bijbel schermt – aanhangt, maar met de christelijke kernwaarde van barmhartigheid heeft het niets te maken. Het achter de onvoorwaardelijke steun aan Israël liggende theologische concept van het Uitverkoren Volk wordt hier tot zijn uiterste vorm doorgevoerd, en aan deze perverse theologische zelfbevrediging worden twee miljoen Palestijnen opgeofferd.
Moreel even diep gezonken is de VVD, met het ultrapopulisme van Yesilgöz voortdurend pogend om de PVV te overtroeven. Die partij is helemaal in de greep geraakt van figuren als Uri Rosenthal, die als kortstondig minister van Buitenlandse Zaken zijn ambtenaren verbood om in welk rapport dan ook maar enige kritiek op Israël te uiten.
Als een Trump avant-la-lettre poogde hij toen al de waarheid te censureren om de – nu toch echt tot volslagen fictie verworden – leugen van Israël als ‘democratie’ en ‘rechtstaat’ overeind te houden.
De VVD pleitte inzake de zieke Palestijnse kinderen voor ‘opvang in de regio’. Mevrouw Yesilgöz voerde als een van de argumenten aan dat het voor zieke kinderen niet zo goed is om zo’n heel eind te reizen.
Ja, u leest het goed. Zo onbeschaamd cynisch is deze VVD. Weet dus op wie u stemt, als u straks dat hokje rood inkleurt. Maar misschien is ingeval van een eigen verre reis 130 km mogen sjezen op de snelweg in uw genoeglijke leventje inderdaad van groter gewicht.
De Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) pleit voor uitsluiting van Israël van het Europese Horizon-programma voor wetenschappelijke samenwerking, nu de wetenschappelijke consensus over genocide in Gaza groeit.
Dit maakte het belangrijkste overkoepelende orgaan in de Nederlandse wetenschap gisteren bekend in een oproep aan de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW), Eppo Bruins (NSC).
Wetenschappers van het KNAW-onderzoeksinstituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies, het NIOD, concludeerden in mei van dit jaar dat er sprake is van genocidaal geweld door Israël in Gaza, aldus een verklaring. Kort daarna volgde de International Association of Genocide Scholars met eenzelfde conclusie.
De groeiende consensus over het genocidale karakter van de Israëlische oorlogsvoering in Gaza is voor de KNAW een signaal. Het vraagt om onmiddellijke humanitaire actie en het herstel van essentiële infrastructuur, maar ook om uitsluiting van Israël van het Horizon-programma.
Dit programma is een subsidiepot van bijna 100 miljard euro. Het is bedoeld om innovatie in Europa te stimuleren, maar ook Israëlische wetenschappers maken er gebruik van. Officieel gaat het uitsluitend om projecten met civiele doeleinden, maar er bestaat een groot grijs gebied rond zogenoemde dual-use technologieën. Zo werd bijvoorbeeld het project Undersec gefinancierd via Horizon, een initiatief voor de beveiliging van onderwaterinfrastructuur. Deze technologie kan mogelijk ook militair worden ingezet, schreef The Irish Times.
Eerder deze week werden varkenskoppen achtergelaten bij diverse moskeeën in Parijs en diverse voorsteden. Er zijn sterke aanwijzingen dat Rusland achter deze actie zit. Dit bericht de BBC.
De Franse autoriteiten onderzoeken een serie islamofobe acties, waarbij varkenskoppen zijn achtergelaten bij negen moskeeën in Parijs en omliggende voorsteden. De incidenten vonden plaats in de nacht van maandag op dinsdag en hebben geleid tot brede verontwaardiging binnen de Franse samenleving.
Volgens de politie zijn twee buitenlandse verdachten betrokken, die reden in een auto met Servisch kenteken en gebruikmaakten van een Kroatische mobiele telefoon. Kort na de feiten staken zij de grens over naar België. Een boer uit Normandië bevestigde dat hij tien varkenskoppen aan hen had verkocht.
Beelden van bewakingscamera’s tonen hoe mannen varkenskoppen plaatsten bij moskeeën in Malakoff en Montreuil, waarbij ze foto’s namen van hun acties. Dit doet denken aan eerdere incidenten, zoals het aanbrengen van Davidsterren op muren in oktober 2023 en rode handafdrukken op het Holocaustmonument in mei 2024. In beide gevallen werden verdachten met een Moldavische en Bulgaarse achtergrond geïdentificeerd.
Franse inlichtingendiensten vermoeden dat deze acties deel uitmaken van een destabiliseringscampagne, mogelijk aangestuurd door Russische geheime diensten. Volgens het agentschap Viginum worden dergelijke provocaties vaak versterkt via sociale media, met behulp van duizenden nepaccounts.
De zaak onderstreept de groeiende bezorgdheid over buitenlandse pogingen om verdeeldheid te zaaien binnen Frankrijk.
Op het strand van Umm al Tuyur in Syrië zijn de tentjes weer open. De boulevard loopt vol, de chalets zijn verhuurd, de parkeerplaatsen zijn bezet. Overal langs de weg wordt gebakken: brood, kip of versgevangen vis. Ook het restaurant van Ahmed doet goede zaken. ‘Dat is wel eens anders geweest. Er waren dagen dat ik hier niet eens naar buiten durfde’, vertelt hij.
Ahmed is Turkmeens, evenals het merendeel van de ruim 1100 inwoners van het kustplaatsje in het noordwesten van Syrië, gelegen in de provincie Latakia. Hij is er geboren en getogen, net als veel andere Turkmenen. Hij voelt zich als een vis in het water van deze Mediterrane kust, grapt hij. En nu, sinds de val van het Assad-regime, kan hij eindelijk zichzelf zijn.
De vlag hangt uit in het dorp. De Turkse, om precies te zijn. Overal zie je de witte maan en ster, te midden van het wapperende rood. Vaak wappert ernaast de Syrische vlag, waar de bovenste rode strook juist is vervangen met de groene kleur, om een nieuw Syrië in te luiden. De vlaggen hangen verbroederend naast elkaar, alsof het lot van Syrië is verbonden met dat van Turkije.
‘We voelen ons verbonden met deze vlag’
‘Toen het regime omver werd geworpen, veranderde onze toekomst. We konden eindelijk vrij zijn. Dit is hoe we onze blijdschap uiten. We voelen ons verbonden met deze vlag’, zegt Ahmed. ‘Maar ik ben een Syriër, hoor.’
Turkse en Syrische vlag in Umm al-Tuyur. Daar tussenin: een vlag van de lokale autoriteiten
Honderden jaren geleden
De Turkmenen vormen een minderheidsgroep in Syrië. Hun voorouders streken hier neer in de 11e eeuw, sindsdien zijn ze er blijven wonen. Er zijn geen officiële cijfers, omdat Syrië geen etnische census uitvoert. De Syrische Turkmenen zelf schatten hun aantal op ongeveer 3.5 miljoen, waarvan 1.5 miljoen nog de Turkse taal spreken. Ze wonen voornamelijk in het noorden van Syrië: op de Turkmenberg bij Latakia, rond Aleppo, Idlib, Homs, Tartus, maar ook rondom Damascus. Sommigen assimileerden en hebben nog weinig binding met de Turkse taal en cultuur, maar in deze kustplaats is die nog volop in leven.
Dat is ook niet gek, legt Ahmed uit. ‘Jarenlang mochten we onze taal niet spreken. We moesten onze identiteit verbergen, want we konden elk moment worden opgepakt. We hielden ons letterlijk verstopt in onze huizen. We durfden nauwelijks de straat op te gaan’.
Het is de eerste keer dat hij hierover praat met een persoon van buiten zijn gemeenschap, vertelt hij. Dit blijkt ook uit de verhalen van niet-Turkmenen, die naar het strand zijn gekomen voor een dagje weg. Verbaasd kijken ze naar de Turkse vlaggen. ‘Het zijn er wel veel’, mompelt een voorbijganger. ‘Mijn familie komt hier al jaren, maar wist nooit van de Turkmenen. We hadden geen idee dat ze hier woonden en wat ze meemaakten onder het Assad-regime’, vertelt Noor al-Din, een toerist uit Damascus.
‘Mijn moedertaal is Turks, mijn Arabisch is beperkt’
Onder zowel Hafez als Bashar al‑Assad werden de Turkmenen systematisch gemarginaliseerd. Ze werden niet erkend als etnische minderheid, want het regime wilde een Arabische nationale identiteit opleggen. Hun taal was verboden in het onderwijs en in de media, maar ook in het dagelijks leven durfden ze nauwelijks Turks praten, want discriminatie was alom. ‘Mijn moedertaal is Turks, mijn Arabisch is beperkt. Als ik een kapotte koelkast had, dan kon ik niet zomaar een nieuwe kopen. Als er iets kapot was in mijn huis, dan kon ik geen aannemer bellen. We leefden jaren met kapotte spullen’, vertelt Ahmed.
Het strand van Umm al-Tuyur
Tijdens de burgeroorlog werd de situatie voor de Turkmenen onhoudbaar. In Latakia en op de Turkmenberg voerden Rusland, dat het Assad-regime te hulp schoot, luchtaanvallen en bombardementen uit. Circa 300.000 Turkmenen werden gedwongen te vluchten. In 2015 vluchtten alleen al zo’n 1.500 Turkmenen over de grens naar Turkije. Turkije had het over een etnische zuivering, omdat de acties gericht leken te zijn op het verdrijven van soennitische gemeenschappen van strategische gebieden. Alawietische gemeenschappen werden vervolgens aangemoedigd in de leegstaande dorpen te gaan wonen.
Nu veel Turkmenen weer terugverhuizen naar hun oorspronkelijke dorpen in Syrië, zijn er veel spanningen tussen de oude en nieuwe bewoners, vertelt Keram uit de pittoreske kustplaats Burj al-Islam op de Turkmenberg. Hij remigreerde onlangs van Turkije naar zijn dorp, waar hij een charmant restaurant opende aan een van de stranden die vroeger het exclusieve eigendom was van de Assad-familie. Sinds de machtsovername is het strand openbaar en Syrische toeristen komen er massaal op af.
‘De zaken gaan goed, maar we voelen ons niet veilig hier. Onlangs stonden de bergen hier in brand. We geloven niet dat dit komt door hitte, het is aangestoken om ons hier weg te krijgen. Toen de brand geblust was, vonden we een tekst in de bergen. ‘Jullie hebben de vrijheid om te reizen, wij hebben de vrijheid om te verwoesten’, stond er. Dat was voor ons bedoeld.’
Toegangspoort Umm al-Tuyur
Erkenning als etnische groep
Toch heerst er onder veel Turkmenen nog steeds een feeststemming. De machtswisseling wordt gezien als een overwinning. Veel Turkmenen sloten zich tijdens de burgeroorlog aan bij de oppositie. Politiek organiseerden ze zich ook. In 2012-2013 werd de Syrian Turkmen Assembly (STA) opgericht. Vertegenwoordigers van deze organisatie namen deel aan vredesgesprekken, waarin ze hun visie op de toekomst van Syrië uiteen zetten.
De organisatie bestaat nog steeds en ook nu hebben ze een duidelijke boodschap aan regeringsleiders. Ze willen als etnische groepering in de nieuwe grondwet opgenomen worden, met expliciete rechten. Ze willen hun taal en cultuur behouden, politieke representatie, onderwijs in het Turks en erkenning als onderdeel van de Syrische etnisch-religieuze compositie.
Deze eisen, die veel lijken op eisen van andere etnische minderheden zoals de Koerden, zijn tot dusver niet ingewilligd. De Turkmenen nemen geen deel aan de interim-regering en waren niet uitgenodigd voor het Nationale Dialoog Congres in februari, waarin de toekomst van Syrië werd besproken. Er zijn weliswaar gesprekken geweest tussen interim-president Ahmed al-Sharaa en de STA, maar dit heeft nog niet geleid tot concrete resultaten.
‘Ik hoor bij deze zee’
Toch zullen Turkmenen minder snel geneigd zijn hun onvrede te laten blijken door middel van protest of geweld. Ze genieten de steun van Turkije, een bondgenoot van de Syrische regering, die op verschillende plekken in het noorden van Syrië een flinke vinger in de pap heeft. Een Turkse delegatie van het YTB — een Turkse overheidsinstantie gericht op Turken in het buitenland, kwam afgelopen februari nog op bezoek in Umm al-Tuyur en Burj Islam om te zien en horen wat de inwoners nodig hadden. Of en wat er van deze steun terechtkomt, moet nog blijken. De invloed van Turkije in Syrië is bovenal ondergeschikt aan de eigen strategische belangen.
Voor Ahmed uit Umm al Tuyur hoeft het allemaal niet zo hoog op te lopen. Op de vraag of hij in Syrië meer Turkse invloed zou willen zien, haalt hij de schouders op. ‘Ik heb geen idee, ik heb nooit in Turkije gewoond. Ik weet niet hoe het is om onder Turks gezag te leven.’ Hij had bovendien de keuze kunnen maken om naar Turkije te verhuizen, het land waarmee hij zich verbonden voelt in taal, cultuur en identiteit. Toch was er geen haar op zijn hoofd die hem hiertoe kon verleiden, vertelt hij. ‘Ik ben een Turkmeense Syriër. Dit is mijn thuis. Ik hoor bij deze zee. Ik zou nooit ergens anders willen wonen.’
Afbeeldingen van een Turkse en Syrische vlag in een restaurant in Umm al-Tuyur
Leraren herkennen hoogbegaafdheid bij migrantenkinderen minder vaak. Vooroordelen en kennisgebrek spelen daarbij een rol, blijkt uit een nieuw rapport.
Dat hoogbegaafdheid bij kinderen met een migratieachtergrond minder vaak wordt herkend, was al bekend: 34 procent bij kinderen uit Afrika, Turkije, Suriname en de Caraïben tegenover 46 procent bij kinderen zonder migratieachtergrond of met een Europese achtergrond. In een rapport van het Verwey-Jonker Instituut en Kennisplatform Inclusief Samenleven (KIS), dat deze zomer verscheen, is onderzocht waarom leraren die signalen minder vaak oppikken.
Om te begrijpen waarom hoogbegaafdheid bij kinderen met een migratieachtergrond minder vaak wordt herkend, is het goed te weten dat er geen eenduidige definitie van hoogbegaafdheid is, legt onderzoeker Marit Verstappen uit. ‘Iedereen is het erover eens dat hoge intelligentie de kern vormt, maar over de aanvullende criteria verschillen de meningen. Sommige onderzoekers hanteren een IQ-grens van 130, anderen leggen juist meer nadruk op motivatie of creativiteit.’
Is hoogbegaafdheid lastiger te herkennen bij kinderen met een migratieachtergrond? ‘In de kern is hoogbegaafdheid bij alle kinderen hetzelfde. Toch laat onderzoek zien dat kinderen met een migratieachtergrond zich vaker aanpassen aan sociale verwachtingen om erbij te horen. Daardoor blijven signalen verborgen, zeker wanneer een kind het gevoel heeft af te wijken van de norm of zich niet veilig voelt om zichzelf te zijn.’
De herkenning wordt ook bemoeilijkt door het heersende beeld van de hoogbegaafde leerling, zegt Verstappen: goed presterend, communicatief sterk en afkomstig uit een bevoorrechte omgeving. Kinderen die daar niet in passen, raken sneller uit beeld en krijgen vaak niet de erkenning en steun die ze nodig hebben.
Vooroordelen
Vooroordelen spelen hierin een rol. Zo vertelde een leraar op een school met veel migrantenkinderen: ‘Hoogbegaafde kinderen? Die hebben wij hier toch niet.’ Zulke aannames zorgen ervoor dat hoogbegaafdheid minder vaak wordt gezien,’ zegt Verstappen.
Maar, benadrukt ze, een migratieachtergrond is niet de enige factor. Ook kenmerken als gender, geboortemaand, sociaaleconomische status en thuistaal spelen een rol. Zo heeft een meisje met een migratieachtergrond, geboren in december, uit een gezin met een laag inkomen en met een andere thuistaal dan het Nederlands, volgens eerder onderzoek van SCALIQ slechts 15 procent kans om als hoogbegaafd te worden herkend.
‘Hoogbegaafdheid komt ook voor bij kinderen die niet in het standaardplaatje passen’
Ook het karakter van een kind kan verschil maken. Sociaal meegaande kinderen worden minder snel als hoogbegaafd gezien dan kinderen die ‘eigenwijs’ of ‘koppig’ overkomen. Dat leidt tot misverstanden. Een kind dat thuis complexe onderwerpen bestudeert, kan op school stil en onopvallend zijn. En als ouders aangeven dat hun kind mogelijk hoogbegaafd is, krijgen ze vaak te horen: ‘Wij zien dat niet.’
Ondersteunen van leraren
‘Leraren spelen een sleutelrol bij het signaleren van hoogbegaafdheid, maar kunnen dat niet alleen, zegt Verstappen. Het schoolsysteem moet hen ondersteunen. Scholen en besturen zouden leraren meer kennis moeten bieden, ook over minder zichtbare vormen van hoogbegaafdheid, zoals creativiteit, gevoeligheid en probleemoplossend vermogen.
Leraren moeten hun eigen aannames onder de loep nemen en kinderen beter leren kennen, zegt Verstappen. ‘Hoogbegaafdheid gaat niet altijd samen met hoge cijfers en komt ook voor bij kinderen die niet in het standaardplaatje passen.’
Ze benadrukt dat het om een verkennend rapport gaat, bedoeld om mogelijke verklaringen in beeld te brengen en als basis voor vervolgonderzoek. Voor het onderzoek zijn achttien mensen geïnterviewd: experts, ouders en verzorgers van kinderen met een migratieachtergrond, en leerkrachten en zorgprofessionals.
De Turkse autoriteiten pakken de meidengroep Manifest hard aan. De Turkse groep zou vorige week in Istanbul een ‘obsceen’ en ‘exhibitionistisch’ concert hebben gegeven. De politie onderzoekt het optreden en de leden mogen voorlopig het land niet uit, meldt Turkish Minute.
Ook moeten de leden van Manifest zich, zolang het onderzoek naar ‘het onzedelijke concert’ voortduurt, regelmatig melden bij de politie.
De dansgroep, die schaars gekleed beweeglijke videoclips maakt, lijkt een nachtmerrie voor het islamistische Erdogan-regime, dat juist inzet op een vrome, religieuze generatie. De rechter heeft inmiddels de toegang tot alle online video’s van het concert geblokkeerd.
Manifest verklaart nu nooit ‘iemand te hebben willen beledigen of gevoeligheden te hebben willen negeren’. Ze zeggen juist mensen via dans en muziek met elkaar te willen verbinden en Turkije op de wereldkaart te willen zetten.
Volgens het Turkse Openbaar Ministerie worden de danspasjes van Manifest echter gezien als een aanval op ‘de publieke moraal’. De Turkse cultuur zou bescheidenheid en kuisheid moeten uitdragen, zodat kinderen en jongeren niet ‘negatief beïnvloed’ worden.
Een Belgisch muziekfestival heeft het Münchner Filharmonisch Orkest geweigerd, omdat de toekomstige dirigent Lahav Shani ook het Israëlisch Filharmonisch Orkest leidt en zich niet uitsprak tegen de genocide, zeggen de Vlaamse organisatoren. Duitse politici spreken van antisemitisme.
Shani en het orkest uit München zouden op 18 september optreden op een muziekfestival in Gent. ‘Gezien zijn rol als chef-dirigent van het Israël Filharmonisch Orkest kunnen we niet de nodige duidelijkheid verschaffen over zijn standpunt ten opzichte van het genocidale regime in Tel Aviv’, staat te lezen in een verklaring op de website van het festival.
De dirigent heeft zich in het verleden weliswaar uitgesproken voor vrede en verzoening, maar dit is volgens de organisatoren niet voldoende, die de goede vrede willen bewaren op het muziekfeest.
Voor de Duitsers is er echter van goede vrede geen sprake. Het orkest en de stad München reageerden met afschuw op de beslissing. Staatsminister van Cultuur Wolfram Weimer ging een stap verder en noemde de actie ‘openlijk antisemitisme’ en een ‘schande voor Europa’. Burgemeester Dieter Reiter (SPD) van München zei dat hij ‘de beslissing van de organisator op geen enkele manier kon begrijpen’, schrijft het Duitse medium Welt.
In Europa worden steeds vaker personen, teams of bedrijven uitgesloten van deelname vanwege hun band met Israël. Er heerst een groeiende overtuiging dat pressie vanuit de samenleving kan leiden tot verandering van het Israël-beleid van Europese landen. Duitsland is echter lange tijd achter Israël blijven staan. Hier beginnen nu pas kritische stemmen op te komen.
Israël wil dat alle inwoners van Gaza-Stad vertrekken. Duizenden Gazanen zijn al geëvacueerd, maar sommigen weigeren te gaan. Ze hebben geen plek om naartoe te gaan, meldt de BBC.
Het was de eerste keer dat de Britse nieuwsorganisatie werd toegelaten tot het gebied sinds december 2023. Hoewel dit gebeurde onder militaire begeleiding, wat een volledige weergave van de gebeurtenissen onmogelijk maakt, kon de verslaggever met eigen ogen zien hoe het ervoor staat voor inwoners van deze stad.
De Israëlische regering stelt dat Gazanen uit Gaza-Stad terechtkunnen in speciaal ingerichte humanitaire hulpzones, waar voldoende voedsel en water beschikbaar zijn. Volgens mensenrechtenorganisaties klopt dit echter niet en is er ook niet voldoende plek om alle inwoners van de stad hier op te vangen. Bovendien kunnen veel Gazanen de reis naar het zuiden niet betalen.
Er zijn ook mensen die de stad niet willen verlaten, zo blijkt uit de BBC-reportage. Zo vertelde een inwoner aan een lokale verslaggever dat hij niets te maken heeft met Hamas en nergens naartoe gaat.
Netanyahu zei deze week dat 100.000 mensen de stad hebben verlaten, maar dat er nog steeds zo’n miljoen mensen wonen. Israël beweert dat Gaza-Stad het laatste bolwerk van Hamas in de Gazastrook is.
De Kanttekening spreekt elke maand met nieuwkomers in Nederland. Dit keer: fotograaf Kamil Özdemir. Zijn foto’s hangen nu in de Grote Kerk in Goes.
Kamil Özdemir woont sinds twee jaar in Nederland. Eerst in Rotterdam, momenteel in Goes. Hij groeide op in Turkije en kreeg op zijn twaalfde zijn eerste camera. ‘In mijn gezin was altijd een camera aanwezig en werden veel foto’s gemaakt. Toen ik twaalf was, gaf mijn vader mij er een cadeau. Simpel, maar precies wat ik nodig had. Vanaf dat moment hield ik me als amateur bezig met fotografie, zowel analoog als digitaal. Waar ik ook naartoe ging, mijn camera ging mee. Zo begon mijn fotografieverhaal. Voor een jongen van die leeftijd was dat spannend: geld sparen voor een nieuw rolletje, wachten tot het ontwikkeld was. Soms viel een foto tegen. Tegenwoordig maken we al bijna twintig jaar foto’s met de mobiele telefoon, maar uiteindelijk blijven dat toch telefoons.’
Hij had echter nooit gedacht dat fotografie ooit een middel zou worden om te integreren in een ander land. Özdemir is een doorzetter, maar hij heeft veel achter de rug.
Beeld: Kamil Özdemir
Gevangenis
Het leven van Kamil Özdemir staat sinds oktober 2016 volledig op zijn kop. Omdat hij als gülenist werd bestempeld, verloor hij zijn baan. In 2017 werd hij gearresteerd en bracht uiteindelijk zes jaar en drie maanden in de cel door. ‘Nadat ik uit de gevangenis kwam, ben ik naar Nederland gegaan. Dat was de wens van mijn vrouw. ‘Als jij vrijkomt, gaan we naar Nederland’, had ze gezegd. En zo gebeurde het ook. Ik verliet Turkije om in veiligheid te kunnen leven. Voor rechtvaardigheid, vrijheid en een menswaardig bestaan ben ik gevlucht.’
‘Ik verliet Turkije om in veiligheid te kunnen leven’
Over Nederland wist hij niet veel, behalve wat hij in geschiedenisboeken had gelezen en enkele reisverhalen. Hij had geen speciale verwachtingen. ‘Maar hier slaap ik in rust. Ik heb niet meer de angst dat er ’s morgens politie voor mijn deur staat. In dit land voel ik me veilig. Na mijn vrijlating uit de Turkse gevangenis is er zelfs opnieuw een rechtszaak tegen me geopend en een arrestatiebevel uitgevaardigd vanwege een tweet die ik had geplaatst.’ Özdemir benadrukt dat hij veel van Turkije houdt, maar dat de regering de mensen onderdrukt.
Mentaal veel te verwerken
Gelukkig is Kamil Özdemir weer op vrije voeten. Maar uit de bijschriften van sommige foto’s blijkt dat hij mentaal nog veel te verwerken heeft. Een goed voorbeeld is een foto waarop een groot blauw oog is geschilderd op een muur. ‘Ik voelde me weer gezien na mijn gevangenschap’, legt Özdemir uit. Op een andere foto is Goes te zien toen het nogal mistig was. ‘Dat deed me denken aan mijn nieuwe bestaan in Nederland, dat ook in mist gehuld is.’
Hij heeft in Turkije dertien jaar lesgegeven. De laatste drie jaar werkte hij als bestuurder aan de universiteit. Hij zou graag weer docent zijn. ‘Door mijn arrestatie kon ik mijn promotie in de geschiedenis niet afronden. Ik zou heel graag promoveren en colleges geven aan de universiteit. Mijn eerste voorkeur is geschiedenis, maar lesgeven in fotografie kan ook. Ik wil graag van nut zijn voor de maatschappij. In Turkije heb ik altijd met dat doel gewerkt en dat wil ik in dit land ook. Zoals wij in Turkije zeggen: ‘Het water stroomt altijd en vindt zijn weg.’ Uiteindelijk vindt alles zijn plaats. Daar geloof ik in.’
Uit sommige foto’s blijkt Özdemirs interesse in geschiedenis, bijvoorbeeld bij een 4 mei-herdenking in Goes of een fraaie foto van het stadhuis. ‘Behalve moskeeën zijn er in Turkije bijna geen historische gebouwen meer. De meeste panden waren van hout en zijn in de loop van de tijd afgebrand.’
Gekooide pauw
Een van de fraaiste foto’s is die van een pauw. Deze schitterende vogel zit achter tralies. ‘Die pauw doet me aan mezelf denken tijdens mijn gevangenisperiode. Hij heeft veel talenten, maar hij zit gekooid en kan geen kant op.’ Daar zegt hij een heleboel mee. Als je de teksten bij de foto’s leest, moet je eigenlijk ook tussen de regels door lezen.
Beeld: Kamil Özdemir
Het is beslist niet allemaal kommer en kwel. Neem een ietwat vervallen bankje vlak bij het water. Aanvankelijk vroeg Özdemir zich af waarom iemand daar een bankje had neergezet. ‘Het lijkt een rare plek, maar wanneer je op de bank zit en ademhaalt, voel je de vrijheid in je longen.’
Op een andere foto van een brug zijn een aantal zwaar verroeste slotjes te zien die ooit zijn opgehangen door verliefde mensen. Er zit één uitzondering tussen, waar hij trots op wijst: een vrij nieuw slotje. Uit de inscriptie blijkt dat het afkomstig is van een koppel dat vijftig jaar getrouwd is. Dat vindt Özdemir bijzonder. Hij vraagt zich wel serieus af of de eigenaren van de andere verroeste slotjes de liefde nog steeds zo koesteren als op de dag waarop ze dat slotje ophingen.
‘Het water stroomt altijd en vindt zijn weg’
Het station van Goes ontbreekt ook niet. ‘Treinen zijn voor mij een symbool van afscheid en hereniging’, legt hij uit.
Selecteren van de foto’s
Özdemir beschikt over een archief met zo’n 4.000 foto’s. Zestien foto’s zijn geselecteerd voor de tentoonstelling Goes door de ogen van een nieuwkomer. De reacties zijn positief. Bezoekers zijn over het algemeen erg geïnteresseerd. Een foto die ook de aandacht trekt is gemaakt tijdens de zogenoemde blauwe uren: dertig minuten voor zonsopgang en dertig minuten na zonsondergang. De lucht heeft dan een speciale blauwe gloed. Hierdoor krijgt een schijnbaar gewoon stadsgezicht iets bijzonders. Voor Özdemir is de foto extra speciaal, omdat zijn vrouw erop staat.
Toen hij net in Nederland arriveerde, was hij nog maar kort uit de gevangenis. ‘Tijdens mijn proces om weer te wennen aan de buitenwereld, ervoer ik tegelijkertijd de moeilijkheden van het aanpassen aan een vreemd land. Ik ben iemand die positief naar het leven kijkt, maar mentaal was ik ontzettend moe. Ik denk dat het fotograferen van de stad waarin ik woon mij heeft geholpen om tot rust te komen. Bovendien geeft het me ook een gevoel van verbondenheid met de stad waarin ik leef. Dankzij de projecten in Rotterdam en en Goes heb ik veel nieuwe mensen leren kennen. Dat beschouw ik als een grote winst.’
Beeld: Kamil ÖzdemirDe tentoonstelling Goes door de ogen van een nieuwkomer is te zien in de Grote Kerk in Goes en nog te zien tot en met zaterdag 13 september.
Onze site gebruikt cookies en vergelijkbare technologieën onder andere om u een optimale gebruikerservaring te bieden. Ook kunnen we hierdoor het gedrag van bezoekers vastleggen en analyseren en daardoor onze website verbeteren.
Deze website gebruikt cookies om uw gebruikservaring op deze website te verbeteren. Van deze cookies worden cookies aangemerkt als "Noodzakelijk" in uw browser bewaard, deze cookies zijn essentieel voor het functioneren van de website. Bijvoorbeeld het opslaan van uw keuze of u wel of geen cookies wilt hebben. Wij maken ook gebruik van cookies van derde partijen die ons helpen met het analyseren en begrijpen van de gebruik van deze website door u. Deze cookies worden alleen gebruikt als u daar toestemming toe geeft. U heeft ook de mogelijkheid om uzelf uit te sluiten voor deze cookies. Dit zal echter effect hebben op uw gebruikerservaring.
Noodzakelijke cookies zijn absoluut nodig voor het functioneren van de website. De cookies in deze categorie zorgen alleen voor de veiligheid en het functioneren van deze website . Deze cookies bewaren geen persoonlijke gegevens
Deze cookies zijn niet strict noodzakelijk, maar ze helpen de Kanttekening een beter beeld te krijgen van de gebruikers die langskomen en ons aan te passen aan de behoeftes van onze lezers. Hiervoor gebruiken wij tracking cookies. Bij het embedden van elementen vanuit andere websites zullen er door deze sites ook cookies worden gebruikt.